Onderwijs
Sprekershoek
Sprekershoek

Leve de tussenschotten en het hokjesdenken?

‘Geef sommigen hun zin en dan zitten alle leerlingen binnenkort tot hun zestien jaar allemaal samen in de richting Wiskunde-Haartooi-Mechanica-Moderne Talen-Latijn-Houtbewerking’, sneerde Bart De Wever op de nieuwjaarsreceptie van zijn partij.

Schrap wat niet in het rijtje hoort: haartooi, mechanica en houtbewerking zijn erin verstopt als de muizen van de tekening. Moderne talen, dat kan er nog mee door, maar wiskunde en Latijn zijn vakken voor de echte bollebozen, de voorbestemde elite. Hou die vooral weg van de minderbegaafden of, godbetert, de toekomstige handenarbeiders die voorbestemd zijn om het leven van de wetenden te veraangenamen, hun dak te repareren, hun auto een nazichtbeurt te geven, of hun baard te trimmen. De N-VA wou in dat opzicht absoluut op de rem gaan staan en haalde haar slag thuis: er komt geen hervorming, op twaalf jaar wordt het kaf al van het koren gescheiden.

Wel, mijnheer De Wever, dan zitten wij hier thuis echt met een probleem. Mijn straks 14-jarige zoon doet graag wiskunde, is verzot op geschiedenis, zit bijna elke dag in de garage aan iets te timmeren en heeft zopas zijn eerste uitvinding van het warm water gedaan. Daarbij komen nog fietsclub, de muziekschool en, – even de neusknijper bovenhalen,- een wekelijkse portie proletarische fanfare.
Mijn zoon is helemaal geen supergenie of een witte raaf. Hij wil zoals de meerderheid van zijn leeftijdsgenoten gewoon wat dingen uitzoeken, proeven van wat het leven te bieden heeft, en voelt zich niet geroepen om als prille tiener al aan monocultuur te doen. Geen flauw idee waar we met dit kind heen moeten, stel u voor: een geval van interdisciplinaire interesse en 360°-nieuwsgierigheid. Naar de psycholoog ermee? Het bijzonder onderwijs?
 
 
Biedermeiercultuur

De onaangename ideologische nasmaak van De Wever’s one-liner geeft aan waarom de N-VA als de dood is voor de zgn. “brede eerste graad”: het gaat vooreerst om het handhaven van sociaal-intellectuele lagen, gebaseerd op het idee dat de upperclass ook de leiders van de generatie van morgen mag leveren.
Van daaruit is het evident dat de elite haar eigen klassen en liefst ook haar eigen scholen heeft. Jongens die van huis uit voorbestemd zijn voor de Latijnse moeten zich vooral niet teveel inlaten met toekomstige coiffeuses, dat leidt alleen maar tot verwarring, oponthoud en aantasting van het familiepatrimonium. De regel dat 1% van het mensdom rijker is dan de resterende 99% mag al op de schoolbanken gehandhaafd worden, en Latinisten (het woord alleen al) die een stopcontact leren repareren, zouden kunnen veronderstellen dat toekomstige elektriciens ook eens van dat Latijn zouden mogen proeven, met alle gevolgen van dien. Quod non. Soort bij soort, zo vroeg mogelijk.
Edoch, de historicus die om de haverklap uitpakt met Latijnse citaten zit er historisch fameus naast als hij de hand- en hoofdarbeiders zo snel mogelijk uit elkaar wil halen. Cognitief is het standpunt wereldvreemd en staat het zelfs haaks op het klassieke idee van de homo universalis, hét mensbeeld waar de zogenaamde humaniora zich aan spiegelt. Het hokjesdenken leidt tot tunnelvisie en verschraling, gedachteloze breinen die politiek ook heel makkelijk manipuleerbaar zijn. Vakidiotie wordt, naast het religieuze fundamentalisme, een enorme bedreiging voor de nieuwe opstoot van beschaving die we dringend nodig hebben, de renaissance 2.0 van dit millenium.
 
De filosofie achter de brede eerste graad reikt veel verder dan de linkserige gelijkheidsutopie waar de tegenstanders het alsmaar over hebben. Het gaat over de paradigmatische shift waar onze cultuur aan toe is: we hebben meer dan ooit generalisten nodig, geen vakidioten.
De toekomst is aan de duizendpoten en de synthetische geesten, de universele amateurs, de eclectici, de filosofische haartooiers en de timmerlieden die tijdens de schaft Vergilius lezen. Leonardo da Vinci, hét archetype van de homo universalis, begon, als buitenechtelijke zoon van een notaris en een boerendochter, op veertien jaar zijn opleiding in… houtsnijden, mechanica en metaalbewerking, jawel. Gelardeerd met Latijn en wiskunde tussendoor.
Niet iedereen heet Da Vinci, maar in elk kind zit wel een Leonardo. Net op het moment dat de wetenschap op een dood spoor zit, we prangende problemen (klimaat, mobiliteit, overbevolking, armoede,…) technisch en intellectueel niet meer overzien, en de Trumpen van deze wereld met ronduit idiote oplossingen afkomen, hebben we behoefte aan breedte én diepgang.
 

Soit, na tien jaar bakkeleien is de grote onderwijshervorming dood en begraven, met dank aan de Biedermeiercultuur die in de N-VA nog altijd de toon zet, en die nu luidop haar tevredenheid uit: oef, er is niets veranderd behalve wat punten en komma’s. Compleet van de pot gerukte doembeelden rond “eenheidsworst”, “nivellering” en “het diploma als mensenrecht” moesten het debat verzuren en de aandacht afleiden van het ideaalbeeld uit de Europese renaissance van het menselijk kennisproject als één huis met vele kamers.

Tot Bart De Wever zou ik zeggen: ga eens kijken naar de film Le Mari de la Coiffeuse en ontdek hoeveel filosofische genoegens een kapsalon kan bevatten. Leve de brede, heel brede graad, of in het Latijn: Natura artis magistra. Vrij vertaald: haartooi en kwantummechanica liggen dichter bij elkaar dan je zou denken.
 
Johan Sanctorum is filosoof, publicist, blogger en Doorbraak-columnist.

Reacties

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans