Buitenland
emigratie

Italië loopt leeg

De Italiaanse bevolking wordt ouder, en krijgt minder kinderen. Tegelijkertijd vertrekken duizenden voornamelijk hoogopgeleide jongeren naar het buitenland op zoek naar werk en een toekomst.

Volgens het Italiaanse Instituut voor Statistiek, ISTAT, verhuisden in 2018 meer dan 123.000 Italianen naar het buitenland. Dat is evenveel als de inwoners van Monza of Pescara, en tevens het hoogste cijfer sinds 1981. Het onderzoekscentrum Idos (een onafhankelijke organisatie die onder meer werd gesponsord door de Caritas) berekende het effectieve aantal migranten op ongeveer 285.000. Zij telden ook wie zich niet uitschreef van het Italiaanse bevolkingsregister erbij. Dat cijfer is bijna zo hoog als ten tijde van de naoorlogse emigratie, toen in 1950 naar schatting zo’n 294.000 Italianen het land verlieten.

Emigranten

Het ministerie van Buitenlandse Zaken, la Farnesina, liet onlangs weten dat sinds 2006 het aantal Italianen in het buitenland steeg van 3,1 miljoen naar 5,1 miljoen. Van de huidige migratiegolf is 75% jonger dan 44 jaar, en heeft een derde een universitair diploma. Volgens het migratierapport van de ISTAT verlieten er de afgelopen vijf jaar meer dan 160.000 universitairen het schiereiland. Enerzijds is deze uitstroom het gevolg van de moeilijke situatie op de Italiaanse arbeidsmarkt, waarbij men zich tevreden moet stellen met lage lonen of ondergekwalificeerde jobs. Anderzijds is dit ook de uiting van een globalere visie op de wereld bij de jongere generatie, geholpen door de verhoogde mobiliteit, zowel fysiek (goedkoop vliegverkeer) als legaal (vrij verkeer van goederen, diensten, kapitaal en personen in de EU) veel sneller beslissen te vertrekken naar landen waar de carrièrekansen groter zijn.

Deze groeiende migratie van Italiaanse universitairen naar het buitenland legt echter een hypotheek op de toekomstige economische groei van het land. Men spreekt daarom niet alleen van een ‘youth drain’, maar ook van een ‘brain drain’. Ondanks de brexit kiezen de meeste jongeren nog steeds het Verenigd Koninkrijk als eindmeet (21.000), gevolgd door Duitsland (bijna 19.000), Frankrijk (12.000) en Zwitserland (meer dan 10.000). Deze vier landen nemen  meer dan 60% van de Italiaanse ‘expats’ voor hun rekening. Onder de niet-Europese landen zijn de belangrijkste bestemmingen Brazilië, de Verenigde Staten, Canada,  Australië en de Verenigde Arabische Emiraten.

Naast de migratiestroom richting het buitenland, is er ook nog steeds een sterke ‘traditionele’ beweging van zuid-Italië naar het centrum en noorden van het land. Het nettoverlies van de Meridione bedroeg sinds 2006 zo’n 1,8 miljoen mensen. De grootste verliezers zijn volgens de laatste cijfers de regio’s Molise, Basilicata, Sardinië, Sicilië en Puglia. Maar sinds enkele jaren kennen ook de Noord-Italiaanse regio’s Ligurië, Valle D’Aosta en Piëmonte een negatief migratiesaldo. Zelfs Lazio, de regio van de hoofstad Rome, Friuli-Venezia-Giulia en Toscane zagen in 2018 meer mensen vertrekken dan instromen. Als gevolg van deze volksverhuizing lopen vele dorpen en kleinere steden op het platteland langzaam leeg, waardoor er ook stees minder diensten worden aangeboden. Dit laatste versterkt dan weer deze  interne migratiegolf.

De nieuwe emigranten zijn niet meer te vergelijken met het cliché uit de jaren 50 van de zuidelijke arbeider die het dorp verliet met een kartonnen koffer. Meer dan de helft van de expats komen vandaag uit de noordelijke regio’s, ongeveer een kwart uit het centrum, terwijl het zuiden minder dan een kwart van het totaal uitmaakt. Die laatste groep migreert dan weer volgens het studiecentrum SVIMEZ (Associazione per lo sviluppo dell’industria nel Mezzogiorno) veel meer in Italië dan naar het buitenland, ook omwille van de gebrekkige talenkennis.

Kinderen

De Italiaanse bevolking krimpt niet alleen door een negatief migratiesaldo, maar ook door een dalend geboortecijfer. Er worden steeds minder kinderen geboren en de bevolking veroudert razendsnel. SVIMEZ berekende dat in 2050 de gemiddelde leeftijd van de Italianen met zes jaar zal stijgen (van 45 naar 51). Vorig jaar waren er slechts 449.000 geboortes, of 9.000 minder dan in 2018. Een laagterecord. Op vier jaar tijd (van 2014 tot 2018) is het aantal bevallingen gedaald met ongeveer 54.000, de laatste tien jaar met zo’n 120.000. Dat betekent dat elk decennium een stad zoals Bergamo of Siracusa verdwijnt. Volgens de ISTAT is een van de belangrijkste oorzaken het dalende aantal vruchtbare vrouwen tussen 15 en 49 jaar. Zo zijn er in vergelijking met 2008 ongeveer 900.000 minder, en hebben steeds meer vrouwen vruchtbaarheidsproblemen. Dit komt dan weer onder andere omdat men pas op latere leeftijd aan kinderen begint.

Ook het gemiddelde aantal kinderen per vrouw neemt steeds verder af. In de jaren 20 kregen een Italiaanse mamma nog 2,5 kinderen. In de naoorlogse periode zakte dit naar 2. Vandaag bedraagt dit nog een schamele 1,35. Dit is echter geen laagterecord, want in het midden van de jaren 90 lag het cijfer nog lager op 1,19. Door de toenemende immigratie in de daaropvolgende jaren kon deze neerwaartse trend zich terug omkeren. Echter, sinds 2008 zakt ook bij niet-Italianen het geboortecijfer: van 2,65 naar 1,94.

Een van de redenen voor dit dalen geboortecijfer is volgens feministische organisaties het gebrek aan een politiek beleid ter ondersteuning van gezinnen en van de werkende moeders. Italië spendeert inderdaad vandaag na Griekenland en Letland het minst van de Europese Unie aan sociale voorzieningen voor families. Echter, ook het geboortecijfer van het gezinsvriendelijke Duitsland is amper hoger dan dat van Italië (1,50) en zou zonder de migranten zelf gelijk of lager liggen. De belangrijkste oorzaak lijkt eerder dat het idee een gezin van twee of meerdere kinderen niet meer behoort tot de persoonlijke, culturele en sociale ambitie van de meeste ouders.

Ouderen

Het negatief migratiesaldo en het dalende geboortecijfer zorgt ervoor dat vandaag zo’n 23% van de Italiaanse bevolking ouder is dan 65 jaar. Dit heeft onvermijdelijk gevolgen voor de pensioenuitgaven, die reeds één van de hoogste van de Europese Unie zijn. De demografische indicatoren komen nog eens bovenop de huidige economische malaise in Italië met een trage economische groei, en zelfs een recessie. Op 1 januari 2019 telde de ISTAT op het schiereiland zo’n 60,4 miljoen inwoners. Dat zijn er 90.000 minder dan in 2018. De dynamiek waarbij de bevolking in de werkende leeftijd de komende decennia zal blijven dalen, is  een van de remmen voor de potentiële groei van de Italiaanse economie. Intanto, L’Italia si svuota (‘ondertussen loopt Italië leeg’). 

Philip Roose

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Philip Roose?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans