fbpx


Cultuur
cultuur

Joachim Pohlmann, kabinetschef Cultuur: ‘Het is een zeer speciaal jaar geweest’

Visie versus crisismanagement



Joachim Pohlmann is ruim een jaar kabinetschef Cultuur onder minister-president Jan Jambon (N-VA). In december 2019 trad hij aan. De verwachtingen waren hoog gespannen. Pohlmann heeft namelijk al een indrukwekkend parcours afgelegd als woordvoerder en speechschrijver voor de partij. Hij wordt ook wel eens de intellectuele compagnon van Bart De Wever genoemd. Een terugblik op één jaar cultuurbeleid in Vlaanderen. Financiële zekerheid Op de valreep werd er eind 2020 nog een akkoord bereikt over het aanpassen van het Kunstendecreet. Hoe…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Joachim Pohlmann is ruim een jaar kabinetschef Cultuur onder minister-president Jan Jambon (N-VA). In december 2019 trad hij aan. De verwachtingen waren hoog gespannen. Pohlmann heeft namelijk al een indrukwekkend parcours afgelegd als woordvoerder en speechschrijver voor de partij. Hij wordt ook wel eens de intellectuele compagnon van Bart De Wever genoemd. Een terugblik op één jaar cultuurbeleid in Vlaanderen.

Financiële zekerheid

Op de valreep werd er eind 2020 nog een akkoord bereikt over het aanpassen van het Kunstendecreet. Hoe is dat verlopen, want de coalitiepartners hebben daar toch wat weerwerk geboden?
‘We hebben de eerste principiële goedkeuring bekomen. Het moet nu voor advies naar de Raad van State (RvS). Er moet dus nog een heel proces doorlopen worden. Maar er is wel discussie geweest over de vertaling van het regeerakkoord. Daar staat in dat we ingaan op de legitieme vraag van een aantal kunsthuizen om te voorzien in een financiële zekerheid op lange termijn. Daarvoor moesten we het Kunstendecreet aanpassen.’

‘Er is vanaf het begin heel veel discussie geweest over de vorm die de vertaling van het regeerakkoord in het nieuwe decreet moet krijgen. Discussie met de coalitiepartners, maar ook met de spelers op het veld en de belangenbehartigers van de sector. Uiteindelijk is er een compromis bereikt rond de zogenaamde kerninstellingen. Dat zijn organisaties die nu, omdat ze aan bepaalde voorwaarden voldoen, in aanmerking komen voor een dubbele subsidiëringsperiode. Zo krijgen zij zekerheid voor een langere periode.’

‘Het is wel maar één onderdeel van de hele hervorming van het cultuurbeleid, want dat behelst veel meer dan enkel de invoering van dit nieuwe concept. Het is een hervorming die gericht is op meer landschapszorg, een flexibelere aanpak van het Kunstendecreet, vereenvoudiging en meer stabiliteit binnen het geheel. Er is dus nog veel werk voor de boeg.’

Efficiëntieoefeningen voor administratie en sector

De cultuursector is enorm versnipperd en vertakt. Er bestaan dan ook veel subsidielijnen. Werden die al in kaart gebracht en is er een stroomlijning mogelijk?
‘Binnen het Kunstendecreet zelf zijn er maar een beperkt aantal subsidielijnen. Dat is op zich heel duidelijk. Maar dan heb je natuurlijk nog tal van andere decreten: het decreet sociaal-cultureel werk, cultureel erfgoeddecreet, het participatiedecreet, het decreet bovenlokale cultuur, de amateurkunsten enz… Daar zit je met een hoop subsidielijnen, die we momenteel in kaart brengen en evalueren. We hebben gezien dat we hier wel een aantal efficiëntieoefeningen kunnen maken. Een aantal daarvan hebben we ook al uitgevoerd. Maar je moet dat in een ruimer kader bekijken, want als je aan één subsidielijn begint te sleutelen, zie je dat dat impact heeft op de anderen.’

‘We hebben uiteindelijk wel zicht op alle subsidielijnen binnen de cultuursector, omdat bijna alles vastzit in decreten. In andere domeinen is dat veel minder het geval. Daar heb je meer beleidsvrijheid, terwijl bij ons zeer duidelijk decretaal vastligt waar en hoe het geld besteed kan worden. Dat verloopt via relatief zware administratieve procedures die de organisaties uit het veld moeten doorlopen.’

‘De bedoeling van de hervormingen binnen de verschillende decreten is om al die procedures te ijken en op elkaar af te stemmen. We gaan er dus met een fijne kam doorgaan en ons de vraag stellen hoe al die procedures tot stand zijn gekomen, of ze nog nut hebben en of we ze kunnen verbeteren, heroriënteren of stopzetten.’

Hoe verloopt de samenwerking met de administratie? Die moet natuurlijk cruciale informatie aanleveren.
‘Ik kan over de administratie niet klagen. Dat is een zeer professionele organisatie, zeer gedienstig en ze hebben tijdens de coronacrisis keihard gewerkt. Voor zover ik kan inschatten leveren zij de informatie correct aan. Maar zij zijn natuurlijk evenzeer gevat door al die procedures als het veld zelf. Alles ligt daarin vast en zij waken daarover. Voor hen is dat een even grote belasting als voor de cultuurspelers zelf. Als administratie zijn zij dus evenzeer vragende partij voor meer efficiëntie en vereenvoudiging, net zoals het veld dat is.’

Ideologische alarmbel

Een andere hervorming die is opgenomen in het regeerakkoord is die van het decreet sociaal-cultureel werk. Zo zou er komaf gemaakt worden met het subsidiëren van organisaties die segregatie in de hand werken en integratie belemmeren. Dat lijkt niet echt te vlotten…
‘We hebben dat in het regeerakkoord heel duidelijk afgesproken. Dat is artikel 27 van het luik Cultuur, het meest uitgewerkte artikel van dat deel van het regeerakkoord. Daar wordt heel mooi opgesomd wat er met het decreet sociaal-cultureel werk gaat gebeuren. Onder andere het niet langer subsidiëren van organisaties die zich terugplooien op een etnisch-culturele afkomst staat daar heel duidelijk in. Alleen is die hervorming eind 2019 gedwarsboomd, gefnuikt, door de oppositie, die aan de ideologische alarmbel heeft getrokken.’

Pardon?
‘De ideologische alarmbel zit vervat in het Cultuurpact. Het is zeer uitzonderlijk dat dit instrument gebruikt wordt. De laatste keer was in de jaren ’80. Het is in de jaren ’70, met de allereerste staatshervormingen, in het leven geroepen om ervoor te zorgen dat de levensbeschouwelijke minderheden in de verschillende gemeenschappen nooit benadeeld kunnen worden. Dat betekende toen eigenlijk dat de katholieken in de Franstalige gemeenschap en de vrijzinnigen in de Vlaamse Gemeenschap op bescherming zouden kunnen rekenen van de collega’s uit de andere gemeenschap. Dat dateert dus uit de jaren ’70, toen die levensbeschouwelijke tegenstelling nog zeer relevant was.’

‘In de praktijk betekent dit dat als één vierde van het betrokken parlement zegt dat een voorstel of ontwerp van decreet discriminerend is om filosofische en ideologische redenen, het ontwerp verhuist naar de federale Kamer en Senaat. Die moeten een eensluidend advies geven over het decreet waarna het dan terugkomt naar de gemeenschap.’

Vertragingsmanoeuvre

‘Nu, de oppositie heeft dit eigenlijk enkel ingeroepen als vertragingsmanoeuvre. De alarmbelprocedure is niet volledig doorgevoerd. Wij moesten dat decreet vóór 1 januari 2020 goedgekeurd krijgen om het nog te laten gelden voor de nieuwe subsidieronde. Eens die termijn niet gehaald werd, viel de procedure zonder voorwerp en werd ze stopgezet. Het federale parlement zat daar ook niet op te wachten. Wanneer je zo’n politiek probleem, dat enkel leeft in de Vlaamse democratie, exporteert naar het federale niveau, maak je daar een communautair probleem van. Je vergroot zo de Belgische impasse en legt eigenlijk een staaf dynamiet op federaal niveau. Maar daardoor is de hervorming dus uitgesteld tot de volgende subsidiëringsronde, die in 2026 plaatsvindt.’

