Geen categorie
Vrije Tribune
Vrije Tribune
Philip Roosen

Het nieuwe nationale voetbalstadion: alweer een voorbeeld waarom het Belgische model niet werkt

Parking C = uitbreiding van Brussel

Zorg dat je als Brusselaar eigenaar bent van een stuk grond in Vlaanderen, kies voor een activiteit waar een groot deel van de bevolking gevoelig voor is, licht de pers in alsof je plannen al realiteit zijn en plan zo laat mogelijk overleg met de lokale bevolking om de schijn hoog te houden. Dit is het perfecte recept om in het bestaande België je plannen te kunnen realiseren. De plannen rond het nieuwe nationale voetbalstadion op Parking C in Grimbergen voldoen aan al deze voorwaarden, aldus Philip Roosen, voorzitter van de N-VA Grimbergen en gemeenteraadslid in Grimbergen.

Het is natuurlijk een hele eer dat ons land uitgekozen is als gastland voor het Europese kampioenschap in 2020. Voor het voetbal in dit land is het een buitenkans. Maar bij de concrete invulling zijn wel een aantal cruciale fouten gemaakt, waarvan de ware toedracht achter de Brusselse schermen nog altijd niet helemaal duidelijk is, maar waarbij een aantal patronen zich toch al duidelijk aftekenen.

In eerste instantie moet je een keuze maken of je de bestaande infrastructuur wil ombouwen of dat je een nieuw stadion wil bouwen. Alle betrokken partijen vonden het ombouwen van het bestaande Koning Boudewijnstadion onmogelijk. Nochtans heeft de architect die 15 jaar geleden het koning Boudewijnstadion heeft gerenoveerd te kennen gegegeven dat dit wel perfect realiseerbaar was. Zelfs een capaciteit van 60.000 toeschouwers is haalbaar en de site is volledig conform de UEFA-normen te verbouwen. Hierbij was zelfs de atletiekpiste bewaard gebleven. In het slechtste geval zou één baan moeten  worden opgeofferd. De internationaal bekende Memorial van Damme zou dan kunnen blijven bestaan. De kostprijs van dit alles schommelt om en bij de 100 miljoen euro. Een Waregems architectenbureau heeft dit alles onlangs in detail uitgewerkt. Maar als de stad Brussel andere lucratieve plannen (zoals het NEO-project) heeft bij het gebied waar nu het huidige Koning Boudewijnstadion staat en als de voormalige burgemeester van Brussel een beleidsvoerende functie krijgt bij deze plannen, dan wordt er natuurlijk naar een andere site gezocht en verkiest men een andere strategie.

Hoewel een studie van het Brussels gewest (2009), in opdracht van Pascal Smet (sp.a), aantoonde dat Parking C geen goede locatie is, heeft de stad Brussel, onder zachte dwang van Guy Vanhengel (Open VLD) en van Alain Courtois (MR), hier toch voor gekozen. Zij hebben dan ook dankbaar gebruik gemaakt van de zwakte van het Belgische model. De stad Brussel is namelijk eigenaar van de locatie die op Vlaams grondgebied ligt. Dat betekent dat je als Brussels eigenaar een ideale gelegenheid hebt om vanuit de verdeeldheid en complexiteit je slag te slaan en tegelijkertijd een extensie van Brussel kan creëren waardoor de verfransing in Vlaanderen wordt voortgezet. Bovendien is het nieuwe nationale stadion maar rendabel als er minimaal 55 activiteiten kunnen georganiseerd worden, waardoor Anderlecht mee in de boot kan stappen. Dit alles was natuurlijk snel geregeld als je de banden kent tussen de trekkers van dit project en het bestuur van Anderlecht. Het zal dus een stadion zijn waar enkel en alleen voetbal gespeeld wordt, dus zonder atletiekpiste. Dergelijke initiatieven passen al lang niet meer in de Europese regelgeving, die zegt dat ze multi-inzetbaar moeten zijn, maar in het Belgische model kan dit dus nog steeds. Voor de Memorial Van Damme zal dus nog voor een alternatief moeten gezorgd worden.

Bij het principeakkoord tussen de stad Brussel, het Brussels Hoofstedelijk Gewest en Vlaanderen werden door N-VA een aantal voorwaarden afgedwongen. Mobiliteit, milieu, ruimtelijke ordening en financiering zijn hierin cruciale punten. Maar ook hiervoor bestaat een Belgische oplossing.

Er mag in principe geen overheidsgeld aan te pas komen. Maar als de stad Brussel de ondergrondse parkeerplaatsen van het nieuwe stadion zal bekostigen, die weliswaar ook als parkeergarage dienst kunnen doen, en als de stad Brussel een aantal aanpassingswerken rond openbaar vervoer voor zijn rekening zal nemen (wat snel gerekend over een bedrag van om en bij de 300 miljoen euro gaat), dan stelt men vast dat dit bijna evenveel bedraagt als de jaarlijkse transfer van Vlaanderen naar Brussel. Het betreft hier wel degelijk overheidsgeld, uw en mijn geld dus. Maar ook dit is eigen aan het Belgische model.

Het project moet tevens binnen het bestaande GRUP ( gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan) gebouwd kunnen worden. Bij de berekening hiervan moet de voetafdruk vermenigvuldigd worden met het aantal bouwlagen. Brussel laat juristen nu al een constructie uitwerken waarbij toch enkel en alleen de voetafdruk van de onderste bouwlaag in rekening dient gebracht te worden, hetgeen natuurlijk ook alleen in België mogelijk is.

De verbreding van de ring wordt als verzachtende omstandigheid aangehaald voor de verkeersinfarcten die minstens 55 keer per jaar zullen ontstaan. Maar deze werken op de ring aan de Noordrand zullen slechts plaats vinden tegen 2025, lang na Euro 2020. Niemand heeft enig overzicht van hetgeen de cocktail aan nieuwe initiatieven zal opleveren aan mobiliteitsproblemen. Uplace, Dockx Bruxsel en Neo zijn projecten die in de pijplijn zitten. Maar er is geen enkele instantie die haar nek uitsteekt om een overkoepelende visie uit te werken over de nodige structurele maatregelen die zullen noodzakelijk zijn om dit leefbaar te houden met betrekking tot mobiliteit en milieu. Laat staan om een halt toe te roepen aan bepaalde projecten. Opnieuw het Belgische model ten top.

Met betrekking tot de taalregeling, is er nood aan een specifiek convenant waarbij het gebruik van het Nederlands centraal staat, wat juridisch niet altijd meteen afdwingbaar is.

Samengevat: Brussel breidt uit. Men kiest voor een megalomaan project zonder al te veel maatschappelijke meerwaarde, behoudens de opwaardering van de site maar hiervoor zijn andere initiatieven evenzeer geschikt. De voetbalbond waagt zich buiten zijn core business en voert een vreemd beleid in plaats van te investeren in het Belgische voetbal in het algemeen. Resultaat van dit alles is dat er heel weinig draagvlak is voor het bestaande initiatief en dat er veel ontevreden partijen zijn.

Nochtans is de oplossing zeer eenvoudig, zelfs binnen het Belgische model. Namelijk:  verbouw het huidige Koning Boudewijnstadion, investeer in de stadions van eerste klasse clubs en maak van de site op Parking C een park met een ondergrondse parkeergarage voor pendelaars. Maar de beste oplossing op termijn is ervoor zorgen dat het Belgische model omgetuned wordt tot een ander, werkbaar en efficiënt model. Wordt dat niet stilaan tijd!?

 

© Reporters

 

Philip Roosen

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans