Actualiteit, Binnenland, Commentaar

Er is nood aan meer links Vlaams

De federale regering mag het communautaire thema dan al in de ijskast gestopt hebben, de deur blijkt niet zo goed te sluiten. Er zijn natuurlijk de usual suspects zoals het Vlaams Belang en de onvermoeibare Bart Maddens. Maar het Ontluisterende Ontslag van Karl Drabbe (daar zit zelfs een goeie titel in, die betrokkene in de toekomst nog kan uitgeven) maakte dat het Vlaamse thema plots ook in een veel bredere kring ter sprake kwam.

Voor het Vlaams Belang kwam de timing goed uit. Voorzitter Tom Van Grieken had pas nog zijn onverdroten vechtlust voor een onafhankelijk Vlaanderen tentoongespreid of er kon meteen ook gefulmineerd worden tegen het verfoeilijke politiek-correcte, Belgische establishment dat hen hun recht op vrije meningsuiting ontneemt door hun boeken te censureren. En deels niet eens onterecht, om heel eerlijk te zijn.

Bart Maddens, van zijn kant, doet gewoon verder zijn ding: zo vaak hij kan de Vlaamse onafhankelijkheid in beeld krijgen. Zijn naïeve idee om alle Vlaamsgezinde politici samen te brengen en de Vlaamse onafhankelijkheid uit te roepen, zal allicht meer aandacht krijgen dankzij de affaire-Drabbe. Wat op zich niet slecht is. Het enige jammere aan de kruistocht van Maddens is dat hij Vlaamse onafhankelijkheid als het doel op zich ziet. Terwijl het toch vooral van belang is hoe zo’n onafhankelijk Vlaanderen er dan moet uitzien. Wordt het een rechts-liberale natie, een Vlaamse doorslag van wat de regerende Vlaams-nationalisten nu mee van België aan het maken zijn? Of wordt het een samenleving waarin de mens centraal staat en niet de cijfers? Als Maddens zich dus afvraagt of de Vlaamsgezinde politici hun ideologische overtuiging niet even opzij kunnen zetten voor de Vlaamse zaak, raakt hij meteen de essentie van het probleem, namelijk dat de Vlaamsgezinde linkerzijde veel te zwak staat.

In Catalonië, dat Maddens als voorbeeld aanhaalt, liggen de zaken helemaal anders. Daar zijn links en rechts binnen het onafhankelijkheidskamp evenwichtiger vertegenwoordigd. Zij kunnen samen aan onafhankelijkheid werken, wetende dat ze klaar staan om daarna ook stevig te staan in de nieuwe constellatie. Met andere woorden: de dag dat in Vlaanderen een stevig links-flamingantische groep ontstaat, zou de droom van Maddens veel meer kans maken om werkelijkheid te worden.

Meer links Vlaams

De uitbouw van die groep linkse Vlaamsgezinden zou dus eigenlijk een prioriteit moeten zijn voor de Vlaamse Beweging, wil die nog enige groei bewerkstelligen. En dat brengt ons bij een interessant opiniestuk van Gie Goris, hoofdredacteur van MO*magazine, in De Morgen. Hij geeft in zijn besluit ook aan dat als de Vlaamse Beweging nog een toekomst wil, het dan zeker het systeem ‘op de juiste flank’ moet aanvallen, i.e. voor hem de rechtse, ‘neoliberale’.

In de rest van het opiniestuk geeft hij eigenlijk zonder het te weten aan waarom het zo moeilijk is om die Vlaamse linkerzijde de mobiliseren. Ongewild, ongetwijfeld, want het is wellicht niet Goris’ wens dat die linkerzijde gemobiliseerd wordt.

Hij stelt Vlaams-nationalisme op één lijn met een rechtse, ultraliberale politiek. Dat is, puur op perceptie, niet eens zo fout. Die politiek staat dan haaks op het Belgische systeem van sociale zekerheid en herverdeling. De Vlaamse strijd wordt zo teruggebracht tot een strijd van neoliberalen die via het nationalisme het via Belgische sociale strijd opgebouwde systeem willen afbreken.

Daar zitten echter een aantal denkfouten in (die hier overigens op mooie, technische wijze ontrafeld worden). Waar Gie Goris aan voorbij gaat, is dat ‘het sociale systeem’ niet per definitie ‘Belgisch’ is. Het werd in de loop der jaren inderdaad vormgegeven binnen het Belgische kader, maar sociale strijd kent geen grenzen. Sterker nog: ze zou liefst van al die grenzen doen verdwijnen. Internationalisme, heet dat. Dat betekent dus dat een systeem gebaseerd op solidariteit en sociale zekerheid binnen gelijk welke grenzen kan bestaan, ook Vlaamse.

Een tweede misvatting is dat wie Vlaamsgezind is, per definitie ook rechts en ultraliberaal is. Dat kan, zoals eerder aangegeven, wel de perceptie zijn, aangezien de Vlaamse rechterzijde bijzonder sterk staat en nu zelfs de grootste partij levert. Maar het is natuurlijk onzin. Waarom zou je gevoel van verbondenheid met een bepaalde gemeenschap meteen ook je politieke overtuiging bepalen? Er bestaat dus wel degelijk een Vlaamse linkse zijde, alleen wordt ze niet gestimuleerd en is ze niet georganiseerd.

Nochtans zouden zowel de Vlaamse als de linkerzijde er wel bij varen. Voor de eersten zou het een verbreding van hun draagvlak betekenen. Mensen die zich wel Vlaams voelen, maar zich totaal niet kunnen vinden in de rechtse koers die het Vlaams-nationalisme nu beheerst, hebben nu geen alternatief. En de linkerzijde moet met lede ogen toezien hoe de rechterflank zich lustig versterkt met een horde nationalisten, die zelfs bereid zijn hun nationalisme voor vijf jaar in de ijskast te stoppen om eerst ‘sociaaleconomische hervormingen’ door te voeren. Aangezien voor links grenzen er eigenlijk toch niet toe doen, zou het dus niet zo onverstandig zijn om zich niet vast te rijden in het nationalistische verhaal en een gemotiveerde bondgenoot te vinden op het sociaaleconomische.

De conclusie ligt dus voor de hand: er is nood aan meer links Vlaams.

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans