Liberaal model multi-etnische samenleving onder vuur

‘All men are created equal,’ luidt de openingsfrase van de Declaration of Independence. Een groot deel van de volksvertegenwoordigers die deze frase stemden, waren echter slavenhouders. Bijna een eeuw slavernij (1776-1865) en nog een eeuw geïnstitutionaliseerde vernedering (1865-1964) hebben een zware impact gehad op de situatie van de zwarte Amerikaanse bevolking.

De Verenigde Staten blijven worstelen met de interraciale verhoudingen tussen blanke meerderheid en zwarte minderheid. Je kan er niet naast kijken. De geschiedenis van de zwarte minderheid is een grote zwarte vlek op het overigens mooie blazoen van de revolutionaire idealen van het land van ‘the brave and the free’.

Segregatiewetten

All men are created equal,’ luidt de openingsfrase van de Declaration of Independence. Een groot deel van de volksvertegenwoordigers die deze frase stemden, waren echter slavenhouders. Tot 1865 had de zwarte bevolking in de zuidelijke staten volgens de ‘common law’ het statuut van vee. Tot 1964, toen de Civil Rights Act in voege kwam, werd de zwarte bevolking in de zuidelijke staten onderworpen aan de vernederende ‘Jim Crow’-segregatiewetten. Bijna een eeuw slavernij (1776-1865) en nog een eeuw geïnstitutionaliseerde vernedering (1865-1964) hebben een zware impact gehad op de situatie van de zwarte Amerikaanse bevolking. Vooreerst misten de Amerikaanse zwarten daardoor een aantal opportuniteiten waarvan andere migrantengroepen wel hebben geprofiteerd.

Een belangrijk voorbeeld zijn de Hometeam-wetten, waardoor immigranten voor een bijna symbolische prijs land konden verwerven in de Middelst. Toen de zwarten juridisch geëmancipeerd waren, was het land al volledig ingepikt. De vernederende situatie in de zuidelijke staten bracht een gigantische migratiegolf naar de noordoostelijke industriesteden teweeg. De zwarten kwamen er terecht in grote getto’s. Daardoor was er van echte integratie in de rest van de bevolking weinig sprake.

Blijvende achterstand

De situatie van deze zwarte gettobevolking blijft, niettegenstaande de juridische emancipatie en de talrijke sociale hulpprogramma’s, belabberd. In 1960 was het gemiddelde inkomen van een zwart gezin ongeveer 60% van wat bij een gemiddeld blank gezin binnenkwam. Dat bleek het eindpunt van een langzame opwaartse beweging, want dit is nu nog altijd zo. Eén op drie zwarte jongeren die in 2001 geboren zijn, maakt kennis of zal kennismaken met het Amerikaans gevangeniswezen. Voor blanke jongeren is dat amper één op zeventien is. In 2018 waren er 14.123 moorden in de VS. De helft van de slachtoffers (7.407) was zwart. 93% hiervan werden gedood door zwarte daders.

Racistische verklaringen voor deze blijvende achterstand (‘het zit in de genen’) kloppen niet. Ongeveer de helft van de zwarte bevolking, die in kleinere steden leeft, is namelijk perfect geïntegreerd en zit qua inkomen en criminaliteit grosso modo op het algemeen gemiddelde. We trappen een open deur in als we zeggen dat de verklaring ligt in een mix van factoren. Maar misschien moeten we hierbij toch ook een minder bekende culturele factor vermelden.

Cracker-cultuur

In zijn artikel ‘Black rednecks and white liberals’ wijst de (zwarte) econoom Thomas Sowell op de impact van de zuiderse ‘cracker’-cultuur. Deze cultuur wordt gekenmerkt door een hoge waardering voor geweld, hedonisme en kortetermijndenken en een lage waardering voor intellectuele scholing (‘voor de mietjes’). Deze cracker-cultuur werd geïmporteerd door Schotse en Ierse migranten in de zuiderse staten. De zwarte bevolking nam ze grotendeels ove, en bracht ze mee naar de getto’s in het noordoosten. Ze staat in schril contrast met de puriteinse ‘New England’-cultuur waarin vlijt, sparen en studeren de hoogste waardering krijgen. De cracker-cultuur is geen raciaal gegeven, want ze is eigen aan blanke en zwarte ‘rednecks’. Ze blijft echter wel wegen op de zwarte getto-bevolking in de noordoostelijke steden.

Zwarte leiders zoals Frederick Douglass in de negentiende eeuw en Martin Luther King in de vorige eeuw zwoeren bij een liberaal emancipatiemodel. Daarbij zouden de waarden van de Amerikaanse revolutie ten volle gelden. Ook voor de historisch achtergestelde zwarte minderheid. Martin Luther King droomde van een samenleving waarin mensen niet werden beoordeeld op hun raciale achtergrond maar op basis van hun karakter.

Rasneutraal institutioneel kader

Dit liberaal emancipatiemodel gaat uit ervan uit dat mensen in staat zijn om, los van hun groepsaanhorigheid, objectieve oordelen te vellen over de toestand van andere groepen. Ze kunnen, zoals Adam Smith betoogde, een ‘impartial spectator’ zijn. Of zoals John Rawls stelde, oordelen vanuit ‘a veil of ignorance’. Blanken kunnen dus objectief oordelen over zwarten en vice versa. Niet dat ze dat altijd doen, maar ze zijn er wel toe in staat. Vanuit objectieve feitelijke en ethische oordelen kunnen we naar een ‘rasneutraal’ institutioneel kader toe redeneren. Een kader dat iedereen gelijke rechten biedt en gelijke plichten oplegt en toelaat dat iedereen zich vanuit een gelijke-kansen-startpositie kan ontplooien.

Libertarische liberalen leggen de nadruk op individuele rechten en vrije markt. Linkse liberalen zullen eerder pleiten voor de nood aan ‘affirmative action’, waarbij sociale steun een extra duw moet geven. Maar beide stromingen benadrukken de mogelijkheid om ‘transraciaal’ te redeneren en te dialogeren. Om een ‘rasneutraal’ rechten-en-plichtenkader uit te bouwen dat iedereen, ongeacht zijn raciale afkomst, ontplooiingskansen garandeert.

Critical race theory

Dit liberaal model, alhoewel nog steeds verdedigd door klassieke zwarte organisaties zoals de NAACP, ligt onder vuur van radicale intellectuelen, veilig verschanst op leerstoelen in colleges en universiteiten. De zogenaamde ‘critical race theory’ van auteurs zoals Ibram X. Kendi en Robin DiAngelo, stelt dat het liberale model erop gericht is het institutionele systeem, dat de blanken aan de macht houdt, te bestendigen. Racisme is niet zomaar een kwestie van vooroordelen en discriminaties op basis van kleur. Het is een machtssysteem dat onze taal en onze gevoelens volledig doordrenkt. Ook blanken die ‘woke’ willen zijn, zijn niet in staat zich in te leven in de positie van de onderdrukte zwarte medemens.

De consequenties van deze ideologie zijn niet mis. Vooreerst leidt het tot politiek pessimisme. Grote hervormingen, zogezegd om de zwarten te emanciperen, zijn niet meer dan ‘temporary peaks of progress’. Die worden al gauw tot irrelevantie herleid wanneer de praktische patronen van de blanke suprematie weer de overhand nemen. Critical race theory leidt er ook toe dat zelfs welmenende blanken, die zich inzetten voor zwarte vooruitgang, in feite vijanden zijn. Hun streven naar raciale neutraliteit houdt namelijk een ontkenning in van het ‘structurele racisme’ van de blanken. Het houdt tenslotte ook een verwerping in van het concept integratie. Blanken die zich inzetten voor zwarte integratie, beroven de zwarten van hun identiteit en organiseren in feite een lynchpartij op de zwarte cultuur.

Intellectueel verval

Ideeën hebben gevolgen. Vele Amerikaanse universiteiten, waarnaar Europese academici vroeger met bewondering opkeken, zijn broeihaarden geworden van een extreme onverdraagzaamheid. Academici of gastsprekers die in hun publicaties opinies uiten die de ‘racial crits’ niet aanstaan, worden uit de universiteit weggepest. De zogenaamde ‘cancel culture’. De academische autoriteiten zijn meestal te laf om zich daartegen te verzetten. Uit schrik ook weggezet te worden als een ‘structurele racist’.

Het enig tegengewicht tegen deze identiteitsjihadisten wordt gevormd door de Trump-republikeinen. Hun boodschap, die vooral rond ‘law and order’, draait is echter te mager om het liberale model een nieuw élan te geven en de ‘identity politics’ te counteren. Ook van de Democraten moet men geen tegengas verwachten. Integendeel. De zwakke en gedachteloze Biden zal zichzelf reduceren tot een handtekenmachine van de extreemlinkse vleugel in zijn partij. De opinies van bijvoorbeeld Alexandria Ocasio-Cortez staan niet veraf van het radicale gedachtegoed van de academische militantentroep.

Het land van ‘the brave and the free’, waar Europese liberalen sinds de Toqueville zo naar opkeken, is intellectueel zwaar in verval. Daar zullen we, vrees ik, mee moeten leren leven voor de komende jaren.

*nvda: De term liberaal wordt hier in de brede verlichtingsbetekenis gebruikt. Niet in de betekenis van ‘American liberal’, dat eigenlijk op radicaal-links duidt. Uiteraard ook niet in partijpolitieke betekenis.

Boudewijn Bouckaert :Boudewijn Bouckaert (1947) is emeritus hoogleraar rechten en 'law and economics' aan de Ugent. Hij was Vlaams Parlementslid voor LDD en voorzitter van de klassiek-liberale club Nova Civitas en van het Overlegcentrum voor Vlaamse Verenigingen. Vandaag is hij voorzitter van de klassiek-liberale denktank Libera!