Advertentie
Actualiteit, Binnenland, Commentaar
Kristof Calvo

De Nostradamus in Kristof Calvo

De groei(pijn) van Groen

De (goede) score van Groen (13,9%) in de laatste peiling (VRT/De Standaard) vormde begin vorige week de aanleiding voor een interview met oppositieleiders Kristof Calvo (Groen) en Jean-Marc Nollet (Ecolo) in De Standaard. Daarin leed die eerste weer aan grootheidswaanzin. Eerder klopte ook al Groen-voorzitter Meyrem Almaci in Knack zichzelf op de borst: ‘Wij zijn de game changers’. Nochtans doorprikte Jan Van de Casteele in Doorbraak de groene framing van de peiling, want Groen scoorde minder goed dan de vorige peiling.

Groene premier

Met Calvo’s quote ‘tegen 2025 rond de 25 procent halen, kan zeker’, moesten veel lezers ongetwijfeld eens goed lachen. (2025 is trouwens geen verkiezingsjaar, 2024 wel.) Ook een groene premier is voor Calvo in 2025 perfect mogelijk. Of hijzelf eerste minister zal worden, laat hij in het midden. Voor de kiezer is hij alleszins minder geliefd dan door de media: Calvo staat pas op plek 23 in de door De Standaard georganiseerde populariteitspoll. Zoals Van de Casteele schreef op Doorbraak in ‘Poppolls interessante, maar gevaarlijke spiegel’: ‘Volgens de recentste grote peilingen zou Groen “naar ongekende hoogten” klimmen. In de poppoll is daar weinig van te merken.’

Het Calvo-syndroom

Ook politicoloog Carl Devos schreef in De Morgen vóór aanvang van het politieke jaar over de zegezekerheid van Groen, die naar arrogantie neigt. ‘De aanmatigende claim dat hen het linkse leiderschap toekomt, is gebaseerd op hoop, nog niet op verkiezingen. Het Calvo-syndroom bedreigt de partij: een hoofdrol in het theater maakt nog niet geliefd of meest gewaardeerd.’

Calvo vergeleek in het interview ook Groen met de N-VA. ‘2019 moet voor ons worden wat 2009 was voor de N-VA. De stap zetten van een kleine naar een middelgrote partij. Stevige dubbele cijfers, dus.’ In tegenstelling tot wat soms gedacht wordt, is Groen echter niet zo’n (heel) jonge partij (als de N-VA, die ontstond in 2001 en voortvloeide uit de Volksunie, een heel andere partij dan de huidige N-VA) en ontstond ze in 1979 onder de toenmalige naam Agalev. Als we de partijgeschiedenis bekijken, van toen tot nu een kleine 40 jaar, strookt dit niet met de woorden van Calvo die zegt dat een groene partij op lange termijn een grote partij kan zijn.

Paars-groen

In 1981 geraakte Agalev met 2 zetels (2,3%) voor het eerst in het federale parlement. Het Agusta-schandaal (1995) en de dioxinecrisis (1999) zorgden op het federale niveau respectievelijk voor 4,4% en 7% Agalev-stemmen. Beleidsdeelname deed de partij onder Verhofstadt I geen goed (al was volgens Calvo paars-groen de laatste plezante regering). Ze werd K.O.-geregeerd en verdween met minder dan 2,5% (2003) weer uit het parlement. Slechts eenmaal haalde Agalev/Groen de beoogde 10%-grens, tijdens de Vlaamse verkiezingen van 1999 (11,6%). Toen had ze als vijfde grootste partij evenveel zetels (12) als het kartel Volksunie-ID, nummer zes in de verkiezingsuitslag.

Na de eerste deelname aan de federale verkiezingen in 1981 (het Vlaams Parlement was pas sinds 1995 rechtstreeks verkiesbaar), volgden nog negen federale verkiezingen, waarbij de groenen in zeven gevallen hun uitslag ten opzichte van de vorige keer verbeterden (behalve in 1995 en 2003). We kunnen dus spreken van een winning team, zij het met kleine overwinningen en met de belangrijke kanttekening dat Groen federaal gezien met 8,5% in 2014 pas echt de verkiezingspandoering van 2003 te boven is gekomen.

Electorale thema’s

Vlaams Blok/ Vlaams Belang – ook een relatief nieuwe partij die pas haar veertigste verjaardag vierde – lukte het iets vroeger dan Agalev/Groen om de 10%-grens te halen (12,3% bij de Vlaamse verkiezingen in 1995), kon ook de dubbele cijfers langer behouden en zelfs pieken tot 24% (Vlaamse verkiezingen in 2004). Toch is ze na de verkiezingen van 2004 gezakt tot net geen 6% (5,9%) in 2014, zowel Vlaams als federaal. Ook in de peilingen doet ze het met 6,5% niet veel beter. Zo zie je maar hoe het kan verkeren. Tegelijk kan Vlaams Belang bij N-VA nog meer stemmers afsnoepen dan Groen kiezers van sp.a. Politiek is en blijft een slingerbeweging. Naast de vraag of “nieuwe” partijen kunnen doorbreken staan trouwens ook de traditionele partijen onder druk.

Is de ecologische breuklijn voldoende groot voor Groen om met de grote jongens mee te doen? De uitdagingen op het vlak van milieu, klimaat en energie zijn de afgelopen decennia zeker niet voorbij gegaan. Maar Groen heeft met deze thema’s electoraal nog niet fameus kunnen scoren. Net zoals VB-voorzitter Tom Van Grieken zich sterk maakt dat de thema’s die zijn partij aankaart – massamigratie, multicultuur, veiligheid en identiteit – actueel zijn, maar hij ze voorlopig na de mokerslag in 2014 niet weet te verzilveren in de peilingen. Geen enkele politicus zal trouwens zijn eigen core business ondergraven. Zo zei CD&V’er Eric Van Rompuy afgelopen week in Knack dat hij zich nog nooit zo christendemocraat gevoeld heeft als nu. ‘Ons model van overleg is actueler dan ooit.’

Oostenrijk

Om bij de groene partijen te blijven: in Vlaanderen is de grote doorbraak van deze politieke stroming nog niet gelukt. Ook elders in Europa niet. Nergens zijn ze doorgegroeid tot volkspartijen die de regeringsdans bepalen. Om enkele landen mee te geven.

Tijdens de afgelopen verkiezingen in maart 2017 in Nederland haalde Groenlinks haar beste uitslag ooit (9,1%), zeker in vergelijking met de 2,3% in 2012, maar in het verleden haalde Groenlinks onder Paul Rosenmöller en diens opvolgster Femke Halsema al eens 7% in 1998 en in 2002. Het valt dus te af te wachten of die nieuwe piek behouden kan blijven.

De Duitse Grünen kwamen in 1980 voor het eerst op en scoorden in 1983 al boven de kiesdrempel van 5%. Nog een verkiezing later behaalden ze ruim 8% van de stemmen, maar structureel zijn ze niet kunnen doorgroeien. Met de sociaal-democratische Schröder konden ze zeven jaar meeregeren (1998-2005) en na een oppositiekuur tegen de Große Koalition van CDU/CSU stegen ze in 2009 tot bijna 11%. Maar in 2013 daalden ze weer naar 8,4% en eind september deden ze met 8,94% niet veel beter. Met hun parcours zijn ze vergelijkbaar met de Vlaamse groenen.

In 2006 haalden in Oostenrijk de Grünen tijdens de parlementsverkiezingen de grens van de 10% (11,05%) en die bleef behouden in 2008 (10,43%) en 2013 (12,42%), hun beste score ooit. En sinds januari dit jaar is de groene Alexander Van der Bellen bondspresident. Tot daar het goede nieuws. Bij de ‘ruk naar rechts’ tijdens de parlementsverkiezingen in oktober vielen de groenen terug van 12,42% naar nauwelijks 3,8%. En zo kunnen ze steeds weer helemaal opnieuw beginnen.

Ecolo

Toch hoeft Groen helemaal niet ver te zoeken naar een goed scorende ecologische partij in de buurt: Ecolo. Ook zij leden in 2003 net als haar Vlaamse variant een zware nederlaag, maar staan nu ongeveer op dezelfde hoogte als Groen. Over de taalgrens is Ecolo meestal succesvoller geweest. Je zou als Vlaamse groene voor minder belgicist worden.

Al in 1981 haalde Ecolo in Wallonië 6% van de stemmen. In 1999 en in 2009 werd in Wallonië meer dan 18% bereikt, waarop telkens een deelname aan de Waalse regering volgde. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werd bij diezelfde verkiezingen zelfs de grens van 20% overschreden, en sinds 2004 regeert Ecolo mee in de hoofdstad. De “dioxineverkiezingen” van 1999 leverden de partij zelfs drie van de tien Franstalige Europarlementsleden op. ‘Ecolo is wellicht de succesrijkste groene partij van Europa’, meent het sociaal-democratische tijdschrift Sampol. ‘Het is afwachten of Ecolo een partij blijkt te zijn met een basisniveau rond 10% en af en toe een uitschieter, of een partij die tussen 10% en 20% scoort en met cdH strijd levert voor de derde plaats in het Franstalige politieke landschap. Het is evenzeer afwachten of Ecolo een partij kan worden die het in de oppositie opgebouwde electorale kapitaal kan behouden na beleidsdeelname’, schreef Sampol (juni 2014) over de Franstalige groenen.

‘Ik heb geen glazen bol’, antwoordt Van Grieken geregeld op vragen over de electorale toekomst van zijn partij. Die bol blijkt Calvo blijkbaar te hebben, maar voor Groen zal de kiezer nog altijd de kaarten moeten schudden. Voorlopig valt het opgeklopte enthousiasme rond de groei van Groen echter te vergelijken met een fiscaal voordelige elektrische wagen waarvan de batterij te snel leeg is en toch niet zo duurzaam blijkt.

 

 

Reacties

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans