Media, Politiek
journalistiek

‘De camera’s waren te vaak op spektakel en te weinig op inhoud gericht’

Constructieve aanbevelingen voor een betere journalistiek

Beste Siegfried en andere vrienden van de pers,

Ik heb met belangstelling uw opiniestuk over de verkiezingsprogramma’s van de openbare omroep gelezen. Zoals Bart De Wever terecht bij uw afscheid opmerkte: uw messcherpe analyses zijn vaak zowel pijnlijk als correct. Ook ik heb me geërgerd aan de verkiezingsprogramma’s in de aanloop naar de verkiezingen van 26 mei 2019. Ik heb de voorbije weken tientallen analyses gelezen over wie er exact voor wat verantwoordelijk was bij de verrassende verkiezingsuitslag, maar aan de kant van de media bleef het oorverdovend stil. Zou het kunnen dat het in de mediahoofdkwartieren nog niet doorgedrongen is dat niet alleen de traditionele politiek, maar ook de traditionele media een probleem hebben?

In tegenstelling tot Siegfried Bracke wil ik me niet alleen tot de openbare omroep richten. Ik vind (voorlopig) nog niet dat jullie geprivatiseerd moeten worden. Ik geloof dat een openbare omroep nodig is —  niet om zoveel redenen — maar wel om de kwaliteit in de mediamarkt voldoende hoog te houden. Op dat vlak kan en moet u veel beter. Het is ook dringend nodig, voor u uzelf overbodig maakt. Maar tot nader order vertrouw ik op voortschrijdend inzicht en wens u daar alle succes bij. Trouwens, ik heb op andere plaatsen ook programma’s, interviews, analyses, beeldverslagen, … gezien waarvan ik me afvroeg wat ze nog met journalistiek te maken hadden. Gelukkig waren er uitzonderingen: Phara, Jambers in de politiek, Wouter Verschelden op Newsmonkey, de verkiezingsuitzendingen op Radio1.

Spektakel en slechte debatten

De afgelopen verkiezingen gingen vooral over een gevoel van onbehagen bij de bevolking rond veiligheid: gebrek aan veiligheid door grote migratiestromingen, gebrek aan veiligheid over pensioenen, sociale zekerheid, gezondheidszorg en gebrek aan veiligheid door de grote klimaatuitdagingen die ons te wachten staan. De strategen van het Vlaams Belang hadden dat zien aankomen en daarom heeft de partij deze verkiezingen dan ook gewonnen. Waarom dat inzicht er bij de meeste media niet was, is mij een raadsel. Of toch niet? Ik ben blij dat Siegfried mijn mening deelt — want ik ben de vriend waar hij naar verwijst — dat journalisten te vaak entrepreneurs in conflicten en sensatie zijn geworden. Bij deze verkiezingen was dat helaas niet anders. De camera’s waren te vaak op spektakel en te weinig op inhoud gericht.

Ik heb ontelbare (slechte) debatten gezien tussen de oude staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Theo Francken, en de nieuwe, Maggie De Block. Ze beloofden allemaal vuurwerk en conflict terwijl in de realiteit beide politici uitstekend met elkaar kunnen opschieten, hetzelfde beleid voerden en alleen in stijl enigszins van elkaar verschillen. Ik heb op zondag ontelbare cameraploegen zien uitrukken naar Hilde Crevits toen ze aankondigde dat ze minister-president wou worden. En ik heb een dag later journalisten nog gretiger breaking news-gewijs live verslag horen uitbrengen over de ambities van Gwendolyn Rutten om de eerste vrouwelijke premier van het land te worden. Daarbij ging het zelden over inhoud, maar vooral over de postjes,  en dat lag zeker niet alleen aan de politici in kwestie.

Ik heb Maggie De Block bij de kapper en Bart De Wever bij de bakker of beenhouwer — mijn excuses dat ik mij deze cruciale politieke stap niet exact meer kan herinneren — zien passeren. Ik heb zelfs een analyse van een nieuwsanker gehoord dat zich zorgen maakte wie de koffie zou betalen die Jan Jambon en Bart De Wever samen op een Antwerps terras dronken. Onmiddellijk gevolgd door een interventie van een panel van wijzen om te concluderen dat de media — nota bene van de eigen zender — te dicht op beide politici zaten. Ik heb tientallen camera’s in auto’s gezien, die elke veranderende gelaatsuitdrukking van de gefilmde politicus registreerden zonder goed te weten waarom. Ik heb auto’s met journalisten minutenlang geblindeerde andere auto’s met politici zien volgen, terwijl er niks te zien was. Die ene journalist die dat tijdens zijn live verslag  opmerkte, verdient een prijs voor de meest geloofwaardige quote op verkiezingsdag.

Politiek als straatgevecht

Het trieste hoogtepunt was het straatgevecht dat VTM organiseerde de avond voor de verkiezingen, waarbij politici op een overigens lege Grote Markt in Mechelen elkaar moesten bekampen en in minder dan 20 seconden een antwoord moesten verzinnen. Het leidde tot de uitschuiver van Bart De Wever die Tom Van Grieken in een onbewaakt moment ‘paljas’ noemde. Natuurlijk is Bart De Wever daar zelf verantwoordelijk voor. Hij is meer dan slim genoeg om dat zelf ook te beseffen, maar wie herleidt politiek tot een straatgevecht? Niet de politici, maar de tv-makers die dat format uitgevonden hebben en dus ook verantwoordelijk zijn voor de invloed die dat heeft op het kiesgedrag van de burger.

Spreek mij gerust tegen, maar ik heb het gevoel dat er op sommige plaatsen zeer lichtzinnig met de macht en de verantwoordelijkheid van de journalistiek wordt omgesprongen. En er is nog iets: bij de VRT houden ze blijkbaar bij hoeveel fouten ze zelf op VRTNWS maken. Onlangs waren dat er 2000 op 16 dagen. Dat zijn er liefst 125 per dag! En bij de concurrentie is het niet veel beter. Op HLN.be las ik een tijd geleden de volgende titel: ‘Amerikaanse politie achtervolgd man die kind ontvoerd’ (sic). Kan dat echt niet beter, beste ex-collega’s? Geloofwaardigheid begint met juist geschreven, correcte informatie.

Sensatiezucht

Het verkiezingsstof is ondertussen gaan liggen, maar de media gaan ongestoord verder op het ingeslagen pad. Denk maar aan de manier waarop de ondertussen gewezen voorzitter van het Vlaams Parlement onlangs aan de schandpaal werd genageld. Natuurlijk heeft Kris Van Dijck fouten gemaakt en daar moet ook over bericht worden. Dat beseft hij zelf maar al te goed. Maar hoefde dat nu? Die breed uitgesmeerde pijnlijke koppen vol hijgerige sensatiezucht? Die man heeft ook kinderen en een partner en ouders die kunnen lezen en naar school of — zoals Bart De Wever — naar de bakker moeten. Of is er in de media van vandaag geen plaats meer voor journalistieke hygiëne, ook al is die soms menselijker of milder?

Vandaag was het weer prijs: ‘Gwendolyn ziet alle hoeken van de kamer’ of ‘Rutten straft Gatz’. Tijdens mijn kort verblijf aan de andere kant heb ik geleerd dat wat journalisten over formatiegesprekken (en waarschijnlijk ook over veel andere zaken) schrijven dikwijls heel ver van de politieke realiteit staat. Op zich is dat niet zo erg. Iedereen moet zijn boterham verdienen, zelfs journalisten. Maar het zou misschien tot enige journalistieke bescheidenheid aanleiding kunnen geven.

Constructieve voorstellen

Ik weet het beste collega’s, de druk en de concurrentie zijn groot. De kijk- en vooral klikcijfers zijn genadeloos hard. Ik zie de meerderheid van jullie nog altijd graag, maar ik maak me ook zorgen. Ik weet dat het gemakkelijk is om vanop de zijlijn vrijblijvend kritiek te spuien op jullie harde werk. En daarom —  zonder al te aanmatigend te zijn — wil ik ook een paar constructieve voorstellen doen. Ik heb geen enkele verantwoordelijkheid meer in de media, dus u mag mijn advies na lezing ook gewoon in de vuilbak deponeren.

Maar investeer in goede (online) eindredacteurs: ze zullen de geloofwaardigheid van uw werk alleen maar ten goede komen. Bezin u over wat u schrijft, maar vooral over hoe u het schrijft en of alles nu per se conflictueus en sensationeel moet zijn. Ik heb lang genoeg — ook populaire  — media geleid en dus ik weet dat er af en toe en zelfs wat vaker voldoende glijmiddel nodig is om de politiek verkocht te krijgen aan uw lezers, maar mag het alstublieft iets meer zijn? En tussendoor ook wat meer over inhoud en wat minder over conflictjes gaan?

Stop met politici te behandelen als popsterren en wat en hoe ze het doen vaak belangrijker te vinden dan welke visie ze verdedigen en uitdragen. Ik heb het al vaker gezegd en geschreven, maar er is dringend nood aan een regulerende instantie met meer gezag en geloofwaardigheid dan de huidige Raad voor Journalistiek. De media hebben nood aan een krachtig orgaan dat toekijkt op kwaliteit en geloofwaardigheid van de media. Als de journalistiek zich op korte termijn niet zelf reguleert, zal iemand anders dat doen en of dat dan zoveel beter zal zijn?

Durf neen te zeggen

Ik heb tot slot ook nog een goede raad voor mijn nieuwe politieke vrienden: doe niet alles wat journalisten vragen en wees vooral niet te bang om af en toe gewoon neen te zeggen. Het zal jullie geloofwaardigheid en de kwaliteit van de politiek alleen maar ten goede komen. Wie in deze tijden zo makkelijk tegen mogelijke coalities neen zegt, moet dat misschien wat minder tegen collega’s van andere partijen en wat meer tegen journalisten doen.

Kris Hoflack

Kris Hoflack is voormalig hoofdredacteur van de nieuwsdiensten van VRT en VTM
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans