Cultuur
Essay
Essay

Hugo Claus: Nee, ik beslis

Gedichten en liedteksten van Hugo Claus getoonzet
Hugo Claus

Op zondag 4 februari 2018 vond in het Brusselse artistiek-literair café Het Goudblommeke in Papier de voorstelling plaats van de cd Nee, ik beslis, waarop ruim twintig gedichten en liedteksten van Hugo Claus muzikaal vertolkt worden en de meester zelf zeven nooit eerder gepubliceerde gedichten voordraagt. De uitgave, met begeleidend tekstboekje, is een productie van de Nederlandse muziekuitgever Hans Kusters. Kusters gaf eerder al cd’s uit waarop onder meer Remco Campert, Herman de Coninck en Hugo Claus een selectie uit hun gedichten voorlezen, zonder muzikale begeleiding. In Het Goudblommeke in Papier brachten Patricia Beysens (zang), Steef Verwée (zang) en Eddy Aelbrecht (elektrische piano) een zevental nummers uit Nee, ik beslis, een titel die verwijst naar Claus’ beslissing om zijn leven door middel van euthanasie te beëindigen wanneer hij dat zelf wilde – de schrijver leed immers aan de ziekte van Alzheimer.

Claus on the Rocks

De voorstelling van Nee, ik beslis maakte deel uit van een reeks activiteiten die plaatsvinden naar aanleiding van de tiende verjaardag van het overlijden van Hugo Claus op 19 maart 2008. Bijzonder aan Het Goudblommeke in Papier is dat Hugo Claus er op 31 mei 1955 zijn eerste huwelijk vierde met de Nederlandse Elly Overzier, in aanwezigheid van literaire en artistieke vrienden zoals Simon Vinkenoog, Karel Appel, Roger Raveel en Louis Paul Boon. Eerder al woonde de schrijver er de redactievergaderingen bij van Tijd en Mens (1949-1955), het tijdschrift van de Vlaamse Experimentelen, waartoe onder anderen Jan Walravens, Ben Cami, Marcel Wauters, Albert Bontridder en Claus zelf behoorden. Het café kende in die tijd de legendarische Geert van Bruaene (1891-1964) als uitbater, bekend van onder meer zijn activiteiten als zaakvoerder van verschillende Brusselse kunstgaleries, waaronder A la Vierge Poupine, die hij samen met Paul van Ostaijen uitbaatte.

Nee, ik beslis heeft een lange voorgeschiedenis. Wie vertrouwd is met het leven en werk van Hugo Claus, weet dat de schrijver vanaf de jaren 1970 frequent de Gentse kunstenaarskroeg Hotsy Totsy Club aandeed, die werd uitgebaat door Claus’ jongere broer Guido en diens partner Motte, en waar op 17 maart 1983 de voorstelling plaatsvond van Claus’ magnum opus Het verdriet van België. De toen nog jonge componist, muzikant en zanger Steef Verwée raakte er bevriend met Hugo Claus en realiseerde samen met hem de muziektheaterproductie Claus on the Rocks, die in 1979 in première ging in muziektheater Arena te Gent. Claus en Verwée selecteerden voor die productie samen elf gedichten uit het oeuvre van de literaire grootmeester, Verwée schreef er muziek bij en zong ze ook. Claus schaafde de gedichten bij naar de vormvereisten van de muziek, waardoor er alternatieve, tot vandaag niet eerder gepubliceerde versies ontstonden van een aantal van zijn klassieke gedichten. Een twaalfde gedicht, ‘In memoriam Ferdi’, vond zijn plaats in de musical Casanova, door Verwée gecomponeerd in 1986 in opdracht van het Arca Theater te Gent.

The Erotic Opera

Claus on the Rocks bestond verder uit tien liedteksten van Claus, die hij oorspronkelijk schreef voor de Nederlandse zangeres Liesbeth List. Ongelukkig genoeg deed zij er niets mee. Ook deze teksten zette Verwée op muziek en Patricia Beysens zong ze. Opmerkelijk is dat deze liedteksten nooit eerder werden gepubliceerd – tot nu. Alleen al daarom is de aanschaf van Nee, ik beslis de moeite waard. Dat geldt trouwens evenzeer voor de zeven afsluitende gedichten op de cd, die hier voor het eerst verschijnen. Hugo Claus las ze, zonder muzikale begeleiding, voor in de studio in 1985. Hij schreef ze destijds speciaal voor The Erotic Opera, opnieuw een productie van Steef Verwée, waarvoor de componist muziek schreef bij erotische teksten van Engelstalige dichters – een  evenement dat in 1985 in première ging in muziektheater Arena te Gent. Claus’ gedichten waren bedoeld als exclusieve bindteksten tussen de thematische opera-acts en werden bij elke uitvoering live uitgestuurd. Het zijn alle korte gedichten – het langste telt negen versregels – en ze wijken noch stilistisch noch inhoudelijk af van Claus’ ‘gewone’ gedichten. In het tekstboekje bij de cd zijn ze overigens in Claus’ handschrift afgedrukt. Hieronder als teaser ‘Ongenoegen’, het vierde gedicht uit de reeks.

De goorste woorden in het woordenboek

rijmen niet genoeg,

de vuilste kinderen in de hoek

huilen niet genoeg

om te vertellen, mijn lellebel,

hoe mijn begeerte leeft en sterft

in je gescheurde broek

in je bebloede hemd.

Liedje

Het is interessant na te gaan uit welke dichtbundels Verwée en Claus de twaalf gedichten selecteerden voor Claus on the Rocks en Casanova, al was het maar om te weten te komen of de gedichten in deze bundels muzikaler zijn dan die in andere bundels van Claus. Maar liefst acht gedichten staan in Claus’ vroege bundel Een huis dat tussen nacht en morgen staat (1953). Zoals ze chronologisch op Nee, ik beslis voorkomen, gaat het om Oefeningen 7, Ik schrijf je neer, Oefeningen 8, Oefeningen 9, Liedje, Oefeningen 4, Romantisch en Bewegen 1. Ze zijn, op één na, alle terug te vinden in de verzamelbundel Gedichten 1948-1993 (1994). Alleen Liedje is daarin niet opgenomen. Ook in de vroegere verzamelbundel Gedichten 1948-1963 (1965) prijkt het niet. Verrassend genoeg staat het wel in de eerste druk van Een huis dat tussen nacht en morgen staat, op pagina 52. Wil dat zeggen dat Claus Liedje achteraf bekeken niet goed genoeg vond voor opname in zijn verzamelde gedichten? Best mogelijk, vooral in de wetenschap dat gedichten schrappen geen ongewone werkwijze voor hem was. Zo luidt de verantwoording in Gedichten 1948-2003 als volgt: ‘De tekst van deze uitgave is gebaseerd op die van Gedichten (1948-1963), Gedichten 1969-1978, Almanak, Alibi, Sonnetten en De Sporen. Daarin heb ik hier en daar, zoals dichters doen, gedichten toegevoegd, geschrapt, herschikt of herschreven.’ Toch blijft het opmerkelijk dat Claus Liedje zoveel jaren na datum alsnog opviste voor Claus on the Rocks. Misschien moet een literatuurwetenschapper maar eens uitzoeken waarom.

De overige vier gedichten, te weten Zijn relikwie 3, Zijn relikwie 7, In memoriam Ferdi en Ha Seele, komen respectievelijk uit Heer Everzwijn (1970), Van horen zeggen (1970) en Een geverfde ruiter (1961). De spelling van Ha Seele komt in het tekstboekje bij Nee, ik beslis overigens niet overeen met die in Een geverfde ruiter en in alle daaropvolgende verzamelbundels. Daar heet het gedicht Ha! Seele! – een slordigheid zoals er wel meer voorkomen in het tekstboekje. Zo klopt bijvoorbeeld de nummering van de gezongen gedichten en liedteksten en de door Claus voorgelezen gedichten niet. De opsomming van de liederen eindigt bij nummer 22, met het gedicht Bewegen 1 / Ha Seele. Zo lijkt het alsof het om twee gedichten in één lied gaat. In werkelijkheid worden beide gedichten door Steef Verweé afzonderlijk gezongen. Conclusie: Ha Seele – dat dus eigenlijk Ha! Seele! had moeten luiden – had nummer 23 moeten krijgen. Dat nummer krijgt ironisch genoeg het eerste van de zeven door Claus voorgelezen gedichten, waarna de nummering verder loopt tot 30. Alleen ontbreekt het nummer 28! Het allereerste gedicht heeft overigens Ouverture als titel. Het komt in geen van de bundels voor waaruit Verwée en Claus een keuze maakten, maar de ultrakorte tekst blijkt bij nader inzien een fragment uit het gedicht Ha Seele / Ha! Seele!, waarmee de liederencyclus afsluit. Zo is de cirkel mooi rond.

Jij, jij, jij

De tien liedteksten dan, alle gezongen door Patricia Beysens, althans volgens de tekst op de kartonnen verpakking waarin de cd en het tekstboekje een plaatsje krijgen. In werkelijkheid zingt zij er maar negen. Het tiende, Wat wil je nou, neemt Steef Verwée namelijk voor zijn rekening! En daar stopt het niet met de slordigheden, want zo blijkt de op de verpakking vermelde website www.hanskustersmusic.com niet te bestaan. De juiste link is www.hanskustersmusic.be. De tekst op de verpakking wemelt daarnaast van grammaticale fouten en feitelijke onjuistheden. Ook typografisch is er een en ander misgelopen, met bijvoorbeeld drie of vier spaties tussen woorden als gevolg. Keurig oogt anders. Het lijkt er verdacht veel op dat Nee, ik beslis om haastwerk gaat, maar dat zou de gezongen en voorgedragen gedichten en liederen dan weer onrecht aandoen. Daar valt namelijk weinig of niets op aan te merken. De gezongen teksten zijn stuk voor stuk pareltjes, terwijl de voordracht van Claus die van zijn grote dagen is.

De grootste verassing van Nee, ik beslis bestaat uit Claus’ liedteksten, een bij het grote publiek nagenoeg onbekend facet van zijn kunnen. Opdat de lezer zich een idee zou kunnen vormen van de kwaliteit ervan, citeren wij het gedicht ‘Jij, jij, jij’.

Jij, landloper op mijn land

Jij, zandloper van mijn zand

Jij, gat in mijn gedachten

Jij, kater in mijn nachten

Jij, boek waarin ik lees

Jij, boef die ik soms vrees

Jij, nieuwjaar dat ik vierde

Toen je mij versierde

Jij, warme hand in mijn kleren

Jij, een bed met harde veren

Jij, die mijn lijf hebt bedaard

Als een temmer zijn liefste paard

Jij, tanden tegen mijn tong

Jij, droom die ik steeds verdrong

Jij, grap, waar ik om gierde

Toen ik jou versierde

Bedrieger zonder zorgen

Zweefvlieger in de morgen

Ik ben dronken van je wijn

Jij, mijn doornen, mijn azijn

Jij, trap in mijn open deuren

Jij, verhaal in geuren en kleuren

Dat welig tierde, zegevierde

Toen wij elkaar versierden

Wat blijkt? De bekende thema’s uit Claus’ poëzie, onder meer de krolse liefde, komen ook in deze tekst terug, en dat geldt bij uitbreiding voor de overige liedteksten. Het enige verschil is dat in Jij, jij, jij consequent elke pare regel rijmt op de onpare. Claus hield wat dat betreft perfect rekening met de vormvereisten van een liedtekst, waarin het eindrijm de muzikaliteit van de verzen versterkt. De taalvirtuositeit van de meester, de schijnbaar moeiteloze manier waarop hij de taal en de beelden naar zijn hand zet, is – hoe kan het eigenlijk ook anders – in zijn liedteksten net zo sterk aanwezig als in zijn poëzie.

De muzikale uitvoering van de gedichten en liedteksten is over de hele lijn sober, maar zeer effectief en sfeervol. Naast Patricia Beysens (zang) en Steef Verwée (zang en gitaar) spelen op Nee, ik beslis ook nog mee: Eddy Aelbrecht (piano), Dankaart Elst (cello) en Rony Verbiest (accordeon). Een cd om van te smullen. Doodzonde van de redactionele begeleiding van de uitgave, die van een potsierlijk amateuristisch niveau is, met als enige uitzondering de beknopte biografische schets van Claus door Clauskenner Georges Wildemeersch.

Patrick Auwelaert

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Patrick Auwelaert?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbaak.

Ik help Doorbraak groeien.

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans