fbpx


Onderwijs
afstandsonderwijs

Afstandsonderwijs: behoud wat goed is, maar geen volwaardig alternatief voor fysieke les



Een ongelooflijke zucht van opluchting viel afgelopen week te horen in de digitale leraarskamer. Op 1 september kunnen leerlingen terug naar school. Voor het eerst in enkele decennia misschien zelfs uitgesproken dankbaar voor de leerkansen die zij op school zullen krijgen. Want laat ons niet vergeten: het als gevolg van die vermaledijde Covid-19 opgelegde afstandsonderwijs was voor veel van onze jongeren én hun ouders een regelrechte hel. 

Jongeren spelen geen drijvende rol in deze pandemie

Wie herinnert zich nog de getuigenissen van dolgedraaide ouders die dienden te balanceren tussen thuis werken en hun kroost opvolgen? De kolossale inspanningen die scholen geleverd hebben om leerlingen veilig in hun bubbel te houden?

Voortschrijdend inzicht is gelukkig geen monopolie van de politiek. Wanneer wetenschappers kunnen aantonen dat jongeren geen drijvende rol spelen in deze pandemie, is het de verdomde plicht van beleidsmakers om ons onderwijs zo snel mogelijk terug op volle toeren te laten draaien.  

Afstandsonderwijs of goed onderwijs

Daaruit concluderen dat een momentum van pedagogische en didactische vernieuwing wordt gemist, getuigt van een onthutsende wereldvreemdheid. Afstandsonderwijs staat nu eenmaal haaks op waar goed onderwijs voor staat. Enkel de menselijke interactie tussen leraar en leerlingen maakt kennisverwerving mogelijk. Signalen oppikken van leerlingen die verdrinken in de leerstof lukt niet achter een computer.

Argumenten die stellen dat afstandsonderwijs voorbereidt op hoger onderwijs, bevestigen het beeld van de declamerende docent die zijn of haar kennis blind uitstort over de studenten onder het motto dat verwerking nu eenmaal thuis gebeurt. Nu dacht ik dat die tijden ondertussen ver achter ons lagen, niet? 

Zonder input van leerkrachten geen output van leerlingen

De al lang aanslepende malaise van ons onderwijs gebruiken om afstandsonderwijs te legitimeren is de kar voor het paard spannen. Het klassieke contactonderwijs waarbij de klemtoon ligt op input van de leerkracht bewijst in elk zichzelf respecterend onderwijskundig onderzoek zijn didactische kracht. Uitgerekend de verschuiving richting zogenaamd leukere activiteiten waarbij leerlingen om creatieve output gevraagd wordt, vormt de doodsteek van het kwalitatief onderwijs. Zonder (véél) input van de leerkracht geen output bij de leerlingen. Onmogelijk zonder de krachtige en vitaliserende leeromgeving die een school van nature vormt. 

Begrijp me niet verkeerd. Didactisch zijn er afgelopen maanden gigantische stappen gezet. Elke leraar in Vlaanderen weet nu hoe de camera van zijn of haar computer moet ingeschakeld worden (uitschakelen gebeurt gelukkig meestal automatisch). Lappen leerstof zijn gedigitaliseerd en zodanig verpakt dat ze zelfstandig kunnen verwerkt worden door leerlingen die van aanpakken weten. Het aantal jolige filmpjes waarin leerkrachten ietwat onwennig hun eigen lessen opnemen is exponentieel gestegen. Tene quod bene. Houden zo.

Schitterende instrumenten voor leerlingen die de leerstof graag op eigen tempo nog eens nakijken. Maar geen vervanging van een fysieke les waarin een leraar spanningen, twijfels en frustraties weet te detecteren. Wat niet lukt vanop afstand. Hoe goed die camera ook werkt. 

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Pieter Van den Bossche