fbpx


Cultuur

De Vlaamse film: zonde van je tijd?

Het probleem met Close, Zillion en Rebel



Twee recente Vlaamse films, Close en Zillion, worden de hemel in geprezen. Terecht of onterecht? Zijn ze allebei wel zuiver op de graat?  Of het verschil tussen amorele en immorele cinema.

Close-up

Was de debuutfilm Girl van Lukas Dhont – over een jongen die een meisje wou zijn/worden – al controversieel, zijn jongste film Close (**, vanaf deze week in de bioscoop) – niet te verwarren met de film met dezelfde titel van Paul Collet uit 1993 – is dat nog veel meer.
Naar eigen zeggen baseerde Dhont het verhaal over het uiteenvallen van een vriendschap op ervaringen uit zijn eigen jeugd. Dan word je al vlug alles vergeven. Mag het wat meer zijn?

Op het eerste gezicht lijkt Close een evocatie van een jongensachtige, speelse kameraadschap annex een niet-seksuele relatie tussen Leo en Remi, twee jongens van dertien, de jaren van een ontluikende seksualiteit. Maar dan wordt het ernst. Op de eerste schooldag in het middelbaar onderwijs vragen de meisjes van de klas op de speelplaats of zij een koppel zijn. Leo ontkent: ‘We zijn als bijna broers!’ Remi zwijgt. Dat lijkt het breekpunt van een hechte vriendschapsrelatie. Of was er toch meer? Van dan af negeert Leo straal Remi – ondanks diens integere toenaderingspogingen – en steekt hij zich symbolisch weg in het harnas, in het pantser van een gedreven ijshockeyspeler. 

Na deze informatieve aanloop verandert Close in een tragisch verhaal van bewust negeren en … van zelfdoding. Remi’s zelfmoord komt ondanks zijn voelbare kwetsbaarheid heel onverwacht, maar wordt niet eens geduid! Zelfdoding als ultieme daad van opperste ontgoocheling? En moet je dat in een film niet heel kies en des te voorzichtiger aanbrengen? Hier dreigt het een faits divers te worden – het zomaar verdwijnen van iemand uit andermans leven – in plaats van een ingrijpende gebeurtenis in het nog prille leven van opgroeiende jongeren.
Close wordt dan een voyeuristische, sensationele kijk op rouwverwerking en schuld. De close-ups van Leo’s trieste maar gesloten gelaatsexpressie zijn echt niet te tellen. Wat voelt hij zich schuldig. Zoals in Girl toont Dhont een (wat misplaatste) obsessie voor lijden. In Girl fysiek, in Close is het mentaal. ‘Leven is lijden!’ Zo wist de Nederlandse chansonnier Robert Long al. Dat zit in Dhonts hoofd ingeprent.
Een gevoel van immense schuld rust loodzwaar op de jongen van dertien die Leo nog maar is. Met zijn uiteindelijke bekentenis aan Remi’s moeder valt er een pak van zijn hart: ‘Het is mijn schuld, ik heb hem weggeduwd!’ Meent hij dat echt? Of zegt Leo dat om zichzelf eindelijk van zijn schuldgevoel te verlossen? En om vergeving uit te lokken? Als toeschouwer blijf je in het ongewisse, want wat Remi dacht of voelde na de breuk komen we niet te weten. Geen sobere afscheidsbrief? Niks qua voorgevoel bij Remi’s moeder of vader? En zo is Close niet meer dan een emotionele, egocentrische trip. Dat komt ervan wanneer je louter uit jezelf vertrekt en je niet de minste moeite doet om je in de ander in te leven. Wat meer research was zeker op zijn plaats geweest.
Nu is Close een amorele film met een schrijnend tekort aan moreel besef.

Zonde

Ondanks zijn recordopkomst van 123000 toeschouwers in de eerste week – alle uitgekochte evenementen en avant-premières inclusief welteverstaan – is Zillion van Robin Pront (*, momenteel in diverse zalen) een immorele film. En dat niet alleen omdat  een recidive belastingontduiker en een verkrachter van minderjarigen als hoofdpersonages worden opgevoerd. De makers doen er alles aan om het tweetal – in se aandachtsgeile, onuitstaanbare eikels – ook nog eens enigszins sympathiek voor te stellen. Van hen slachtoffers te maken van het systeem!
Verstraeten, de ‘kleine van Meise’ die vanuit een minderwaardigheidscomplex en puur uit grootheidswaanzin met veel poen en met medewerking van het Antwerpse stadsbestuur in de jaren ‘90 een megadancing kon beginnen. Een pleisterplek waar alles kon qua seks en drugs en waar muziek (!) of dansen alleen maar een alibi was. Is het succes van deze doodbrave schandaalfilm te wijten aan het feit dat de doorsnee Vlaming wel sympathie voelt voor de kleine zelfstandige die belastingen weet te ontduiken? Feit is dat Matteo Simoni als de onvermijdelijke Dennis Black Magic de pannen van het dak speelt in een mondaine, swingende en kleurrijke orgie van geweld waarin zowat iedereen iedereen verraadt.
Zillion legt eens te meer de pijnpunten van de Vlaamse film bloot: geen uit-, laat staan afgewerkte (vrouwelijke) personages – Zillion etaleert een misprijzen voor vrouwen (in het uitgaansleven) – in combinatie met een anekdotische, weinig doordachte verhaallijn waarbij je niet al te veel moet nadenken maar wel met een zwierige, meeslepende emballage. Dat zeker. De moraal van het verhaal? Er is nog veel werk aan de winkel. Niet alleen in het verhaaltechnische departement maar ook qua moraliteit. Moraal als geheel van ideeën over goed en slecht.

Rebel

Tegenover het succes van Zillion staan de tegenvallende cijfers van Rebel van El Arbi en Billal Fallah. Kwam de Marokkaanse gemeenschap nog naar hun vorige Belgische film Black, naar Rebel komen ze niet meer. Ligt het onderwerp misschien wat gevoelig? Waarom een Marokkaanse jongen uit Molenbeek om een veroordeling voor drugsbezit te ontlopen naar Syrië trekt, een land waar min of meer een burgeroorlog woedt op dat moment, anno 2014, en daar bij de terreurgroep IS/Daesh belandt, is niet vanzelfsprekend. Van hem een (anti-)held maken was allicht te hoog gegrepen.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Freddy Sartor

Freddy Sartor (1952) is beroepsjournalist, oud-hoofdredacteur van de filmtijdschriften Cinemagie (ex-MediaFilm) en het maandblad Filmmagie, tot 2006 bekend als Film & Televisie.