fbpx


Cultuur, Politiek

Bij het overlijden van de Amerikaanse humorist P. J. O’Rourke

Een persoonlijke terugblik



Omdat mijn vrouw talrijke nieuws-sites volgt, is ze goed geplaatst om mij op de hoogte te houden van relevante overlijdens. ‘Weet je wie er dood is,’ vraagt ze, en dan geeft ze zelf het antwoord: Joan Didion! Of Lina Wertmüller! Of Ghislaine Nuytten! Of Peter Bogdanovich! Gisteren was het P. J. O’ Rourke, de Amerikaanse humorist, die het tijdelijke met het eeuwige verwisseld had. 

Amerikaans

Dat O’ Rourke een humorist was, zag je vaak al aan de titels van zijn stukken. Deze bijvoorbeeld: ‘How to Drive Fast on Drugs While Getting Your Wing-Wang Squeezed and Not Spill Your Drink.’ (Hoe snel rijden onder invloed van drugs en geen druppel van je drank te morsen terwijl iemand in je wangen knijpt.) Zo’n titel illustreert meteen twee constanten in het werk van P. J. : het onbeschaamde Amerikaanse consumentisme, dat wij bijvoorbeeld ook terugvinden bij een totaal andere, maar even Amerikaanse, humoriste als Norah Ephron. En ten tweede: het belang dat P. J. hechtte aan goede manieren.

Hij heeft een heel boekje geschreven over ‘Modern Manners.’ Hij noemde het ‘etiquette for very rude people’. Hoewel het boekje van 1988 dateert, is het verrassend modern. Het behandelt vragen als ‘How do you introduce a younger sister who, until recently, was a younger brother.’ (Hoe stel je je zusje voor die tot voor kort je broertje was) Het verstrekt ook kledingadvies voor mannen (‘Never wear a tie that is louder than your wife’: Draag nooit een das die schreeuweriger is dan je vrouw) en voor vrouwen (‘Never wear anything that panics the cat’: Draag nooit iets dat je kat doet panikeren.) 

Liever maoïst dan Democraat

Van mijn vrouw, om op haar terug te komen, heb ik niet alleen P. J.s  overlijden vernomen. Ook van zijn bestaan heeft ze mij indertijd op de hoogte gebracht. Ergens in 1987 bracht ze een boekje in huis dat ze gekocht had bij WH Smith. Dat boekje was Republican Party Reptile. Ik las het en werd in Amerikaanse aangelegenheden, waar ik overigens niet veel van afweet, een levenslange Republikein. P. J. vertelt over zijn Republikeinse grootmoeder die zich zorgen maakte over haar kleinzoon die op de universiteit in extreem-linkse richting ontspoord was. 

 ‘Pat,’ she said, ‘I’ve been worrying about you. You’re not turning into a Democrat, are you? 
 ‘Grandma,’ I said, ‘Democrats and Republicans are both fascist pigs. LBJ is slaughtering helpless Vietcong and causing riots in America’s inner cities and oppressing workers and ripping off the masses. I’m not a Democrat. I am a Maoist.
– ‘Just so long as you’re not a Democrat,’ said my grandmother.

(- Pat, ik maak me zorgen. Je bent toch geen Democraat aan het worden he? – Oma, Democraten en Republikeinen zijn allebei facistische varkens. Lynond Johnson slachtte arme Vietcongs af en veroorzaakte rellen in onze steden waar arbeiders uitgebuit worden. Nee, ik ben geen Democraat. Ik ben een Maoist. – Ok, zolang je maar geen Democraat wordt’, antwoordde grootmoeder.)

Journalistieke observatie

 Ik vond dat hilarisch. Hier sprak een Amerikaanse ex-maoist tot een Vlaamse ex-maoist. De Amerikaanse ex-maoist was ondertussen libertair geworden, en ik besloot dat ook te worden. Toen ik later P. J.’s Parliament of Whores las, zag ik dat mijn beslissing de juiste was geweest. De schets die P. J. in dat boekje maakte van het Amerikaanse politieke bedrijf was niet alleen ongemeen grappig, ze was ook ‘juist’, dat wil zeggen gegrond in journalistieke observatie, uitgebreid literatuuronderzoek, heldere analyse, logisch doordenken, en ze gaf blijk van een ‘esprit de finesse’, van een oordelend en aanvoelend vermogen dat goed aansloot bij mijn eigen temperament.

Libertaire strekkingen en nuances

Binnen het libertarisme zijn er veel strekkingen en nuances. Je hebt het ‘smalle’ en het ‘brede’ libertarisme**, het extreme en het gematigde, het libertijnse en het puriteinse, het pragmatische en het principieel-ethische, het optimistische en het pessimistische, het rationele en het viscerale. Zelf sta ik met mijn sympathieën mooi in het midden en vind allerlei moois aan beide kanten van de verschillende spectra.

Ik ga  geen rijbewijs C halen om mee te kunnen rijden met de visceralen van het vrijheidskonvooi, maar tegelijk bekijk ik het hele gedoe met die vrachtwagens toch met enige sympathiet Is goed, denk ik dan, dat de zaak van de vrijheid niet alleen verdedigd wordt door facebookende professoren als Boudewijn Bouckaert, razend intelligente high brows zoals Luc Van Braekel, en de kool en de geit sparende middle brows zoals ik. Anders zag het er voor die zaak niet goed uit.

De normale parameters

Men kan dat gebrek aan consistentie van mij betreuren, en het is ook wel een zwakheid, maar ik moet niet verder proberen te springen dan de stok van mijn logica lang is. En tot mijn geruststelling zag ik bij P. J.  ook de nodige inconsistenties opduiken. Enerzijds verzon hij titels als ‘Don’t Vote. It Just Encourages the Bastards’,  (Ga niet stemmen, je moedigt die smeerlappen er alleen maar mee aan) maar zelf schrok hij er niet voor terug om stemadvies te geven, de  laatste keer zelfs voor Joe Biden.

He’s wrong about absolutely everything, but he’s wrong within the normal parameters of wrong.’ (Hij heeft het fout over ongeveer alles maar zijn soort fout bevindt zich nog binnen de normale parameters van fout.) Dat zijn tegenstander Donald Trump zich niet binnen ‘normal parameters’ bewoog, zullen velen onderschrijven, ook degenen die niet, zoals P. J.  tot de welgestelde New England upper class behoren. Mij trof in die formulering vooral de voorkeur die eruit sprak voor proportie boven ideologie***.

Niet politiek correct

De humor van P. J. had, zoals dat vaak het geval is, stevige wortels in een cynische visie op de mens en op zichzelf. Buitenlandse oorlogen bijvoorbeeld omschreef hij als confrontaties van ‘unspellables’ tegen ‘unpronouncables’ (‘onspelbaren tegen onuitspreekbaren’) Dat lijkt erg harteloos en is in elk geval niet erg politiek correct. Maar juist daardoor komt zo’n cynisme vandaag, nu zoveel dingen wél politiek correct zijn, tegemoet aan een behoefte.

Er bestaan zeker mensen die echt hartzeer ondervinden als ze in de krant lezen over buitenlandse oorlogen, of journalisten die persoonlijk lijden als ze daarover berichten, maar er zijn er ongetwijfeld nog meer die tegenover anderen en tegenover zichzelf een medelijden veinzen dat ze niet voelen. Dat gebrek aan medelijden is een ondeugd, maar die huichelarij is ook een ondeugd. Een goede humorist slaagt erin om die twee ondeugden in één en dezelfde zin te hekelen en daar zelf nog plezier aan te beleven.  P. J. O’ Rourke was zo’n humorist.

 

 * Op Youtube vind je heel wat filmpjes waarin je P.J. aan het werk ziet. Voor wie op zoek is naar iets om een verloren halfuurtje aangenaam in te vullen.
** Het 
smalle libertarisme viseert de vrijheidsbeperkingen door de staat, het brede libertarisme viseert daarnaast ook de vrijheidsbeperkingen door sociaal milieu, gezin, opvoeding, tradities … Je hoort ook wel eens van rechts en links libertarisme. Als dat over kwesties als immigratie en politie-optreden gaat, is dat een legitiem onderscheid. Maar als links-libertarisme een vorm van socialisme inhoudt, wordt het woord misbruikt. In het beste geval wordt dan voorgeteld de dwang van de staat te vervangen door andere vormen van collectieve dwang.
** P.J. noemde het libertarisme overigens geen ideologie, maar een attitude’, een levenshouding.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Philippe Clerick

Philippe Clerick (1955) houdt een blog bij van wat hem te binnenvalt over Karl Marx, Tussy Marx en Groucho Marx. En al de rest.