fbpx


Binnenland
Crevits

Hilde Crevits en de N*-tetten: weet wat u eet

Ook zoete gebakjes kunnen pijnlijk afgaan



Gisteren, maandag, was het regenboogdag, of IDAHOT, of Internationale dag tegen homofobie, transfobie en bifobie. Of zoiets, want de  LGBTQIA+ gemeenschap voegt er gestadig letters aan toe, die allemaal voor een aspect van seksuele diversiteit staan. Ik ben helemaal voor, liefde heeft vele gezichten, hoe lachwekkend en lelijk ik die regenboogzebrapaden en bankjes ook vind, en los van bedenkingen rond de P van pedofilie die dan toch ook een plaatsje zou moeten krijgen in deze brede waaier van goestingen.

Het voorbije weekend echter beging Vlaams minister van economie Hilde Crevits (CD&V) dé flater van haar politieke loopbaan: een bezoek aan de Torhoutse bakkerij Dumon, waarin onder meer de in ’t oog springende gebakjes worden geproduceerd die officieel ‘nonnenbillen’ of ‘chocozoenen’ heten, maar die in Vlaanderen algemeen gekend zijn als ‘negerinnentetten’. Tot daaraan toe, ware het niet dat olijke Hilde een tweet had gepost waarin ze verwees naar een ‘discussie over de juiste benaming van deze lekkernij’. Olala, Hildetje toch.

Hilde Crevits (Facebook)

De gewraakte post van Crevits

Want zoals dat gaat bij Twitter kreeg ze een resem reacties van mensen die allemaal hun vinger opstaken voor het juiste antwoord: ‘Het zijn negerinnentetten, Hilde!’ (spreek uit op zijn West-Vlaams: ‘tatn’). Meteen stond heel de brede diversiteitsindustrie op haar achterste poten, aangevoerd door de onvermijdelijke Dalilla Hermans, daarbij nog een zekere Sibo Kanobana (UGent) die het had over ‘de ontmenselijking van het zwarte lichaam’, en niet te vergeten onze Jihad Van Puymbroeck (de groenlinkse activiste die haar werkterrein op de VRT-redactie uitbreidde). Heel het weekend door kreeg Crevits die chocozoenen allemaal terug in haar gezicht en zag ze alle kleuren van de regenboog, tot ze maandag excuses de wereld in stuurde en voluit de IDAHOT meevierde.

Aan de juiste kant van de geschiedenis

Een amusante anekdote, maar tegelijk worden we hier weer geconfronteerd met een geval van doorgeslagen politieke correctheid, typisch voor een land waar er wel vrijheid van mening is maar waar bij nader inzien anderen toch zeggen welke woorden we mogen gebruiken, en vooral welke niet. Via tussenstations als (bestrijding van) racisme, seksisme en islamofobie wordt het verdomd uitkijken en op de tippen van je tenen lopen. Mag en moet iedereen zichzelf kunnen zijn? Echt?

Links levert deze munitie aan: ze zijn in Vlaanderen electoraal met minder, maar ze staan aan de juiste kant van de geschiedenis en krijgen een breed forum in de mainstream media. Want denk vooral niet dat dit over patisserie gaat: Crevits werd terechtgewezen omdat de brede bevolking moet blijven beseffen dat het monster van het racisme rondwaart, het zit zelfs in het Vlaamse DNA volgens Knack-hoofdredacteur Bert Bultinck. De excuses van Crevits maken het helemaal af, maar ze had natuurlijk geen keuze, want zo’n politica kan zich geen Lukakuutje permitteren.

Daarover gesproken: een andere coryfee van de Vlaamse gedachtenpolitie, Tom Lanoye, spuwde nog eens zijn gal uit over Doorbraak en in het bijzonder één bepaalde columnist. Doorbraak is niet-mainstream en is politiek pluralistisch, en dat stoort Tom mateloos, het pas niet in zijn antidivers wereldbeeld van het groenlinkse waarheidsmonopolie. Het moet echter zijn dat het inktpotje van de oud geworden jonge god leeg is, want het is, op wat punten en komma’s na, krek dezelfde scheldcolumn die hij een jaar geleden afleverde. Met dezelfde fouten (Sanctorum zou een pseudoniem zijn) en flauwigheden (de naam van zijn opponent heel het artikel door verbasteren tot ‘Krankjorum’).

Non-discriminatie

De frustratie moet groot zijn in die kringen. Maar geen nood, de ‘wokes’ hebben al lang de wacht afgelost. Na de klassieke politieke correctheid, die vooral censureert onder de vlag van de fatsoensmoraal, krijgen we nu te maken met een 2.0 versie van de ‘de-kolonisatie’, die zich nog breder met onze taal en gedragingen bemoeit, de kleur van kleurpotloodjes, de straatnamen, de vraag of witte schrijvers wel zwarte dichteressen mogen vertalen (de kwestie Amanda Gorman), het verbod voor kinderen om nog cowboy-en-indiaan te spelen (een serieus voorstel van de Gentse Groen-schepen Tine Heyse), tot en met de ban van de veel te blank-Germaans ogende Pipi Langkous.

Wat is nu de clou van de zaak, en waarom gaat de politiek zo gewillig mee in de ‘wokeness’? Omdat men op die manier, zoals gezegd, greep krijgt op taal en gedrag, schijnbaar zonder de grondwettelijk gewaarborgde vrijheid van mening te hoeven inperken: racisme valt daar gewoon niet onder. En hoe breder we met het begrip racisme omspringen, hoe meer mogelijkheden tot censuur.

Bovendien, door zoveel mogelijk groepen als ‘kwetsbaar’ te definiëren, maakt men mensen ook weerloos en afhankelijk van het systeem. Men des-individualiseert ze tot lid van een ‘gemeenschap’ (gekleurd, vrouw, moslim, of het brede LGBTQIA+ gamma), waarna de overheid een soort sociale zekerheid voor emoties moet organiseren. Het debat, de polemiek is verleden tijd: het komt er vooral op aan niemand of geen enkele groep te kwetsen. Dat is de bedenking die men bij heel het regenboogverhaal kan maken: het deelt de samenleving op in groepsidentiteiten, die allemaal bescherming nodig hebben, tegen discriminatie en ‘beledigingen’. De lach, de knipoog worden problematisch.  Satire is eigenlijk not done in zo’n paraplu-maatschappij.

Wie overigens in heel dit verhaal vergeten wordt, zijn de nonnen. Want ‘nonnenbillen’ als alternatief voor ‘negerinnentetten’? Is dat een vooruitgang? En blijkbaar dan toch zwarte nonnen? Of witte nonnen die zonder wc-papier zijn gevallen? Ik hoop dat deze groep snel iets van zich laat horen en de pijn van het non-zijn laat voelen via het wokezweepje op de blote billen van Hilde Crevits. Er is nog werk aan de modale Vlaming, zeker de West-Vlaming.

Dat de kleur van chocolade altijd bruin zal blijven, evenals het finale restproduct, bij welk ras ook, is dan toch een mooie, inclusieve gedachte waarmee ik graag de ‘discussie over de juiste benaming van deze lekkernij’ wil afronden.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

[ARForms id=103]

Johan Sanctorum

Johan Sanctorum is filosoof, publicist, blogger en Doorbraak-columnist.