fbpx


Analyse, Buitenland
peilingen

Amerikaanse peilingcultuur onder druk

Peilingen slaan de bal mis in cruciale staten



In de nadagen van dit polariserende — en ronduit bizarre — kiesseizoen hoopten peilingbureaus snel weer op een goed blaadje te staan bij zowel Democraten als Republikeinen. De organisaties verantwoordelijk voor het kiezersonderzoek beweerden dat zij de juiste lessen hadden getrokken uit hun fouten van vier jaar geleden. In tegenstelling tot in 2016 zouden zij dit jaar een accuraat beeld hebben gegeven van de electorale kansen van de Republikeinse kandidaat, zittend president Donald Trump, en diens Democratische uitdager, oud-vicepresident Joe…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


In de nadagen van dit polariserende — en ronduit bizarre — kiesseizoen hoopten peilingbureaus snel weer op een goed blaadje te staan bij zowel Democraten als Republikeinen. De organisaties verantwoordelijk voor het kiezersonderzoek beweerden dat zij de juiste lessen hadden getrokken uit hun fouten van vier jaar geleden. In tegenstelling tot in 2016 zouden zij dit jaar een accuraat beeld hebben gegeven van de electorale kansen van de Republikeinse kandidaat, zittend president Donald Trump, en diens Democratische uitdager, oud-vicepresident Joe Biden.

Peilingcultuur

De Amerikaanse politieke verslaggeving wordt gekenmerkt door een niet-aflatende honger naar informatie over het electoraat. Nieuwszenders, kranten en magazines bundelen daarvoor hun krachten met beroepsonderzoekers. Zo werkt Reuters steevast samen met marktonderzoeker Ipsos. Het blad The Economist slaat de handen in elkaar met Yougov. Ook universiteiten laten zich wel eens verleiden tot het afnemen van een peiling, op landelijk niveau of in een specifieke state.

Het succes van een campagne heeft niet enkel een invloed op deze peilingen, maar ook andersom. Vraag dat maar aan Jamie Harrison. Harrison was van 2013 tot en met 2017 voorzitter van de Democratische partij van South Carolina. Dat is een zuidelijke ‘bijbelgordel’-staat, en traditioneel vruchtbare grond voor de Republikeinse Partij. Eén van South Carolinas senatoren, de Republikein Lindsey Graham, moest op 3 november rekenschap afleggen aan de kiezers van de ‘Palmetto state’.

In een competitievere staat zou Graham in de problemen zitten. Hij is dan wel één van de meest herkenbare gezichten in de Senaat, maar absoluut niet de populairste. South Carolina was evenwel, zo luidde de consensus, zo Republikeins dat een kamerplant met een ‘R’-sticker de verkiezing zou winnen van eender welke Democraat.

Bakken vol geld

Maar in de maanden augustus en september toonden een viertal peilingen plots dat de winst voor Harrison binnen handbereik lag. Drie peilingen toonden een gelijkstand, één een voorsprong voor Graham van amper één procent (en binnen de foutenmarge). Plots leken Democraten, die een grondige haat koesterden jegens de senator, in staat zijn politieke carrière vroegtijdig te beëindigen. Het geld stroomde binnen. Harrison zou uiteindelijk meer dan 100 miljoen dollar ophalen voor zijn campagne. 100 miljoen verloren dollars. Van de spannende race die de peilingen voorspelden, bleef op verkiezingsavond niets over. Graham versloeg Harrison met meer dan tien procentpunten verschil.

Dat verklaart waarom niet enkel Republikeinen — Trump op kop — ontevreden zijn met het werk van de peilingbureaus. Democraten dumpen door rooskleurige peilingen immers kapitalen in niet te winnen races. Fondsen die zij beter konden investeren in werkelijke ‘swing states’ en ‘swing districts’. Peilingen worden, bij gebrek aan beter, als een shortcut gebruikt om de kansen van een kandidaat in te schatten. En wanneer deze peilingen ernaast zitten, verliezen een hele hoop mensen een hele hoop geld.

Iowa en Ohio

In de presidentsverkiezing springen de peilingen in de Midwest in het oog. In Iowa, een traditionele ‘swing state‘, wezen de peilingen afgenomen vlak voor de verkiezing op een nek-aan-nekrace. Van de laatste vijf bevragingen voorspelden er vier een overwinning van minder of gelijk aan twee procent (+1,+1,+2 Trump, +1 Biden). Maar op verkiezingsavond werd snel duidelijk dat er van een dubbeltje op zijn kant geen sprake was. Trump won de staat met meer dan acht procentpunten verschil.

Een gelijkaardig verhaal in Ohio. Dat is een staat die, net als Iowa, Barack Obama in 2008 en 2012 naar het Witte Huis stuurde. Maar in 2016 verkoos ze Trump boven Clinton. Daar gaven twee van de laatste vier peilingen de staat aan Biden en de andere twee aan Trump. Trump won de staat eveneens met meer dan acht procent van de stemmen.

Trafalgar en Rasmussen

Wanneer we evenwel rekening houden met wie de peilingen afnam, wordt de situatie droeviger voor de ‘gerespecteerde’ pollsters. Door de kiescampagne heen werd wel eens lacherig gedaan over de Trafalgar Group, het peilingbureau met de ietwat excentrieke voorman Robert Cahaly. De methodologie van de Group produceerde, zo luidde het, kunstmatig positieve resultaten voor de president. Een gelijkaardige beschuldiging werd Rasmussen Reports, een ander bureau, voor de voeten geworpen. Rasmussen was gedurende Trumps presidentschap immers de positieve outlier, de uitzondering in de fameuze ‘populariteitspeilingen’.

In verschillende staten zijn beide organisaties evenwel de enige reden dat de peilinggemiddeldes enigszins bij de werkelijkheid aansluiten. Zo waren beide peilingen die winst voor Trump in Ohio voorspelden afkomstig van Trafalgar en Rasmussen. De meest recente peiling van een andere instelling, Quinnipiac, een universiteit, gaf Biden een voorsprong van vier procent — en zat er dus maar eventjes 12 procent naast.

Michigan en Wisconsin

Maar het zijn voornamelijk de organisaties verantwoordelijk voor de peilingen in Michigan en Wisconsin die de toorn van de Republikeinse partij over zich heen krijgen. Donald Trump won beide staten in 2016 tegen de meeste verwachtingen in, zij het met flinterdunne marges. Zoals de zaken er nu voorstaan, wint Joe Biden beide staten. Michigan met een al bij al bescheiden 2,8 procent, Wisconsin met amper 0,7 procent.

De peilingen afgenomen door de ‘gevestigde’ media en peilingbureaus zaten er in beide staten zo ver naast dat ze evengoed de naburige Canadese provincie Ontario hadden kunnen peilen. CNN voorspelde in Michigan een Biden-marge van 12 procent. Reuters zag de oud-vicepresident met tien procent winnen. Een trio aan peilingen zag Biden met ‘maar’ zeven procent winnen. In Wisconsin — waar Biden dus won met minder dan één procentpunt — zag de New York Times Biden winnen met een marge van maar liefst 11 (!) procentpunten. Reuters hield het op tien en CNN op acht.

Representativiteit

De accuraatheid van een peiling is in se afhankelijk van één eenvoudige vraag: vertegenwoordigen de deelnemers (de respondenten) aan de bevraging (de steekproef) de ruimere populatie waarover men meer te weten wenst te komen? Is dat niet het geval, dan komt de accuraatheid van de peiling in het gedrang. Een mismatch tussen steekproef en populatie kan onder meer het gevolg zijn van een bepaalde subgroep die systematisch weigert deel te nemen aan dit soort onderzoeken en de telefoon ophangt. Men spreekt in dit geval over een ‘non-responsvertekening’.

Peilingbureaus vermoeden al een tijdje dat zij te maken hebben met een substantiële hoeveelheid Trump-kiezers die weigeren deel te nemen aan hun bevragingen — en dat zij die wel deelnemen, soms liegen over hun voorkeur. Ter compensatie van deze ‘verlegen Trumpkiezers’ proberen sommige pollsters de resultaten van hun bevragingen te ‘wegen’. Dit komt er op neer dat zij bepaalde subgroepen waarvan zij vermoeden dat ze ‘ondervertegenwoordigd’ te zijn — dat wil zeggen, een kleiner deel uitmaken van de steekproef dan van de populatie —kunstmatig een groter aandeel in de steekproef, de peiling, geven. Maar welke groepen moeten ‘gewogen’ worden? En hoe wordt besloten wat een ‘groep’ is?

Wie wegen?

In de nasleep van de verkiezing van 2016 besloten heel wat onderzoekers het aandeel Amerikanen — in het bijzonder het aandeel blanke Amerikanen — zonder hogere opleiding te wegen. Donald Trump scoorde in 2016 immers bijzonder sterk onder laagopgeleide, blanke kiezers. Binnen die categorie verkozen mannen de president met een marge van bijna vijftig procent, vrouwen met bijna dertig procent. Dus wanneer blanke, laagopgeleide Amerikanen moeilijk te bereiken blijken én een sterke samenhang vertonen met steun voor één bepaalde kandidaat, dan kunnen de resultaten van de peiling zonder een correcte weging onmogelijk overeenkomen met het verkiezingsresultaat.

Maar wegen komt met risico’s. Zo kan een bepaalde gewogen groep zelf gebukt gaan onder een gebrekkige representativiteit. Daarom is de keuze om het aandeel laagopgeleide blanke Amerikanen kunstmatig te verhogen niet zaligmakend. Wanneer de laagopgeleiden die wel deelnamen aan de peiling, en op wiens antwoorden de verhoging gebaseerd werd, immers niet representatief zijn voor de bredere, laagopgeleide groep, dan zijn we opnieuw bij af. Problematische weging en ondervertegenwoordiging binnen subgroepen is dan ook één verklaring voor de peilingmissers.

Kwade wil

Donald Trump kwam met een eigen verklaring voor de teleurstellende kwaliteit van de peilingen op de proppen. Tijdens een persconferentie in het Witte Huis liet de president weten dat hij kwaad opzet vermoedde. Door barslechte vervalste peilingen te publiceren zouden CNN en co hebben geprobeerd zijn kiezers in onder meer Wisconsin en Michigan te demotiveren. Vergezocht? Ja. Maar dat vele Amerikanen dit geloven, voorspelt weinig goeds voor toekomstig kiezersonderzoek.

Roan Asselman

Roan Asselman (1996) studeerde rechten (KUL) en vermogensbeheer (EMS). Voor Doorbraak schrijft hij overwegend over de Amerikaanse politiek. Omschrijft zichzelf als conservatief in temperament en dus in gedachtegoed.