fbpx


Wetenschap
epidemiologie

Helden van morgen: Hayat Bentouhami strijdt tegen slordige wetenschap

Van Luchtbal naar de Universiteit Antwerpen



Wie zijn de beloftevolle twintigers en dertigers die vandaag op de rand van een grote doorbraak staan? Die binnen 5 jaar op hun gebied echt top kunnen zijn? En wat maakt hen zo uitzonderlijk? Deze zomer gaat Doorbraak elke zaterdag op zoek naar de helden van morgen. Epidemiologie wereldwijd kritisch benaderen en bestaande dogma’s binnen de epidemiologie in vraag stellen om onderzoekers meer te laten stilstaan bij de essentiële basis van hun onderzoek. Zo zou je het werk van Hayat…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Wie zijn de beloftevolle twintigers en dertigers die vandaag op de rand van een grote doorbraak staan? Die binnen 5 jaar op hun gebied echt top kunnen zijn? En wat maakt hen zo uitzonderlijk? Deze zomer gaat Doorbraak elke zaterdag op zoek naar de helden van morgen.

Epidemiologie wereldwijd kritisch benaderen en bestaande dogma’s binnen de epidemiologie in vraag stellen om onderzoekers meer te laten stilstaan bij de essentiële basis van hun onderzoek. Zo zou je het werk van Hayat Bentouhami kunnen omschrijven. Bentouhami (32) is biomedisch wetenschapper en epidemiologe aan de Universiteit Antwerpen. Zij voert onderzoek naar de vele methodologische fouten die in epidemiologisch onderzoek worden gemaakt. Dat is volgens haar te wijten aan de publicatie- en tijdsdruk, en aan basisfilosofische slordigheden. ‘Vaak staat men niet lang genoeg stil bij wat men aan het onderzoeken is. Zo krijg je slordige wetenschap,’ zegt ze daarover.

Bentouhami is opgegroeid in de Antwerpse sociale woonwijk Luchtbal. Al vanop jonge leeftijd zat ze met haar neus in de studieboeken. Aanvankelijk dacht ze dat ze dokter ging worden, omdat gezondheid haar altijd heeft geïnteresseerd. Toen zij op het toegangsexamen om geneeskunde te studeren echter met enkele punten faalde op het onderdeel psychologie, besefte ze dat ze het eigenlijk anders wilde aanpakken.

Bochtig parcours

Bentouhami: ‘Ik heb altijd interesse gehad in de brede gezondheid van mensen. Volksgezondheid interesseert me meer dan individuen behandelen. De weg naar dat inzicht verliep bochtig. Omdat gezondheid me interesseerde, maar ik dus geen dokter wilde worden, ben ik biomedische wetenschappen gaan studeren. Maar als biomedisch wetenschapper ben je niet echt degelijk geschoold om onderzoek te voeren naar de volksgezondheid. Je kan wel altijd in de farmaceutische industrie terecht, maar daarin wilde ik niet meedraaien. Je verdient er goed, maar onderzoek beperkt zich daar tot producten op de markt brengen. Dat wordt al gauw een machine waarin je moet meedraaien.’

‘Na mijn masteropleiding biomedische wetenschappen had ik dus nog geen gevoel van voldoening om onderzoek te voeren, dus heb ik er nog een master epidemiologie aan toegevoegd,’ zegt Bentouhami.

‘Epidemiologie is een jonge discipline in Vlaanderen. Iedereen kan zich hier epidemioloog noemen met een basiscursus. Dat is enkele jaren geleden veranderd toen de Universiteit Antwerpen een masteropleiding in de epidemiologie is gaan aanbieden. Dat is de verdienste van enkele Vlaamse epidemiologen van de oude garde, die indertijd in het buitenland moesten studeren om epidemioloog te worden. Op een bepaald moment vond men het welletjes dat Vlaanderen zelf geen opleiding had.’

Publicatiedruk

Het groeiend aantal epidemiologische onderzoeken – in Vlaanderen, maar ook wereldwijd – maakt dat ook deze discipline gebukt gaat onder de mores van deze tijd: tijdsdruk, publicatiedruk en moeilijke financiering. Tijd om stil te staan bij wat er onderzocht moet worden, is er vaak niet meer. Door nu juist dat specifiek te onderzoeken en epidemiologen voor te houden hoe het beter kan, wil Bentouhami de epidemiologie vooruithelpen en wetenschapsfilosofischer maken.

‘Epidemiologen willen weten of er causale verbanden zijn tussen blootstelling aan iets – omgevingsfactoren of gifstoffen, bijvoorbeeld – en bepaalde aandoeningen of symptomen die onder een bevolking al dan niet voorkomen. Wat mijn doctoraatsonderzoek aantoont, is dat de epidemiologische wetenschap echter in een oppervlakkigheid is beland. We zouden vaker stil moeten staan bij wat we willen weten, en wat we willen onderzoeken.’

‘In een ideale wereld zou elke onderzoeksvraag en onderzoeksopzet op zich al voldoende moeten worden overdacht om het onderzoek al goed van start de laten gaan. Dat gebeurt echter te weinig. De hoofdoorzaak daarvan is publicatiedruk. De universitaire wereld is heel competitief.’

‘Sloppy science’

‘Door die combinatie van publicatiedruk en financiële onzekerheid rond het onderzoek, krijg je van aan de meet denkfouten die de rest van je onderzoek zullen bepalen. Vaak geldt: hoe meer publicaties iemand al heeft, hoe groter de kans op financiering. Maar dat wil natuurlijk wel zeggen dat de neiging bestaat om in te boeten op kwaliteit. Zo krijg je dus het meer gekende fenomeen van ‘sloppy science’. In zijn meest extreme vorm wordt er, wanneer een causaal verband niet aangetoond kan worden, niet tot publicatie overgegaan omdat men teleurgesteld is dat er geen verband is. Dat is natuurlijk nefast voor het wetenschappelijke proces.’

‘Die nefaste manier van werken staat intern ter discussie. Er zijn epidemiologen die al lang vinden dat het hele vakgebied moet hervormd worden. Ik ben niet per definitie somber gestemd, want de epidemiologie is nog in volle ontwikkeling. Het hoort er allemaal bij. Maar we zouden in ons vak vaker moeten stilstaan bij de basis.’

Waarneming

‘Concreet leidt tijdsdruk tot nefaste gevolgen. Mijn doctoraat vertrekt vanuit het standpunt dat observationeel epidemiologisch onderzoek begint bij de observatie van een bepaald fenomeen, en van daaruit ontleedt wat er aan dat fenomeen is voorafgegaan. Je hebt echter een andere, vrij manifeste tak in het vak, die bijvoorbeeld vertrekt vanuit de vergelijking van een blootgestelde groep en een niet-blootgestelde groep aan X, en dan vervolgens nagaat hoeveel keer aandoening Y voorkomt in bij blootgestelden en niet-blootgestelden. Die manier van werken – een cohortstudie genaamd – is de gouden standaard in de observationele epidemiologie waarmee causale verbanden worden aangetoond.’

‘Ik heb bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar het effect van antibiotica op het voorkomen van astma bij kinderen. We zijn gaan kijken naar welke kinderen astma hebben, en van daaruit proberen nagaan of zij antibiotica hebben gekregen in hun eerste levensjaar. Idealiter zou daarover een cohortstudie uitgevoerd moeten worden –  waarbij een populatie individuen opgevolgd wordt gedurende een aantal maanden of zelfs jaren. Dat duurt echter te lang, zoveel tijd krijgen de meeste onderzoekers meestal niet. Een alternatief is dan een case-control-studie. Daar wordt op neergekeken omdat de kwaliteit ervan minder zou zijn. Dit is het dogma dat heerst binnen het observationeel epidemiologisch onderzoek en hier proberen we in mijn doctoraat van af te stappen.’

Ekeren

Waar Bentouhami staat, is een gevolg van haar zelfstandigheid op jonge leeftijd. Zij omschrijft zichzelf als ‘een soort van nerd’ die altijd flink studeerde.

‘Ik ben opgegroeid in de Antwerpse sociale woonwijk Luchtbal. Ikzelf heb me er nooit belemmerd gevoeld. Nooit het gevoel gehad dat mijn woonplaats me tegenhield om de presteren in het leven. Later ben ik me er bewuster van geworden dat ik misschien een uitzondering ben. Of eerder: dat anderen het misschien wél moeilijk hebben in die wijk. Pas aan de universiteit kwam ik met kinderen van echt bemiddelde ouders in contact, en begon ik te beseffen dat Luchtbal iets zeer specifieks is. Ik hoop maar dat andere jongeren in wijken als Luchtbal hetzelfde traject kunnen afleggen.’

‘Wat ik wel vroeg doorhad, en waar ik erg dankbaar voor ben, is dat steun op school op jonge leeftijd het verschil maakt. In het zesde leerjaar heeft mijn leerkracht me doorverwezen naar het atheneum van Ekeren, waar ik mijn middelbaar van hem moést doen, met de woorden ‘ik zou mijn eigen dochters daar naartoe sturen’. Hij wist dat ik in de middelbare school die ik oorspronkelijk had gekozen, niet goed op wetenschappelijke studies zou worden voorbereid. Toen ik later op klasreünie ging naar mijn lagere school, was die leerkracht zo trots op mij toen hij over mijn traject hoorde, dat hij met mij bij al zijn collega’s is gaan stoefen.’

‘Ik heb in het middelbaar onderwijs ook altijd te horen gekregen dat ik er zou geraken als ik mijn best zou doen. Zelf ben ik nooit op muren gestoten. Belangrijk was ook dat mijn ouders me lieten doen wat ik graag wilde. Dat komt natuurlijk ook door hun onwetendheid over het schoolsysteem. Mijn ouders zijn eenvoudige arbeiders die erop vertrouwden dat het goed kwam als we onze best deden. Ze vertrouwden erop dat de school wel het beste met ons voor zou hebben.’

Islam

Bentouhami is moslima. Vanop afstand lijkt het alsof ze ook haar geloof van haar ouders heeft meegekregen. Dat is complexer, legt ze uit. ‘Mijn opvoeding was niet erg islamitisch: mijn ouders hebben me gewoon de basis meegegeven, maar de rest moest ik zelf zoeken. De grootste trigger om me meer in het geloof te verdiepen, was echter mijn wetenschappelijke opleiding. Het vak genetica, meer bepaald, en de perfectie van het genoom. Die schoonheid deed me vermoeden dat er toch een plan achter zat. Voor mij toont de biologie op fundamentele wijze de schoonheid van de schepping aan. Ik zie dus geen tegenspraak tussen wetenschap en islam. Ik kan perfect geloven in een God, en de schoonheid van de wetenschappen zien. Wat in de Koran staat, is een beginpunt, en bevat uiteraard niet alle kennis. Het is voor mij een aansporing om verder te gaan.’

‘Mijn islam zal nooit wetenschappelijke bevindingen tegenspreken. Het is een morele leidraad, die niet alle kennis omvat. Ik heb wel de indruk dat godsdienstige ethiek strenger en fundamenteler is dan wat de wetenschapsethiek vermag. Ik wil daar ook niet mee zeggen dat je een geloof nodig hebt om degelijke normen en waarden te hebben. Eigenlijk is geloof voor mij een persoonlijke drijfveer om kritisch te zijn. Zo sluit het ook aan bij mijn onderzoek.’

Corona

Op die manier kijkt Bentouhami ook naar de coronacrisis, waardoor haar vak natuurlijk erg zichtbaar is geworden, ja, zelfs mee de samenleving vorm begint te geven. Ze heeft zich ingezet om mensen van vreemde origine te informeren over de huidige vaccinatiecampagne. Maar in de spotlights staan is niet haar ding. ‘Ik wil geen mediafiguur worden die ‘het’ weet en elke dag iets uitlegt. Ik zit in met de volksgezondheid, dat is mijn drijfveer, maar ik denk dat we op een langere en fundamentelere manier te werk moeten gaan na deze crisis. Wie is besmet geraakt, en waarom? Wie is er gestorven?

Omdat het een wereldwijde epidemie is, mogen we ons ook niet blindstaren op Vlaanderen of het Westen alleen. In Marokko merk ik op dat de overheid meer op het niveau van gewone mensen kan uitleggen wat de voordelen zijn van vaccinatie. Zulke landen hebben een goede traditie van basiscommunicatie over volksgezondheid. Zelfs naar het kleinste dorpje in de Rif trekken ambtenaren om vaccinatie uit te leggen aan analfabete boeren. Hier gaat men er integendeel vanuit dat iedereen hoogopgeleid is en de media nauwgezet volgt. En wie dan vragen heeft, die wordt direct verdacht gemaakt. Dat is geen communicatie.’

‘Ik denk dat de acceptatie van de dood in Europa ook moeilijk ligt. Hoe ver moeten we toelaten dat ons leven in het teken staat van de dood vermijden? In de opleidingen gezondheidszorg en geneeskunde in Vlaanderen wordt er veel gesproken over ethische principes. Maar zodra je daadwerkelijk in een ethisch complexe situatie zit, blijkt het plots moeilijk om breder over ethiek na te denken, en de dood een plaats te geven. Kiezen we voor emotioneel welzijn met risico’s, of voor het vermijden van de dood, te allen koste? Die vraag moeten we stellen. Maar ethisch debat evolueert traag. Kijk maar naar het euthanasiedebat. Ook dat ligt nu nog altijd moeilijk.’

Lees de portretten van Vlamingen die het verschil maken in de reeks Helden van morgen.

[ARForms id=103]

Christophe Degreef