fbpx


Actualiteit
Europadag

Europadag, feest van dubbelzinnig euronationalisme

Eurofiele anti-nationalisten vertonen opmerkelijk veel gelijkenissen met traditionele volksnationalisten


Afgelopen weekend was ongewoon. Waar Antwerpenaren zich opwonden over het feit dat de rest van Vlaanderen volop Moederdag vierde, dreigde een andere feestdag onder de radar weg te glippen. Zaterdag 9 mei was het immers Europadag! Voor wie niet tot de Brusselse eurobubbel behoort is deze feestdag in alle waarschijnlijkheid een nobele onbekende. Maar voor het select clubje dat de drie Europese presidenten volgt op Twitter, Facebook, Instagram of een van de andere geijkte sociale mediakanalen was er geen ontsnappen aan. De dag van Europa moest en zou gevierd worden, met emotionele speeches, vlaggen, toeters en bellen. Uiteraard vanop afstand, in deze buitengewone tijden.

Europadag

Maar wat vieren Europeanen eigenlijk op Europadag? Wel, 9 mei 1950 was de dag waarop Robert Schuman, een van de founding fathers van de Europese Unie (EU), een historische verklaring aflegde (de Schumanverklaring). Daarin stelde hij voor een Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) op te richten. Het idee was dat de deelnemende lidstaten deze oorlogssectoren onderling afhankelijk zouden maken. Zo zou een nieuwe (Frans-Duitse) oorlog voorgoed onmogelijk zijn. De EGKS zou later uitgroeien tot wat wij vandaag kennen als de EU. In die zin is de Schumanverklaring zonder twijfel een van de defining moments geweest in de ontstaansgeschiedenis van een van de meest ambitieuze politieke projecten in de geschiedenis.

Want laat u vooral niet in de maling nemen. Reeds toen het enkel ging om de coördinatie van de kolen- en staalindustrie hadden de eurocraten een waar politiek project voor ogen. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat de festiviteiten op Europadag traditioneel meer doen denken aan een nationale feestdag dan aan het feest van een internationale organisatie. Inderdaad, wanneer een venijnige en pandemische crisis het hen niet onmogelijk maakt, zien we de overtuigde Europeanen op 9 mei steevast meegolven op de meesterlijke tonen van het Europese volkslied en zwaaien met de blauwe vlag met gele sterren.

Europese politici leggen grootse verklaringen af over hoe de EU vrede bracht op ons continent. Ze vergeten daarbij even kort de incompetentie van de EU om te reageren op de genocide in de Balkan en, recenter, de oorlog in Oekraïne. Ze roepen op tot meer Europa of, nog origineler, een ander Europa. Want enkel een postnationale federale unie kan daadkrachtige oplossingen formuleren voor de problemen van de 21ste eeuw. Of het nu het zwerfvuil op uw stoeprand dan wel de klimaatopwarming is.

Patriottistische hypocrisie

Wat daarbij bijzonder ironisch is — en, zoals zo vaak het lot is van ironie, onopgemerkt blijft — is dat de zelfverklaarde anti-nationalisten bijzonder veel gelijkenissen vertonen met een traditionele volksnationalist. Zij die walgen van betogingen met Vlaamse Leeuwen met zwarte klauwen, zij die de Catalanen in de steek lieten omdat ze wapperden met de separatistische vlag met blauwe driehoek, vinden het geen probleem om zelf als trouwe militanten te zwaaien met hun vlag.

Ze verheerlijken figuren als Schuman en Spinelli, die in feite niet meer zijn dan de nationale helden van Brussel. Ze dromen luidop van een leger onder één Europees leiderschap. Ze verlangen naar een Europese president, rechtstreeks verkozen door alle Europeanen. Sommigen gaan zelfs zo ver dat ze een Europees Olympisch team wel zien zitten. Ware het niet dat de Spelen in Japan tot nader order zijn uitgesteld, u had er wel iemand voor horen pleiten, mark my words. Want enkel door onze talenten en krachten te poolen, kan de EU slagen!

Die houding tegenover nationale symboliek en patriottistische trots is minstens dubbelzinnig maar in wezen ook heel hypocriet. Daarnaast toont ze ook opvallende gelijkenissen met de recente dubbele houding van bijvoorbeeld de liberalen of groenen in ons land. Hun heruitgevonden Belgisch nationalisme is natuurlijk ethisch superieur aan de roep van Vlaams-nationalisten om meer autonomie.

Maar, zo zeggen de euronationalisten, het grote verschil is dat de Europese vlag staat voor vrede en verbondenheid, terwijl een nationale vlag een relict is uit een eeuwenoud verleden van kanonnen en bajonetten, veldslagen en verdriet.

Europese én nationale overwinningen

En daarin hebben ze deels gelijk. De Europese vlag is er inderdaad een van verbondenheid, samenwerking en integratie. Maar door hun gedrag lopen bepaalde eurofielen het risico om die vlag te vervormen tot een exemplaar dat staat voor uniformiteit, eenheidsdenken en, bovendien, de onderdrukking van elke (sub-)nationale identiteit. Zij zijn er immers van overtuigd dat diegene die zwaait met een Franse vlag een bekrompen nationalist is. En nog erger is de Fransman die zwaait met een Corsicaanse vlag en droomt van democratisch zelfbestuur. Maar de vijftalige Erasmusganger die trots staat de brullen dat Europa nunc unita est, is verheven boven die pietluttige mentaliteit. Door zo’n houding is dat risico op onderdrukking van elke (sub-)nationale identiteit reëel en potentieel gevaarlijk.

Laat vanaf nu Europadag daarom anders zijn. Laat vanaf nu Europadag het feest zijn van het lappendeken dat Europa is. Met mensen die zich tegelijk stedeling, regionalist, patriot en Europeaan voelen. En daar ook allemaal verschillende vlaggen van hebben. Die geloven in de kracht van nauwe Europese samenwerking, alsook in de kracht van de eigen volksgemeenschap. Die fier zijn op (verzonnen) heldenverhalen en vroegere nobele overwinningen, zowel nationale als Europese.

Meerlagige identiteit

Want die meerlagigheid is het échte Europa. Dat lappendeken dat zich over de eeuwen heeft gevormd, en soms met haken en ogen aan elkaar hangt, is de échte Europese identiteit. Het kleinste continent van de wereld, met een heerlijk hoge concentratie aan talen, volkeren en culturen. Omarm die meerlagigheid. Omarm die verschillende identiteiten. Maar voel je vooral zeker niet meer verheven omdat jouw identiteit een sterkere zogenaamde postnationale Europese component bevat. Want het is net dat gevoel van beter zijn, van morele superioriteit, dat de eerste stap zet naar de gevaren van overdreven nationalisme.

Ik vierde Europadag in ieder geval op die manier. De Europese vlag werd van onder het stof gehaald. Het proces naar vrede en opwaartse sociale mobiliteit werd in herinnering gebracht. Maar op 11 juli zal ik mijn Vlaamse Leeuw bovenhalen. En dat doet niets af aan mijn Europese engagement. Daarvoor hoef ik me dus ook niet schamen.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Donald de Vinck

Donald de Vinck (1996) is master in het internationaal en Europees recht en professioneel actief als deeltijds praktijkassistent internationaal recht aan de KU Leuven. Verder is hij werkzaam al stagiair in het Europees Parlement bij de fractie waartoe N-VA behoort, de Europese Conservatieven en Hervormers. Hij is ook bestuurslid bij Jong N-VA Antwerpen.