fbpx


Actualiteit, Commentaar
racisme

De Vlaming is niet racistisch

Praktijktest of geen praktijktest


Terwijl de Backstreet Boys van de Wetstraat ons door de grootste naoorlogse crisis moeten loodsen, probeert links de hegemonie in de dorpsstraat te veroveren door praktijktesten op tafel te leggen. Praktijktesten zijn echter symptomatisch voor het progressieve geloof in het creëren van een paradijs op aarde. Een geloof dat altijd naar de hel leidt, wist de Oostenrijkse-Britse filosoof Karl Popper.

Testen, testen, testen

Het verhuren van woningen maakt voor veel verhuurders deel uit van hun pensioenopbouw. Huisbazen willen dus zekerheid van inkomsten. Ipso facto is het belangrijkste criterium om in aanmerking te komen voor een woning dus het inkomen van de kandidaat. In de praktijk zien we dat — en daar moeten we aan werken — de sociaaleconomische positie, door de band genomen, van allochtonen of personen van buitenlandse origine zwak is. Maar ook jonge autochtonen maken minder kans op een huurwoning of lening bij de bank. Het meebrengen van huisdieren of sigaretten doet je eveneens onderaan de lijst met kandidaten belanden. Ook nare ervaringen — zoals catcalling — kunnen ertoe leiden dat verhuurders liever niet aan personen met een buitenlandse afkomst verhuren.

Veralgemenen valt niet goed te praten, maar het is wel begrijpelijk. Het is een risicoanalyse van de huisbaas. Het is dan ook obsceen dat de progressieven nu de repressiekaart trekken en een zwarte lijst willen aanleggen van huisbazen die buizen voor een praktijktest. Dat is de wereld op zijn kop! Misschien is het een beter idee om een zwarte lijst aan te leggen met wanbetalers, een garantiefonds op te richten en de verhuurder meer handvaten te geven om tegen wanbetalers op te treden. Het is eerder om de poen dan om de huidskleur te doen.

De testen zijn tevens meer window dressing dan goed bestuur. De huurmarkt — en dit geldt evenzeer voor de arbeidsmarkt — zal wel een andere excuustruus vinden om niet te moeten verhuren. In Gent faalt kennelijk niemand nog voor de praktijktesten. Betekent dit dat daar de strijd tegen racisme gestreden is? Geenszins. Het betekent dat de verhuurders een omweg gebruiken. Misschien vervalt de huurmarkt wel in het circuit van de mond-aan-mondreclame. Als puntje bij paaltje komt kan de verhuurder nog steeds zijn huurder uitkiezen. En dat is maar logisch ook.

DNA

In Het DNA van Vlaanderen: Wat willen de Vlamingen écht? lezen we dat de sociale zekerheid bovenaan de lijst van bekommernissen prijkt. Is het dan racistisch om te vrezen dat het systeem waar generaties aan hebben bijgedragen ontoereikend zal worden als nieuwkomers — zonder ook maar één cent bij te dragen — meteen kunnen gebruikmaken van dat systeem? Is het onbegrijpelijk dat de Vlaming zich onveilig voelt als hij in de krant leest dat bijna de helft van de gevangenispopulatie uit allochtonen bestaat?

Obstinate racisten zal je er nooit uitkrijgen, maar het merendeel van argwaan is het gevolg van een mislukt migratie- en integratiebeleid. Extreemlinks en extreemrechts zijn dan ook — koele — minnaars in dit debat.  Ze voeden elkaars polarisering. Je bent of xenofoob of oikofoob. Als partijen een aporie aan de dag leggen met betrekking tot de thema’s die het volk aangeeft, dan kiest het volk voor de partij die er wel een speerpunt van maakt, hoe abject dat speerpunt ook is. Dat wijzen de peilingen ook uit. Het Vlaams Belang stabiliseert als grootste partij rond de 27 procent.

Identiteitspolitiek

Het is een universeel gegeven dat mensen aansluiting zoeken bij een groep waarmee ze kenmerken delen. De Duitse-joodse filosofe Hannah Arendt benoemt dat gegeven als de ‘sfeer van de samenleving’ waar ‘discriminatie’ geoorloofd is. Het wordt wél een probleem wanneer je niet meer uit je enclave geraakt. Deze universele eigenschap heeft echter niks met racisme te maken. Als ik het goed voorheb, betekent racisme dat je op basis van raciale stereotypen de suprematie van het ene ras ten opzichte van het andere wil aantonen. Tegenwoordig maakt men echter intentieprocessen en is het zogenaamd ‘latent racisme’ schering en inslag. Dan kom je tot klinkklare onzin zoals ‘zwarten kunnen niet racistisch zijn’.

Deze toegenomen identiteitspolitiek van links — Europa wil onze traditie van Zwarte Piet zelfs verbieden — vervalt in het rassendenken dat ze zegt te bestrijden. Het is het spiegelbeeld van de onderdrukking waar ze stelling tegen neemt. Het reduceert elke maatschappelijke uitdaging tot wij versus zij. Men heeft geen oog voor economische, maatschappelijke, historische en culturele factoren, en contingenties. De politieke en morele legitimiteit van een persoon wordt verbonden aan zijn of haar huidskleur. Het is een essentialistische benadering. Het is een neomarxistische visie op mens en maatschappij.

Activistische onverdraagzaamheid

Racisme zit helemaal niet ons in DNA, zoals de hoofdredacteur van Knack Bert Bultinck in 2018 beweerde. Dat is op zich al een racistische uitspraak. Er is racisme en daar moeten we aandacht aan schenken, maar tegelijkertijd leven we in één van de meest open en emancipatorische systemen die de mensheid ooit gekend heeft. Kunnen mensen vandaag verantwoordelijk gesteld worden voor wat generaties geleden gebeurde en moeten we mensen schadeloosstellen voor wat mensen eeuwen geleden overkwam? Natuurlijk niet. Laat dat boetekleed maar in de kast hangen.

Als de linkerzijde op politiek vlak nog iets wil beteken zou ze beter stoppen met de Vlaming een schuldgevoel aan te praten omdat hij graag naar Fawly Towers kijkt. Die zelfbeschuldigingscultuur en activistische onverdraagzaamheid maken het Vlaams Belang slapend rijk. Neen, je bent niet ‘moreel superieur’ omdat je een zwart vlak op Instagram deelt, en een selfie post waarbij je op een plein de coronamaatregelen aan je laars lapt, om voor de eigen parochie te preken.

Hoogmoed

Er is een wezenlijk verschil tussen een kleine groep die het hardste roept, en een maatschappelijk draagvlak. We behoren het racismedebat te voeren binnen de gemeenschap, in plaats van tussen de gemeenschappen. De strijd tegen racisme hoort bovendien te worden ingebed in een daadkrachtig integratiebeleid van inclusieve natievorming waar iedereen zijn deel neemt, én bijdraagt.

Het ongebreidelde geloof in de scheppende kracht van de wetgever leidt steevast tot onrechtvaardigheid. De politiek kan maar beter wat bescheidenheid aan de dag leggen. Als verkozen leiders tegen elkaar opbieden voor de volksgunst, zijn het vleiers in plaats van wetgevers, en werktuigen in plaats van gidsen, schreef Edmund Burke. Ik denk dat hij gelijk had.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Mathieu Cockhuyt

Mathieu Cockhuyt (1993) is master in de criminologie en bachelor in de sociale wetenschappen. Hij is voorzitter van Jong N-VA Gent, en schrijft essays en columns over politiek en filosofisch-culturele beschouwingen.