Actualiteit, Communautair
Hendrik Vuye & Veerle Wouters

Communautaire standstill is geen strategie voor Vlaanderen

Veerle Wouters en Hendrik Vuye spraken op de academische zitting georganiseerd door het Elfjulicomité Limburg en de Werkgroep Frans Kusters op 8 juli. Doorbraak publiceert hun analyse.

De communautaire standstill van de regering-Michel leert alvast dat dit geen strategie is voor Vlaanderen. De transfers blijven bestaan, de vele instellingen kosten handenvol geld en de bevoegdheden blijven versnipperd over de federatie en de deelstaten.

Dat de communautaire standstill geen strategie is voor Vlaanderen kan men makkelijk aantonen. Men vindt omwille van de standstill geen oplossing voor belangrijke problemen, zo bijvoorbeeld de jobs van Zaventem die worden gefnuikt door de Brusselse geluidsnormen. Waar Franstaligen vlotjes belangenconflicten inroepen, durft de Vlaamse regering het niet aan om een nieuw belangenconflict in te roepen. De Vlaamse regering wil de regering-Michel niet in gevaar brengen, luidt het. Intussen verlaten luchtvaartmaatschappijen Zaventem. De jobs vliegen weg.

De taalwetgeving blijft een ander oud zeer. Franstaligen zijn hier bijzonder dubbelzinnig. Wanneer het gaat over de faciliteiten van de Franstaligen in de Vlaamse Rand, dan beschouwen ze Frans spreken als een mensenrecht. Maar diezelfde taalwet lappen Franstaligen aan hun laars te Brussel. Slechts 76,2% van de beslissingen over statutaire personeelsleden is in overeenstemming met de taalwet. Kan het nog slechter? Zeker. Slechts 8,9% van de beslissingen over contractuele personeelsleden eerbiedigt de taalwet. Met een communautaire standstill geraken we hier geen stap verder. En het gaat zelfs van kwaad naar erger. In de Vlaamse gemeente Linkebeek wordt nu ook in de gemeenteraad Frans gesproken. De communautaire standstill geldt blijkbaar voor alle Vlaamse partijen, maar niet voor de MR van Damien Thiéry.

Met de communautaire standstill doen de Vlamingen zich de das om. Wanneer de onderzoeksmiddelen van de Federale Wetenschappelijke Instellingen verdeeld worden onder de Vlaamse en Franstalige universiteiten gebeurt dit niet volgens de verdeelsleutel 60/40. De Vlamingen krijgen slechts 56% van de middelen en de Franstaligen eigenen zich 44% toe. Het wetsontwerp motiveert deze sleutel met verwijzing naar de standstill. De bevoegde staatssecretaris verklaart zelfs dat de Vlamingen blij moeten zijn met deze verdeelsleutel. N-VA, Open VLD, CD&V, sp.a en Groen hebben dit wetsontwerp vorige week gestemd.

Andere problemen worden op zijn Belgisch geregeld, zo het dossier van de Riziv-nummers. Het verhaal is bekend. In Vlaanderen is er een toelatingsproef sedert 1997, in de Franse Gemeenschap begint men er mee in 2017. Intussen is er een overschot opgebouwd langs Franstalige kant van meer dan 3.000 artsen. Dit ging gecompenseerd worden. Het gebeurt op zijn Belgisch. Uiteindelijk moeten de Franstaligen maar 1.531 eenheden afbouwen en mogen ze dit doen over 15 jaar. Concreet loopt de compensatieregeling tot 2038. Dit is een typisch Belgisch compromis, net als vroeger. En net als vroeger betaalt de Vlaming de rekening.

Wat biedt de toekomst?

Sommigen juichen nu omdat de Parti socialiste (PS) implodeert. Natuurlijk hebben wij Vlamingen geen medelijden met de PS. Dit hoeft echt niet. Men vergeet er echter wel bij te vertellen dat de PS van alle Franstalige partijen de meest regionalistische is. Ook de socialistische vakbond FGTB is regionalistisch. Stappen in de staatshervorming zijn in het verleden steeds gezet met de PS. Deze partij heeft alle zes de staatshervormingen gestemd. Indien de PS effectief implodeert, dan is de strategie om Franstalig België uit te roken ten dode opgeschreven. Het zijn Belgicistische partijen als MR, cdH en Ecolo die dan de Franstalige regeringen gaan bevolken. Al deze partijen zijn ‘demandeurs de rien’ wat staatshervorming betreft.

En wat met de PTB? Op die partij moet men al zeker niet rekenen. Het is zelfs de enige nationale partij, wat haaks staat op de logica van de staatshervormingen. Men tracht de Vlamingen nu de stuipen op het lijf te jagen: ‘de communisten komen aan de macht in Wallonië’. Dit zou dan de motor moeten zijn die zorgt voor verdere stappen in de Vlaamse ontvoogding. Alleen verklaart PTB-kopstuk Roaul Hedebouw dat zijn partij de eerste 15 jaar niet wil regeren. In de kranten van Sudpresse voegt hij er deze week aan toe dat PTB met de huidige andere Franstalige partijen geen akkoord kan sluiten, want ze zijn niet radicaal genoeg. Dat de communisten aan de macht zullen komen in Wallonië is een praatje van de spindoctors. Zal de kiezer in de val lopen?

Wanneer toppolitici in hun kaarten laten kijken, dan ziet men een ander verhaal. In Het Belang van Limburg verklaarde eerste minister Charles Michel (MR) onlangs dat België over 25 jaar nog zal bestaan en dat niet het communautaire, maar wel het sociaal-economische centraal zal staan na de verkiezingen van 2019. Tenzij de kiezer anders beslist, voegt hij er wel aan toe. Exact hetzelfde als wat N-VA-voorzitter Bart De Wever verklaarde in L’Echo intussen 9 maanden geleden. We zijn dus goed op weg naar een communautaire standstill van minstens tien jaar. Wil de bewust Vlaamse kiezer dit?

De Vlaamse kiezer zal in 2019 zijn verantwoordelijkheid moeten nemen. Vele partijen hebben een V in hun naam. Maar zijn het ook V-partijen? Volstaat het om een V in de naam te hebben om een V-partij te zijn? Indien dit het geval is, dan missen we de PVV. Deze partij had niet één, maar twee V’s in de naam. Haar bijnaam was wel ‘Pest voor Vlaanderen’.
In ons Grendelboek hebben we alvast aangetoond dat het riedeltje ‘we gaan voor een grote staatshervorming, maar we hebben hiervoor het akkoord van de Franstaligen en een meerderheid van twee derde nodig’ een grove leugen is. Er kunnen reuzenstappen worden gezet met een gewone meerderheid. Zo kan men zelfs de sociale zekerheid splitsen met een gewone meerderheid.

Wij geloven alvast niet in de communautaire standstill. We kunnen de overheidsfinanciën niet saneren zonder grondig te snoeien in de wildgroei aan Belgische instellingen. Net hier kunnen besparingen worden gerealiseerd die de burgers niet voelen.

Zonder staatshervorming moet men federaal besparen in de sociale zekerheid. Dat klinkt abstract, maar dat gaat concreet over zaken die de burgers voelen: pensioenen, ziekte- en invaliditeitsuitkeringen, werkloosheid, ziekenhuisfacturen, dokters- en tandartskosten, …

Hier blijkt de fictie van de communautaire standstill. Wanneer men in het luik besparingen de werkloosheid in de tijd beperkt, dan voelt Wallonië dit meer dan Vlaanderen. Verhoogt men de inkomsten, dat voelt Vlaanderen dit meer. Verhoogt de regering-Michel de roerende voorheffing tot 30 procent, dan treft deze maatregel voornamelijk de Vlamingen.

Een sociaal-economische regering is dus nooit communautair neutraal. Net daarom lukt het niet om orde op zaken te stellen. De sociaal-economische blokkeringen binnen de regering-Michel zijn in wezen communautaire blokkeringen. Ook daarom moeten we communautair zaken op orde stellen.

Grendelboek

Misschien denken sommigen nu: het is makkelijk om kritiek te leveren, maar hoe moet het dan wel? Wat willen Veerle Wouters en Hendrik Vuye? We gaan deze vraag zeker niet uit de weg.

Partijen presenteren hun communautair programma alsof ze ooit de absolute meerderheid zullen halen in Vlaanderen: Open VLD het ontgrendeld federalisme, CD&V het positief confederalisme, N-VA het unionistisch confederalisme, Vlaams Belang de Vlaamse onafhankelijkheid en SP.A een Belgische unie met vier deelstaten.

De Vlaamse partijen zijn tot mislukken gedoemd indien ze niet tot een minimum-programma komen. Dit kan nochtans. Meer Vlaanderen moet een evidentie worden over de grenzen van meerderheid en oppositie heen. Zo heeft het Vlaams Parlement in 1999, onder impuls van Luc Van den Brande (CD&V), vijf resoluties gestemd met een gezamenlijke visie. De Vlaamse regering moet hier het voortouw nemen, eventueel door het uitbouwen van een studiecentrum. Indien wij hieraan een bijdrage kunnen leveren, zullen wij dat zeker doen.

En dat hebben we al gedaan en zullen we blijven doen. Met ons Grendelboek hebben we reeds hefbomen aangereikt om verdere stappen te zetten in de Vlaamse ontvoogding. De grendels hebben we ontgrendeld. Deze know how hebben we ter beschikking gesteld van alle Vlaamse partijen. Ze moeten deze nu maar gebruiken. Remi Vermeiren stelt in t’ Pallieterke dat het Grendelboek verplichte lectuur is voor alle Vlaamse parlementsleden. We hopen niet alleen dat ze het zullen lezen, maar ook dat ze het zullen gebruiken.

Brusselboek

Er rest nog een groot struikelblok: Brussel. Wat doen we met Brussel? Ook hier heeft elke partij haar eigen standpunt. Ook de niet-partijpolitieke Vlaamse Beweging is verdeeld. We moeten wel beseffen dat echte grote stappen in de Vlaamse ontvoogding er maar zullen komen indien er één Brussel-standpunt komt. Ook hier zullen wij alvast onze bijdrage leveren. We werken aan een Brusselboek. We gaan niet alleen het ontstaan van het Brusselse kluwen beschrijven en de werking van de instellingen ontleden. We gaan ook de Brussel-modellen aanpakken, de mogelijke en de onmogelijke. Onze hoop is dat er nadien een debat komt waarbij de Vlamingen met kennis van zaken een keuze maken. Wat willen we nu echt met Brussel? Ook deze know how zullen we aanreiken.
Niemand zal alvast kunnen stellen dat we deze legislatuur niet voortdurend gepoogd hebben om steentjes te verleggen in de rivier. We hebben gedaan wat we hebben beloofd bij onze Vlexit in september 2016: de Vlaamse stem laten horen in de Kamer en erbuiten. We hebben woord gehouden en doen dat ook tot 2019. Wat er nadien komt, daar zal de Vlaamse kiezer over beslissen in 2019.

Reacties

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans