Geen categorie

In Memoriam: Hans Jansen

‘Na een dappere eigenwijze strijd met humor en tederheid is op 5 mei 2015 overleden, omringd door zijn gezin en zijn geliefde, Prof. dr Johannes J.G. (Hans) Jansen.’ Het plotse overlijden van de Nederlandse professor, arabist, publicist, auteur en PVV-Europarlementslid Hans Jansen, kwam als een donderslag bij heldere hemel. Hij is 72 jaar geworden en overleed als gevolg van een herseninfarct.

Hans Jansen was bijzonder in de beste betekenis van het woord. Hij was enorm belezen en bezat veel parate, historische kennis, met name over de drie grote monotheïsmen. Ook had de academicus een bijzonder pertinent inzicht in hoe de wereld in elkaar zit en in de menselijke natuur. In zijn typische, didactische en vaak ook humoristische stijl maakte hij scherpe analyses, die ook voor de man in de straat glashelder waren. Die laatste zal zijn schitterende columns op GeenStijl danig missen. Jansen sprak zowel Arabisch als (oud-)Hebreeuws en schreef maar liefst 17 (vaak vertaalde) boeken over de islam. Hij vertaalde de Koran en publiceerde talloze islamkritische artikelen. Zijn lijst met Engelstalige publicaties, waaronder een belangrijke studie naar moslimfundamentalisme en terrorisme (The Neglected Duty: The Creed of Sadat’s Assassins and Islamic Resurgence in the Middle East, 1986), is indrukwekkend.

Hans Jansen had een hekel aan socialisme, staatsbemoeienis, pampering, nivellering, ontwikkelingshulp, de EU, de staatsmedia, ‘beroepsmoslims’, ‘de vrienden en vriendinnen van de islam’, onvrijheid, de milieubeweging (‘de Groene Khmer’), de multikul, ‘de linkse elite en hulptroepen’, politieke correctheid en huichelarij.

Zo stelde Jansen: ‘Ontwikkelingshulp is het pakken van geld van de armen in rijke landen om dat uit te delen aan de rijken in arme landen.’ En: ‘In landen waar de overheden lange tijd veel macht over hun onderdanen hebben gehad, heerst armoede omdat niemand meer iets onderneemt.’ En: ‘Nivellering maakt de sterken zwakker, maar de zwakken niet sterker.’ Nadat Jansen in 2014 als PVV-Europarlementslid was verkozen, zei hij over het Europees Parlement: ‘It’s not European, and it’s not a parliament. It’s a museum in which various forms of socialism are being preserved. Green socialism, Vegan socialism, Trotskist socialism.’ Naar aanleiding van de moord op Pim Fortuyn poneerde Jansen: ‘De Groene Khmer wil dat hun soldaatje Volkert zo snel mogelijk wordt vrijgelaten. Op zich netjes. Als je een soldaat naar het front stuurt, en hij raakt krijgsgevangen, dan moet je zorgen dat je hem terughaalt wanneer dat mogelijk is.’

Hans Jansen was sympathiek en goedlachs en bezat een groot gevoel voor humor. Pretentie was de integere Jansen vreemd, maar wanneer hij werd uitgedaagd kon hij verschroeiend uit de hoek komen. Daarbij speelde hij niet op de man maar op de bal, en overklaste hij de tegenstand. Als zijn vriend en bewonderaar doet het me erg veel pijn dat ik dit in de verleden tijd moet schrijven. Hij leerde me dat islam niet ‘vrede’ maar ‘onderwerping’ betekent, wat fundamenteel is; de manier waarop hij naar de mens en naar het leven keek, bood me troost en hoop.

Ik leerde Hans Jansen kennen in 2007, toen ik hem vroeg een essay te schrijven voor het boek over de islam dat mijn vader en ik samenstelden. Sindsdien zagen, belden en mailden we elkaar regelmatig. Werkelijk niets was Hans te veel: hij stelde je op je gemak en deed altijd alles professioneel en met de glimlach. Ik kon altijd bij hem terecht: als ik een slaapplaats zocht in Amsterdam of snel de vertaling van een Arabische zin nodig had. Toen ik voor Geert Wilders begon te werken, hielp Hans me bij het vinden van een woning in Den Haag.

Jansen was een belijdend katholiek die de joods-christelijke cultuur op handen droeg en superieur achtte omdat ze heeft geleid tot vrijheid en welvaart. Hij gaf weinig om wat andere, politiek correcte geesten over hem dachten. In 2010 trad hij op als spraakmakend getuige-deskundige voor Geert Wilders op het proces tegen de PVV-leider. Zijn motto, waarmee hij telkens ook zijn mails afsloot, was immers: ‘Strijd de goede strijd’.

In de documentaire ‘Islam en waarheid’ (2010) stelde Jansen: ‘Ik kan het niet over mijn hart krijgen om het wie dan ook persoonlijk kwalijk te nemen. Mensen leven zó op van gebruik van geweld en totalitaire systemen en dwang; dat vinden ze zó mooi en zo lekker, dat zit kennelijk in de genen, ik kan het ook niet helpen. We moeten toch een beetje mededogen hebben met mensen die zo van de onvrijheid houden en dat ook willen verspreiden, dat is een menselijke behoefte, niet te snel veroordelen. De westerse, kapitalistische, liberale democratische enzovoort leefwijze roept natuurlijk enórme rancune en haat op. Het communisme heeft geprobeerd om er een eind aan te maken, het nazisme heeft geprobeerd om er een eind aan te maken, en nu is het de beurt aan de islam om te proberen er een eind aan te maken. Ik denk dat linkse politici en moslimpolitici onmiddellijk in elkaar die haat jegens het Westen herkennen.’

Op de indrukwekkende uitvaartplechtigheid in Amsterdam, gaf PVV-ideoloog Martin Bosma een beklijvende toespraak waarin hij stelde: ‘Het verscheiden van professor Hans Jansen is niet zozeer een verlies. Het is een ramp. (…) De internationale anti-jihadbeweging, inclusief mijn partij, is hem onnoemelijk veel dank verschuldigd. (…) Hans sprak de Waarheid in een tijd van universele leugen, hij was een wijze in het “land der naïeve dwazen”, een patriot in een wereld zonder grenzen, een apostel van de redelijkheid, ridder van het Maltezer kruis, getuige-deskundige, Europarlementariër. Aimabel – gul met zijn kennis, gul met zijn vriendschap, gul met de wijn. Nu zijn we weer overgeleverd aan de sprookjesvertellers van 1001 nacht, de cheerleaders van de Arabische Lente – al dan niet gefinancierd door Qatar. “Ach, elke godsdienst heeft wel wat, gaat u rustig slapen”.’

Op de wake de avond voordien had de arabiste en historica Machteld Allan gesproken: ‘Qatilu-hum hatta la takuna fitnatan wa takuna d-din kulluhu li-llah, draagt Allah op aan zijn profeet: bevecht ze tot er geen fitna (onderlinge tweedracht, opstand) meer is en alle religie toebehoort aan Allah. Als men zou kunnen spreken van het “doel” van een bepaalde religie, dan is in deze woorden het doel van de islam vervat, zoals universele rechtvaardigheid het “doel” van het jodendom kan worden genoemd en universele liefde het doel van het christendom. En als universele islam (onderwerping) het doel van de islam is, desnoods kwaadschiks, dan volgt daaruit dat jihad het middel is, of voor de filosofische fijnproevers, de formele oorzaak, de essentie van de islam, datgene waarzonder de islam geen islam is, datgene wat de islam doet tikken. Zo eenvoudig is het. En dat is geen goed nieuws. Zoals het alle boodschappers van slecht nieuws vergaat: men wordt boos op de boodschapper. De vele aanvallen op zijn persoon en zijn reputatie door “de vrienden en vriendinnen van de islam” heeft Hans diep gestoken, en hij deed ook zijn beklag wel eens, maar hij heeft het uiteindelijk gedragen als een man: zonder te buigen en met humor en wijsheid.’

Theodor Holman schreef in Het Parool: ‘Het was een warme, lieve, zeer geestige persoonlijkheid die ook nog eens goed kon schrijven en helder kon denken. Een ware geleerde, een echte intellectueel. (…) Hij had, om eerlijk te zijn, soms iets tragisch over zich, iets treurigs. Ik weet niet wat dat was.’ Ik denk dat ik het wel weet: Hans Jansen was zó intelligent en beschaafd dat hij meer dan wie ook zag en besefte in wat voor een tranendal we eigenlijk leven.

Chris Rutenfrans schreef in de Volkskrant: ‘Jansen schreef over de islam zoals Karel van het Reve over het communisme schreef: glashelder, geestig en vernietigend.’

Ruben Gischler schreef: ‘Hans Jansen behoorde tot wat ik gekscherend noem de voorhoede van de islamofobische internationale. Hij was de eerste wetenschapper die het opnam voor Bat Ye’or en haar standaardwerk over de teloorgang van de oosterse christenen in de islamitische wereld. Een teloorgang waarvan wij nu het slotakkoord beleven.’

Afshin Ellian schreef in Elsevier: ‘De briljante Hans Jansen was de schrik van alles wat politiek-correct is. (…) De vrolijke man met een waanzinnige kennis van de islam, het christendom en het jodendom is niet meer. (…) Hans was politiek-correcte islamologen die zelf weinig hadden gepresteerd een doorn in het oog. Weinigen kunnen in zijn schaduw staan.’

Martin Bosma besloot zijn toespraak met: ‘Laten we Hans citeren, laten we zijn werk voortzetten. Laten we zijn boeken lezen, laten we zijn gedachten, zijn visies, zijn analyses, zijn ideeën verder verbreiden. Laten we ons wapenen met zijn woorden. Laat ons moed putten uit wat hij ons vertelde. Wat hij ons leerde.’

In zijn laatste boek, Op, op, ten strijde, Jeruzalem bevrijden, maakt Hans Jansen brandhout van de politiek correcte mythes die de kruistochten als iets louter negatief afschilderen, en laat hij zien dat ze eigenlijk het begin waren van onze strijd tegen de islamitische jihad. Een van zijn laatste briljante vondsten was de oneliner-conclusie in een van zijn laatste columns: ‘Wie islam zaait, zal sharia oogsten’.

Hans Jansen was een Gutmensch – een ‘goedmens’ – in de niet-pejoratieve betekenis van het woord. Een bijzonder mooi mens en een ware vrijheidsstrijder is ons ontnomen.

Foto © Reporters

Sam Van Rooy

Sam van Rooy (1985) is ingenieur bouwkunde (MSc.), auteur van enkele boeken over de islam en de EU, publicist, medewerker van de Vlaams Belang-studiedienst en woordvoerder van VB Antwerpen.

Dit artikel delen of afdrukken




Commentaren en reacties


Kijk vooraf even op onze Spelregels en technische problemen
Reacties - klik hier

Voeg een reactie toe

https-doorbraak-be

Lees ook

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans