fbpx


Cultuur

Het heimwee van Paul van Ostaijen

Bezette Stad is een reportage in retro



Het manuscript is definitief in handen van de Vlaamse Gemeenschap en krijgt als thuishaven het Antwerpse Letterenhuis. Dat haalde de voorbije dagen uitvoerig de Vlaamse media. Wat ontbrak is de ontstaansgeschiedenis. Toch is die nodig om te begrijpen waarom de bundel Bezette Stad zo belangrijk is. Gevangenisstraf Welnu… oktober 1918. Het einde van de Eerste Wereldoorlog nadert. Paul van Ostaijen, geboren en getogen in Antwerpen, vreest een gevangenisstraf te moeten uitzitten, na een proces wegens het beledigen van kardinaal Mercier.…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Het manuscript is definitief in handen van de Vlaamse Gemeenschap en krijgt als thuishaven het Antwerpse Letterenhuis. Dat haalde de voorbije dagen uitvoerig de Vlaamse media. Wat ontbrak is de ontstaansgeschiedenis. Toch is die nodig om te begrijpen waarom de bundel Bezette Stad zo belangrijk is.

Gevangenisstraf

Welnu… oktober 1918. Het einde van de Eerste Wereldoorlog nadert. Paul van Ostaijen, geboren en getogen in Antwerpen, vreest een gevangenisstraf te moeten uitzitten, na een proces wegens het beledigen van kardinaal Mercier. Bovendien heeft hij de vernederlandsing van de Gentse universiteit toegejuicht en talrijke artikels geschreven pro een sterk zelfstandig Vlaanderen. Een Vlaanderen met meer liefde voor Nederland dan voor Wallonië en België. Misschien wachtte hem nog een tweede proces na de oorlog, wegens activisme.

Zijn vriendin, Emmeke Clément, had – klap op de vuurpijl – vaak aangepapt met Duitse officieren. Zich in een open calèche laten rondrijden op de Meir, met links en rechts van haar Duitse officieren, was haar grootste genoegen. Dat riep om wraak, als de ‘vrede’ eenmaal in het land was.

Heimwee in de derde macht

Het koppel besluit naar Berlijn te vluchten. Dankzij Emmekes relaties met Duitse officieren raken ze makkelijk aan de nodige documenten, voorzien van de juiste stempels om de reis in een stilaan chaotisch België en Duitsland vlot te laten verlopen. Eind oktober 1918 arriveren Paul en Emmeke met weinig geld in Berlijn en huren een flat in een verpauperde buurt waar de drugsdealers over elkaar heen rollen.

Emmeke is snel ingeburgerd, wat niet het geval is met Paul. Hij heeft weliswaar contacten met opkomende artiesten, onder wie Arthur Götz, Fritz Stuckenberg en de filosoof Solomo Friedlaender, maar toch voelt hij zich nooit helemaal thuis. Zijn hele Berlijnse periode – van 1918 tot eind mei 1921 – zal Antwerpen door zijn hoofd blijven spoken. Heimwee in de derdemacht. Als een vorm van therapie schrijft hij gedichten over de voorbije tijd in de Belgische havenstad en dan vooral de oorlogsjaren.

Vierde bundel

De gedichten ordenend ontstaat de dichtbundel Bezette Stad. Ze betekenen niet alleen een nieuwe grafische poëzievorm in Vlaanderen, maar ook dichterlijke uitspattingen zoals nooit werden vertoond in Vlaanderen. Van Ostaijen gaat verwoed te werk. De aanvang van de bundel is geschreven tussen 27 juli 1920 en 5 augustus van datzelfde jaar. De titel luidt Bedreigde Stad. Kort daarop ontstaat het sterk dadaïstisch getinte gedicht ‘Opdracht aan Peter Baeyens’, de geloofsbelijdenis waarmee later zijn vierde bundel, Bezette Stad, zal openen. De titel van het openingsgedicht is dan gewijzigd in ‘Opdracht aan mijnheer Zoënzo’, daarmee blijkbaar de lezer aansprekend.

Peter en zijn broer Alfons Baeyens waren de beheerders en hoofdredacteurs van de krant Vlaamse GazetHet Laatste Nieuws. De voornaamste medewerkers waren onder meer Lode Baekelmans, Ary Delen en Paul van Ostaijen zelf.

Ambras met Floris Jespers

Aanvankelijk had Paul van Ostaijen gedacht om de schilder Floris Jespers de grafische verzorging toe te vertrouwen. Maar hun meningen botsen. Dat valt sterk op in een brief van Van Ostaijen aan Peter Baeyens op 8 september 1920:

‘De Flor wil zich dus als arbiter-leider der Vlaamse lijriek aanstellen om zich de loeft laten af te steken door v. Doesburg. Nu heeft hij niet de minste wording, “hij is een koning van verf en penseel en het essentiële van deze gedichten wil hij niet goed snappen.” Dat is’t. Hoe daaraan verhelpen. Want met de hand op het hert gesproken te veel vertrouwen heb ik niet en wanneer hij reeds begint mijn page “auto de la mort” te verbeteren, een page die zó blijven moet, al draaide de Floris gelijk een topt, omdat ik zelf alles daarbij heb overwogen en ja, Floris geëkwilibreerd, dat kan een blinde zien, – dan krijg ik zowaar een siddering over mijn ledematen. Voor mijn part, als de Flor diktatoriaal optreedt en het gaat niet anders te doen, dan blijft het boek liggen… In alle geval: ik heb het laatste woord in zake compositie der pagen en niet de Floris (de koning van de illustraties). Als we zoiets in Flor zijn dikkop konden ingeprent krijgen!’

Schenking

Omdat Paul van Ostaijen en Floris Jespers het niet eens werden, wordt de typografie toevertrouwd aan de broer van Flor, Oscar Jespers. Hij respecteert de aanwijzingen van Van Ostaijen tot in detail. Als die klus geklaard is, verschijnt de bundel in april 1921 als derde (en bij leven laatste) dichtbundel van Paul van Ostaijen, Bezette Stad, in een oplage van 40 luxe- en 500 gewone exemplaren, met een omslagontwerp en ‘originaalhoutsneden en tekeningen van Oscar Jespers’, zoals het titelblad opgeeft.

Als dank voor de hulp en de bijstand schenkt van Ostaijen Oscar Jespers het manuscript in verschillende kleuren geschreven, en eigenhandig gebonden, van De feesten van Angst en Pijn, de vierde bundel die in 1952 – jaren na de dood van van Ostaijen – in facsimile gepubliceerd wordt in het Verzameld Werk, onder redactie van Gerrit Borgers.

Inname, bezetting en aftocht

Tot zover de wordingsgeschiedenis van de bundel die nu in handen is van het Letterenhuis. Maar even belangrijk – zo niet belangrijker – is de inhoudelijke waarde van de bundel.

Nuchter bekeken is hij niets anders dan een poëtisch en historisch journalistiek verslag van de bezetting van Antwerpen van 1914 tot 1918. De bundel begint, na de inleiding, met het oprukken van het leger van generaal Alexander von Kluck.

Niet zogauw is de stad bezet, of de staf van het Belgische leger, vlucht samen met de koninklijke familie – die gehuisvest was in een paleis op de Meir, eigendom van Leopold II, bij nacht richting Gent. De dag daarop wandelt het Duitse leger de stad in. Wat volgt zijn belevenissen tijdens de bezetting. De bundel eindigt met de aftocht van het Duitse leger in oktober 1918. Het volk is euforisch. Van Ostaijen brengt daar verslag van uit. De belangrijkste twee vreugdekreten vullen in x-vorm het middenstuk van de laatste pagina van de bundel: LEVE DE GEKREPEERDEN en VIVE MAX.

Voor wie wil weten wie Max is. Het is Adolphe Max [1869 – 1939), een Belgisch politicus en burgemeester van Brussel vanaf 1909 tot aan zijn dood, met een onderbreking van 1914 tot 1918. Hij staat vooral bekend vanwege zijn verzetsdaden tijdens de oorlog, die hem zijn vrijheid gekost hebben.

De jazz van de Scheldestad

Alles, maar dan ook alles in Bezette Stad is waar gebeurd. De lezer mag zich niet blindstaren op de typografie. Die is er juist om bepaalde aankondigingen in tijd en ruimte weer te geven. Verder om de muzikaliteit van kreten in straten, kerken en bordelen te versterken en de stadssfeer bij dag en nacht in warme of koude gevoelens om te zetten.

Bezette Stad is dus naast een journalistiek verslag een partituur. Tot slot is aardig om weten dat de cover van Bezette Stad – van de hand van Oscar Jespers – een stadsplan lijkt. Antwerpen? Zou wel eens kunnen. De bundel ruikt, smaakt, oogt en luistert naar de jazz van de Scheldestad. En voelt een bezette stad.

[ARForms id=103]

Guido Lauwaert

Guido Lauwaert is regisseur, acteur, auteur, columnist en recensent voor o.a. Het Laatste Nieuws, NRC Handelsblad, Knack en Doorbraak.