fbpx


Binnenland, Politiek

De asieldiensten: lessen uit het verleden trekken, lijkt toekomstmuziek

Fedasil doorstaat de stresstest (alweer) niet



Enkele weken geleden ving Vluchtelingenwerk Vlaanderen een aantal gezinnen op in hotels en bij particulieren. Gezinnen die wel door de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) geregistreerd werden, maar waar Fedasil geen plaats voor had. Onlangs, in de nacht van 3 op 4 november, sliepen zo’n 100 mensen uit gezinnen met kinderen op straat. 

De asieldiensten

In een vorig artikel beschreven we de taak van de vier asieldiensten in ons land en dan vooral de Dienst Vreemdelingenzaken. Dat is de dienst die onder meer zorgt voor de registratie van mensen die internationale bescherming wensen. Deze eerste stap moet onmiddellijk gevolgd worden door de tweede: opvang, ofwel bed, bad en brood. Dat is de voornaamste taak van Fedasil, die ook bevoegd is voor de vrijwillige terugkeer van asielzoekers.

Fedasil

Afgelopen juli nam de ministerraad verschillende maatregelen om de druk op het opvangnetwerk te doen dalen. Een van de pijlers was de opvangcapaciteit te vergroten. Er was begin dit jaar in de asielcentra een bezettingsgraad van 94%; momenteel bedraagt die 96%, volgens Fedasil. Ter verduidelijking, in het jaarverslag 2011 van de asieldienst staat dat de situatie als kritiek beschouwd wordt vanaf een bezettingsgraad van 94%. Actie was en is dus nodig. Wat is er sinds juli gebeurd?

Lies Gilis (Fedasil): ‘De opvangcapaciteit werd toen onder meer vergroot door de opening van het centrum in Berlaar dat wordt uitgebaat door het Rode Kruis. Er werd een oproep gedaan aan de OCMW’s en NGO’s om individuele en collectieve plaatsen te openen. Ook in Machelen en in Sint-Laureins ging een opvangcentrum open. In de komende dagen worden centra in Bredene, Theux en Verviers geopend.’ De cijfers ondersteunen dit. Op 1/1/2022 waren er 29.446 plaatsen; op 1/10/2022 was dit gestegen naar 31.600. In augustus ging het terugkeercentrum voor Eurodac type 1 in Zaventem open, een samenwerking tussen DVZ en Fedasil, maar dat was een omvorming van een bestaand opvangcentrum.

3500 extra opvangplaatsen

Op 7 oktober ging de ministerraad ‘akkoord met de lancering van een overheidsopdracht voor rekening van Fedasil, voor 3500 opvangplaatsen voor asielzoekers’. Die opdracht loopt en zal ingevuld worden door private partners, want Fedasil kan niet langer alleen instaan voor het maken van bijkomende opvangplaatsen, volgens Sieghield Lacoere van het kabinet De Moor.

Lies Gilis (Fedasil) laat weten dat ze er mee bezig zijn: ‘Fedasil bereidt het dossier momenteel voor en we hopen natuurlijk dat deze plaatsen er zo snel mogelijk zullen zijn. Een precieze timing kunnen we nog niet geven.’

1500 noodopvangplaatsen in Jabbeke en Glons

Op 26 oktober werd bekend dat staatssecretaris van Asiel en Migratie Nicole De Moor ook in Jabbeke opvangplaatsen zal voorzien. Ondanks eerder protest van burgemeester Frank Casteleyn (CD&V) van Jabbeke komt er een tijdelijke humanitaire opvang voor maximaal 500 mensen. Dat past in het kader van de wens van de regering om mensen van de straat te krijgen. Er is het zogenaamde Winterplan in samenwerking met de stad Brussel, maar bijkomend wil de staatssecretaris 1500 noodopvangplaatsen creëren, onder leiding van het crisiscentrum, zo zegt Sieghield Lacoere. Dat zal nodig zijn, want volgens Thomas Willekens (Vluchtelingenwerk Vlaanderen) zijn er momenteel meer dan 1700 mensen met een lopende asielaanvraag die geen opvang hebben.

De asielzoekers zullen in Jabbeke maximaal vier weken verblijven in afwachting van opvang in een asielcentrum. Het centrum zal slechts zes maanden operationeel zijn. De asielcentra zitten zo goed als vol en dat zal niet snel veranderen, dus het is nog maar de vraag of alle asielzoekers na enkele weken inderdaad kunnen doorstromen naar een asielcentrum. En hoe moet het over een half jaar wanneer Jabbeke en Glons, de andere site, weer sluiten? Verwacht het kabinet De Moor dat die extra 3500 opvangplaatsen dan gecreëerd zullen zijn? Voor die vraag verwees het kabinet mij terug naar Fedasil. Een nieuwe poging bij de asieldienst om een helder beeld te krijgen op de timing, werd niet meer beantwoord.

Personeelstekort

Niet alleen het tekort aan opvangplaatsen vormen een probleem bij Fedasil; er is ook een personeelstekort. Half oktober kreeg Fedasil de belofte van 150 extra personeelsleden. Die worden via andere diensten gedetacheerd. Het is echter niet eenvoudig die mensen te vinden. Sieghield Lacoere (kabinet De Moor): ‘Minister De Sutter heeft de opdracht gegeven die mensen te zoeken binnen de andere overheidsdiensten. Het is wel zo dat mensen ook weer afhaken, omdat ze zich bij nader inzien niet onmiddellijk kunnen vrijmaken op hun job, niet in shiften kunnen werken of te ver van huis zouden moeten werken. De matching vraagt dus tijd.’ Hoeveel tijd? Dat is de vraag en ook hier blijft een helder antwoord afwezig.

Volgens Thomas Willekens (Vluchtelingenwerk Vlaanderen) zijn deze extra mensen op korte termijn druppels op een hete plaat. En: ‘Op lange termijn zijn die personeelsinvesteringen nodig, omdat de audit van de asieldiensten heeft aangetoond dat er te weinig personeel is en dat er met het beschikbare personeel niet altijd efficiënt omgesprongen wordt.’

Lessen uit het verleden

Na een piek in de asielaanvragen in 2011 (31.916) werd het aantal opvangplaatsen teruggebracht tot 17.200 (1/1/2015). Zowel het budget als het aantal opvangplaatsen van Fedasil moest in 2015 verder teruggebracht worden, maar de ongeziene piek (44.662) van dat jaar zorgde ervoor dat er op 1 januari 2016 bijna dubbel zoveel opvangplaatsen waren (33.659). De helft van de opvangplaatsen in 2016 was tijdelijk en kon weer snel afgebouwd worden. In 2017, 2018 en 2019 werden de opvangplaatsen verder afgebouwd, hoewel het aantal aanvragen sinds 2016 weer aan het stijgen was. Op 1 januari 2020 was er een bezettingsgraad van 97%. Een nieuwe crisis, door corona afgeremd.

De alarmbellen hadden in de loop van 2021 af moeten gaan. Er was namelijk een stijging van 16.910 aanvragen in 2020 naar 25.971 in 2021. Intussen zijn we november 2022 en zijn we op weg om ergens tussen het cijfer van 2011 en 2015 uit te komen. Toch lijkt het alsof de regering zich pas enkele maanden bewust is van een probleem dat al sinds enkele jaren duidelijk aan het worden is.

Naast een erg late reactie van de overheid, is er ook de vraag hoe het komt dat de aanpak, ook na de pieken en crisismomenten in de voorbije jaren, nog steeds zo rommelig verloopt. Fedasil heeft te weinig personeel en moet hopen op detacheringen uit andere diensten. De dienst moet daarenboven de creatie van 3500 plaatsen, circa 10% van de huidige capaciteit, door private partners laten doen, omdat ze het zelf niet kan. Duidelijkheid rond die 150 extra personeelsleden en die 3500 extra plaatsen kan niet gegeven worden. Intussen worden er in allerijl 1500 plaatsen door het crisiscentrum gecreëerd en is er ook nog het winterplan in samenwerking met de stad Brussel. De werking van Fedasil, of bij uitbreiding de opvang van asielzoekers, is een onoverzichtelijk amalgaam die de zoveelste stresstest niet doorstaat. Lessen uit het verleden trekken, lijkt tot dusver toekomstmuziek.

Aangeboden door het Horizon 2024 fonds


Dit artikel is deel van de artikelenreeks Horizon2024 en wordt gefinancierd door het Horizon 2024 fonds.

Ik steun het Horizon 2024 fonds.

Maarten Hertoghs

Maarten Hertoghs (1979) werkte jarenlang als godsdienstleerkracht en coördinator. Hij is masterstudent Gender en Diversiteit aan de UGent en schrijft graag over politiek, filosofie, religie en samenleven.