Lessen uit de coronacrisis

Virgin Airlines zit sinds de coronacrisis in slechte papieren. De maatschappij - gevestigd in de Maagdeneilanden, een belastingparadijs - kan echter fluiten naar Britse staatssteun.

Doorbraak, niet lijdend onder een overmatige onderdanigheid ten aanzien van de machtsgroepen uit onze samenleving, levert in het onderstaande een handvol tot op heden onderbelichte voorspellingen.

De comeback van de expert

Ineens stonden alle media er vol van. In De Tijd van 19 maart verkondigde prof. Anseel ‘dat als de hel werkelijk losbarst, iedereen zich tot wetenschappers wendt voor gefundeerde antwoorden’. Jammer dat het daarvoor hoogwater moet zijn. Ook in vredevolle perioden reikt de wetenschap immers bijna over alle wrijvingspunten oplossingen aan. Het probleem is dus niet een gebrek aan kennis, het gaat over politieke onwil.

Wetenschappelijke evidentie bestaat er namelijk niet alleen over de aanpak van corona. Ze is er evenzeer over een financieel draaglijker toekomst van ons sociale-zekerheidstelsel, een milieubewustere aanpak vanwege de overheid en (om maar mijn bescheiden kennisdomein in het licht te stellen) de veiligheid en de gezondheid op het werk. Uiteraard heb je altijd minderheidsmeningen, maar grosso modo komen academici doorgaans tot gedeelde standpunten. Tenminste, voor zover ze ongebonden kunnen/mogen/durven denken en dus niet onder druk staan van ‘het middenveld’.

Helderder belastingregimes

Is het een toeval dat er nu, bij wijze van voorbeeld, terug werk wordt gemaakt van de plannen voor een helderder belastingregime? Een werkgroep ter zake legt alvast de laatste hand aan een eindrapport. Daarbij zouden dan toch enkele ideologische meningsverschillen (er was sprake van een meerderheids- en een minderheidsstandpunt) genivelleerd worden.

Ook in andere landen lijkt corona het gezond verstand inzake fiscaliteit te bevorderen. Zo zou Richard Branson, wiens ondernemingen gevestigd zijn in de Maagdeneilanden, kunnen fluiten achter Britse staatssteun voor zijn Virgin Airlines. Dat zijn al sinds de uitbraak in duikvlucht beland. Ook Denemarken heeft al beslist om al zijn ondernemingen die hun inkomsten heralloceren naar fiscaalvriendelijke buitenlandse bestemmingen, het mogen vergeten om een beroep te doen op belastinggeld.

Dagelijkse pijntjes relativeren

Een merkwaardige vaststelling in deze coronatijden: De burger heeft ineens geen reguliere gezondheidsproblemen meer. Een huisarts die in De Standaard van 21 en 22 maart aan het woord kwam, liet horen: ‘… komen mensen veel minder langs. Rugpijn lijkt de wereld uit geholpen door de coronacrisis. Mensen kunnen hun dagelijkse problemen of pijntjes nu beter relativeren.’ Het stelt onze praktijk van medische overconsumptie en de dienovereenkomstig hoge druk op degenen die de sociale zekerheid spijzigen, op het voorplan [1]. Moeten we dit toch niet stilaan een halt toeroepen — en onderwijl niet vergeten voldoende reserves in te bouwen voor rampen à la COVID-19?

Ook hier zou weleens het verantwoordelijkheidsprincipe kunnen gaan meespelen. Zal onze maatschappij echt handenvol geld blijven investeren aan het in leven houden van personen die de social-distancingregels aan hun laars lappen? Die zo weinig zelfzorg aan de dag leggen dat ze pronken met een indrukwekkende BMI en verzwakte longen door het langdurige roken — waardoor ze extra gevoelig worden voor alle soorten aandoeningen? Niet dat deze mensen in het verdomhoekje thuishoren, maar het lijkt allesbehalve logisch dat andere mensen klakkeloos moeten opdraaien voor hen die het niet al te nauw nemen met de elementaire principes van levenshygiëne. Ik vermeld in dit kader één bepaald mij bekend geval uit het Leuvense. Het gaat om een harddruggebruiker die probleemloos een nieuwe lever krijgt en daarna weer vrolijk aan het gebruiken slaat. En dat terwijl oppassende burgers een paar jaren in de rij moeten gaan staan voor een noodzakelijke transplantatie?

Allah is groot, maar corona is groter

In een nieuwsbrief van 17 maart raadde Islamitische Staat aan om niet naar Europa te reizen vanwege het coronavirus. De lezers wordt geadviseerd om ‘vertrouwen te stellen in Allah en hun toevlucht tot Hem te nemen in [het geval van] ziekte’. Dat heeft wel niet belet dat de grootste bron van het virus in de derde wereld zich wekenlang in Iran situeerde, meer bepaald ter hoogte van de heilige bedevaartplaatsen.

En De Standaard van 20 maart bracht het verhaal van een protestantse gebedsweek in de Elzas, die uitliep op een massale besmetting van de aanwezigen. De woordvoerster van het gebeuren gaf als commentaar ‘Natuurlijk bidden we (…)’. De krant berichtte nogal laconiek dat deze godsdienstige uitspatting leidde tot de grootste coronabroeihaard in Frankrijk.

In diezelfde krant, maar dan op 20 april, stond over Brazilië: ‘Een niet te onderschatten factor is (…) de invloed van de pinksterkerken (…). In die religieuze groepen heerst het idee dat Brazilië de strijd tegen COVID-19 ook zonder veel maatregelen aankan’. Ten overvloede berichtte die krant in het weekend van 9 en 10 mei dat de Tanzaniaanse president Magufuli wekenlang de besmettingscijfers in zijn land had tegengehouden omdat ‘hij geweigerd had om religieuze bijeenkomsten te verbieden’.

Nee, noch Allah noch de Here Gods zijn betrouwbare antivirale middelen. Dat belet niet dat de Nederlandse regering al vroeg een uitzondering maakte op haar samenscholingsverbod, specifiek voor religieuze vieringen. Die mogen doorgaan tot dertig aanwezigen. Het verheerlijken van de allerhoogste is immers belangrijker dan het vermijden van onnodige sterfgevallen. Wie stelde er weer dat godsdienstige praktijken te allen tijde ondergeschikt moeten zijn aan de geldende reglementaire beschikkingen? Wordt het niet hoog tijd dat we dit in onze grondwet opnemen als een van de belangrijke fundamenten van onze samenleving?

Een Waalse besmetting weegt zwaarder dan een Vlaamse

Eerder dan van godsdienst moeten we dus soelaas verwachten van het beleid. Hoewel… De Tijd van 16 maart meldde dat de EU middelen stuurt naar lidstaten om ze te ondersteunen in de strijd tegen het coronavirus, ‘maar die worden vreemd uitgekeerd’. Spanje krijgt nu 1,161 miljard. Polen en Hongarije, die voorlopig weinig besmettingen kennen, krijgen meer geld dan Italië, dat bijzonder zwaar getroffen is. En voor België is er slechts 37 miljoen euro voorzien. Meer dan twee derde daarvan gaat naar Wallonië, dat veel minder besmettingen kent dan Vlaanderen. Onze twee Belgische MR-toplui (Michel en Reynders) doen hun werk in de Europese beleidsorganen duidelijk naar behoren.

Tot besluit van deze alinea een vertrouwelijk woordje aan onze zuiderburen: ‘Entre nous, monsieur Magnette, de ces pratiques, nous en avons marre…’.

De modale werknemer heeft onze samenleving gered

Wie heeft ons de voorbije periode erdoor gehaald? De vuilnisophalers, het grootwarenhuispersoneel, het verzorgingspersoneel in de diverse sectoren, de gemeentelijke ambtenaren, de chauffeurs van De Lijn… Niet direct de best betaalden, noch degenen met de meest prestigieuze baan. We maken even abstractie van de vele geneesheren-specialisten van diverse pluimage die hun beste beentje hebben voorgezet. Zij hebben nu hun (toch wel erg en doorgaans onverdedigbaar hoog loon) gerechtvaardigd. Datzelfde geldt overigens voor de banken en de farmaceuticabedrijven die hun belabberde reputatie de voorbije weken behoorlijk hebben kunnen opvijzelen.

Aan wie hebben we weinig of niets gehad? De hooggeschoolde -isten, -omen en -logen – en al zeker niet de hefboomfondsbeheerders, de notarissen en lobbyisten. Misschien moeten we de vergoedingen van al die verschillende beroepscategorieën wat meer met elkaar in balans brengen? Zou viroloog Van Ranst, vanuit zijn linksradicale insteek, de gevolgen daarvan door hebben? In zijn socialistische heilstaat verdienen arbeiders en het uitvoerende medisch personeel ongeveer evenveel als hooggeschoolde professionals zoals medische specialisten… Wanneer zijn maatschappijbeeld het haalt, zal hij de eerste zijn om substantieel in te leveren. Oeps. Dan toch maar voor de N-VA gaan militeren?

Het nut van een performante overheid

De Standaard van 27 maart 2020, bij monde van Caroline de Gruyter: ‘Een van de problemen die het coronavirus aan het licht brengt, is dat de publieke diensten in grote delen van Europa door jarenlange bezuinigingen en ‘marktwerking’ te veel zijn uitgekleed (…). Alles is zo vaardig en kundig getrimd dat het hele systeem bij de eerste de beste crisis overbelast raakt.’

Hopelijk reikt het geheugen van de bevolking verder dan de coronacrisis. Het is onmiskenbaar: Een performante (en dus belastinggeld consumerende) overheid is in een ontwikkelde maatschappij essentieel. Dat besef zal nu wel stilaan overal doorgedrongen zijn. Woordje van waarschuwing: We hadden al een (meer dan) goed uitgebouwde overheid in ons land. We hebben die echter laten domineren door vakbondsorganisaties en socialistische partijen die zich gedragen alsof ‘la fonction publique’ hun persoonlijke eigendom is.

Jawel, zowat alle Vlaamse kranten toeterden op 18 april: ‘Iedereen bevoegd, niemand verantwoordelijk’. Ze wezen daarbij op de plejade van overlegorganen/think tanks/comités… die zich over de corona-epidemie moesten buigen. Dat leverde niet zo’n mooi beeld op. ‘Het fiasco legde pijnlijk bloot hoe zo’n kluwen niet bepaald geschikt is voor een gedegen besluitvorming (…).’ Het lijkt onvermijdelijk dat de staatkundige warwinkel waarin de gezondheidszorg in ons land is terechtgekomen zijn beste tijd gehad heeft. Eindelijk — maar daarvoor moeten eerst 10.000 extra doden gevallen zijn.

Terug naar vroeger

Huis met tuintje, gelegen in een rurale omgeving waarin je in coronatijden onbeperkt kunt wandelen en waar plaatselijke neringhouders in de buurt zijn die je verse producten kunnen ter beschikking stellen… Het was zowat des duivels in de ogen van onze groene stadsdenkers. Maar misschien is intussen onze euro gevallen. Wanneer je levensruimte al te ingeperkt wordt geeft dat een knauw aan je levenskwaliteit. Niet dat iedereen dan maar een villa in rijkelijk groen moet ambiëren, maar zouden we toch niet stilaan een begin maken van een beperking van het geboortecijfer en van de ongecontroleerde immigratie? Zo zouden we een aanvaardbare woonsituatie kunnen waarborgen aan alle ingezetenen in ons nauwe landje.

En ook het buurtgevoel, waarbij wijkgenoten elkaar groeten en ’s avonds op de straat treffen in de periode van mooi weer, lijkt terug. Ik ken mijn buren uit de wijde omgeving nu beter dan enkele maanden geleden, en wederzijds hulpbetoon neemt hand over hand toe. Een hartverwarmende evolutie, het buurtcomité in mijn wijkje is actiever dan ooit tevoren.

De onbetrouwbaarheid van vreemde landen

Wie denkt dat dit alles leidt tot een betere maatschappij, dwaalt. We hebben het allemaal goed begrepen. China is de aanstichter geweest van de coronaramp, maar blijft staalhard liegen over het eigen dodental. Naar blijkt heeft het gepoogd, tot het echt niet meer kon, om de ernst van de uitbraak te verzwijgen. Trump wilde een Duitse firma die naar verluidt beschikte over belangrijke kennis opkopen en bij uitsluiting van andere landen ten dienste stellen van het Amerikaanse volk. Rusland ontpopt zich als een keiharde speler, profiterend van deze rare periode om de Europese eensgezindheid te doorbreken. En het scheelde niet veel of Frankrijk had nagenoeg de volledige winst van de Belgische tak van BNP Fortis ten eigen behoeve weggedraineerd.

Steevast komt dit soort ervaringen terug in beschouwingen over de nasleep van het coronavirus. Het tijdperk van delocalisatie en massale uitbesteding van belangrijke productieactiviteiten lijkt nu in de achteruitversnelling terecht te komen. Just-in-time delivery. Lang een modebegrip, maar we hebben allemaal ondervonden dat, als er ook maar één radertje in de leveranciersketen stokt, hele sectoren plat komen te liggen. Die ervaringen gaan wel degelijk hun sporen nalaten, en zullen leiden tot merkelijke prijsstijgingen van voeding en andere consumptiegoederen. Als er één element is van bovenstaande voorspellingen die bewaarheid gaan worden, is het dit.

[1] Ik verwijs hierbij naar de massale periodieke medische onderzoeken die periodiek op werknemers worden uitgevoerd door de arbeidsgeneesheer, maar waarvan de toegevoegde waarde bijzonder hypothetisch is. Bijna alle landen hebben die praktijken afgeschaft, alleen België blijft star vasthouden. En de eerste de beste verpleegkundige uit de curatieve sector zal je bevestigen hoeveel nodeloze medische handelingen nog steeds worden uitgevoerd (in tegenstelling tot de behandelende geneesheren leveren deze voor hen geen extra gewin op).

Jan Van Peteghem :Jan Van Peteghem is ingenieur en emeritus-gasthoogleraar verbonden aan de Faculteit Ingenieurswetenschappen van de KU Leuven. Zijn beroepservaring en wetenschappelijk werk draaien grotendeels om de arbeidsomstandigheden en -voorwaarden, meer in het bijzonder de veiligheid en de gezondheid op het werk.