fbpx


Cultuur, Geschiedenis

Klaus Mann: de ‘onmogelijke’ zoon van Nobelprijswinnaar Thomas Mann (Deel 1)




De Nederlandse kunstschilder en schrijver Adrian Stahlecker schreef met een sublieme pen De Tovenaarszoon over het bizarre leven van Klaus Mann. Stahlecker illustreerde het verhaal prachtig en gaf het nog zelf uit ook.

Klaus Mann (1906-1949), openlijk homoseksueel en drugsgebruiker, stortte zich met hart en ziel in het internationale intellectuele en artistieke gebeuren tijdens het interbellum. Na de machtsovername door de nazi’s in Duitsland vond de familie Mann een toevluchtsoord in de Verenigde Staten. Klaus was daar een spil in de gemeenschap van Duitse emigranten en schrijvers, maar hij was ook thuis in de filmwereld van Hollywood. Hij trok intensief op met zijn zus Erika, maar de relatie met zijn beroemde vader Thomas was moeizaam. Een gekwelde geest, die ondanks alles toch trachtte zijn idealen te verwezenlijken en zichzelf te zijn.

Beroemd

Kinderen van beroemde ouders zien we al eens vaker gefrustreerd door het leven gaan. Was dat ook zo bij vader Thomas en zoon Klaus?

Adrian Stahlecker: ‘Ouders verwachten soms meer van hun kinderen dan ze kunnen waarmaken. Na de geboorte van zijn dochter Erika in 1905 schreef Thomas aan zijn broer Heinrich: “Dat eerste kind had eigenlijk een jongen moeten zijn. Het is helaas een meisje. Voor mij een  teleurstelling en onder ons gezegd geef ik toe liever een zoon te hebben gehad.… Waarom is moeilijk te zeggen. Voor mijn gevoel ervaar ik een zoon als poëtischer. Meer als een voortzetting en een nieuw begin van mijzelf onder nieuwe voorwaarden.”’

‘Toen een jaar later de zo vurig gewenste stamhouder werd geboren, werd die opgezadeld met een symbolische zware last. Hij werd Klaus Heinrich genoemd, naar de romanfiguur in Thomas’ pas verschenen boek Koninklijke Hoogheid. Thomas was aanvankelijk trots op zijn zoon die al als kind schrijverstalent toonde. Klaus schreef schriften vol met verhalen over dappere, krachtige helden maar groeide zelf op tot een meisjesachtige, dweperige, kwetsbare jongen die de wens van zijn vader niet zou vervullen. Tijdens zijn korte leven zou hij voortdurend in de schaduw van zijn beroemde vader blijven staan. Want de geest en roem van zijn verwekker zou hij nooit kunnen evenaren. Deze onmogelijke opgave bleef hem zijn hele leven parten spelen.’

Tweeling

De symbiotische relatie met zijn oudere zuster Erika was nogal opmerkelijk. Ze beweerden zelfs een tweeling te zijn. Hadden die twee iets met elkaar?

‘Wat Thomas niet bij zoon Klaus vond, trof hij aan bij zijn kordate, intelligente dochter Erika. Na Klaus werden er nog twee meisjes en twee jongens geboren. Kinderen droegen in die tijd schortjes: rode voor jongens en blauwe voor meisjes, waarmee het geslachtsverschil werd aangeduid. In het geval van Erika en Klaus was er een typisch mannelijk en vrouwelijk onderscheid. Ze leken een geslachtswisseling te hebben doorstaan.’

‘Als kind bewonderde Klaus zijn zus die voor niets of niemand bang leek te zijn. Ze verdedigde Klaus en deelde de jongens die hem wilden aanvallen soms rake klappen uit. Erika ravotte en vocht met jongens, terwijl Klaus zich voornamelijk met meisjes ophield. Als zodanig zouden ze zich ook als volwassenen dikwijls presenteren. Men zou later suggereren dat er sprake was van een incestueuze relatie, hetgeen niet waar is. Het tweetal vulde elkaar echter volledig aan.’

‘Erika voerde altijd het hoogste woord in tegenstelling tot de timide Klaus. Ze nam deel aan autoraces en volgde een opleiding tot automonteur, wat in die tijd als een mannenberoep werd beschouwd. Klaus: “Met Erika maakte ik deel uit van een groep outsiders, maar toch waren zij en ik altijd één.” Erika bezat realiteitszin en levenskracht. Klaus daarentegen was z’n hele leven manisch depressief, speelde nog tot zijn elfde met poppen en verlangde terug naar zijn kindertijd, waarin hij zich door Erika beschermd had gevoeld.’

Toneelstuk

In 1925 publiceerde Klaus Mann zijn eerste toneelstuk ‘Anja en Esther’ dat ging over de lesbische liefde tussen twee vrouwen. Waar kwam de inspiratie vandaan?

‘Na de Eerste Wereldoorlog eisten vrouwen dezelfde rechten als de mannen. Dat uitte zich zowel in gedrag als kleding: “Weg met de bh en tot de enkels reikende  jurken.” Vrouwen droegen korte jurkjes met blote rug tot het middel en korte mannelijke kapsels. Ze rookten in het openbaar en gooiden zich los op de uit Amerika overgewaaide jazz. Walsen en polka’s werden vervangen door charlestons en Black Bottoms.’

‘In Frankrijk was in 1922 een rel ontstaan over het boek La Garçonne van Victor Margueritte. Romanfiguur is de jonge Monique  Lerbier. Nadat haar verloofde een andere vrouw bezwangert, breekt ze met haar hypocriete milieu en gooit zich los in een reeks seksuele relaties met zowel mannen als vrouwen. Het boek eindigde in een schandaal, waardoor bij de schrijver het prestigieuze Légion d’Honneur werd afgenomen. Waarschijnlijk had Klaus de roman gelezen, hetgeen hem inspireerde tot het schrijven van het toneelstuk “Anja en Esther”.’

‘Zowel Klaus als Erika waren bekend met het Berlijnse homo- en lesbomilieu. De succesvolle homoseksuele regisseur en acteur Gustaf Gründgens zag potentie in het stuk. Hij bood aan het te regisseren en er een rol in te spelen. Erika speelde de rol van Esther en haar vriendin Pamela Wedekind die van Anja. Het stuk dat eerst in München in première en twee dagen later in de Hamburgse Kammerspielen ging, veroorzaakte een enorm schandaal. Tijdens de repetities kregen Erika en Gründgens een relatie en planden een huwelijk. Ook Pamela en Klaus verloofden zich. Gründgens zag deze relatie als een poging om voor hetero door te gaan en Erika leverde het een contract voor de Hamburgse Kammerspielen op.’

‘De huwelijksnacht bleek voor Erika een traumatische ervaring omdat zijn “vrouwelijkheid” en haar “mannelijkheid” voor verwarring zorgde. Het eindigde na drie jaar in een scheiding en ook Klaus’ verloving met Pamela was van korte duur. Hetzelfde gold voor de homoseksuele relaties tussen Gustaf Gründgens en Klaus, en deze tussen Pamela en Erika. Desondanks stichtte Erika de cabaretgroep “Pfeffermühle”, waarvoor Klaus teksten schreef. Het cabaret genoot veel succes en richtte zich vooral tegen het opkomende nationaalsocialisme.’

Relatie

Wat was de relatie tussen Klaus Mann en Marlene Dietrich of Greta Garbo?

‘Klaus had aanvankelijk weinig bewondering voor Marlene Dietrich, die in 1930 wereldberoemd werd door haar rol als cabaretzangeres in de film “Der Blaue Engel”. In zijn memoires The Turning Point schrijft hij: “Met onfeilbaar instinct ontdekte de Duitse filmmaatschappij UFA de benen van Marlene Dietrich, die in Der Blaue Engel sensationeel tot hun recht kwamen.” Op 5 januari 1936 noteert hij een grammofoonplaat, met hierop het nummer Peter te hebben ontvangen. Op 20 maart schrijft hij tijdens een verblijf in Amsterdam: “Naar film Desire geweest met weinig talentvolle Marlene Dietrich en aardige Gary Cooper.”’

‘Over Garbo’s Anna Karenina was hij meer enthousiast: “Ze ziet er af en toe schitterend uit.” In New York ziet hij in 1940 Lubitsch komedie Ninotschka en vond opnieuw Garbo’s gezicht mooi. In 1929 introduceerde Garbo als eerste de androgyne stijl, waarbij ze zich mannelijk ging kleden zoals in een smoking. Later werd dat het handelsmerk van Marlene Dietrich, waarvan bekend is dat ze zowel relaties met mannen als met vrouwen onderhield. Mogelijkerwijs voelde Klaus zich niet alleen aangetrokken door de schoonheid van beide actrices, maar ook door hun androgyne manier van kleden en het lage stemgeluid van Dietrich.’

Decadent en wild

Berlijn was in de twintiger jaren een decadente en wilde periode. Gold dat ook voor Klaus Mann?

‘De periode van de Weimarrepubliek (1918-1933) was een tijdperk van uitersten. De nieuwe staat ging gebukt onder zware schulden uit de Eerste Wereldoorlog, er was hyperinflatie, er waren veel slachtoffers gevallen en op iedere straathoek zag je oorlogsinvaliden. Tegelijkertijd was dat het tijdperk van de “Roaring  Twenties”, een uitbundig uitgaansleven, een bloeiende filmindustrie en  vrouwenemancipatie. Marlene Dietrich droeg in de film Morocco (1930) een kostuum en stropdas, en kuste een vrouw.’

‘Dat “wilde” beeld van Berlijn was voornamelijk toegankelijk voor kleine groepen uit de avant-garde, want de Duitse samenleving was conservatief. Homoseksuelen moesten over het  algemeen voorzichtig te werk gaan en men ontmoette elkaar in geheime bars en  privéclubs, waar met enige regelmaat een inval werd gedaan. Goed betaalde mannelijke prostituees profiteerden van internationale sekstoeristen en Berlijn stond bekend om het cocaïnegebruik en de verslaafden die op het randje leefden.’

Morgen deel twee: de ouders komen niet naar zijn begrafenis.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Luc Pauwels

Luc Pauwels (1940) is historicus, gewezen bedrijfsleider en stichtte het tijdschrift 'TeKoS'.