‘Erken de consensus van het IPCC en ik stop om u klimaatontkenner te noemen’

Klimaatbetoging 15 april in Londen.

Het is  niet wat u niet weet, dat u in de problemen kan brengen, maar wel wat u absoluut zeker weet, dat dan achteraf toch fout blijkt te zijn. (Mark Twain)

Zowel in mijn aangenaam gesprek onlangs met Simon Demeulemeester voor Knack, als het interview dat onze hoofdredacteur Pieter Bauwens in datzelfde blad had met Peter Casteels, komen steeds dezelfde opmerkingen terug. Mijn bronnen zouden niet deugen. Volgens deze journalisten althans, die dan blind lijken te varen op bronnen zoals Joris Meys (bioloog) Mathias Bienstman (filosoof en econoom), Maarten Boudry (filosoof) of Manuel Sintubin (professor geodynamics KU Leuven). Geen van hen heeft wetenschappelijke publicaties of citaties over klimaatwetenschap op hun actief. Net zoals ondergetekende.

Wat zijn dan geloofwaardige bronnen, wie bepaalt dat? Deze betrouwbare mensen (aldus Knack) citeren vaak uit o.a IPCC (International Panel on Climate Change) rapporten als de beste en meest betrouwbare bron volgens hen. Ook het ‘97% van de wetenschappers is het eens’-argument wordt vaak gebruikt.

Maar is het IPCC wel een betrouwbare objectieve bron, klopt de 97% stelling wel en vooral hebben deze mensen meer recht van spreken wanneer het over het klimaatdebat gaat? Of zijn dit gewoon IYI (Intellectual yet idiot), zoals de bruut en klimaatalarmistNassim Nicholas Taleb ze zo brutaal omschrijft. Academici en hoogopgeleiden zonder skin in the game, die zeggen hoe u moet leven, eten, denken en stemmen? Er is zoveel onzekerheid zegt hij, misschien is dat IPCC wel ‘Full of crap’?

Wetenschapsontkenners

Voor Maarten Boudry staat het niet erkennen van de consensus van het IPCC, gelijk aan klimaatontkennen. ‘Erken de consensus van het IPCC en ik stop om u klimaatontkenner’ te noemen”, zo tweette hij mij. Eindelijk een defintie van de ‘“klimaatontkenner’! Taleb is voor Boudry alvast ook een klimaatontkenner, volgens die definitie.

Advertentie

Meer beschaafdheid in het debat is echter nog niet voor meteen. Zo tweette Manuel Sintubin onlangs nog, dat ‘klimaatontkenner’ zelfs een nog te vriendelijk woord is, het moet ‘wetenschapsontkenner’ zijn, volgens hem. Nee, verbindend is dat allemaal niet. Sceptische wetenschappers zullen nogal schrikken dat ze wetenschapsontkenners zijn.

Gekwalificeerde wetenschappers zoals Kees De Lange, Fred Udo, Kees Le Pair, Hans Labohm, Dick Thoenes, Kees De Groot en Marinus Winnink, zijn plots, na een lange wetenschappelijke carrière en duizenden publicaties dus wetenschapsontkenners. Emiel Van BroekhovenFerdinand MeeusRob LemeireGerard BodifeéJean MeeusLuc Nagels  De rist Noorse wetenschappers die het IPCC en de 97% op de korrel nemen… Nobelprijswinnaar Ivar Giaever en 16 andere topwetenschappers, allemaal klimaat- en wetenschapsontkenners, aldus Maarten Boudry en Sintubin.

Doemverhalen

Klimaatwetenschapper Richard Lindzen van het MIT in Boston, 19.738 citaties en meer dan 200 wetenschappelijke publicaties, schreef het vorig jaar al: veel hoogopgeleide mensen en de zelfverklaarde elite zijn erg ontvankelijk voor de klimaatdoemverhalen zo zegt hij, maar mensen met gezond boerenverstand, die krijg je niet zo snel gek gemaakt. Die zeggen wat ze zien en ze zien geen enkele voorspelde doem uitkomen.

Hoogopgeleide mensen zijn opgeleid in een systeem waar succes is gebaseerd op hun vermogen om hun professor(en) te plezieren. Met andere woorden, ze zijn geconditioneerd om alles te rationaliseren. Hoewel ze kwetsbaar zijn voor die valse verhalen, zijn ze veel minder economisch  kwetsbaar dan gewone mensen. Ze geloven dat ze rijk genoeg zijn om de economische pijn van het voorgestelde beleid te weerstaan, en ze zijn vaak slim genoeg om er zelf van te profiteren. Het is moeilijk om mensen iets te doen begrijpen, wanneer hun salaris afhangt van het feit dat niet te begrijpen.

Het verhaal is triviaal en eenvoudig genoeg voor de zelfverklaarde elite om eindelijk te denken dat ze wetenschap ‘begrijpen’. Fossiel is slecht, CO2 is slecht, nucleair heeft afval en zie Tsjernobyl eens, hernieuwbare energie is goed enzovoort Het staat chique op een feestje of in het elitaire gezelschap om te zeggen ‘ik geloof in de wetenschap’. Maar u mag daar vooral uit afleiden, dat ze eigenlijk zeggen: ik heb een diploma in humane wetenschappen, of ik ben artiest of — godbetert — een BV.

Voor veel politici van de rechterzijde zorgt de noodzaak om als intelligent te worden beschouwd ervoor dat zij vrezen dat het verzet tegen iets dat als ‘wetenschappelijk’ wordt beschouwd, ertoe kan leiden dat zij als onwetend worden aanzien. Deze angst overweldigt hun ideologische verplichting om voor die vrijheid van  die andere mening op te komen. Geen van deze factoren is van toepassing op ‘gewone’ mensen, die helemaal niets geven om de mening van die elite. Dit is misschien wel het sterkste argument voor de volksdemocratie en tegen het leiderschap van de experten die het ‘het beste weten’. Aldus nog Richard Lindzen.

Exit hun aureool als enige betrouwbare en objectieve bron.

IPCC

Het Intergovernmental Panell on Climate Change) is een politieke organisatie opgericht in 1988. Eén van de bezielers achter de oprichting was Maurice Strong. In een eerder artikel, de duistere kanten van de klimaatkerk, kunnen lezers ontdekken wie deze zelfverklaarde ‘socialist met kapitalistische methodes’ was. U zou hem uw portefeuille niet hebben toevertrouwd, zoveel is zeker. Verder kan u er ook informatie vinden over de verregaande corruptie binnen deze VN-organisatie(s) Het is werkelijk hallucinant.

Van in het begin lag  bij het IPCC de nadruk op de menselijke CO2-uitstoot. Het doel om binnen de 2°C opwarming te blijven werd al in 1995 ingeschreven. En daar kwam géén wetenschap aan te pas.

Vanwaar kwam die doelstelling bij het IPCC terecht? Dat wordt schrikken voor de atheïsten die wel heilig geloven in de klimaatreligie en zweren bij ‘de wetenschap’. De inspiratie kwam namelijk uit de Bijbel. Angela Merkel was toen minister van Milieu en elf Duitse hoogleraren schreven een rapport waarin de 2°C-doelstelling werd ingeschreven. Dat was nodig  om ‘de schepping te waarborgen’. Het staat er écht zo in. Een belangrijk lid van de commissie was streng katholiek, vandaar.

Advertentie

Dat weetje stuurde klimaateconoom en IPCC-reviewer Richard Tol de wereld in. Tol weigerde als klimaateconoom en reviewer voor het IPCC het laatste rapport (AR5) te ondertekenen. Te alarmistisch in zijn opinie. Tol heeft 35.345 citaties over klimaat. Ondeugdelijke bron, ongetwijfeld!

Dat rapport, waarin staat dat we de schepping moeten bewaren, is dan via de Duitse regering, naar Europa en vandaar naar VN en het IPCC meegenomen, aldus nog Tol. Later is er onder druk van de milieuorganisaties naar 1,5°c bijgesteld in Parijs (2015, cop21).

De Canadese onderzoeksjournaliste Donna Laframboise onderzocht in 2010 de werking van het IPCC. Haar boek The Delinquent Teenager Who Was Mistaken for the World’s Top Climate Expert is verbazingwekkend. Laframboises goede indruk over die gereputeerde organisatie verschrompelde als sneeuw voor de zon. Het bleek allemaal lucht, intimidatie en corruptie te zijn, het zichzelf opblazen als de kikker uit het sprookje, tot hij ontploft.

Het IPCC gebruikt in (AR4 rapport) maar liefst 6.000 niet-wetenschappelijke referenties van de 18.000 die er in dat rapport staan. Het zijn vaak Greenpeace en WWF-pamfletten, persartikelen, thesissen van studenten die nooit voordien wetenschappelijk publiceerden. Zo schreef bijvoorbeeld de piepjonge student en ex-personeelslid van greenpeace Richard Klein al op 24-jarige leeftijd mee aan volledige hoofdstukken. Maar de best mogelijke laatste wetenschappelijke inzichten zijn het zeker en vast niet.

Integendeel zelfs; kritische stemmen worden actief geweerd of genegeerd. Zoals IPCC-reviewer McIntyre mocht ondervinden. Toen hij in 2005 vroeg om data te kunnen verifiëren werd hij door Susan Solomon (co-voorzitter IPCC-rapport) bedreigd met uitsluiting. Hij wou nakijken hoe het IPCC aan data kwam van een studie die nog niet gepubliceerd was. Het IPCC, en de auteurs weigerden hem die te geven. De auteur van de studie ‘“Rosanne D’ariggo’ verklaarde later ‘you have to pick cherries to make a cherry pie’.

In de kern van het IPCC, ja in het hart van de organisatie schrijven personeelsleden van Greenpeace, WWF en andere groene groeperingen dus lustig mee aan de hoofdstukken. Onder meer Richard MossBill Hare en Jennifer Morgan  krijgen zo een vrijgeleide om hun vooringenomen houding tegen menselijk CO2 zonder tegenspraak in IPCC-rapporten te zetten.

Rechter én partij

Dit is rechter en partij tegelijktertijd zijn. Hoe is dit mogelijk en vooral hoe is het mogelijk dat niet één journalist het tot dan toe had onderzocht?

Uiteraard mogen we het Climategate schandaal uit 2009 niet vergeten. De betrouwbare bronnen gingen toen zover dat ze data manipuleerden en trucjes gebruikten, en dit alles met als doel de bevolking te misleiden. Berkeley-professor en klimaatalarmist Muller was razend. Nooit zou hij nog een studie van deze auteurs serieus nemen en lezen. Voor klimaatwetenschapster Judith Curry (19.104 citaties over klimaat) was dit het schandaal dat de schellen van haar ogen deed vallen. Sindsdien is ook zij dus een klimaatontkenner en verstoten door de stam van de alarmistische consensus wetenschappers.

In 2010 kwam dan het schandaal van de verdwenen Himalayagletsjers bovenop. Voorzitter Pachauri (een treiningenieur) noemde iedereen die het Himalaya-doemverhaal in twijfel trok ‘voodoo wetenschappers’. Aan arrogantie is er nooit gebrek bij deze over het paard getilde organisatie.

De huidige voorzitter Hoesung Lee is een econoom die zijn carrière startte bij Exxonmobile. Ik ruik een samenzwering (sarcasme hier). Want in een proces tegen de oliemaatschappijen vorig jaar in San Francisco, schaarden de oliemaatschappijen zich achter het IPCC-standpunt. De klimaatgelovigen vielen daarop het IPCC aan, de data en de rapporten waren achterhaald, volgens hen. Rechter Alsup (Democraat, benoemd door Clinton) veegde de alarmisten de mantel uit en hun ridicule klacht werd naar de vuilnisemmer verwezen.

Advertentie

Exit het IPCC als geloofwaardige objectieve bron.

97% schurken

Het 97% consensus-argument is gewoon fout en dient een politieke ideologie en niet de wetenschap.

In 2003 schreef bestseller auteur en Harvard M.D  Michael Chrichton het volgende over het consensus argument: ‘Ik beschouw consensuswetenschap als een uiterst schadelijke ontwikkeling die we onmiddellijk moeten stoppen. Historisch gezien was de claim van consensus het eerste toevluchtsoord van schurken; het is een manier om discussies te vermijden door te beweren dat de zaak al is geregeld. Telkens wanneer je hoort dat er een  consensus van wetenschappers is, die het eens zijn over iets of iemand, grijp naar je portemonnee, omdat ze daar gaan inzitten. Laten we duidelijk zijn: het werk van de wetenschap heeft niets te maken met consensus. Consensus is politiek. Wetenschap daarentegen heeft slechts één onderzoeker nodig die toevallig gelijk heeft, wat betekent dat hij of zij resultaten heeft die verifieerbaar zijn aan de hand van de echte wereld. In de wetenschap is consensus irrelevant. Wat relevant is, zijn reproduceerbare resultaten. De grootste wetenschappers in de geschiedenis zijn geweldig juist omdat ze braken met de consensus. Er bestaat niet zoiets als consensuswetenschap. Als het consensus is, is het geen wetenschap. Als het wetenschap is, is het geen consensus. Punt”

Einstein werkte bijvoorbeeld als klerk toen hij in zijn wonderjaar 1905 zijn e=MC2 publiceerde. Pas in 1913 kreeg hij een baan aan een universiteit. Andere voorbeelden van wetenschappers die de consensus doorbraken: Galileo, Newton, Semmelweis, Wegener, Darwin etc. Over eugenetica daarentegen bestond wel enorm veel consensus een eeuw geleden.

Het 97%-argument is dus vals: er is geen 97% consensus. Of zoals professor Ross McKitrick het stelt: Putting the ‘con’ in consensus: er is niet alleen geen 97% consensus onder wetenschappers, velen begrijpen de kern van de zaak niet eens. Ook hij komt tot de conclusie dat dit 97%-argument er alleen toe dient om elk debat in de kiem te smoren en sceptici weg te zetten als een kleine groep halvegaren.  Of zoals filosoof en auteur van het schitterende boek The Moral Case for Fossil Fuels Alex Epstein het schrijft: de stelling “97% van de wetenschappers zijn het eens, is gewoon fout.’

Een rondvraag bij de AMS (American Meteorological Society) waarin slechts 52% van de 1852 respondenten zeggen dat de mens de grootste invloed is voor klimaatverandering, helpt natuurlijk niet aan het ‘we gaan allemaal dood en er is consensus over’-verhaal. Er zitten daar 48% klimaat- en wetenschapsontkenners bij die meterologen in de VS.

Bewijzen op tafel

Het motto van de Royal Society is ‘Nullius in verba’. Misschien wordt het tijd dat Boudry en de andere klimaatalarmisten eens met feiten, cijfers, bewijzen en experimentele data afkomen in plaats van grote holle woorden, nietszeggende Twitter-draadjes voor de achterban der gelijkgezinde bühne en/of grafiekjes en autoriteitsargumenten. Wat ook Greenpeace-medestichter, ecologist en wetenschapper Patrick Moore zegt: er is bewijs genoeg dat menselijk co2 het klimaat niet beïnvloedt.

‘In jullie brief trekken jullie resoluut de kaart van de wetenschap,’ schrijft Maarten Boudry aan de klimaatspijbelaars. Waarop wacht hij om dit zelf ook te doen?

Exit het 97% consensus verhaal.

Ook na het lezen van deze tekst zullen bovengenoemde bronnen het woord ‘klimaatontkenner’ blijven gebruiken. Ze hebben dat woord nodig om hun loyaliteit en tribale identiteit te demonstreren en te bewijzen tegenover de sociale groep waartoe ze behoren. Het is het perfecte voorbeeld van het consensusargument dat helemaal fout loopt. In hun geval is het om aan hun publiek te vertellen dat ze letterlijk zijn geboren en getogen en/of vertoeven in de juiste sociale groep, de groep die zich beroept op de juiste wetenschap en die zich dus onderscheiden van die groep van de obscure wetenschapsontkenners. Ook al zijn ze het soms voor 99% met elkaar eens.

Jan Jacobs :Jan Jacobs is journalist, generalist en serieel ondernemer. Kortom 'Jack of all trades, master of none'. Bezeten om alles te weten over klimaat- en energiepolitiek, omdat dit het belangrijkste politiek feit van de voorbije 15 jaar is en dat voor de volgende generaties welvaart bepalend zal blijken.