Geschiedenis, Vlaamse Beweging
Joost Vandommele

De laatste sociaal-flamingant?

Joost Vandommele (1956-2019)


‘Zeg me wie je vrienden zijn, en ik zal zeggen wie je bent.’ Het antwoord op die vraag kregen we tijdens de uitvaartdienst van Joost Vandommele op zaterdag 9 november 2019 in Lochristi. Er waren honderden vrienden uit de meest diverse hoeken van de Vlaamse en sociale bewegingen aanwezig, en vrijwel niemand was daar ambtshalve of uit opportunisme: ACOD-miltanten van het spoor, oud-leden van de werkgroep ‘Arbeid’, Vlinks en de redactie van het links-nationalistische blad Meervoud, oud-leden van Dietse jeugdbewegingen, het Priester Daensfonds en de KP, naast vrienden uit Ierland en de Koerdische gemeenschap. Op de doodskist lagen de Geuzenvlag (oranje-blanje-bleu) en de vlag van de Vlaamse Socialistische Beweging, en naast de kist stond die hele tijd een vriend en oud-militant van de socialistische vakbond met de afdelingsvlag. Het was lang, heel lang geleden sinds we dit hadden meegemaakt. En allen beschouwden zich, terecht, als vrienden van Joost.

Emancipatie

Joost Vandommele voelde zich als een vis in het water van beide belangrijkste stromingen van de Vlaamse emancipatie: de arbeidersbeweging en de Vlaamse beweging. Maar hij zwom zijn leven lang stroomopwaarts, om te beginnen tegen een aangeboren zenuwziekte die hem ten slotte geveld heeft. Wie hem hoorde spreken bemerkte uiteraard eerst de lichte bevingen en het hoofdschudden, maar het duurde geen tien minuten vóór we al onze aandacht richtten op de inhoud van zijn betoog.

Hij vocht tegen de verburgerlijking van de sociaaldemocraten, maar even overtuigd tegen de identitaire verkramping van de extreemrechtse nationalisten van het Vlaams Belang en de toenemende neoliberalisering en verkleinburgering van de centrum-rechtse NV-A.

Hij voerde bijna op zijn eentje, in elk geval in heel kleine kring, de opdracht uit die Antonio Gramsci vanuit de gevangenis als de belangrijkste opdracht van de radicale linkerzijde genoemd had: het bewaren van het geheugen van de emancipatiestrijd en het ‘levenslange leren’ van de activisten en militanten. Hij kende als weinig anderen de sociale geschiedenis van zijn land, waaraan hij onder meer in zijn magnum opus Gent, een bakermat van democratie en socialisme (2016), een bijzonder goed gedocumenteerde en geëngageerde studie gewijd heeft. En hij doceerde meesterlijk voor alle sociaal-culturele kringen die hem uitnodigden.

sociaal-flamingant

Zijn zorg voor ‘het bewaren van de sociale herinnering’, die hij ook vertoonde als stadsgids van Gent en actief lid van het bestuur van het museum in Deerlijk dat aan zijn grootvader René De Clercq gewijd is, bracht hem onder meer op het spoor van de Gentenaar Pierre De Geyter, de componist van de Internationale. Joost zorgde ervoor, met de hulp van mensen uit het Masereelfonds en anderen, dat er eindelijk een monument opgericht werd ter ere van deze onterecht in de vergetelheid geraakte Gentenaar.

Lage Landen

Maar er is meer dan de indrukwekkende lijst van initiatieven, studie- en actiegroepen, petities en plechtigheden waarvan hij ondanks zijn gezondheidstoestand de spil was. Hij toonde met name aan dat de authentieke zorg voor het sociale en militante verleden van een volk en een land onontbeerlijk was voor het garanderen van de voortzetting van deze lokale, nationale en internationale strijd die verre van gewonnen is, integendeel. Voor hem was het Vlaanderen, waaraan zijn grootvader memorabele gedichten gewijd had, een onvervreemdbaar deel van de Lage Landen met onze geschiedenis van Klauwaarts, Geuzen, Emiel Moyson en de protesterende fabrieksmeisjes van de ‘Natte Continu’ in het proletarische Gent, priester Daens, de Frontbeweging en de sociaal geïnspireerde activisten, van Lode Craeybeckx en Herman Van den Reeck tot Paul Van Ostaijen en Jef Van Extergem. Maar voor Joost lagen deze Nederlanden niet op de maan, maar maakten ze deel uit van de wereld, overal waar mensen voor hun sociaaleconomische, culturele en politieke ontvoogding strijden.

De in 1915 in Salt Lake City vermoorde zanger en activist Joe Hill schreef in zijn testament: ‘Don’t mourn. Organize!’ Het zou evengoed op de grafsteen van Joost Vandommele kunnen staan.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Ik word vriend van Doorbraak.

Ludo Abicht

Ludo Abicht is publicist