Binnenland
Vrije Tribune
Vrije Tribune

De Grondwet van Turtelland

Over de bijzondere kwaliteiten van de Belgische Grondwet
Annemie Turtelboom

In de meeste landen is de Grondwet een heel belangrijke tekst. Hij bepaalt hoe de instellingen werken en erkent de rechten en de vrijheden van de burgers. Geheel anders is de Belgische Grondwet. Dat leert ons de Turteltaks. De Belgische Grondwet kent rechten toe die achteraf blijken niet te bestaan Zo bijvoorbeeld artikel 170, § 2. De deelstaten mogen niet belasten wat de federale staat al heeft belast. Tijdens de parlementaire debatten over dit grondwetsartikel wordt dit kleurrijk omschreven: de deelstaten kunnen slechts belastingen heffen op de “maagdelijke materies”.

Federale belasting

En net dit is het probleem met de Turteltaks. Het Vlaamse Gewest voert hier een belasting in, waar er reeds een federale belasting bestaat. Dit kan dus niet. Dit had men ook moeten weten bij de invoering van deze taks. Meer nog, men kon het ook weten, want het staat letterlijk te lezen in een advies van de Raad van State: “In zoverre de ontworpen heffing wel degelijk afhangt van de hoeveelheid afgenomen elektriciteit, lijkt niet langer te kunnen worden voorgehouden dat die belasting verschilt van de federale bijdrage”.

Toch zullen de parlementsleden van de meerderheid gedwee de Turteltaks stemmen. Zo hoort het toch in een particratie Enkele burgers en Testaankoop richten zich dan maar tot het Grondwettelijk Hof. Dit hof is toch de behoeder van de Grondwet?

Eerst vragen ze de schorsing van de Turteltaks. De bedoeling van zo’n schorsingsprocedure is om snel een geschil te beslechten zodat niemand onnodige schade lijdt. Om de schorsing te bekomen moeten er twee voorwaarden vervuld zijn: 1) de middelen die worden aangevoerd, moeten ernstig zijn en 2) de onmiddellijke uitvoering van de bestreden maatregel moet een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kunnen berokkenen.

Nu zal menig Doorbraak-lezer twee zaken denken. De Turteltaks is ongrondwettelijk, dus het middel is ernstig. Bovendien moet ik die taks betalen, dus is er een nadeel. Goed geredeneerd, maar het Grondwettelijk Hof redeneert anders. Het Hof oordeelt: “Het door de verzoekende partij aangevoerde nadeel kan niet als ernstig en moeilijk te herstellen worden beschouwd, aangezien het een financieel nadeel betreft dat kan worden hersteld in geval van de vernietiging van de bestreden maatregelen”.

Addertje onder het gras

Het Hof zegt hier dus letterlijk dat het financiële nadeel dat de Vlaamse Turteltaks-betaler lijdt makkelijk kan worden ongedaan gemaakt. Indien later in de procedure zou blijken dat de Turteltaks ongrondwettelijk is, dan zal het Vlaamse Gewest de bedragen moeten terugstorten aan de Vlaamse Turteltaks-betaler.

Meer dan een jaar later volgt het arrest ten gronde. Op 22 juni 2017 vernietigt het Grondwettelijk Hof de Turteltaks. Gerechtigheid is geschied. Alleen, er zit een addertje onder het gras.

Het Hof beslist ook: “Teneinde de rechtsonzekerheid en de administratieve en juridische moeilijkheden te vermijden die een vernietiging met terugwerkende kracht zou teweegbrengen terwijl de vernietigde bepalingen uitwerking hebben gehad sinds 1 maart 2016, dienen de gevolgen van de vernietigde bepalingen met toepassing van artikel 8, derde lid, van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof te worden gehandhaafd voor de heffingsjaren 2016 en 2017”.

Vodje papier

De Turteltaks is dus ongrondwettelijk, maar toch niet voor de jaren 2016 en 2017. Of nauwkeuriger geformuleerd: ook voor 2016 en 2017 is de Turteltaks ongrondwettelijk, maar dat mag. En het mag nu omdat het Vlaamse Gewest anders de Turteltaks moet terugbetalen aan de Vlamingen. Maar, dit was toch net de bedoeling van de procedure voor het Grondwettelijk Hof? En dat deze taks kan worden terugbetaald heeft het hof toch zelf beslist in het schorsingsarrest?
Dit is Belgisch Grondwettelijk recht. Een Vlaams Parlement dat een belasting stemt waarvan men weet dat ze ongrondwettelijk is. Een taks die ongrondwettelijk is en die je toch hebt moeten betalen. En vervolgens een Grondwettelijk Hof dat eerst stelt dat men de Turteltaks kan terugbetalen om iets meer dan een jaar later te beslissen dat terugbetalen niet kan wegens ‘administratieve en juridische moeilijkheden’. Zou Franz Kafka dan toch een Belg zijn?

In oktober 1978 orakelt Leo Tindemans (CVP) in de Kamer: ‘de grondwet is geen vodje papier’. Nog geen twee weken geleden heeft onze V&W-fractie vanop hetzelfde spreekgestoelte in de Kamer gesteld: ‘de Belgische grondwet is wel een vodje papier’. Wie heeft gelijk? Dit is natuurlijk een retorische vraag …

Reacties

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans

[email protected]
[email protected]
[email protected]
[email protected]