fbpx


Analyse, Buitenland
kiescollege

Kiescollege versus democratie in 2020

Peilingen voorspellen verschil tussen kiescollege en ‘popular vote’



De Amerikaanse presidentsverkiezingen zijn een vreemde eend in de bijt. Niet het Amerikaanse volk, maar een clubje kiesmannen — die uiteraard ook vrouwen kunnen zijn — selecteert de commander-in-chief voor periodes van vier jaar. Een moderne herinterpretatie van de Amerikaanse grondwet beveelt dat zij daarbij de wens van de kiezer respecteren. Doorgaans gebeurt dit ook. Toch koos in 2016 een uitzonderlijk groot aantal kiesmannen voor een andere Amerikaanse staatsburger dan de man of vrouw die de meeste stemmen haalde in…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


De Amerikaanse presidentsverkiezingen zijn een vreemde eend in de bijt. Niet het Amerikaanse volk, maar een clubje kiesmannen — die uiteraard ook vrouwen kunnen zijn — selecteert de commander-in-chief voor periodes van vier jaar. Een moderne herinterpretatie van de Amerikaanse grondwet beveelt dat zij daarbij de wens van de kiezer respecteren. Doorgaans gebeurt dit ook. Toch koos in 2016 een uitzonderlijk groot aantal kiesmannen voor een andere Amerikaanse staatsburger dan de man of vrouw die de meeste stemmen haalde in de staat die zij vertegenwoordigen in het college.

Winner takes all

Voor een analyse van het kiescollege verwijs ik naar het artikel van mijn collega-auteur David Neyskens. Hij schreef dit artikel niet toevallig na de presidentsverkiezing van 2016. Toen kon oud-minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton de meeste kiezers overtuigen, maar werd zakenman Donald Trump tot president verkozen. Het is evenwel niet (enkel) het kiescollege (of electoral college) an sich dat voor vreemde resultaten kan zorgen. Niet zozeer het bestaan van kiesmannen dan wel de manier waarop deze toegewezen worden leidt tot situaties waarbij de nationale democratie in haar puurste vorm moet wijken voor het Amerikaans federalisme en republikanisme. Deze basics moeten kort worden toegelicht alvorens het gevaar dat om de hoek loert, te beschrijven.

Iedere staat organiseert zijn eigen stembusslag. Er vindt dus niet één grote presidentsverkiezing plaats, maar wel 50 kleintjes. Zowat iedere staat wijst haar kiesmannen toe aan de ene dan wel de andere kandidaat. Dat gebeurt op basis van het ‘winner takes all’-principe. De kandidaat met het meeste aantal stemmen achter zijn naam, wint alle kiesmannen van de staat. Zo volstond het voor Trump om in 2016 48,17% van de kiezers in Pennsylvania overtuigen om alle 20 kiesmannen van de staat binnen te halen. Zijn belangrijkste tegenstrever kon op de steun van 47,46% van de kiezers rekenen, maar bleef met lege handen achter.

Electorale discrepanties

In tegenstelling tot het bestaan van een kiescollege, is deze toewijzingsmethode niet grondwettelijk verankerd. Toch kiezen 48 van de 50 Amerikaanse staten vrijwillig voor deze methode. Enkel het piepkleine Maine en het amper grotere Nebraska wijken er lichtelijk van af. Het is dit toewijzingsprocedé, niet het kiescollege an sich, dat voor de meest uitgesproken electorale discrepanties kan zorgen. In de electorale geschiedenis van de Verenigde Staten werd al vier keer een kiescollege-winnaar ingezworen die geen pluraliteit of meerderheid van de stemmen haalde: in 1876, 1888, 2000 en 2016*. Nooit verloor de nieuw verkozen president evenwel met meer dan drie procent van de uitgebrachte stemmen.

Nemen we er nu even de electorale map van de Verenigde Staten anno 2020 bij. Data-analist Nate Silver van FiveThirtyEight wees in een Twitter-draadje op het mogelijk verschil tussen enerzijds het aantal stemmen dat een kandidaat haalt in november en anderzijds het aantal kiesmannen dat uiteindelijk een stem voor hem zal uitbrengen wanneer het kiescollege samenkomt.

Potentieel instabiele situatie

Silver gaat in essentie uit van drie veronderstellingen, gebaseerd op recente bevragingen en historische trends. Ten eerste, de verwachte gigantische overwinningsmarges voor Biden in ‘blauwe’ staten. Ten tweede, de betrekkelijk bescheiden overwinningsmarges van Donald Trump in ‘rode’ staten. En ten derde, de explosie aan swing states in vergelijking met de presidentiële stembusslag van vier jaar eerder. Deze combinatie draagt het potentieel in zich voor een bijzonder instabiele politieke situatie in de weken na de verkiezing.

Verwacht wordt dat Biden nooit eerder geziene prestaties zal neerzetten in Amerika’s dichtbevolkte, progressieve kuststaten. Bijvoorbeeld in Californië, New York en Maryland. Plaatsen waar Donald Trump absoluut niet geliefd is. Trumps marges in het zuiden van het land, traditioneel Republikeins terrein, zouden vergeleken met Bidens marges eerder bescheiden zijn (iets wat trouwens in 2016 ook al het geval was).

Zo haalde Clinton in het saffierblauwe Californië 61 procent van de stemmen. Donald Trump amper 31 procent. In Texas, het hart van de moderne Republikeinse Partij, won, zoals verwacht, de Republikeinse kandidaat. Zij het slechts met 9 procent meer stemmen dan zijn Democratische tegenstrever. Dat was een beduidend niptere overwinning dan die van zijn voorgangers in 2012 en 2008. Voor het ‘winner takes all’-kiescollege maakt dit evenwel niets uit. Clinton en Trump werden alle kiesmannen van respectievelijk Californië en Texas toegewezen.

De schijnbare explosie aan kantelstaten (of ‘swing states’) schaadt voornamelijk de Republikeinse kandidaat. Volgens recente peilingen zijn eens rode bastions zoals Arizona, Georgia en Texas, samen goed voor 65 kiesmannen, potentieel vruchtbare grond voor Joe Biden. Enkel het traditioneel Democratische Minnesota, goed voor 10 kiesmannen, biedt Donald Trump de kans om zijn electorale map ‘uit te breiden’. Daarbovenop komen dan de klassieke swing states — zoals Florida, Ohio en New Hampshire — en het trio ‘lichtblauwe’ staten — Michigan, Wisconsin en Pennsylvania — dat Trump in 2016 tegen de meeste verwachtingen in binnenhaalde.

Kantelwiskunde

Een simpel voorbeeld toont aan hoe deze evoluties tot een bizarre verkiezingsuitslag kunnen leiden. Stel, de VS bestaat slechts uit zeven staten, alle met een gelijk aantal kiesmannen, namelijk 10. We gaan er in dit voorbeeld van uit dat er meer veilig Democratische staten zijn dan veilig Republikeinse om te corrigeren voor het feit dat ‘donkerblauwe’ staten door de band genomen meer kiesmannen hebben dan ‘donkerrode’.

Staten A, B en C stemmen voor de Democratische kandidaat met 65 procent van de stemmen. In staten D en E, klassieke kantelstaten, stemden 51 procent van de kiezers voor de Republikein. In staten F en G, traditioneel Republikeinse forten, overtuigt de Republikeinse kandidaat nog 55 procent van de kiezers (denk aan Arizona in 2016). De Republikeinse kandidaat zou de presidentsverkiezing winnen. Hij kan immers, dankzij het ‘winner takes all’-principe, rekenen op de steun van 40 van de 70 kiesmannen. De Democratische kandidaat behaalde evenwel 54,7 procent van de stemmen, 9,4 procent meer dan de Republikein. Beide kandidaten behalen dus duidelijke meerderheden. Maar enkel de eerste meerderheid bepaalt wie in januari ingezworen wordt.

Clinton 2.0

Bovenstaand scenario is een fictief en extreem voorbeeld. Maar indien de verkiezing de peilingen bevestigt, dan wordt deze stembusgang wel degelijk een extremere versie van de vorige uitgave. Toen kozen net geen 3 miljoen meer Amerikanen voor de voormalige first lady dan voor de huidige president. Ervan uitgaande dat evenveel Amerikanen op de Republikeinse en Democratische kandidaat stemmen in 2020 als vier jaar eerder en gebruik makende van de percentages uit het voorbeeld, betekent dit dat Joe Biden meer dan 12 miljoen meer Amerikanen zal overtuigen dan de desalniettemin herverkozen Republikein.

Als u denkt dat de media en het Democratische establishment in 2016 moord en brand schreeuwden na de verkiezing van het Democratische bête noire, denkt u dan dat de reactie milder of wilder zal zijn indien Trump met een nog groter verschil in ruw stemmenaantal een tweede termijn binnenhaalt? Dat het kiescollege tot dusver uitsluitend Republikeinen de sleutels van het Witte Huis bezorgde — in 1876, 1888 en 2000 stemden meer Amerikanen op de Democraat dan op de Republikein — doet menig Democraat dan ook uithalen naar het instituut. Zo zou er zonder het kiescollege in de 21ste eeuw, zo luidt het, geen Republikein zijn intrek hebben genomen in het Witte Huis**.

Antifa

Het kiescollege past perfect binnen de filosofie van het Amerikaans federalisme. Maar het is nog maar de vraag of radicaal-linkse politici en Antifa-relschoppers zich zonder slag of stoot zullen neerleggen bij ‘4 more years’. In 2000 versloeg Bush Gore met 0,5% minder stemmen. In 2016 won Trump van Clinton ondanks de steun van 2,1% minder kiezers. Het kiescollege werd onder vuur genomen, maar doorstond de aanval. Maar de ‘winner takes all’-invulling van het college opent in 2020 de deur voor een vreemde verkiezingsuitslag. Eén die kan bijdragen tot verdere polarisering en politiek geweld.


*Met ‘kiescollege-winnaar’ wordt gedoeld op een kandidaat die zijn verkiezing rechtstreeks te danken heeft aan een overwinning in het kiescollege. In 1824 kreeg Andrew Jackson meer stemmen én kiesmannen achter zijn naam, maar geen meerderheid, waardoor de verkiezing beslecht werd door het Amerikaans Congres.

**George W. Bush won in 2004 een tweede ambtstermijn. Hij won niet enkel een meerderheid in het kiescollege, maar kon ook meer kiezers overtuigen dan de Democraat John Kerry. De redenering van de voorstanders van deze theorie baseren zich op het historisch gegeven dat presidenten door de band genomen herverkozen worden. De runner-up van 2000, de Democraat Al Gore, zou dan ook in 2004 als winnaar uit de bus zijn gekomen.

Roan Asselman

Roan Asselman is master in de rechten (KU Leuven) en student vermogensbeheer (EMS). Voor Doorbraak volgt hij onder meer de Amerikaanse politiek en het Grondwettelijk Hof.