Analyse, Communautair
ontnederlandsing

Evolutie van het taalgebruik in Brussel en Vlaams-Brabant

De Briotaalbarometer is een ‘taalbarometeronderzoek’ uitgevoerd door socioloog Prof. Dr. Rudi Janssens in het kader van het Brussels Informatie-, Documentatie- en Onderzoekscentrum (BRIO), Vrije Universiteit Brussel, met de steun van de Vlaamse overheid. Het eerste taalbarometeronderzoek over Brussel (TB1) gebeurde in 2000-2001, het tweede (TB2) in 2006-2007 en het derde (TB3) in 2012-2013; het vierde is voorzien voor einde 2018. De resultaten laten een verdere acteruigang zien van het Nederlands in Brusser en Vlaams-Brabant.

Thuistaal

De onderzoeken zijn gebaseerd op ‘face to face’ interviews van 2.500 respondenten. De evolutie van de (zelf gerapporteerde) taalkennis (goed tot uitstekend spreken) is aangegeven in tabel 1.1.1 (16,
17).

Brio Taalbarometer

Evolutie van de taalkennis in %

Commentaar:
Het Frans blijft de lingua franca in Brussel. Het Engels steekt het Nederlands voorbij als tweede meest gekende taal. Het Nederlands gaat achteruit, doch handhaaft zich op 23,1 % in 2012.
Het Arabisch wint het op het Duits, het Spaans, het Italiaans en het Turks.

De evolutie van de thuistaal op basis van het gezin van oorsprong is aangegeven in tabel 1.1.2 (16, 18).

Brio Taalbarometer

Evolutie thuistaal /gezin in %

Commentaar: Zowel het Frans als het Nederlands gaan erop achteruit als enige thuistaal, doch in 2012 blijft het Frans (33,6 %) duidelijk beter vertegenwoordigd dan het Nederlands (5,4 %).
De andere talen en de combinaties Nederlands/Frans en
Frans/andere taal nemen in frequentie toe als thuistalen.

Schooltaal in Brussel

Het Brussels Informatie-, Documentatie- en Onderzoekscentrum BRIO (VUB) bestudeerde eveneens de schoolpopulatie in de Vlaamse en Franse Gemeenschap te Brussel en steunde daarbij op leerlingentellingen van de Vlaamse Gemeenschapscommissie – Directie Onderwijs, en op BISA, Schoolbevolking in het Franstalig en Nederlandstalig Onderwijs in Brussel, 2005-06 tot 2014-15 (19).
Het aandeel van de Vlaamse Gemeenschap in % tussen 2000 en 2014 is aangegeven in tabel 1.2.1.

Brio Taalbarometer

Schoolpopulatie

Cijfers in hetzelfde artikel (19) over de evolutie van het
aantal leerlingen in het Nederlandstalig kleuter-, lager en
secundair onderwijs in Brussel leren dat deze totale populatie, die in 1991-92 30.000 leerlingen bedroeg, in 2015-16 gestegen was tot tussen 40.000 en 45.000.

Commentaar:
Het stijgend aantal leerlingen in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel heeft volgens de auteurs meerdere oorzaken: het keuzepatroon van de ouders, het aantal leerlingen dat van buiten Brussel afzakt en de immigratie.
Het relatief grote marktaandeel van het Nederlandstalig
onderwijs (17,8 % in 2014) in vergelijking met de veel lagere frequentie van het Nederlands als thuistaal (5,4 % in 2012) wijst er in elk geval op dat heel wat niet-Nederlandstaligen in de Nederlandstalige scholen terechtkomen.

Stemmen voor Vlaamse lijsten in Brussel

Het aantal stemmen op Vlaamse lijsten, en het procentueel aandeel hiervan, bij verkiezingen voor Kamer, Senaat, Gewest en Europa zijn eveneens een parameter voor de Vlaamse aanwezigheid in Brussel. We beperken ons tot de periode vóór de splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde in 2002.

De cijfers voor de Vlaamse lijsten zijn het gemakkelijkst interpreteerbaar bij de taal-gesplitste verkiezingen, zoals voor het Hoofdstedelijk Gewest, de Senaat en Europa. Voor de verkiezingen van de Kamer, waar naast de Nederlandstalige en Franstalige ook tweetalige lijsten ingediend worden, is de interpretatie wat moeilijker.

Cijfers voor de Nederlands- en Franstalige lijsten bij de verkiezingen voor de vier genoemde organen tussen 1994 en 2010 werden verzameld door Bart Laeremans (20).

Bart Laeremans

Vlaamse stemmen in Brussel

Commentaar: Zowel de aantallen stemmen op Nederlandstalige lijsten in Brussel als hun procentueel aandeel vertonen een belangrijke daling voor de verkiezingen van Kamer, Senaat, Hoofdstedelijk Gewest en Europa over het verloop van 3 tot 5 verkiezingen tussen 1994 en 2010.

Aangeslotenen bij de Vlaamse zorgverzekering

Jürgen Constandt (VNZ) bezorgde ons cijfers over de evolutie van de Vlaamse zorgverzekering in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tussen 2004 en 2017 (21): ze worden weergegeven in onderstaande figuur.

Jurgen Constandt

Vlaamse zorgverzekering

Commentaar: De laatste jaren lijkt de afkalving wat gestopt. Dit kan ook te maken hebben met nieuwe bevoegdheden, waardoor sommigen richting een Vlaamse zorgkas worden gedreven omdat zij (op termijn) betere voorwaarden aanbieden in het kader van de diverse zorgbudgetten.

De Vlaamse Rand en Vlaams-Brabant

Naast de taalbarometeronderzoeken in Brussel voerde het BRIO er in 2014 ook een uit in de Vlaamse Rand, zowel over de taalkennis (22) als over de thuistaal (23). De resultaten voor de taalkennis (zelfrapportering: goed tot uitstekend spreken) zijn aangegeven in tabel 2.1.1 (22).

Brio taalbarometer

Commentaar: De kennis van het Frans is in de Vlaamse Rand beter dan die van het Nederlands en de kennis van het Engels heeft een belangrijke plaats ingenomen.
De resultaten voor de thuistaal (gezin van oorsprong) zijn
aangegeven in tabel 2.1.2 (23).

 

 

 

Brio Taalbarometer

Commentaar:  Minder dan 50 % van de inwoners van de Vlaamse Rand gebruikt nog het Nederlands als enige thuistaal, terwijl 20 % het Frans als enige thuistaal gebruikt.
Gemeentelijke Kindrapporten ‘Kind en Gezin’– Taal
moeder en kind Voor nagenoeg alle kinderen waarmee ‘Kind en Gezin’ in contact komt, wordt de taal geregistreerd die de moeder met het kind spreekt. Dit betekent niet noodzakelijk dat de moeder geen Nederlands spreekt of begrijpt en/of dat er niemand anders in het gezin Nederlands spreekt met
het kind (24).

De resultaten van deze rapporten in 2016 in de Vlaamse Rand zijn aangegeven in tabel 2.2.1 (25).
Tabel 2.2.1 Taal moeder en kind Vlaamse Rand in % 2016

Brio Taalbarometer

Moedertaal

Commentaar: Uit deze alarmerende cijfers blijkt dat het Frans het Nederlands in 2016 voorbijgestoken is als taal tussen moeder en kind in de Vlaamse Rand.

Uit bijkomende cijfers in dezelfde publicatie kan men
opmaken dat de faciliteitengemeenten hiervoor verantwoordelijk zijn
: in alle 6 scoort het Nederlands duidelijk lager dan 33,7 %, terwijl het Nederlands hoger scoort dan 33,7 % in de meerderheid van de andere gemeenten van de Vlaamse Rand. Bovendien is de score van het Nederlands tussen 2007 en 2016 in alle 19 gemeenten van de Vlaamse Rand afgenomen(26).

Schooltaal in Halle-Vilvoorde en de 6 faciliteitengemeenten

Bart Laeremans verzamelde cijfers over de toename van het aantal leerlingen met een andere thuistaal dan het Nederlands in het Nederlandstalig basisonderwijs enerzijds in Halle-Vilvoorde en anderzijds in de 6 faciliteitengemeenten (20). Deze cijfers zijn weliswaar onvolledig want er wordt geen rekening gehouden met de kinderen die naar N-talige, F-talige of anderstalige scholen gaan buiten de regio. Een samenvatting is aangegeven in tabel 2.3.1.

Brio Taalbarometer

Thuistaal van de leerlingen

Commentaar: Zoals kon worden verwacht is de toestand ernstiger in de 6 faciliteitengemeenten dan in het arrondissement Halle-Vilvoorde, doch in beide gevallen verergert de toestand met het tijdsverloop.

Belga publiceerde recent cijfers over het aantal leerlingen
tussen 6 en 18 jaar dat in de Vlaamse Rand in 2016-17 naar een Franstalige school ging. Dat waren er 17.368 van de 64.292 of 27 %. Uitschieters zijn faciliteitengemeenten Drogenbos (60 %), Linkebeek (59 %) en Sint-Genesius-Rode (46 %) (27).

Verkiezingen in de Vlaamse Rand

Ook voor deze verkiezingen beperken wij ons tot de periode vóór de splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde in 2012. Cijfers voor de Nederlandstalige en Franstalige lijsten in Halle-Vilvoorde bij de verkiezingen voor Kamer en Senaat tussen 1995 en 2010, evenals voor Europa tussen 1999 en 2009 werden verzameld door Bart Laeremans (20).

Bart Laeremans

Stemmen voor Vlaamse lijsten

Commentaar: Voor de verkiezingen voor Kamer, Senaat en Europa, over het verloop van 3 tot 5 verkiezingen tussen 1995 en 2010, stijgt het aantal stemmen op N-talige lijsten weliswaar, doch hun procentueel aandeel daalt. Die daling is het duidelijkst voor Kamer en Senaat.

Conclusies

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is de ontnederlandsing zeer ver gevorderd: de evolutie van het Nederlands als (enige) thuistaal en van de stemmen voor Nederlandstalige lijsten is dramatisch. De procentuele toename van het aantal leerlingen in het Nederlandstalig lager onderwijs is evenwel een lichtpunt.

De afkalvende evolutie van het Frans als (enige) thuistaal in Brussel wijst, naast de ontnederlandsing, ook op een ontfransing; dit dubbel fenomeen gaat gepaard met een toenemende frequentie van andere thuistalen.

De 19 gemeenten van de Vlaamse Rand vormen geen homogeen taalgebied. De ontnederlandsing, gemeten aan de ‘taal moeder en kind’, is het sterkst gevorderd in de 6 faciliteitengemeenten, doch ook in de andere 13 gemeenten van de Vlaamse Rand is de ontnederlandsing zorgwekkend. Die toenemende ontnederlandsing in de globale Vlaamse Rand gaat hoofdzakelijk gepaard met een verfransing.

Eric Ponette

Eric Ponette is geneesheer en professor-emeritus van de KULeuven, tevens lid van het Aktiekomitee voor een Vlaamse Sociale Zekerheid (AK-VSZ)
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans
// geen premium