fbpx


Europa
Donald de Vinck

EU: sputterend en haperend vooruit

Eurofielen én eurocritici doen aan stemmingmakerij over werk EU tijdens coronacrisis


EU

Op donderdag 23 april bereikten de staats- en regeringsleiders van de Europese Unie (EU) onder leiding van Frans handpoppetje Michel een akkoord… om een akkoord te bereiken. De hete aardappel werd namelijk doorgeschoven naar de Europese Commissie, die de opdracht kreeg om zo snel mogelijk een voorstel te doen voor een economisch herstelfonds voor de Unie. En zo lijkt het olijk clubje van intussen 27 dikke vrienden wederom verzeild in besluitloosheid en verdeeldheid. Maar niets is wat het lijkt.

Gebrek aan bevoegdheid

Op het eerste gezicht maakt de EU geen al te goede beurt tijdens deze coronacrisis. Bij de pandemische uitbraak van het coronavirus besloten de lidstaten halsoverkop om hun grenzen te sluiten. Meer dan 25 jaar Europese integratie werd daarmee weggeveegd. En dat op de verjaardag van het Schengenverdrag. Terloops verboden ze ook de uitvoer van mondmaskers naar andere lidstaten, want wee de Frans-Europese medeburger die een masker van Duitse makelij draagt. En de EU? Die stond erbij en keek ernaar.

Toegegeven, de bevoegdheden van de EU op het vlak van volksgezondheid zijn beperkt. En wanneer er dan net in dat domein een crisis van ongeziene schaal uitbreekt, zijn het de lidstaten die het voor het zeggen willen hebben. In die zin is goedkope kritiek op een gebrek aan actie vanuit het Schumanplein gratuit en feitelijk onterecht. Zoals zo vaak in crisissen in de EU zijn het de lidstaten die de besluitvorming op Europees niveau blokkeren.

…dus: méér Europa

In elke crisis leidt die vaststelling steevast tot dezelfde conclusie in de zogenaamde ‘eurobubbel’ in Brussel: eurobelievers en consoorten, met de inmiddels tot de zesde rij van het Europees Parlement verbannen Verhofstadt voorop, roepen om méér Europa. Ten tijde van de bankencrisis was het een volwaardige bankenunie, ten tijde van de vluchtelingencrisis een volwaardige grens- en kustwacht voor de Unie, ten tijde van de terrorismevlaag een CIA en FBI naar Amerikaans model. En ten tijde van de coronacrisis is het een zo groot mogelijke bevoegdheidsoverdracht van de lidstaten naar de Unie op vlak van gezondheidszorg, met de oprichting van een volwaardig EU-Volksgezondheidsagentschap als kroonjuweel.

Het idee van meer Europa op het vlak van volksgezondheid heeft zeker merites. Het poolen van Europese middelen om samen op de wereldmarkt te dingen naar mondmaskers en ander beschermend materiaal is in de 21ste eeuw de logica zelve. En het coördineren van het economisch herstel van de Unie om een verregaande fragmentatie van de interne markt te vermijden, is dat ook. Een gemeenschappelijke manier om overlijdens te tellen is in diezelfde zin ook aangeraden — al was het maar om het vernederende schouwspel van de Belgische variant van The Muppet Show met Van Ranst als Kermit en Wilmès als Fozzie te beëindigen.

Denkfout en politiek realisme

Maar toch maken de brullende eurofielen telkens weer eenzelfde denkfout. Ze veronderstellen immers steeds dat het overhevelen van bevoegdheden naar het Europese niveau de onenigheid die tussen lidstaten bestaat, zal doen verdwijnen. En daar ontbreekt het hen net aan politiek realisme.

Ze gaan er bijvoorbeeld vanuit dat wanneer de Unie bevoegd zou zijn voor het buitenlands beleid van de lidstaten, Italië, Polen en de Baltische staten het plots wél eens zouden raken over een gemeenschappelijke houding tegenover Rusland. Of ze geloven nu dat een gezamenlijk sturen van de lockdownmaatregelen de diepe verdeeldheid over een economische heropstart met uiteenlopende nationale belangen zal opheffen. Of denk je echt dat een Griekse hoteluitbater even begaan is met het doorgaan van Tour de France — hét symbool van Franse nationale trots — als een Franse chauvinist met het vakantieseizoen aan de Atheense Rivièra?

Wie is hier de eurocriticus?

Die denkfout kan mijns inziens worden toegeschreven aan intellectuele luiheid. En aan politiek opportunisme. Ongenuanceerd geschreeuw voor immer méér Europa is net zo gratuit als het tegendeel, het platte, populistische euroscepticisme. Zeggen dat méér Europa de oplossing is voor elke crisis, is net zo verkeerd als stellen dat Europa de oorzaak is van elke crisis. Maar het verkoopt natuurlijk goed.

Dit eurofiele — maar ook eurosceptische — geblaat negeert het immense arsenaal aan middelen waarover de EU reeds beschikt. En waarvan ze ook gretig gebruik maakt. Zoals steeds ligt de waarheid ook hier in het midden.

Op vlak van crisiscoördinatie is er al heel wat dat de Unie kan doen. En doet. Gemeenschappelijke aanbestedingen zijn reeds een feit. Crisiscoördinatie is reeds een realiteit. Maar jammer genoeg gebeurt dit zonder toeters en bellen zoals bij de Chinese coronadiplomatie. De Europese samenwerking verloopt hier in alle stilte.

Een stilte die oorverdovend kan zijn door het geroep van beide kanten, van de eurofielen en van de eurocritici. Hun argumenten en boodschap verschillen, maar de gevolgen ervan zijn identiek: stemmingmakerij bij de bevolking over het vele goede werk dat de EU nu reeds verricht in antwoord op de coronacrisis. Verbetering is mogelijk. En kritiek dus terecht. Maar enkel met nuance en evenwicht, want dat is dé essentie van het Europese project: veelzijdigheid en complexiteit, diversiteit en gelaagdheid.

En het is aan die essentie dat de grootste roepers voorbijgaan. Ze herleiden de EU tot een simpele tegenstelling tussen een federale eenheid aan de ene kant en een onoverbrugbare verdeeldheid aan de andere. Die tweespalt miskent de ingewikkeldheid van de realiteit. De EU werkt wel degelijk. De motor sputtert en hapert bij momenten, maar de koers is steeds vooruit. Zonder institutionele big bang. Met kleine stapjes weliswaar. Maar vooruit.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Donald de Vinck

Donald de Vinck (1996) is master in het internationaal en Europees recht en professioneel actief als deeltijds praktijkassistent internationaal recht aan de KU Leuven. Verder is hij werkzaam al stagiair in het Europees Parlement bij de fractie waartoe N-VA behoort, de Europese Conservatieven en Hervormers. Hij is ook bestuurslid bij Jong N-VA Antwerpen.