Actualiteit, Communautair

De stille macht van het cdH

Alles leek behoorlijk vlotjes te gaan voor informateur De Wever. Gesterkt door een stevig akkoord met de CD&V op Vlaams niveau, besprak de voorzitter van de N-VA de mogelijkheden voor een centrumrechtse federale regering met zijn geprefereerde partners. Het zenuwachtige gekronkel en gewriemel bij de PS gaf nog meer de indruk dat ze op de goede weg zaten. Tot plots de Ardenese onverbiddelijkheid koeltjes toesloeg.

De commentaren gingen alle kanten op, van ‘in een democratie ben je toch vrij te kiezen’ tot ‘het cdH, dat zijn de échte separatisten’. Het valt in alle geval op dat een klein partijtje als de Franstalige christendemocraten alsnog zo’n grote invloed kan hebben én zich ook zoveel kan permitteren.

Want laten we wel wezen: als partijtje met 9 zetels in het federale parlement zomaar even de grootste partij van het land voetje lichten, daar heb je ballen voor nodig. Of toch op zijn minst iemand die je in de rug dekt. Goeie connecties, bijvoorbeeld… En die heeft de partij doorheen de jaren zeker opgebouwd.

Machtspartij
Na de affaire Dutroux en de dioxine-crisis in 1999, hangt de partij, die dan nog PSC (Parti Sociale Chrétien) heet, volledig knockout in de touwen. Joëlle Milquet wordt verkozen tot voorzitter en krijgt de zware opdracht om de partij weer op de sporen te zetten. Milquet laat een nieuw charter opstellen, de Charte de l’Humanisme démocratique, en leurt vervolgens een jaar lang langs alle lokale afdelingen met de aangepaste statuten. Uiteindelijk haalt ze haar slag thuis en worden de nieuwe statuten én de nieuwe naam goedgekeurd. Op 18 mei 2002 wordt Milquet de eerste voorzitter van de Centre Démocrate Humaniste. Sommige oud-PSC’ers vinden de nieuwe koers te links en scheuren zich af in een kleiner christendemocratisch partijtje dat echter al snel op zal gaan in de rechtsere, liberale MR.

Het aanhalen van de banden met de machtige PS kan beginnen, om zo de terugkeer naar de macht te verzekeren. Die macht is belangrijk, want de cdH, erfgenaam van de PSC, is geen oppositiepartij, maar een machtspartij. De belangen die erachter steken, zijn immers te groot. Kleppers uit het Waalse bedrijfsleven en de adel houden achter de schermen de touwtjes stevig in handen. De meest tot de verbeelding sprekende voorbeelden zijn Suez-topman Etienne Davignon en oud-kabinetschef van de koning Jacques Van Ypersele de Strihou. De tentakels van de cdH reiken dus veel verder dan de Wetstraat tot in de directiekantoren van de grote holdings en het koninklijke paleis. Davignon is zelfs voorzitter van het notoire clubje ‘wereldheersers’ van de Bilderbergconferenties.

De huidige voorzitter, Benoît Lutgen, kreeg de politieke microbe ongetwijfeld mee van zijn vader Guy Lutgen, oud-senator en oud-minister van de Waalse regering voor de PSC. Na een carrière bij multinational Unilever, zet Benoît eind jaren ’90 zijn eerste stappen in de politiek als zelfstandig communicatie-expert voor de PSC. Hij wordt secretaris-generaal in 2001 en werkt mee aan de hervorming van de partij tot cdH. Hoewel de Ardenees een bescheiden en rationele indruk maakt, schuwt hij de ambitieuze, soms megalomane projecten niet.  Een jaar geleden lanceerde hij de idee om een compleet nieuwe stad te bouwen in Wallonië, naar analogie met Louvain-la-Neuve veertig jaar eerder. ‘Er zullen 400.000 Walen meer zijn binnen 10 of 15 jaar’, aldus Lutgen. ‘Laten we een revolutionaire stad bouwen die vernieuwend is inzake menselijke banden, het samenleven tussen generaties, mobiliteit, en ook inzake materiële omstandigheden: energiebesparing, materialen, enzovoort.’

Dat ‘het pochet van de macht hem gestolen kan worden’, zoals Camps in een column in De Morgen stelt, is dus allerminst waar. Integendeel: met de steun van de PS en van de machtige lobbies, kan Lutgen in alle zekerheid zijn eisen stellen. En die eisen blijken niet min te zijn: meer Franstalige officieren in het leger, een versoepeling van de taalwetgeving in Brussel, het instellen van de fameuze hoofdstedelijke metropolitaine gemeenschap en de invoering van een federale kieskring. De vraag mag dus gesteld worden of het niet eerder de N-VA is die zich niet in de nota van de cdH kan vinden dan andersom.

Madame Non
De cdH zal, met andere woorden, haar vel duur verkopen, maar even snel dan weer bijdraaien van zodra de buit binnen lijkt. Milquet deed het bij de verkiezingen in 2007 al eens voor. Haar bijnaam ‘madame non’ kreeg ze omdat ze in de zo al moeilijke besprekingen over de zesde staatshervorming nee zei op zowat alle Vlaamse vragen en voorstellen. Ook zij eiste allerlei ‘garanties’ en wilde de overeenkomst tot in de kleinste details op papier zien alvorens haar definitieve antwoord te geven. Deze aanpak kreeg zelfs haar naam mee: Milquettisering. Ze maneuvreerde zichzelf en haar partij in de interim-regering van Verhofstadt en sleepte vervolgens de post van vice-premier en minsiter van Werk- Gelijke Kansen binnen in de uiteindelijke regering Leterme.

Er mag dus al gesteld worden dan de PS de plak zwaait bij onze zuiderburen, maar de ‘stille macht’ van de cdH mag toch in geen geval onderschat worden.

Foto © Reoprters

Tom Garcia

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Tom Garcia?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans