fbpx


Analyse, Buitenland
vicepresident

Kiezen de VS twee presidenten in november?

Het vicepresidentschap: sinds lange tijd echt relevant


De gevorderde leeftijd van de presidentskandidaten met een reële overwinningskans doet vragen rijzen over hun fysieke en mentale geschiktheid voor een slopend ambt als het presidentschap. Daarnaast wekt het aantal jaren dat zij op de teller hebben ook nieuwe interesse op voor het ambt van vicepresident: een functie die door de band genomen nogal stiefmoederlijk wordt behandeld. Een ambt dat door voormalig vicepresident John Nance Garner inferieur werd geacht aan ‘een warme pot spuug’.

Mr. Vicepresident

De Amerikaanse vicepresident is een sui generis figuur binnen de Amerikaanse uitvoerende én wetgevende macht. De hogergenoemde Garner noemde het vicepresidentschap ‘een niemandsland tussen de wetgevende en uitvoerende macht’. Enerzijds is hij in naam de tweede belangrijkste man – tot dusver vervulde geen enkele vrouw deze functie – binnen de uitvoerende macht. Hij is naast de president de enige met een rechtstreeks mandaat van het volk: president en vicepresident worden samen, op één ‘ticket’, verkozen. Hij fungeert tevens als voorzitter van de Amerikaanse Senaat met een beslissende stem wanneer een stemming eindigt op een ex aequo (en enkel dan). Gelet op de nipte meerderheden waarover de ene of de andere partij normaliter beschikt, wordt het belang hiervan best niet onderschat.

Anderzijds is het vicepresidentschap een functie die in normale omstandigheden slechts macht met zich meebrengt in zoverre de president dit toestaat. De uitvoerende macht in de Verenigde Staten is wat men noemt ‘unitair’: de president en alleen de president bepaalt het beleid van de staatsmacht. Ministers fungeren als adviseurs die hun oordeel niet in de plaats van de president kunnen stellen. Hetzelfde geldt voor de vicepresident: hoewel hij rechtstreeks gekozen wordt door het volk (we maken even abstractie van het systeem van kiesmannen) zwijgt de grondwet over zijn eigenlijke bevoegdheden. Het antwoord is simpel: hij heeft er – buiten het vernoemde stemrecht in de Senaat – geen.

Voornaamste luitenant

De keuze van de vicepresident is er een die op de schouders rust van de man of vrouw die door de Democratische of Republikeinse partij wordt verkozen tot presidentskandidaat. Eenmaal gemaakt, straalt het doen en laten van de voornaamste luitenant af op zijn generaal. Een door het Amerikaanse electoraat als lichtzinnig genomen gepercipieerde beslissing, zal de perceptie creëren dat een presidentskandidaat bij zijn eerste grote uitdaging meteen de mist inging.

In 1972 droeg de Democratische uitdager van Richard Nixon, George McGovern, senator Thomas Eagleton voor als kandidaat voor het vicepresidentschap. Bij gebrek aan alternatieven en na een slechts minimale background check bleek dat het McGovern kamp iemand had genomineerd die gediagnosticeerd was met klinische depressie en hiervoor elektroshock behandelingen had ondergaan. Dit gaf het Republikeinse kamp een opening om McGoverns oordeelsvermogen in twijfel te trekken.

Een ander typevoorbeeld van een controversiële keuze was de selectie van Sarah Palin door de Republikeinse kandidaat in 2008, John McCain. Palin, de gouverneur van Alaska, werd snel een allesbehalve onbesproken figuur in de Amerikaanse politiek en ‘genoot’ de reputatie van een niet bijzonder snuggere, ideologische bommengooier. Als conservatief scherpslijpster vulde zij de meer eclectische McCain goed aan om de partijbasis te mobiliseren, maar werd zij tegelijkertijd met argwaan bekeken door centrumkiezers. McCain gaf in zijn memoires zelf aan dat hij zijn keuze voor Palin betreurde.

Gender en ras 

Het vicepresidentschap is all about the message. Wat tracht de presidentskandidaat duidelijk te maken met zijn selectie? Veelal zal de kandidaat proberen de leemtes in het eigen profiel op te vullen door het nomineren van een VP die over ‘sterktes’ beschikt die de president in spe mist.

Gender is een ‘zwakte’ die in tijden van verhoogde gevoeligheid rond thema’s als gendergelijkheid en #MeToo meer aandacht krijgt. In aanloop naar Donald Trumps herverkiezing waren er berichten dat de president overwoog zijn huidige VP, Mike Pence, aan de kant te schuiven voor Nikki Haley, de oud-ambassadeur bij de Verenigde Naties. Als jonge vrouw met allochtone roots zou zij van meer toegevoegde waarde zijn dan Pence, die hetzelfde profiel heeft als de president: oud en blank.

En hoewel er in 2016 stemmen opgingen voor een vrouwelijk duo aan Democratische zijde, bestaande uit Hillary Clinton en Elizabeth Warren, speelde Clinton het op veilig en nomineerde de onbekende Tim Kaine. Gelet op het belang van etnische minderheden en, in mindere mate, vrouwen in de electorale coalitie van de Democraten, is de kans bijzonder groot dat oude mannen Biden, Sanders en Bloomberg een jongere VP selecteren van Latino of Afro-Amerikaanse achtergrond, eventueel van het andere geslacht.  Kamala Harris loopt zich warm.

Ervaring en ideologie

Ervaring en ideologie zijn inhoudelijk een stuk relevanter. Een jonge, onervaren president zal meer gediend zijn met een veteraan van vele legislatieve oorlogen dan met een groentje. John F. Kennedy koos met Lyndon B. Johnson de toenmalige Senaatsleider en met Joe Biden koos Barack Obama voor een senator die ten zijde van zijn voordracht reeds meer dan dertig jaar de staat Delaware vertegenwoordigde.

De VP kan ook een ideologisch tegengewicht bieden voor thema’s waarop de president als onvoldoende standvastig of mainstream wordt beschouwd. Zo koos Donald Trump in Mike Pence voor een politicus met grote geloofwaardigheid onder diepgelovige, evangelische kiezers – een blok dat massaal naar de stembus moest trekken om de vloekende, vreemdgaande New Yorker over de meet te trekken.

Public relations

Ondertussen moge het duidelijk wezen dat het vicepresidentschap vooral een public relations zet is van de presidentskandidaat. Dit betekent niet dat er geen machtige of invloedrijke vicepresidenten zijn geweest: Dick Cheney had naar verluidt een grote impact op de beleidskeuzes van Bush junior. Ook Al Gore, die in de jaren na zijn vicepresidentschap aan een nieuwe carrière als klimaatactivist begon, had naar verluidt een goede werkrelatie met president Bill Clinton.

En Joe Biden, de voorganger van Mike Pence, kreeg onder Barack Obama een belangrijke rol toebedeeld in het Oekraïnebeleid van de VS (met alle gevolgen van dien) en speelde een centrale rol bij de uitvoering van de ‘stimuluswet’ die de Amerikaanse economie uit het slop moest trekken na de financiële crisis. Maar de onzekerheid die gepaard gaat met het ambt en het feit dat een tot dan toe succesvol politicus met een eigen carrière pad plots tweede viool moet spelen, doet menig politicus twee keer nadenken voor hij het vicepresidentschap aanvaardt. En zoals Bidens kandidatuur in 2020 aantoont is de positie van trouwe luitenant van een populaire president geen vrijgeleide naar het Oval Office. Sinds de aanname van het 12de amendement op de grondwet werden slechts twee vicepresidenten meteen na hun vicepresidentschap verkozen tot president.

Joe Biden, running for Senate?

Met Joe Biden (77), Bernie Sanders (78) en Michael Bloomberg (78) zijn de drie kandidaten met het meest plausibele pad naar de Democratische nominatie gezegend met een vergevorderde leeftijd. Trump is met zijn 73 jaar ook niet bepaald een groen blaadje. Bovendien werd Sanders vorig jaar getroffen door een hartaanval, is Trump klinisch obees en slaapt naar verluidt slechts vijf uur per nacht en lijkt Biden, met alle respect, niet even scherp meer te zijn als tijdens de vicepresidentiële debatten in 2008 en 2012.

De man vergiste zich onlangs nog van de positie die hij ambieerde: ‘My name is Joe Biden. I’m a Democratic candidate for the United States Senate’, vertelde hij een partijbijeenkomst in South Carolina. De presidentskandidaten die dit jaar hun hoed in de ring gooien dienen de kans dat zij hun ambtstermijn overleven serieus in te schatten en deze in overweging te nemen wanneer zij hun kroonprins selecteren. De kans is immers reëel dat hij of zij de volgende POTUS (‘President of the United States’ nvdr) wordt.

A gamblin’ man

De rol van de vicepresident hoeft trouwens niet louter passief te zijn. Het 25ste amendement op de Amerikaanse grondwet bepaalt dat een vicepresident, gesteund door een meerderheid van de regering, kan overgaan tot de afzetting van een president wanneer deze niet langer in staat is zijn grondwettelijk ambt uit te oefenen.  Een simpel voorbeeld is de situatie waarbij een president wordt neergeschoten maar het, in tegenstelling tot JFK, overleeft en in coma verzeild geraakt. Onder het presidentschap van Trump werd dit door liberale commentatoren aangehaald om de niet weinig controversiële president uit zijn ambt te ontheffen op basis van zijn twijfelachtige mentale gezondheid en grillig gedrag. Een zekere graad van loyauteit wordt dan ook best verwacht om paleisintriges te vermijden.

Bij elk teken van fysieke of mentale achteruitgang zal het team rond de vicepresident hem of haar beginnen klaarstomen voor het hoogste politieke ambt. Voor politici die zichzelf en hun familie niet willen blootstellen aan de uitputtingsslag die de voorverkiezingen zijn wordt het vicepresidentschap plots een uitgelezen kans om de volgende en ultieme stap in hun carrière te zetten. Of zoals Lyndon B. Johnson zich liet ontvallen toen hem gevraagd werd waarom hij de uitnodiging van JFK accepteerde: ‘I’m a gamblin’ man, darlin’, and this is the only chance I got’. (‘Ik ben een gokker, schat, en dit is de enige kans die ik krijg.’)

Dat Johnson beschikte over informatie betreffende Kennedy’s medisch wankele toestand, geeft deze uitspraak een luguberdere ondertoon.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Roan Asselman

Roan Asselman is master in de rechten (KU Leuven) en student vermogensbeheer (EMS). Voor Doorbraak volgt hij onder meer de Amerikaanse politiek en het Grondwettelijk Hof.