Economie
5G
Premium

Ons land in het donker op de 5G kaart

Alle politici, zelfs informateur Paul Magnette, beseffen dat de werkzaamheidsgraad in België omhoog moet als we onze royale sociale zekerheid overeind willen houden. Bij gebrek aan goedkope grondstoffen of goedkope arbeidskrachten, zullen we het van smart work moeten hebben. Dat omvat niet alleen ingenieurs en computergeeks aan het werk, maar ook slimme machines, ondersteund door het Internet of Things, die de arbeiders productiever zullen maken. Dé cruciale voorwaarde voor smart work, smart cities of eender wat smart, is de uitrol van 5G en daar loopt serieus wat mank.

5G

1G liet ons toe om mobiel te telefoneren. 2G verbeterde de kwaliteit en gaf ons SMS. Met 3G kwam daar surfen bij met een toen aanvaardbare snelheid. Pas met 4G konden we vlot filmpjes bekijken en mobiel internetten. 5G is de volgende stap in snelheid.

Testen tonen aan dat 5G 100 tot 200 keer sneller is dan het 4G-netwerk. Het huidige 4G-netwerk heeft een theoretische snelheid van 100 megabits pers seconde (mbps) maar met 5G zou het netwerk een snelheid van 20.000 mbps moeten kunnen halen. Dus waar je met 4G nog een tiental minuten nodig hebt om een film in hoge resolutie te downloaden, doe je dit met een 5G-verbinding op enkele seconden.

Behalve een sneller netwerk biedt 5G een lage latency. Dat is eenvoudig gezegd de snelheid waarmee je je antwoord ontvangt. 5G is specifiek ontworpen om dit zo laag mogelijk te houden.

Het is vooral dit wat nieuwe toepassingen mogelijk zal maken. Typische voorbeelden die men nu al voorspiegelt zijn bijvoorbeeld zelfrijdende auto’s en operaties op afstand. Je wil immers niet dat je auto net 2 milliseconden te traag reageert als hij moet stoppen voor je voorligger of dat de chirurgische robotarm hapert als een bufferend Youtubefilmpje met de professor aan de andere kant van de wereld.

Bufferende 5G implementatie

Hoe snel 5G ook mag zijn, de implementatie ervan dreigt in ons land trager te gaan dan een brief die met een postduif wordt besteld. Er is immers een akkoord nodig tussen de federale regering die de frequenties toewijst en de deelstaten die bevoegd zijn voor media. Die frequenties brengen veel geld op, naar verwachting zo’n 680 miljoen euro. Niet alleen de bevoegdheid is dus versnipperd maar ook de geldpot moet verdeeld geraken. Vroeger hanteerde men een 80/20-verdeelsleutel, maar deze keer willen de gewesten een groter deel van de koek.

Begin februari kwam men alvast niet tot een akkoord in het Overlegcomité. Uiteindelijk besliste men het dossier over de verkiezingen te tillen, maar zolang niet alle regeringen in het zadel zitten, komt men stap verder. Jambon I toont trouwens in haar regeerakkoord dat ze zal strijden voor de centen: ‘We onderhandelen met de federale overheid voor een merkelijk hoger aandeel in de verdeling van de éénmalige én jaarlijkse opbrengsten van de veiling van het spectrum voor mobiele breedband.’ (punt 11 onder Media)

In hetzelfde regeerakkoord lezen we trouwens ook dat onze Vlaamse regering beseft hoe dringend de uitrol van 5G wel is:

  • ‘Radiospectrum is een essentiële grondstof voor de digitale economie van de toekomst en de uitrol van 5G.
  • Een snelle uitrol van 5G in Vlaanderen is prioritair.’

Mooie woorden, maar intussen zien we geen verdere stappen. Dit is nu eenmaal iets waar de Vlaamse regering niet zelf kan over beslissen. De enige discussie die ze kan voeren is dat – indien men het ernstig meent – er ‘snel een gebiedsdekkend 5G-netwerk moet zijn in Vlaanderen’ en men water bij de wijn doet in de centenkwestie.

Brussel ligt dwars

Gekker wordt het als men de Brusselse situatie bekijkt. Net zoals men belachelijke geluidsnormen voor luchtverkeer hanteert, heeft het Brussels Gewest ook achterhaalde stralingsnormen voor GSM-antennes.

