fbpx


Economie
overheidsuitgaven

Belgische overheidsuitgaven niet efficiënt

Hoog en groeiend overheidsbeslag



Het totaal van de Belgische overheidsuitgaven, inclusief de rentelasten op de publieke schuld, bedragen 52,1 % van het bruto binnenlands product (BBP) ten opzichte van gemiddeld 47% in de eurozone. België komt zo op de derde plaats, na Frankrijk en Finland. Maar deze laatste heeft zoals alle Scandinavische landen wel een goede reputatie van efficiënte bestedingen. België maakte een grote sprong tussen 2007 en 2009 tijdens de financiële crisis. Terwijl landen als Nederland en Duitsland er na de crisis in…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Het totaal van de Belgische overheidsuitgaven, inclusief de rentelasten op de publieke schuld, bedragen 52,1 % van het bruto binnenlands product (BBP) ten opzichte van gemiddeld 47% in de eurozone. België komt zo op de derde plaats, na Frankrijk en Finland. Maar deze laatste heeft zoals alle Scandinavische landen wel een goede reputatie van efficiënte bestedingen.

België maakte een grote sprong tussen 2007 en 2009 tijdens de financiële crisis. Terwijl landen als Nederland en Duitsland er na de crisis in slaagden de uitgaven terug op het niveau van voor de crisis te brengen, lukte dat in België slechts gedeeltelijk. En met de Coronacrisis, waarbij het tekort van de totale overheid steeg van 1,9% naar 9,4% van het BBP in 2020, riskeren we weer een sprong te maken. Een bewijs ervan is dat de steunmaatregelen onder druk van de PS werden verlengd tot eind 2021, alhoewel de crisis nu toch wel voorbij is. In 2020 bedroeg het tekort in de eurozone gemiddeld 7,2% van het BBP, of 2,2 % lager!

Methodologie

De studie van de Nationale Bank Men baseert zich op 2019 daar het uitzonderlijke Coronajaar 2020 afwijkt van de structurele trends van de laatste jaren. Er geldt een dubbele benchmark:

  • de evolutie van de publieke financiën wordt in een historisch perspectief geplaatst, waarbij het begin van de jaren ‘2000 als de historische benchmark geldt omdat de primaire uitgaven toen sterk begonnen te stijgen. Het waren de jaren van de twee regeringen Verhofstadt die als liberaal de groenen en de socialisten moest paaien met allerlei uitgaven, waardoor het besparingswerk van de regering Dehaene om deel te kunnen uitmaken van de euro voor een stuk teniet werd gedaan;
  • het gemiddelde van de belangrijkste buurlanden Duitsland (DE), Frankrijk (FR) en Nederland (NL). Zo kan men zien waar België spilziek is in vergelijking met haar buurlanden.

Bij de publieke uitgaven maakt men een dubbel onderscheid:

  • binnen welk regeringsfunctie/categorie werden ze gemaakt, bv. defensie, gezondheid, economie,…;
  • om wat voor soort uitgave gaat het: sociale voordelen, subsidies,…

Algemene vaststellingen

De helft van de publieke uitgaven gaat naar sociale bescherming of gezondheid. Het totaal van de overheidsuitgaven staat 4,5% van het BBP boven het gemiddelde van de buurlanden. Dit verschil verdubbelde van 2,1% van het BBP in 2001, en dit vooral door de uitgaven in economische aangelegenheden. Tegenover een globaal Belgisch BBP van 476,4 miljard euro in 2019 betekent deze 4,5% een ‘over’-uitgave van 21,4 miljard euro per jaar! Als men het begrotingsdeficit wilt dekken, moet men vooral hier eens naar kijken.

Overheidsuitgaven zijn goed als er een rendement tegenover staat, net zoals bij investeringen in de privésector. Maar vooral in het zuiden van het land wordt dit zeker met een korreltje zout genomen. Bij wijze van vb. zullen we ingaan op het onderwijs.

De gemeenschappen en gewesten waren verantwoordelijk voor 47% van de uitgaven. Hier situeren zich 2 categorieën die bijdroegen tot het negatieve verschil met de buurlanden: de economische zaken ( ca. 60% van de uitgaven is regionaal) en onderwijs (100%).

Hieronder wordt ingegaan op de categorieën die het meest bijdragen tot de negatieve vergelijking met de buurlanden.

Economische zaken

De uitgaven situeren zich 2,3 % boven het gemiddelde van de buurlanden. Het gaat hier in eerste instantie om loonsubsidies die in België 4,7 % van het loon bedroegen, tegenover slechts 3 % in FR en onder de 1 % voor DE en NL. Ze namen sterk toe sinds het begin van de jaren 2000. Het gaat vnl. om de vrijstellingen van belastingen/sociale zekerheidsbijdragen op het federale niveau, en de dienstecheque op het gewestelijke niveau. Op het ogenblik zouden er tien soorten vrijstellingen bestaan: de voornaamste betreffen de nachtarbeid en onderzoek & ontwikkeling. De OESO heeft er reeds op gewezen dat heel wat van die subsidies echter geen effect hebben.

Maar de NBB zegt zelf dat deze loonsubsidies in België vooral worden toegekend om de bestaande zware lasten van belastingen en parafiscale heffingen op arbeid te compenseren. Dit is geen goede praktijk, en het zou veel beter zijn over te gaan tot een grondige herziening van de arbeidslasten in België. Uitzonderingen moeten mogelijk blijven om bv. innovatie te stimuleren, maar in beperkte mate. We merken trouwens op dat de massale toename van bedrijfswagens voor kaderleden gedurende het laatste decennium, wat zeer slecht is voor het milieu en de opwarming van de aarde, daar ook aan gekoppeld is.

Ook de steun aan het openbaar vervoer, zoals de NMBS, Infrabel, de Lijn, … valt hieronder. Het bedraagt 2,9% van het Belgisch BBP, tegenover minder dan 2% bij onze buurlanden. Hierin zitten zowel de investeringen in verkeersinfrastructuur als de subsidies voor de tickets. De privésector heeft bij de buurlanden een groter aandeel: we verwijzen maar naar het privébeheer van de autosnelwegen in Frankrijk. De hoge kost in België is ook toe te schrijven aan het extreem dichte wegennetwerk, de verspreid bebouwing buiten de steden en de verkeerscongestie door de dominantie van privéwagens.

Onderwijs

Ook hier zijn we 1,3% van het BBP duurder dan bij onze buurlanden. Dit is vooral toe te schrijven aan de salarissen voor de leraren die 2,1% van het BBP hoger zijn dan in onze buurlanden. Het geldt vooral voor het basis- en secundair onderwijs. De leerling-leerkracht-ratio is volgens de OESO bij de laagste in Europa. Andere factoren die meespelen zijn de twee taalgemeenschappen, het bestaan van twee onderwijsnetwerken (katholiek en publiek), de hoge graad van leerlingen die hun jaar overdoen, de leerplicht tot 18, …

Investeringen in onderwijs is investeren in de toekomst. Niemand trekt dit in twijfel, en er mogen middelen aan gespendeerd worden. Maar er rijzen vragen of al het geld goed besteed is, en dus over de efficiëntie. De kwaliteit van het onderwijs daalt. De PISA-onderzoeken tonen aan dat België met een score van 500 op hetzelfde niveau scoort als Duitsland en Nederland. Als we meer in detail kijken, scoort Vlaanderen wel hoger met 510, en de Franse Gemeenschap lager op 488. Vlaanderen geeft per leerling wel het meest uit.

Algemene openbare diensten

België geeft 1,8% van het BBP meer uit dan de buurlanden. Hierin zitten o.a. de rentelasten op de openbare schuld die in 2001 bijna 7% van het BBP bedroegen, en nu slechts 2% door de lage rentes. Maar dat is nog dubbel zo hoog als in DE en NL waar het 1% van het BBP is, tegenover 3% in 2001. België heeft dus duidelijk het meest geprofiteerd van de dalende rentevoeten in het laatste decennium. Maar als de inflatie de kop opsteekt en de rentevoeten stijgen, zullen we met een overheidsschuld rond 120 % van het BBP wel meer moeten betalen. Het hangt als een zwaard van Damocles boven de overheidsfinanciën.

Daarnaast vallen hieronder ook de staatsoperaties onder, zoals buitenlandse en binnenlandse zaken, financiën, de diverse parlementen, de ministeries, … De uitgaven in België bedragen gemiddeld 900 euro per capita, hetgeen 250 euro per capita duurder is dan het gemiddelde voor de eurozone. De meeste uitgaven betreffen het personeel. We zijn kampioenen wat het aantal parlementen en regeringen betreft, en dus ook qua aantal ministers per burger. We verwijzen maar naar de negen ministers van volksgezondheid, waarvan er zeven uit het zuiden komen! Deze laten zich nog omringen door omvangrijke kabinetten: in Nederland zijn er per politicus gemiddeld drie medewerkers, in België zijn het er zeven!

Tot slot zijn er de uitgaven in basisonderzoek die nu 500 euro per capita bedragen in België, meer dan het dubbele van het gemiddelde in de eurozone (200 euro) en vijf keer zoveel als in Frankrijk. Als het efficiënt gebruikt wordt zal niemand bezwaar maken, maar is dat wel zo?

Familie en kinderen

Het gaat hier vnl. om de kinderbijslag, het ouderschapsverlof, het zwangerschapsverlof, … Voor iedere persoon beneden de 18 jaar wordt in België 4.300 euro uitgegeven, hetgeen  hoger is dan in de buurlanden: Duitsland aan 4100 euro, Frankrijk met 3500 euro en tot slot Nederland met 3200 euro. Het gemiddelde binnen de eurozone is nog lager – rond 3000 euro per persoon jonger dan 18.

Bestrijding van vervuiling

Het bedraagt 250 euro per capita in België, tegenover 130 euro per capita in Nederland, 75 euro in Duitsland en 50 euro in de eurozone. België spendeert 2,8 miljard euro hieraan, waarvan 70% toe te schrijven is aan de beruchte groenestroomcertificaten. Ze werden gecreëerd door de gewesten voor de promotie van de zonnepanelen, en door de federale regering om de off shore windmolenparken op zee te ondersteunen. We zien ze nu in de dure elektriciteitsrekening opduiken. Ook hier kan men gegronde redenen stellen m.b.t. de efficiëntie ervan.

Conclusie

België moet veel eenvoudiger werken, en de overheid moet haar interne huishouden serieus op orde zetten. Belastingen verhogen heeft geen zin meer. Het moet gedaan zijn met de fiscale koterij. Men moet veel efficiënter kunnen werken, en we hebben vooral nood aan moedige politici die de heilige huisjes durven aan te pakken. Maar alles zit zo structureel met elkaar verankerd en vastgeroest, dat men in feite van alles een tabula rasa zou moeten maken door een grondige en eenvoudige staatshervorming. Enkel zo kan men van een schone lei beginnen. De geplande belastinghervorming is een mooie casus om naar uit te kijken: zal men afstappen van de koterij? En zullen de ontvangen gelden beter besteed worden: ieder jaar zou daar een evaluatie van moeten gemaakt worden, met de nodige gevolgtrekkingen.

Paul Becue

Paul Becue is lic. Rechten, TEW en Diplomatieke Wetenschappen. Hij heeft een lange ervaring in de financiële sector. Zijn boeken over kredietverzekering gelden als de referentie.