JavaScript is required for this website to work.
Politiek

De natte droom van Calvo wordt een koude douche voor Lachaert

België Bananenrepubliek

Jasmijn Walldorf6/9/2020Leestijd 3 minuten

Egbert Lachaert zwiert zijn principes overboord voor de postjes en neemt zo een lange blauwe erfenis op. De koude douche staat al te druppelen.

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Als abonnee kan u ook alle plus-artikelen lezen. Doorbreek de bubbel vanaf €4.99/maand.

Ik neem ook een abonnement

Eureka! De 11-11-11-partijen hebben de sprong gewaagd. De existentiële elfjes van CD&V, Open Vld, sp.a, en Groen ageren als een pokerspeler die met zijn laatste chips ‘all in’ gaat. Die bluft niet omdat hij een goede hand heeft, maar omdat hij ten einde raad is en met een wanhoopsdaad zijn vel hoopt te redden. Het besef dat ze in het drijfzand sprongen zal pas later komen, wanneer ze weggezogen worden in een socialistisch verspil-en sinterklaasbeleid. Wanneer ecologisten met een fiscale ijstijd de klimaatopwarming te lijf gaan. Wanneer het ethisch conservatieve ‘avanti’ ̶  hét oxymoron van Coens  ̶  een progressieve slag van de molen krijgt. En wanneer de zuurstoffles van Europese drukperseuro’s leeg is en ze happend naar adem verzuipen in coronaschulden.

Pas dan zal het lachen van Lachaert vergaan en zal Coens beseffen dat zijn kostuumvestje te klein is.

Machiavelli in smurfenland

Egbert Lachaert is een toppoliticus. Hij kan met uitgestreken smoel zijn kiezers besodemieteren, bochten van 180 graden nemen zonder remsporen na te laten en gelijkmoedig politieke vrienden messen in de rug planten. Ik denk dat hij het ooit tot liberaal fractieleider in het Europees Parlement kan schoppen. Om de voorzittersverkiezingen te winnen trok hij een donkerblauw kostuum aan, maar hij droeg een rode judasonderbroek en paarse sokken om de groene teennagellak te verbergen.

Vincent Van Quickenborne werd omgekocht met het fractieleiderschap in de Kamer. Hij moest daarvoor enkel de links-groene West-Vlaming Bart Tommelein afschieten. Dergelijke machiavellistische over-lijken-gaan-mentaliteit, waarbij het touw van een medeklimmer wordt afgesneden om zonder ballast de top te bereiken, is de Kortrijkse allessnuiver niet vreemd. 14 jaar geleden schoot Quickie zijn donkerblauwe rebellenvriend Jean-Marie Dedecker al in de rug voor de geldbuidel van een staatssecretariaat.

De Open Oost-Vlaamse liberalen en democraten

Gwendolyn Rutten mocht vorig jaar kost wat kost geen premier worden. Daarvoor moest Ecolo op de brandstapel en werden links-liberalen verketterd. Egbert is de handpop van Alexander De Croo die voor het premierschap in de wieg gelegd werd. Vergeet ook niet dat het bij de voorzittersverkiezingen niet om de liberale kroon op Egberts hoofd ging, maar in hoofdzaak een vermaledijde machtsstrijd van de Oost-Vlaamse liberalen was.

Blauw Oost-Vlaanderen heeft met Willy De Clercq, Guy Verhofstadt, Herman De Croo, Karel De Gucht en Alexander De Croo vrijwel altijd de nationale voorzitter geleverd. Sinds het ontstaan van de Vlaamse liberalen greep liberaal Oost-Vlaanderen amper driemaal naast het voorzitterschap: Frans Grootjans, Annemie Neyts en Gwendolyn Rutten.

Papegaaien van de Wetstraat

De 11-11-11-partijen gaan de komende elf dagen onderhandelen hoe lang ze Wilmès II zullen verlengen op 17 september. Ik gok op zes maanden of tweemaal drie maanden. Dan brengt een vaccin coronarust, kunnen ze het mondmasker afgooien en met hun bakfiets naar de Wetstraat immigreren.

De acnepoliticus Conner Rousseau en de windhaansmurf Egbert lachaert kregen de opdracht van Fluppe I om de Vivaldilappen tot deken te breien. Ze moeten de natte droom van Calvo in beleid omzetten. Vrijdagavond gaven ze als volleerde papegaaien, woord voor woord, identieke antwoorden tijdens interviews op het VRT- en VTM-nieuws. Op Twitter las ik deze keer geen schertsende opmerkingen van Joël De Ceulaer over debatfiches. Hij kreeg plots zijn linkerhand niet meer op het toetsenbord en zijn rechterhand kan helaas niet typen.

Manifest van de Partij voor Sociale Decadentie (PSD)

Conner Rousseau schreef tijdens zijn retraite op een luxejacht in Cannes een boek dat hij dezer dagen in de Barkentijn in Nieuwpoort afwerkt. Het wordt hét manifest voor zijn partij van sociale decadentie. Een partij waar yogasnuivers en cocaïne-ceo’s met hun lidkaart aflaten kopen voor hun decadent bestaan en megalonen.

Tijdens recente kranteninterviews lekten al wat items van het boek uit, waarvan de meest opvallende luidt: ‘Wie geen Nederlands wil leren moet buiten’. Filip Dewinter moest 20 jaar geleden voor eenzelfde quote met pek en veren in de politieke woestijn zand fretten. Het boek van Conner wordt een hutsepot van populistische stellingen. Maar omdat het een boek van een rood politicus betreft, spreekt het linksdragende klootjesjournaille niet over populisme, maar over standpunten die zijn partij een duidelijk profiel moeten geven. Het is dunktaal voor kampioenen van cognitieve dissonantie en semantische nieuwlichterij.

Het jambongeheugen van de kiezer

De 11-11-11-partijen hopen dat wij in 2024 met een jambongeheugen naar de stembus zullen trekken. Dat we ons tegen dan de coronacalamiteiten van Wilmès en De Block niet meer zullen herinneren. Dat we in het links-groene land van Cocagne de schuldenberg links zullen laten liggen, terwijl we papaverpannenkoeken en sojashakes nuttigen op ons yogamatje. Het wordt ijdele hoop. Ik voorspel dat de natte droom Calvo eindigt in een koude douche voor Lachaert en zijn elfjes.

België is een bananenrepubliek die mij steeds vaker ergert en boos maakt. Lang was ik een stilzwijgend politiek observator, maar nu grijp ik naar de pen. Vrijgevochten schrijfster van opiniestukken met scherpe satirische inslag.

Commentaren en reacties