Toen de kersverse Brusselse regering haar regeerakkoord voorstelde, leek er echter een doorbraak te komen, want men bevestigde dat men wil meewerken aan de invoering van 5G in de hoofdstad.

Hoewel…? De Brusselse regering bevestigde dat ze het protocolakkoord van de vorige regering met de telecomoperatoren wilde uitvoeren. Dit protocolakkoord omvat een versoepeling van de emissienorm tot 14,5 V/m (volt per meter).

Deze versoepeling is slechts voldoende om de huidige saturatie van het 4G-netwerk in Brussel op te vangen zodat u toch een ‘deftig’ gesprek kan voeren tussen de hoge gebouwen. Volgens het BIPT moet echter deze 14,5 drempel snel verhoogd worden om aan de echte uitrol van 5G te kunnen beginnen. Het BIPT beveelt de internationale emissienorm, aanbevolen door de EU, van 41,2 V/m aan.

Kan u het zich voorstellen dat binnen enkele jaren de hoofdstad van de EU de enige 5G-vrije zone is in de Unie? Ook als congresstad krijgt het gewest dan een flinke smak te verwerken. En wat met onze internationale instellingen, zoals het Europees parlement en de NAVO? Wat gaan zij doen als ze enkel nog met afgedankte GSM’s met 4G kunnen werken?

Geen Chinezen aan boord

Ons land moet trouwens goed nadenken met welke internationale partners men 5G verder wil uitrollen. De keuze tussen aanbieders die de technologie goed beheersen is immers beperkt. Eén van de grootsten wereldwijd is Huawei en laat dat nu net kop van jut zijn in de ogen van de Amerikaanse regering, terwijl het wel hofleverancier is bij Proximus.

Enkele weken geleden had ons land Robert Strayer op bezoek, de hoge diplomaat die verantwoordelijk is voor het Amerikaanse cyberbeleid . Hij maakte duidelijk wat de Amerikaanse regering denkt over de Chinezen. ‘Huawei is niet te vertrouwen, omdat het bedrijf gebonden is aan de nationale inlichtingenwet van de Chinese regering die bedrijven verplicht om samen te werken met inlichtingen- en veiligheidsdiensten’, aldus Strayer tijdens een persontmoeting op de Amerikaanse ambassade.

Het is voor een bedrijf als Proximus niet eenvoudig om zomaar van netwerkleverancier te veranderen. Dan moet je immers een leger ingenieurs leren omgaan met een nieuwe omgeving, met bijbehorende dure transitiekosten.

Maar wat zijn de alternatieven? 5G-loos blijven en internationale instellingen zien vertrekken, zou wel eens genadeloos hard kunnen zijn voor onze economie.

Alle politici, zelfs informateur Paul Magnette, beseffen dat de werkzaamheidsgraad in België omhoog moet als we onze royale sociale zekerheid overeind willen houden. Bij gebrek aan goedkope grondstoffen of goedkope arbeidskrachten, zullen we het van smart work moeten hebben. Dat omvat niet alleen ingenieurs en computergeeks aan het werk, maar ook slimme machines, ondersteund door het Internet of Things, die de arbeiders productiever zullen maken. Dé cruciale voorwaarde voor smart work, smart cities of eender wat smart, is de uitrol…

Premium Artikel

Dit artikel is een premium-artikel dat alleen leesbaar is voor Doorbraak-lezers die ingelogd zijn op doorbraak.be. Registreren is gratis en geeft toegang tot alle premium artikels. Het is mogelijk dat u al de nieuwsbrief ontvangt of dat u al een steuner bent bij Doorbraak, maar dat u nog geen inlogaccount (met wachtwoord) heeft aangemaakt. Als u via sociale media inlogt of hieronder een nieuwe account aanmaakt, dan wordt die account automatisch aangemaakt en aan uw nieuwsbrief gekoppeld.


Al geregistreerd bij Doorbraak of bij een sociaal netwerk? Log dan hieronder in op Doorbraak.be








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

David Geens

David Geens is IT-engineer en bestuurder en investeerder in verschillende vennootschappen. Bij Doorbraak focust hij zich op de audiovisuele activiteiten zoals de podcast en video interviews.

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van David Geens?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans