Buitenland, Europa
Fish and chips brexit

Een pakje fish and chips

De onderhandelingen tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk over de brexit lopen niet vlot. Bovendien wordt alsmaar duidelijker dat de Britten niks te winnen hebben bij een brexit. In plaats van binnen de EU te genieten van een driegangenmenu dreigt het VK achter te blijven met een pakje fish and chips, schrijft Theo Lansloot.

Op 22 en 23 maart zal de Europese Raad, in EU-27 samenstelling, de stand van de brexit-onderhandelingen bespreken en aanvullende richtsnoeren aannemen.

Betreffende de post–brexit economische betrekkingen tussen de EU en het VK zag Donald Tusk, Permanent Voorzitter van de Europese Raad, op 7 maart in Luxemburg een vrijhandelsakkoord als enige oplossing. Het VK zal immers de interne EU-markt verlaten, zich terugtrekken uit de douane-unie en de rechtsmacht van het Hof van Justitie van de Europese Unie niet langer erkennen.

Tusk verklaarde dat de EU haar best zal doen om tot een ambitieus, geavanceerd en ruim vrijhandelsverdrag te komen. Hij beklemtoonde dat het niettemin slechts bij een vrijhandelsovereenkomst zal blijven zoals de EU na zeven jaar moeizaam onderhandelen vorig jaar met Canada afsloot.

Gesloten grens

Vooraf moeten, steeds volgens Tusk, de EU en het VK het eens worden over een politieke kaderovereenkomst betreffende de toekomstige betrekkingen tussen beide partners. Die overeenkomst komt als bijlage bij het brexit-akkoord.

Wat uiteindelijk de positie zal zijn van Noord-Ierland, Schotland en Wales, die tegen de brexit stemden, zal nog moeten blijken. Naar alle waarschijnlijkheid komt er opnieuw een gesloten grens tussen Noord-Ierland en de Ierse Republiek, die in de EU blijft.

Handelsbesprekingen kunnen pas beginnen eens het VK geen EU-lidstaat meer is. Alle nationale en regionale parlementen binnen de EU moeten een eventuele vrijhandelsovereenkomst ratificeren.

Ook het Lagerhuis zal een brexit-deal moeten goedkeuren.

Lossere betrekkingen

Tusk omschreef een EU-VK-vrijhandelsovereenkomst als de eerste ooit die betrekkingen tussen partners losser maakt in plaats van ze te verstevigen. Brexit zal, volgens hem, die betrekkingen onvermijdelijk ingewikkelder en kostelijker maken voor alle betrokkenen.

Tusk verwierp tenslotte kordaat de door premier May op 2 maart gewenste elk-wat-wils-aanpak op het vlak van de economische betrekkingen, omdat die gewoon niet het belang van de EU dient. Er kan dus geen sprake zijn van een ‘single market light’ of een ‘customs union light’, zoals eerder al in Brussel te horen was.

Of de brexit de belangen van het VK dient, is nog maar de vraag. De bekentenis van David Davies op 7 maart in de Britse Brexit-commissie stemt tot nadenken. Hij gaf, na enig aandringen van sommige leden van de commissie, immers toe dat de Britse regering niet precies weet wat de gevolgen van de brexit op de economie van het VK zullen zijn.

Stommiteit in het kwadraat

Volgens de gewezen Britse Labour-premier Tony Blair varieert de geraamde weerslag van de brexit op de groei in de EU van slecht tot heel slecht.

Van zijn kant oordeelde Labour-leider Jeremy Corbyn eind februari dat het Verenigd Koninkrijk in de douane-unie moet blijven.

Al op 31 januari riep minister-president Geert Bourgeois in het Vlaams Parlement de Britten op om de brexit te stoppen. Terecht noemde hij de brexit een stommiteit in het kwadraat en een slechte zaak voor zowel het VK als voor de EU en ook voor Vlaanderen. Het VK is Vlaanderens vierde handelspartner. De economische impact van de brexit is dus voor Vlaanderen, zoals voor vele andere EU-lidstaten, niet te onderschatten.

Frans leiderschap

Inmiddels is het VK zelf niet meer bij machte te beslissen de brexit al dan niet te stoppen. Frankrijk is de soms koppige Britten liever kwijt dan rijk. Het beoogt bovendien het leiderschap van de EU, inclusief het gebruik van Frans als voornaamste communicatiemiddel binnen de Unie.

Merkel loopt ook al niet hoog op met de Britten die haar af en toe durfden tegenspreken. De brexit is dus vooral een politieke EU-kwestie geworden.

Op 16 december 2017 verscheen in de Britse krant The Independent het resultaat van een studie van het onderzoeksagentschap BMG Research. Daaruit blijkt dat 51 procent van de bevraagden toen tegen de brexit is, en amper 41 procent voor. Maar dat schijnt er thans niet meer toe te doen.

Britse ervaring

De EU is geen louter intergouvernementele organisatie. De lidstaten bundelen immers een deel van hun soevereiniteit. Daardoor verwerven zij samen veel meer macht en invloed dan zij afzonderlijk zouden hebben.

De EU is geenszins perfect. Als belangrijke lidstaat had het VK, mede dank zij de lange ervaring van het vroegere Britse imperium, er veel kunnen toe bijdragen om een en ander heel wat te verbeteren, ook op het vlak van diplomatie en veiligheid.

Jammer genoeg doet de brexit die hoop in rook opgaan.

Europa wil gelukkig meer en meer zelf verantwoordelijk zijn voor zijn veiligheid en defensie. De EU-defensieraad besliste daarom op 6 maart van dit jaar over te gaan tot een stappenplan voor de uitvoering van de Permanente Gestructureerde Samenwerking (PESCO) waarbij 25 EU-lidstaten zijn betrokken. Het VK hoorde daar weliswaar (nog?) niet bij ,maar kan zich nu als toekomstige niet-lidstaat helemaal niet meer bij PESCO aansluiten. Jammer, want het VK is qua Europese veiligheid een van de sterkste, zo niet de sterkste schakel.

Fish and chips

Kortom Brexit is niet goed voor het VK, niet voor de EU en zelfs niet voor de wereld. Het is uiterst jammer, maar allicht niet meer te herroepen.

Opmerkelijk is een recente uitspraak van Sir Martin Donnelly, die tot maart vorig jaar secretaris-generaal van het Britse ministerie van Handel was. Volgens hem kan geen enkel handelsakkoord compenseren wat het VK met zijn brexit opgeeft. Hij omschreef EU-lidmaatschap als een driegangenmenu en mogelijke bilaterale handelsakkoorden met de EU en andere partners als een pakje “fish and chips”.

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans