fbpx


Actualiteit, Buitenland

Koerden: ‘geboren om verraden te worden’



Turkije deelt nu officieel mee dat het vredesproces met de Koerden is geëindigd. Na de aanslag van IS in het Turks-Koerdische Suruc op jongeren die wilden gaan helpen bij de heropbouw van Kobani in Syrisch-Koerdistan reageerde de Koerdische PKK met de moord op twee Turkse politieagenten. Ze wilde daarmee wraak nemen omdat de Turkse autoriteiten amper iets deden om de IS-activiteiten te verhinderen.

De PKK-aanslag kwam als geroepen voor de Turkse regering. Prompt reageerde die met aanslagen op Koerdische doelwitten op Iraakse bodem en startte het Turkse gerecht een grootscheeps onderzoek naar de banden tussen parlementsleden van de HDP en de gewapende PKK. Die HDP, onder leiding van de charismatische Selahattin Demirtas, slaagde er bij de recente parlementsverkiezingen in de 10% kiesdrempel te slechten waardoor Erdogans AKP haar meerderheid verloor.

Aangezien het niet lukt een nieuwe regering te vormen met een parlementaire meerderheid, komen er in het najaar wellicht opnieuw parlementsverkiezingen in Turkije. De HDP verdacht maken kan het opstapje zijn naar een nieuwe meerderheid voor AKP. Als de PKK zo ‘vriendelijk’ zou willen zijn op de Turkse provocaties in te gaan en opnieuw gewelddaden gaat plegen op Turkse bodem, dan zou dat de propagandamolen van Erdogans AKP lekker smeren. Een ‘staatsgevaarlijke’ Demirtas dreigt veel van zijn nieuwe kiezers te verliezen en zou dan weer onder de kiesdrempel zakken. Mission accomplished dan, of hoe zeggen ze dat in het Turks?

In The Independent schreef Midden-Oostenkenner Robert Fisk enkele dagen geleden een stuk over het droeve lot dat de geschiedenis altijd voor de Koerden in petto heeft gehad. ‘Born to be betrayed’, geboren om verraden te worden, noteert hij en hij zet de voorbeelden op een rijtje.

Na de Eerste Wereldoorlog trok een Koerdische delegatie naar Versailles om een eigen land met verzekerde grenzen te bepleiten. Het Ottomaanse Rijk was in elkaar gestort en de Koerden rekenden er op hun gerechtvaardigde deel van de buit te mogen ontvangen. Bij het Verdrag van Sèvres in 1920 mochten ze nog rekenen op een vorm van autonomie voor een eigen lapje grond maar dat feest was geen lang leven beschoren. Bij het Verdrag van Lausanne van 1922-1923 werd daar een streep over getrokken en het was Mustafa Kemal Ataturk die met de prijs ging lopen.

De Koerden bleven daardoor verdeeld over vier nieuwe landen achter en dat is tot vandaag het geval. Het gebied strekt zich uit over West-Iran, Noord-Irak, Noord-Syrië en Zuid-Turkije. Vanaf dan waren ze speelbal in handen van ieder die een rol wilde opeisen in het Midden-Oosten, met Turkije en de Iraakse Arabieren als meest brutale, Groot-Brittannië en de VSA als meest cynische trekkers aan de koordjes, volgens Fisk.

De Koerden werden geregeld ‘opgejut’ om in opstand te komen tegen Saddam Hoessein. Dat was zo in de beginjaren ‘70 en bij de eerste Golfoorlog om Koeweit te bevrijden. Na gedaan werk, stopten de wapenleveringen vanuit het westen en sloeg Hoessein keihard toe tegen de Koerdische bevolking.

De opkomst van IS en de chaos na de val van Saddam boden de Koerden nieuwe kansen, die ze met beide handen grepen. In het noorden van Irak ontstond een redelijk stabiele Koerdische Autonome Regio en ook in Noord-Syrië vormen de Koerden de meest geduchte en betrouwbare tegenstander van IS. Zij staan in voor het vuile grondwerk waaraan het westen zich niet waagt. Zonder die Koerdische ‘boots on the ground’ zouden de luchtaanvallen van de internationale coalitie weinig impact hebben. In de strijd om Kobani – Fisk noemt het een mini-Stalingrad – kreeg de PKK een heldenstatus.

Die ontwikkelingen zitten Ankara uiteraard dwars. De PKK was jarenlang militair actief op Turkse bodem tot met de gevangen PKK-leider Ocalan een wapenstilstand kon worden afgesloten. Maar de afkeer voor de PKK blijft immens in Turkije. In vele landen staat de PKK trouwens op de lijst van terroristisch groeperingen.

Turkijke bleef heel lang bijzonder passief in de strijd tegen IS. Van serieuze grenscontroles is geen sprake en daar maken IS-strijders graag gebruik van. Dat gebrek aan solidariteit in de strijd tegen IS, de opkomst van de Koerden en het nieuwe nucleaire akkoord tussen de VSA en Iran, dreigden Turkije naar de marge te duwen. Maar Ankara kent het eigen strategische belang erg goed. Washington zit als het ware op de knieën te smeken om bijstand van de belangrijke NAVO-bondgenoot die Turkije is. Tegelijk met de aanvallen op IS en Koerdische doelen opende de Turkse regering dan ook militaire vliegvelden voor de Amerikaanse luchtmacht.

Turkije lijkt een noodzakelijke partner in de strijd tegen IS maar dat geldt evenzeer voor de Koerden. De NAVO verwelkomt uiteraard de Turkse bijdrage want elke steun is meer dan welkom. De Europese Unie heeft intussen wel duidelijk gemaakt dat Turkije die strijd niet mag misbruiken als dekmantel om de Koerden aan te vallen.

De geschiedenis leert echter dat de Koerden best heel goed uitkijken want de woorden ‘bondgenootschap’ en ‘trouw’ komen in de internationale politiek zelden samen in één zin voor.

De auteur is Kamerlid voor de N-VA
Deze tekst verscheen eerder op www.peterderoover.be.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Peter De Roover

Peter De Roover was achtereenvolgens algemeen voorzitter en politiek secreteris van de Vlaamse Volksbeweging , chef politiek van Doorbraak en nu fractievoorzitter voor de N-VA in de Kamer.