fbpx


Geen categorie
Simon Buysse

(geen) splitsing ontwikkelingssamenwerking

Vlaams regeerakkoord doorgelicht



Het regeerakkoord Vlaanderen 2014 is een eerder vage tekst maar dat is voor het genre niet ongebruikelijk. We delen enkele bedenkingen met betrekking tot ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen. Een korte analyse vanuit onze plaats in ontwikkelingssamenwerking als Vlaams humanitair vrijwilligerswerk.

Bourgeois en Homans

Goed: de Vlaamse regering besteedt meer aandacht aan de rol van de vrijwilliger in het functioneren van de Vlaamse samenleving. Men wil ook administratieve regelgeving aanpassen om vrijwilligerswerk makkelijker te maken. Als vrijwilligersvereniging kan Volk in Nood dat alleen maar toejuichen.

Niet goed: in 2001 besliste het federale parlement bij bijzondere wet dat ‘de onderdelen van ontwikkelingssamenwerking die betrekking hebben op gewest- en gemeenschapsmateries overgeheveld zullen worden naar de deelstaten’. De splitsing van de Belgische ontwikkelingssamenwerking dus. In het regeerakkoord Vlaanderen 2009 werd België nog herinnerd aan deze belofte. In het huidig akkoord wordt de eis tot overdracht van middelen niet langer herhaald. Jammer er zijn redenen genoeg om dat te doen

Wie er aan twijfelt; wij zijn absoluut voorstander van de splitsing en niet alleen om louter communautaire redenen. Het ontbreken van deze eis zal een bloeddrukverlagend effect hebben op het hoger kader van 11.11.11. Deze organisatie was (en is) de meest fervente voorstander van een unitaire Belgische ontwikkelingssamenwerking.

Maakt niet uit; Vlaanderen zal inspanningen leveren om bij te dragen aan de 0,7% norm. Het streefdoel is dat het totaal van alle door overheden in België aan ontwikkelingssamenwerking bestede gelden 0,7% bedraagt van het Belgische bnp. Waar we bijlange niet aan toe zijn. De 0,7%-norm is geen fetisj voor Volk in Nood. Wij zijn best tevreden met een efficiëntere ontwikkelingssamenwerking, zelfs al zou die met minder overheidsuitgaven gerealiseerd worden. Als tenminste zo’n efficiëntie een hogere positieve impact in de ontwikkelingslanden meebrengt, want daar gaat het om.

Draagvlakversterking

Niet goed: de Vlaamse regering kondigt een verderzetting aan van het Vlaams beleid draagvlakversterking. Die draagvlakversterking behelst subsidies aan ‘sensibilisatieacties en bewustwordingscampagnes in Vlaanderen rond internationale samenwerking’. Men wil zo de publieke opinie beïnvloeden en het gedrag van de Vlaming bijsturen. De filosofie van de maakbare maatschappij dus.

Ontwikkelingssamenwerking – ook de Vlaamse – moet vooral gericht zijn op acties die het lot van personen in het Zuiden rechtstreeks verbeteren.

Bij Volk in Nood denken we dat daar in het verleden overmatig veel overheidssubsidies aan werden besteed en dat het Vlaams beleid de draagvlakversterking te zwaar benadrukte. Wellicht bij gebrek aan middelen om een volwaardig en volledig ontwikkelingsbeleid te voeren, inclusief ondersteuning van ontwikkelingsprojecten van private initiatieven en ngo’s in het Zuiden (1). Ontwikkelingssamenwerking – ook de Vlaamse – moet vooral gericht zijn op acties die het lot van personen in het Zuiden rechtstreeks verbeteren. Wij weten dat deze opinie door het overgrote deel van de Vlaamse bevolking wordt gedeeld. Draagvlakversterking is vooral een ding van ngo’s die daar aanzienlijke middelen in investeren en er professionele firma’s voor inschakelen. De grens met loutere fondsenwerving of zelfs platte partijpolitiek is soms niet ver weg.

Buitenland

Heel goed: de bepalingen omtrent Vlaams buitenlands beleid zijn ambitieus. Vlaanderen wil volop gebruik maken van de mogelijkheden die openliggen voor een volwaardig Vlaams internationaal beleid – ook binnen de Europese instellingen – en eist van de Belgische overheid dat het een uitoefening van de Vlaamse externe bevoegdheden niet belemmert. Het is duidelijk dat de ploeg-Bourgeois hier de pen vasthield. Ook al omdat thema’s als culturele, academische en publieksdiplomatie in het buitenlands beleid worden ingebed en het niet uitsluitend over buitenlands handelsbeleid gaat.

Bij dit alles hebben we wel één fundamentele bedenking. Belgisch buitenlands beleid is een dada van de MR die een buitenlands beleid van de deelstaten van geen kanten ziet zitten en in het verleden al Vlaamse initiatieven afblokte. Als het tot een federale ‘Zweedse coalitie’ komt – waarbij de kans groot is dat de MR buitenlandse betrekkingen op zak steekt – dan zit hier een bron van conflict tussen België en Vlaanderen, en wellicht ook tussen CD&V-Open Vld enerzijds en N-VA anderzijds. Met minister-president Bourgeois heeft de N-VA immers de portefeuille Vlaamse Externe Betrekkingen. Wij kijken dan ook uit naar de Belgische regeringsverklaring Buitenlandse Betrekkingen. Als die geen ruimte laat voor de Vlaamse ambities, dreigt een sterk afgezwakt Vlaams buitenlands beleid. Of de confrontatie.

Staten-Generaal

Goed: de Vlaamse regering kondigt een tweejaarlijkse Staten-Generaal aan om ‘van gedachten te wisselen’ met de partners in de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. Ook de Vlaamse privé-initiatieven hebben daar een plaats. Hier wordt een leemte opgevuld, de Vlaamse private initiatieven worden betrokken als gesprekspartner uit het middenveld. Als aan het concept Staten-Generaal nu ook een flexibel Vlaams beleid wordt gekoppeld dat in staat is bij te sturen, dan staan we dicht bij een democratisch functionerende volwassen Vlaamse ontwikkelingssamenwerking.

De Vlaamse Staten-Generaal kan een nieuwe dynamiek in het Vlaamse beleid brengen. Wie vreest dat een en ander zal leiden tot een gebrek aan coördinatie met het Belgische ontwikkelingssamenwerkingsbeleid, geven we mee dat Paul Magnette bij de Belgische Staten-Generaal (2012) weigerde de deelgebieden uit te nodigen. België negeerde tot nog toe het ontwikkelingsbeleid van Vlaanderen, omdat het ontwikkelingssamenwerking als instrument voor eigen buitenlands beleid beschouwt en daarbij geen pottenkijkers wenst. Er zit dus ook een communautair kantje aan deze Vlaamse Staten-Generaal.

Of het tot coördinatie tussen Vlaams en Belgisch beleid ontwikkelingssamenwerking komt zal in hoge mate afhangen van wie de post Ontwikkelingssamenwerking in de Belgische regering waarneemt. Op Vlaams niveau is dit minister-president Bourgeois. Met een Franstalige als Belgisch minister van Ontwikkelingssamenwerking zal het Belgisch niveau coördinatie en samenwerking niet echt genegen zijn. Alvast ook hier afwachten wat het Belgisch regeerakkoord daarover brengt.

 

Simon Buysse is vrijwillig medewerker van het Vlaams humanitair vrijwilligerswerk Volk in Nood (VIN).

Foto (c) Reporters

(1)
-Het Zuiden: de ontwikkelingslanden.
-Privaat initiatief voor ontwikkelingssamenwerking. Of vierde pijlerorganisatie. Zoals Volk in Nood. Organisatie die aan ontwikkelingssamenwerking doet maar niet erkend is als NGO naar Belgisch recht. Vlaanderen telt er zo een twee- tot drieduizend, meer dan zestigduizend Vlamingen zijn er in actief, voor het overgrote deel vrijwilligers. Hebben slechts toegang tot gemeentelijke en provinciale subsidies voor hun ontwikkelingsprojecten.
-Niet gouvernementele organisaties. Doet aan ontwikkelingssamenwerking en is bij Belgische wet als NGO erkend. Heeft toegang tot gemeentelijke, provinciale, Vlaamse, Belgische en Europese subsidies. Werkt veelal met bezoldigd personeel. Koepels 11.11.11 en Coprogram.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

[ARForms id=103]

Simon Buysse