fbpx


Actualiteit
leopold

De smeltbare monarch

Wat overblijft is een plas water



Van alle Latijnse schrijvers die ik in het middelbaar op mijn bord kreeg — van de verfijnde hofdichter Horatius tot de brutale machtspoliticus Julius Caesar —, was er eentje mijn absolute favoriet: Ovidius, dichter van de Metamorfosen. Een aaneenrijging van mythologische verhalen waarin de verandering centraal staat. Zoals de nimf Daphne die, achtervolgd door Apollo, in een laurierboom verandert. In het laatste deel van zijn bundel geeft Ovidius een filosofische toelichting, waar hij een gedachte van de Griekse filosoof en wiskundige…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Van alle Latijnse schrijvers die ik in het middelbaar op mijn bord kreeg — van de verfijnde hofdichter Horatius tot de brutale machtspoliticus Julius Caesar —, was er eentje mijn absolute favoriet: Ovidius, dichter van de Metamorfosen. Een aaneenrijging van mythologische verhalen waarin de verandering centraal staat. Zoals de nimf Daphne die, achtervolgd door Apollo, in een laurierboom verandert.

In het laatste deel van zijn bundel geeft Ovidius een filosofische toelichting, waar hij een gedachte van de Griekse filosoof en wiskundige Pythagoras parafraseert: omnia mutantur, alles verandert, niets blijft wat het is. Een gedachte die we ook kennen van diens illustere tijdgenoot Herakleitos (Panta rei, ‘alles vloeit’).

Meteen stelt dat identiteit in een bijzonder perspectief: bent u dezelfde persoon als deze van gisteren, vorige maand, vorig jaar, tien jaar geleden? Hoe kijken we naar ons verleden, naar die Andere waaruit we gegroeid zijn maar ook afstand van hebben genomen? De kracht van het leven zit wellicht vooral in de mogelijkheid om met verandering om te gaan en niet te blijven wie men is. Vloeibare identiteit dus, de oude Grieken waren al postmodern.

Hoe gaan we dan met de geschiedenis om? Als een stabiele, statische kroniek van feiten en gebeurtenissen, waarin alles en iedereen een plaats heeft? Of als een veeldimensionele wervel waarvan we maar een fractie kunnen vatten, en waarvan dus ook elk beeld maar onvolkomen en subjectief is? En welk statuut heeft dan een standbeeld, een monument?

Rood rubber

leopoldJohan Sanctorum

Meteen zitten we bij Leopold II, wiens postuur nu met rode verf wordt beklad omdat er in Amerika een zwarte man stierf onder politiegeweld. Zie de absurde humor ervan in, Ovidius had ervan gesmuld. Even absurd is de oplossing die historicus-journalist Marc Reynebeau in een DS-podcast suggereert: laten we het beeld staan, mits het afhakken van een hand. Hoe triest is dat.

Het beeld dan toch maar neerhalen onder luid gejoel? Bedroevend dat designers, kunstenaars en patissiers niet wat meer verbeelding aan de dag leggen om het huidige debat wat lucht te geven, de beeldenstorm wat subtieler te maken. De figuur van Leopold II is wat ze is, maar wat we ermee doen is het resultaat van flexibiliteit, en neem dat woord letterlijk. Ik doe een paar suggesties.

Rubber was het spul waar het om draaide in Congo en dat Leopold II fortuinen heeft opgebracht. Van de vorst is ook bekend dat hij een onverzadigbare honger had naar vrouwelijk vlees, hoe jeugdiger hoe liever. Waarom niet van twee één maken en meteen een vorm van Wiedergutmachung industrieel produceren? Ik stel u voor: de rubberen Leopold van vorstelijk formaat, roterende kop, met tien versnellingen en bijgeleverde batterijen. Deze vrouwvriendelijke oplossing is misschien niet politiek correct maar wel historisch te verdedigen. En bovendien de beste tegenhanger van de al bestaande Prins Albert-penisring.

Andere mogelijkheden tot deconstructie: de eetbare Leopold van chocolade( zwarte en witte), eventueel een replica op ware grootte van het Oostendse reuzenstandbeeld; de onzichtbare Leopold, waarbij het monument wordt ingepakt à la Christo; de ecologische Leopold, in feite een tuinkabouter bestaande uit samengeperste organische mest die langzaam oplost; en niet te vergeten: de smeltbare Leopold.

Dat idee van een ijssculptuur is een zeldzame artistieke poging om het Leopoldbeeld te doen verdwijnen zonder het zelf te hoeven vernietigen. Het idee is uitgewerkt door een kunstenares van Rwandese komaf, Laura Nsengiyumva. Door het monument traag te laten afsmelten symboliseert ze het vergeten als een positieve daad, met de tijd als omgekeerde beeldhouwer. Wat overblijft van de monarch is een plas water, waarna de poetsvrouw de plek kan droog dweilen. Daar kunnen de beeldenstormers en racismebestrijders nog wat van leren. Ze stelde het Africa­Museum in Tervuren haar project voor: helaas, de directie was niet geïnteresseerd in deze vloeibare visie op de geschiedenis.

Oorden van verschrikking

We kunnen standbeelden neerhalen en de geschiedenisboeken herschrijven, maar dat blijven verdringingsfenomenen, door massahysterie gevoed of door nieuwe machthebbers opgelegd. Metamorfosen anderzijds wijzen op een speelse, ironische omgang met het verleden waardoor demonen oplossen en trauma’s helen, zonder dat amputatie vereist is.

leopoldWikimedia Commons

Er zijn de monumenten, verbonden aan een personencultus in een patriottistische context. Maar er zijn ook verschrikkelijke plekken, relicten van een collectieve nachtmerrie. Wat ons toch weer bij de afgehakte handjes brengt. En ook hier zou men kunnen pleiten voor vloeibaarheid en een ironische benadering, een vorm van speelsheid die de plek gelaagd maakt en de nachtmerrie oplost.

Het huis van Marc Dutroux in Marcinelle is zo’n plek waarvan de bestemming al jaren een voorwerp van debat is. Het is helemaal beschilderd, men gaat het nu afbreken, maar dat is een zwaktebod. Ik had er een jeugdhuis of een kinderdagverblijf van gemaakt, of desnoods een hulp- en zorgcentrum. Vooral géén museum, want dat houdt de depressie in stand.

Auschwitz is nog van een andere orde, en nu weet ik dat alle Joden gaan steigeren, maar zelfs hier zou conceptuele creativiteit het obsessionele spookbeeld van het verleden kunnen doen wegdeemsteren. Van het concentratiekamp zou ik een attractiepark of een sportcomplex maken, van het geboortehuis van Hitler, ook een plek waar niemand raad mee weet , misschien zelfs een seksshop of een bordeel. Herinneringsplaketten, ok, maar maak er geen tot de eeuwigheid veroordeelde bedevaartsoorden van.

De depressieve sfeer die nog jaren, zelfs decennia over plekken van de nachtmerrie hangt, maakt het geheugen tot permanente bron van lijden. Iedere keer herdenken, iedere keer opnieuw beleven. Bij individuen leidt die blijvende herinnering soms tot waanzin of zelfmoord, bij groepen of volken kan het de basis worden van martelaarsretoriek of zelfs een met alle middelen gevoerde perceptie-oorlog (de ‘Holocaustindustrie’). Het slachtofferdom wordt geïnstitutionaliseerd, de taboes tieren welig, zie ook de soap rond de Mechelse Dossinkazerne.

Op een zeker moment wordt de herdenking drukkend en obsessioneel. Soms is het beter om te vergeten, of aan het tragische verhaal een speelse epiloog toe te voegen, anders blijven we in de ban van het tragische en dat is biologisch onverantwoord maar ook cultureel verlammend.

Tenslotte zijn monumenten niet meer van deze tijd. De 19de eeuw was er dol op, maar voor ons zijn het bizarre ijssculpturen die niet eens kunnen smelten. We zien ze, maar we staan er niet bij stil, het zijn groteske obstakels in de publieke ruimte. In de 21ste eeuw wordt alles (weer) vloeibaar. Dat heeft ook gevolgen voor onze beleving van existentie en identiteit, én onze visie op het verleden. Dankzij het internet en de digitale communicatie leren we mentaal snel schakelen en is de overgang interessanter dan het ding of de figuur op zich. Dat een 2000 jaar oude Romeinse dichter al met dat idee speelde, bewijst dan toch weer de duurzaamheid van waardevolle inzichten.

Johan Sanctorum

Johan Sanctorum is filosoof, publicist, blogger en Doorbraak-columnist.