De reis rond de wereld in 80 corona’s

Charles A. Lindbergh,

Wat niet meer van het scorebord der wereldkampioenschappen geschrapt kan worden, is dat de corona-ellende de grootste pest is sinds het bestaan van de mensheid. En waaraan hebben we dat heuglijk feit te danken? Aan de luchtvaart. Had Charles Lindbergh dat geweten, hij had nooit de Atlantische oceaan in zijn Spirit-of-Sint-Louis overgestoken. Hij was rustig in Little Falls rondjes blijven vliegen en had om den brode luchtpostzakken van A naar B en van D naar A en van Z weer naar A vervoerd tot ver voorbij zijn pensioen.

De geweerkolf van Duitsland

Volgens tante Wiki was Lindbergh naast piloot uitvinder en schrijver. Dat geschrijf van hem was het papier niet waard. Algemeen wordt aangenomen, en voor één keer sluit Socrates et cetera zich bij de massa aan – zij het incognito, dat een veel betere schrijvende piloot Antoine de Saint-Exupéry was. In 1944 niet neergestort met zijn vliegtuig in zee, de grossier van vrouwen zou na de oorlog in aanmerking gekomen zijn voor de Nobelprijs Literatuur, volgehangen zijn met decoraties voor betoonde moed en door de knieën gezakt door de vele schouderklopjes van verzetslui.

Charles Lindbergh kwam voor de Nobelprijs niet in aanmerking. Hij was een fan van Adolf, de geweerkolf van Duitsland. Hitler vloog volgens de tante van mijn neef van de grootvader van de vriend van een stichtend lid van de Blaffen-SS niet graag. Veel liever verplaatste hij zich per auto of trein. Dolf was – zoals algemeen bekend – een groot promotor van een wagen voor het volk – ’t is te zeggen, het mannelijk gedeelte van de troep übermenschen.

Mijn vader was een Opelfan, tot hij een keer een Volkswagen kocht. Prachtwagen, daar niet van, maar de relatie met mijn verwekker is verstoord geweest tot hij eraan dacht een Ford te kopen. ‘Nee pa!’ zei ik, ‘een Ford voor de deur en ik kom niet eens binnen langs de achterdeur.’ Toen heeft hij van zijn hart een steen gemaakt en een Volvo gekocht.

Een miljoen bacteriën

Genoeg koetjes en kalfjes de revue laten passeren. Het is niet omdat het Paasweekend is dat gerommeld moet worden met deze rubriek, gewaardeerd door drie lezers en een halve analfabeet.
Rond de jaarwisseling was ondergetekende in Midden-Afrika. Met zowat alle vertegenwoordigers van de kasten van de bevolking gesproken. Onder meer met dokters. Een ervan was een kleurling, een afstammeling van de bekende Nederlandse patholoog-anatoom Jan Zeldenrust. Juwan, zoals zijn voornaam luidt, is werkzaam in de sectieruimte van een ziekenhuis, enkel toegankelijk voor blanken en gefortuneerde zwarten.

Hij voorspelde de coronacrises. ‘Er gaat wat gebeuren, een ramp die heel de wereld zal treffen, let op mijn woorden’ zei hij, gevaarlijk zwaaiend met in de rechterhand een scalpel en in de linkerhand een stethoscoop. En de reden is de luchtvaart. ‘In vliegtuigen worden bacteriën gekweekt aan de lopende band. Elke bezette stoel is goed voor een miljoen bacteriën. Een bacterie is een eencellig monster dat net als de Italiaanse Harlekijn acrobatisch en ondeugend is.’

Gewaarschuwd ben ik naar Gent weergekeerd in een gemotoriseerde kajak. Aan het roer een zwarte jongeman die zonder onderbreking Afrikaanse volksliederen zong. Aan de Korenmarkt de kade opgeklauterd heb ik mijn geliefden omhelsd en hen besmet.

Sneller dan Jezus

Want ja, beste beeldbuiskinderen allemaal, ondergetekende is verantwoordelijk voor de verspreiding van dit vervloekte micro-organisme. Het is aantoonbaar en ligt voor de hand. Kort na het afscheid nemen van volkszanger Youssef ben ik voor een week naar New York City gegaan, heb daar 25.000 stappen per dag gedaan, metro in metro uit, van het ene museum naar het andere theater en heb gesproken met naar schatting een paar duizend Amerikanen, geslaagden en minder geslaagden. Beulen met voorouders uit Keulen en joden zonder beloofde land. Je ziet wat het resultaat is. Ze krijgen de doden niet kwijt. Niet in de grond en niet aan de ovens.

Teruggekeerd met een duikboot van de Israëlische Mossad in de havenstad Antwerpen, heb ik wat bacteriën verspreid over Chinatown, de joodse buurt, de Margravewijk en de oorden waar de Nederlandstalige politici wonen. Door de grote mond van de Antwerpenaars heeft het virus zich vermenigvuldigd, sneller dan Jezus zijn volgelingen kon overtuigen dat water wijn is.

Drummen voor de camera

De grootste slachtoffers zijn niet zij die aan dit gifgas stierven. Het zijn de incompetente politici, en ik zal ze bij naam noemen, Wouter Beke, Hilde Crevits, Philippe De Backer en Bart Somers. Niet eens wetenschappers weten hoe corona eruit ziet. Hoe zouden zij het dan weten? Maar dat belet niet dat ze staan te drummen om voor de camera te verschijnen. Soms lijkt het wel of ze de microfoon willen opeten. Ze slaan maar wat uit, dwaasheid verdringt domheid, zo erg dat het zweet op hun aangezicht verschijnt en hun ogen bollen groter dan die van God, plotseling oog in oog staande met Etienne Vermeersch, en hij zei: ‘Jij bent God niet. Ik ben God, net zoals elke mens God is. Begrepen?!’

Elke dag worden de cijfers van het aantal gesneuvelden door de politici en de heren en dames wetenschappers kenbaar gemaakt. Socrates et cetera is een blauwe maandag-acteur geweest, maar ziet niet zo blauw om niet te weten dat hun stemhoogte afkomstig is uit hun auditieve hallucinaties. Bij het aantal doden gaat hun stem de dieperik in om bij heuglijk nieuws euforisch te worden.

Onzin

Voorbeeld: wanneer ze zeggen dat er opnieuw meer mensen dan de dag voordien de intensieve hebben mogen verlaten. Daarbij vergeten ze te zeggen dat ze niet hersteld zijn door hun toedoen, maar omdat er méér mensen gestorven zijn. Doden blijven nu niet langer dan nodig op de Intensieve Verzorging liggen. Die worden door de interne hogesnelheidstrein naar de kelder gevoerd. Wouter Beke, Philippe De Backer en hun verwante snullen staan te lullen om te verhullen dat ze nullen zijn. Denken dat de kijkers slikken wat ze ophikken.

En nu is het tijd voor een slotwoord.
Er zit veel onzin in wat hierboven staat. Ik weet het. Maar ik weet tevens dat in elke onzin waarheid zit en in elke waarheid onzin. Heb ik gelijk of heb ik gelijk?

Guido Lauwaert :Guido Lauwaert (1945) is organisator, regisseur, acteur, auteur, columnist, recensent voor o.a. Het Laatste Nieuws, NRC Handelsblad, Het Parool, VPRO-radio, Knack en Doorbraak. Hij richtte de Poëziewinkel op (later Poëziecentrum) en heeft een grote liefde voor Willem Elsschot en Paul van Ostaijen.