fbpx


Buitenland

Facebook en Twitter: doorgeefluiken of uitgevers?

Wat zal er gebeuren als Section 230 het begeeft ?



Ik zag een tweet langskomen van een internetondernemer uit Silicon Valley: ‘Natuurlijk mag Twitter Trump van zijn platform gooien. Als Jack Dorsey (Twitter’s CEO) op een balkon van de Trump Tower gaat staan roepen, kan Trump hem er toch ook uitgooien...?’ Het pijnpunt hier zit in het woord ‘platform’, in de zin van doorgeefluik. Sociale media zijn geen nutsbedrijven, toch draagt hun functie als publiek platform verantwoordelijkheden met zich mee die niet in de privésector thuishoren. Publieke infrastructuur Mark Zuckerberg…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Ik zag een tweet langskomen van een internetondernemer uit Silicon Valley: ‘Natuurlijk mag Twitter Trump van zijn platform gooien. Als Jack Dorsey (Twitter’s CEO) op een balkon van de Trump Tower gaat staan roepen, kan Trump hem er toch ook uitgooien…?’

Het pijnpunt hier zit in het woord ‘platform’, in de zin van doorgeefluik. Sociale media zijn geen nutsbedrijven, toch draagt hun functie als publiek platform verantwoordelijkheden met zich mee die niet in de privésector thuishoren.

Publieke infrastructuur

Mark Zuckerberg noemde zijn Facebook ooit een ‘publieke infrastructuur’, waar iedereen in de wereld recht op zou hebben. Dat doet in meer dan één opzicht denken aan het riool: daar heeft ook iedereen recht op.

Er is echter een belangrijk verschil. Over dat riool denkt iedereen hetzelfde: hoe meer hoe beter. Maar kijk bijvoorbeeld eens hoe de sociale media-dwerg Parler – met zijn twaalf miljoen overwegend rechtse en extreemrechtse gebruikers, binnen een dag van internet werd gebonjourd in een gezamenlijk actie van internetreuzen Facebook, Google en Amazon.

Al leek Parler niet heel fris te zijn, ‘hoe meer hoe beter’ geldt blijkbaar niet voor sociale media.

Platform

Terug naar ‘platform’. In Amerika zijn publieke platforms op internet niet verantwoordelijk voor wat dat publiek plaatst, afgezien van zaken die onder de strafwet vallen, of onder wetten op intellectueel eigendom. Platforms mogen teksten van gebruikers wel geheel of gedeeltelijk censureren, veranderen, of voorzien van toevoegingen – zoals de bekende waarschuwingen dat de inhoud van een tweet ‘omstreden’ is, of ‘onjuist’.

Het dusdanig modereren van berichten geplaatst door derden maakt van het platform juridisch gezien een uitgever, of een krant. Daarvoor gelden veel strengere regels, zeker wat betreft aansprakelijkheid. Als een uitgever een boek publiceert van X, waar strafbare teksten instaan, is in de eerste plaats de uitgever juridisch aansprakelijk, niet X. En als de uitgever een hoofdstuk weglaat of herschrijft, heeft X theoretisch het recht de uitgever aan te klagen.

Tussen Scylla en Charybdis

Sociale media varen tussen Scylla en Charybdis: door niet te modereren zouden ze tal van wetten kunnen overtreden, die ook nog eens in ieder land anders zijn… Wél modereren kan de vrijheid van meningsuiting van gebruikers aantasten, strikt vastgelegd in het heilige First Amendment van de grondwet…

De wetgever biedt echter ook hulp. Speciaal om beginnende internetbedrijven juridisch te vrijwaren werd onder president Clinton in 1996 de zogeheten ‘Section 230’ toegevoegd aan de ‘Communications Decency Act’ – de wet op fatsoen in communicatie. Section 230 garandeert sociale media de status van platform en voorkomt dat ze als uitgever worden aangemerkt.

Bij de gratie van Section 230

Inmiddels zijn enkele van die beginnende platforms de grootste bedrijven van de wereld geworden, die vooral bestaan bij de gratie van Section 230. Zonder die wet zouden sociale media als Facebook en Twitter in hun huidige vorm niet eens meer kunnen bestaan. Dan zouden er immers iedere dag duizenden rechtszaken bloeien.

Gek genoeg wil zowel links als rechts in Amerika van Section 230 af. Zij het om totaal tegengestelde redenen. De Democraten vinden dat de wet sociale media te veel vrijheid geeft opruiende en haatdragende teksten ongemoeid te laten. De Republikeinen, met president Trump voorop, vinden juist dat ze te veel ingrijpen zonder ooit juridisch aansprakelijk te zijn.

De Rubicon overgestoken

Het zou zomaar kunnen dat Sectie 230 geen lang leven meer is beschoren. De grap is dat internetgiganten Facebook, Google en Twitter daar dan vooral zelf de hand in hebben gehad. Niet door Trump van hun platforms te gooien: ze waren eerder al de Rubicon overgestoken in de aanloop naar de presidentsverkiezingen. Berichten die betrekking hadden op een van beide kandidaten werden vaak als fake news bestempeld door waarschuwingen te plaatsen, waarmee de bedrijven actief het stemgedrag van gebruikers leken te willen beïnvloeden.

Google manipuleerde met dat doel zoekresultaten, Twitter en Facebook snoerden een van de grotere kranten van Amerika de mond, The New York Post. Die was met het verhaal over de laptop van Hunter Biden gekomen. Vanwege datzelfde verhaal werden vlak voor de verkiezingen berichten van president Trump en zijn directe medewerkers voorzien van waarschuwingen, of simpelweg verwijderd.

Op het pad van uitgever

Vooral door berichten over de zoon van Joe Biden bewust van het publiek weg te houden, lieten sociale media hun rol van onpartijdig doorgeefluik definitief varen. Ze leken ze zich op het pad van de uitgever te hebben begeven.

Na de bestorming van het Capitool op 6 januari laaide de discussie rond Section 230 pas goed op. Vooral toen president Trump door de sociale media-bedrijven bij het grofvuil werd gezet. Dat zou gebeurd zijn om een tweetal van zijn berichten, die voor zijn doen niet eens zo fout waren, maar – aldus Twitter – ‘mogelijk fout geïnterpreteerd konden worden.’

Gemuilkorfd

Dan is de vraag waarom dat niet eerder was gebeurd, na aanzienlijk krassere tweets van de president. Waren het Trumps concrete plannen ‘Section 230’ aan te pakken, die de mediatycoons weerhielden?  De president had daar vast meer werk van gemaakt als hij al eerder was gemuilkorfd.

De sociale media lijken een rol te hebben gespeeld bij de bestorming van het Capitool. Uit bevindingen van de FBI blijkt dat dit geen spontane actie was van een door president Trump opgehitste menigte, maar van tevoren op sociale media was beraamd. Sterker nog, de FBI had op grond van die bevindingen van tevoren gewaarschuwd dat dit kon gaan gebeuren. Wat Trump overigens geenszins vrijpleit.

Om deze en andere redenen eisen de Democraten meer censuur. Maar ze zitten in een spagaat: de overlords van het internet zijn zelf overwegend Democratisch gezind. Zeker nu ze Trump hebben afgeserveerd, zie ik de nieuwe regering niet al te hard achter ze aangaan.

Eén caveat

Met één caveat: dat Joe Biden de niet onaanzienlijke radicale vleugel van zijn partij in het Congres in bedwang weet te houden. Onbetwist leider van die vleugel is Alexandria Occasio-Cortez, een afgevaardigde uit New York, beter bekend als AOC – voor Fransen wellicht verwarrend. Zij werd binnen een paar jaar een soort cultfiguur bij de Democraten, door miljoenen fans aanbeden als een heilige.

En ze is een verklaard tegenstander van Section 230, dat te veel vrijheid zou geven. Als reactie op de rellen in het Capitool heeft ‘AOC’ meteen voorgesteld een Congrescommissie in het leven te roepen ‘om de media in te tomen.’  Daarbij denkt ze ongetwijfeld vooral aan de sociale media.

Kortom, nu de Democraten ook nog eens voor tenminste een paar jaar de bijna absolute macht in de schoot kregen geworpen door toedoen van president Trump, blijft het uitkijken geblazen voor de bovenbazen van de sociale media.

 

[ARForms id=103]

Alexander van der Meer

Amsterdammer, mathematicus, documentairemaker, romanschrijver, chroniqueur.