Bestaan er plannen om zo’n reliek uit het verleden als de ideologische alarmbel op te doeken? In de toekomst kan dit toch nog voor problemen zorgen?
‘Tja, dat is het Cultuurpact, hé. Je zit daar aan de kern van heel het communautaire acquis dat toentertijd bereikt is. Dat hangt vast aan de gemeenschapsvorming, het statuut van Brussel, de pariteit, de grendels en dergelijke meer. Ik denk dat u en ik het er wel over eens zijn dat de Belgische staat toe is aan een grote hervorming, en dan liefst in confederale zin. Er moet eens grondig over nagedacht worden of dit soort instrumenten momenteel nog de relevantie hebben die ze toen hadden.’

‘Maar je mag niet vergeten dat bijvoorbeeld de Vlaamse Beweging ook nu nog gebruik maakt van de Cultuurpactcommissie om bepaalde manco’s aan te klagen in Brussel. Op het moment dat je aan dat draadje begint te trekken, moet je goed opletten welke evenwichten je op het spel zet. We moeten dit in een grote hervorming goed bekijken zodat we al die evenwichten kunnen herkalibreren.’

Geen subsidies meer voor segregatie

‘Maar om terug te komen op de oorspronkelijke vraag: door dit vertragingsmanoeuvre hebben we de laatste subsidieronde moeten laten verlopen volgens de regels van het oude decreet. Nu kunnen we dat decreet aanpassen volgens de principes zoals ze zijn afgesproken in het regeerakkoord. We gaan daar ook de tijd voor nemen om dit grondig en in overleg te doen. We gaan de procedures stroomlijnen en transparant maken, het decreet op dezelfde golflengte brengen als de andere. Die principes kunnen dan in 2026 gehanteerd worden.’

‘Dat betekent dan ook dat er nog altijd organisaties mogen bestaan die zich organiseren rond een bepaalde onderlinge culturele affiniteit. Dat moeten dan wel organisaties zijn die zich openstellen naar de brede Vlaamse gemeenschap, die daar ook de verbinding mee zoeken. Wij verwachten dat binnen de andere decreten van organisaties, alleen in het decreet voor het sociaal-cultureel werk is dit niet het geval. Wij gaan dat nu ook hier inschrijven. Het idee om zich in de eigen cocon terug te plooien en ervoor te zorgen dat de eigen leden, ondanks dat ze fysiek hier wonen, mentaal in een ander land zitten, dát gaan we niet meer subsidiëren.’

Beter zicht door crisis

We kunnen natuurlijk niet voorbij gaan aan de coronacrisis. Uw wittebroodsweken waren amper voorbij en u had al prijs. Er werd een Crisiscel Cultuur opgericht. Besparingen werden teruggeschroefd, er werden extra budgetten vrijgemaakt. Nooit werden er zoveel middelen vrijgemaakt voor cultuur. Van enige dankbaarheid valt echter weinig te bespeuren…
‘Tja… (lacht). Er is inderdaad veel budget voorzien. De belangrijkste maatregel die we hebben genomen is het laten doorlopen van de subsidies. Die zijn namelijk voorwaardelijk, daar moeten prestaties tegenover staan. Indien dat niet het geval is kan Vlaanderen de subsidies terugvorderen of inhouden. Dat heeft diegenen die geen eigen inkomsten meer hadden recht kunnen houden. We hebben ook een stuk van het noodfonds geheroriënteerd naar een activiteitenpremie, waarmee we vooral de sector aan de gang willen houden.’

Het grote voordeel van de coronacrisis is echter dat we een heel goed panoramisch en tegelijk detaillistisch zicht hebben gekregen op hoe de brede cultuursector in elkaar zit. Als wij vanuit de Vlaamse overheid naar de sector keken, zagen we vooral onze gesubsidieerde organisaties die we ondertussen wel kennen. Maar daaronder en -naast zitten veel freelancers, kleine zelfstandigen en organisaties, maar ook grote bedrijven zoals Live Nation en Studio 100. Die doen normaal geen beroep op de overheid. Die zijn nu wel in beeld gekomen.’

Tegengestelde belangen

‘Onze relatie als overheid is normaal beperkt tot het gesubsidieerde veld. Die andere spelers leveren een product af dat een breed publiek aanspreekt en hen in staat stelt de eigen boontjes te doppen. Maar al die culturele spelers — gesubsidieerd en niet-gesubsidieerd — zijn uiteindelijk toch met elkaar verbonden. Omwille van die verwevenheid is de gehele cultuursector dan ook bij elkaar gekomen. De kleinere spelers, de gesubsidieerden, de zelfstandigen, de commerciëlen zijn zich gaan verenigen in de Crisiscel om samen bij de overheid een aanspreekpunt te hebben. In die zin is de Crisiscel voor ons een belangrijke partner omdat ze de hele, brede, sector vertegenwoordigt.’

‘Die breedte betekent echter ook dat er behoorlijk wat tegengestelde belangen zijn. Die komen onmiskenbaar naar boven. Het is dus onze taak om dat te coördineren. Wanneer je aan de knoppen begint te draaien, zie je dat er overal wel iets in beweging komt. De kunst is om dit te doen zodat de gezonde bedrijven en organisaties overleven, terwijl ondertussen de mensen die voor hun broodwinning hiervan afhankelijk zijn, niet in pure armoede belanden. Dat is onze betrachting geweest en dat is de realiteit waar we nog steeds mee moeten omgaan.’

Geen blanco cheque, wel opportuniteiten

Vanuit de Crisiscel kwam er veel kritiek op het relanceplan voor de cultuursector. Ze hadden het over geld voor bakstenen en digitalisering, maar niet voor mensen. Ze zagen dat liever anders.
‘Dat gaat dus niet. Daarom net zit alles bij ons vast in decreten: om de verdeling van de middelen enigszins te objectiveren. Bij de relance ben je ook gebonden aan de vereisten die de EU stelt als je aanspraak wil maken op Europese middelen. Dat gaat over grote infrastructuurwerken en digitalisering. Europa legt daar de nadruk op en wij schrijven ons daar op in.’

‘In het regeerakkoord hebben we al ambities geformuleerd rond een aantal grote werken. Dat gaat dan over de museumsites in Brugge, de Bourla in Antwerpen, de Gentse Opera… Een aantal van die projecten worden nu — mits toekenning van de budgetten — versneld. Dat betekent ook dat er op het einde van de legislatuur meer marge komt om andere projecten te verwezenlijken. Gezien het over infrastructuurmiddelen gaat, moeten die natuurlijk wel daaraan besteed worden. Maar die infrastructuur komt uiteindelijk ook de gehele cultuursector ten goede. Je creëert locaties waar aan cultuurbeleving en -creatie kan gedaan worden. Dat gebeurt natuurlijk wel op de langere termijn, maar investeringen in bakstenen worden zo wel investeringen in mensen.’

‘Hetzelfde geldt voor de digitalisering. We moeten een omslag maken en zijn daar mee bezig. Dankzij de extra middelen kunnen we dit proces eveneens versnellen. Maar apart daarvan is er ook een relance voor de cultuursector. Er is een werkgroep opgericht die zich daarmee bezig houdt, op de korte en lange termijn.’

Relance op korte en lange termijn

‘Op korte termijn gaat dat over het niet-culturele instrumentarium van de Vlaamse overheid waar de cultuursector eigenlijk geen aanspraak op kan maken. Deze crisis heeft veel organisaties duidelijk gemaakt dat ze ook een economische speler zijn. Alleen is het economisch instrumentarium niet aan hen aangepast, evenmin als omgekeerd. De vraag is nu hoe we daar me om moeten gaan. Moeten wij als Vlaamse overheid zaken aanpassen en moet de sector eveneens aanpassingen doorvoeren? Daarover gaat de relance op korte termijn.’

‘Op langere termijn stelt zich de vraag hoe de gehele cultuursector sterker uit de crisis kan komen. Hoe gaan we omgaan met nieuwe presentatievormen? Welke nieuwe samenwerkingsverbanden zijn mogelijk? Hoe gaan we om met nieuwe arbeidsorganisatie? Want het is ook duidelijk geworden dat er iets schort aan de hele sociale organisatie van de cultuursector. Binnen het geheel bleken een aantal mensen toch zeer kwetsbaar te zijn. Die oefening maken we op langere termijn en moet binnen een jaar culmineren in een groot moment waarop we de relance van de cultuursector kunnen voorstellen. De sector moet dan versterkt uit de crisis komen, want elke crisis creëert ook opportuniteiten voor verandering en aanpassing.’

Dossier Biënnale

In het midden van de coronacrisis dook het dossier op over de Biënnale van Venetië, waar wij bij Doorbraak ook enige aandacht aan besteedden. Kunstenaar Jan De Cock kon zich niet vinden in de gang van zaken. Uw kabinet liet een onderzoek instellen. Hoe staat het daar mee?
‘Wij hebben de administratie gevraagd om een doorlichting te maken van de procedure en een aanbeveling te formuleren om ze in de toekomst te verbeteren. Voor zover de administratie kan nagaan hebben zich geen onregelmatigheden voorgedaan. Ik weet dat Jan De Cock nu ook samen met zijn advocaat betwistingen voert. Daar kan ik dus niet verder op ingaan. Alleszins zijn er wel aanbevelingen geformuleerd om te proberen dit soort disputen te vermijden.’

‘Ik wil daar wel aan toevoegen dat in het verleden elke toekenning van de Biënnale problematisch is geweest. Zowel in Vlaanderen als in Wallonië, want de toekenning gebeurt beurtelings door de twee gemeenschappen. Dat is natuurlijk omdat zo’n oordeel moeilijk objectief te maken is. Waar baseer je dat op? De jury heeft in al haar wijsheid en onafhankelijkheid een bepaalde keuze gemaakt. Daar kan je dan tot het einde der tijden over discussiëren…’

Crisismanagement

Het gaat hier niet zozeer over het inhoudelijke, maar over het procedurele. Daar zijn toch wel op z’n minst onzorgvuldigheden opgedoken.
‘Jan De Cock is hiervoor naar de Raad van State getrokken. Het is dan ook aan de RvS om hier over te oordelen. Ik denk wel dat we voor de toekomst de procedures strakker moeten zetten. Maar zelfs dan nog — gezien de geschiedenis — denk ik dat we altijd wel betwistingen zullen hebben. Maar ik denk niet dat we terug willen naar de tijd dat de minister van Cultuur persoonlijk besliste wie er naar Venetië mocht. Dat was de oude Belgische cultuur. Daar zijn we sinds Cultuur bij Vlaanderen zit, kordaat van afgestapt.’

Ziet u het na dit uitdagende jaar allemaal nog zitten of loert de burn-out om de hoek?
‘Absoluut en absoluut niet. Het is een zeer speciaal jaar geweest. Toen het begon was corona nog een bier dat je dronk om wat speciaal te doen. Een paar maanden later zaten we in de grootste gezondheidscrisis sinds de Spaanse Griep. Heel de cultuursector is dan stilgevallen.’

‘We zijn heel snel van het uitwerken van een brede visie aanbeland in crisismanagement. Tot na de zomer zijn we met quasi niets anders bezig geweest. Het voordeel is wel geweest dat we een heel diep inzicht in de cultuursector hebben verworven, gaande van de technici die bezig zijn met decor en belichting, tot de grote festivals, de grote productiehuizen en alles wat daar tussen ligt. Op een half jaar tijd is dat inzicht gegroeid en dat is een groot voordeel. Ik heb daar nu een veel breder zicht op. We hebben de voorbereidingen kunnen doen voor het beleid dat we hopelijk de komende jaren gaan kunnen ontplooien. Daar gaan we nu werk van maken.’

[ARForms id=103]

Winny Matheeussen

Enige tijd geleden geboren, in de herfst. Momenteel levend.