Cultuur
Rinus Van de Velde, ‘An investigation into the hyperpersonal ...’ 2015, 210 x 250 cm, houtskool op doek, Gallery, Antwerpen

Kuifje in Antwerpen

Zien we een bed of een vlot?

Tot 21 oktober stelt Rinus Van de Velde zijn nieuwe werk voor aan striplezers van 7 tot 77 jaar. Het is een reis dwars door de tonelen van een verzetsman.

De eerste gedachte die een bezoeker te binnen schiet, is dat dit prachtige werk in de verkeerde kunstgalerie staat. Te kleine ruimtes voor de artistieke armslag van een artiest als Rinus Van de Velde. Nader beschouwd echter blijkt dit werk, zoals zijn voorgaande werk geen groter volume te verdragen. Althans niet bij de presentatie. Wie een werk koopt zal dat waarschijnlijk breed, hoog en diep willen tonen – dat is zijn recht – maar in dat geval verliest het een essentiële waarde. Tenzij de eigenaar de gelukkige bezitter is van een kasteel en er geen kleine ruimtes zijn – maar zelfs dan dient er een intimiteit gerespecteerd te worden. Denkt Rinus Van de Velde groot, het artistiek resultaat huist in een kamer niet veel groter dan de grot van een kluizenaar.

Behind the looking glass

Terug naar de bezoeker. Hij stapt de galerie binnen, betreedt de kamer na kamer en moet voorzichtig laveren. Tuinmateriaal, werkkledij, bordkartonnen takken, bamboeladders, stukken beschilderd pakpapier, vuile verfpotten, het achterstuk van een auto, het wrak van een Piper J-3 Cub, emmer, borstel en vuilnisblik, alles schots en scheef, kriskras door elkaar. Het lijkt wel of er kort voordien een rukwind door het pand raasde, toen men ter verluchting ramen en deuren had opengezet.
Aan de muren hangen grote houtskooltekeningen. Het lijken vensters, of zijn het prenten van wat behind the looking glass van de verbeelding schuilgaat. Een zelfportret van Rinus Van de Velde onder scheerschuim lijkt daar op te wijzen. Je ziet niet enkel het gezicht van de kunstenaar, maar tevens de troebelen waar hij mee worstelt. Wie is volwassen en wat is volwassen zijn? Vanwaar kom ik? Waar ga ik heen? Waar en wie zijn wij?

Voedstervader Hergé

Eenmaal zover, kan niet anders dan besloten worden dat Rinus Van de Velde een stripfanaat is met als voedstervader Hergé, schepper van Kuifje en cie. ‘En cie’, is met opzet toegevoegd. Want Rinus is niet alleen het titelfiguur Kuifje maar tevens kapitein Haddock en professor Zonnebloem, samen sterk in hun gevecht tegen luitenant Allen (de modale kleine schurk), Rastapopoulos (Aristoteles Onassis, koper van Jacqueline Kennedy), Laszlo Carreidas (Marcel Dassault, vliegtuigbouwer, filmproducer, mediatycoon, journalist, politicus, kunstverzamelaar) en alle andere patsers voor wie elk kunstwerk een schouwgarnituur is, voor wie zich boven de wetstraat en de straatwet verheven voelt en zijn eigen moraal heeft.
Maar Rinus Van de Velde is niet enkel een kwajongen, een brombeer (in wording) en een uitvinder met de titel van professor. Hij is tevens een verzetsman op de vlucht, een eenzaat met eerder een vlot dan een bed. Zijn vlot is een altaar en zijn bed het plat van de tafelberg. Hij heeft ze uitgetekend, en ze hangen in de expositie. Wie een bed en een vlot ziet, zit er dik naast. Vlot en bed staan bij Rinus Van de Velde voor het streven, bereiken maar nooit bezitten of beheersen van de totale vrijheid.

Een toneelvoorstelling

De opbouw van de tentoonstelling kan tevens gezien worden als een theaterdecor of een operatiezaal. Een theaterdecor met als spelers de bezoekers en een operatiezaal waarin een team onder leiding van een chirurg (Rinus als mens) een hersenoperatie uitvoert op een patiënt (Rinus als artiest). Eenvoudig gezegd, de realisatie van een houtskooltekening is het kalmeermiddel ter verdrijving van een obsessie. Elke obsessie is een scène en alle scènes samen vormen een toneelvoorstelling. De klassieke regieaanwijzingen zijn ook niet vergeten. Ze zijn te vinden onder elk werk, pardon kunstwerk. Ze zijn de röntgenstralingen die aan de basis ervan liggen.
Het werk van Rinus Van de Velde, tot slot, toont aan waarom strips zo vaak verfilmd worden. De oudste, minder geslaagde verfilmingen van Kuifjestrips buiten beschouwing gelaten, is er de tekenfilmserie van 39 afleveringen daterend van begin van de jaren negentig. Maar het ultieme voorbeeld van ‘droom wordt strip’, en strip wordt film, is The Adventures of Tintin: The secret of the Unicorn uit 2011 van Steven Spielberg. Is de eerste bekend als maker van avonturenfilms (Indiana Jones et cetera), een cineast dus, Rinus Van de Velde is de schepper van tonelen.

RINUS VAN DE VELDE – Recent werk
Tot 21 oktober in Tim Van Laere Gallery, Antwerpen
www.timvanlaeregallery.com

Reacties

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans