fbpx


Binnenland

Ook de Vlaamse intercommunales hebben de “Waalse ziekte”




Al 10 jaar voer ik een heel eenzame politieke strijd tegen de scheefgetrokken toestanden van de intercommunales. Zelfs meerdere parlementaire onderzoeken en een hoofdstuk in mijn recente boek Dorpstraat-Wetstraat volstonden niet om de pers warm te maken voor mijn strijd tegen de wantoestanden bij intercommunales wegens te technische materie. Maar enkele weken geleden kwam de problematiek van de intercommunales eindelijk eens hoog op de agenda te staan en ontdekten de Vlamingen dankzij het schandaal rond Publifin waarom politici zo gek op intercommunales zijn.

Gebrek aan politieke expertise

De intercommunales zoals we ze vandaag kennen hadden oorspronkelijk de bedoeling om de intergemeentelijke samenwerking te organiseren. De vereniging van meerdere gemeenten werd jaren geleden in het leven geroepen om taken van gemeenschappelijk belang te realiseren op het gebied van onder andere nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas, water en televisiedistributie), huisvuilverwerking, sociale huisvesting, crematoria en streekontwikkeling. Politici ijverden in de jaren 1980 voor meer van deze intercommunales omdat het takenpakket van de gemeenten na de gemeentefusies in 1977 groter en complexer was geworden. Op zich valt samenwerking tussen gemeenten alleen maar toe te juichen. Toch zijn intercommunales tegenwoordig instituten waar de Dorpstraat amper nog democratische controle over heeft. De politici die de intercommunales leiden worden namelijk niet verkozen, maar aangeduid door de politieke partijen. Intercommunales zijn pure politieke instituten geworden met talrijke lucratieve mandaten als politieke cadeautjes. De talrijke mandaten in de intercommunales zijn al jaren een belangrijke factor voor politieke vrede in de traditionele partijen. Wie net geen schepen werd, krijgt vaak van zijn partij zo’n mandaat aangeboden als troostprijs. Dit zorgde er bovendien in de loop van de jaren voor dat er amper expertise aanwezig is in deze puur politieke bestuursorganen. In één zaak zijn de politici alvast met brio geslaagd; ze bouwden de structuren van intercommunales zo wazig dat deze intern quasi oncontroleerbaar zijn. Het blijkt ook de ideale techniek om externe, niet gewenste pottenkijkers zoals journalisten ver op afstand te houden.

Politici omzeilen wetgeving

Wantoestanden zoals in Wallonië bestaan ook in Vlaanderen, dat bewijzen de talrijke mandatenkampioenen onder de Vlaamse politici die jaarlijks in de cumullijstjes met meerdere mandaten opduiken. Politici die bovenop hun wedde als lokaal mandataris of parlementslid enkele duizenden en zelfs tienduizenden euro’s aan zitpenningen jaarlijks extra verdienen om maandelijks gewoon enkele minuten aanwezig te zijn op een vergadering van een intercommunale kan je moeilijk gezond Vlaams beleid noemen. De beperking van de presentiegelden tot 205 euro per vergadering in de bestuursorganen van de talrijke intercommunales dat opgenomen werd in het decreet van 2001 wordt vandaag namelijk door talrijke politici in Vlaanderen handig omzeild. Men maakte door de jaren naast de mandaten in de raden van bestuur gewoon meerdere postjes in directiecomités, sectorcomités … tot allerlei adviescomités met zitpenningenbij. Presentiegelden waar ook Vlaamse politici weinig moeten voor doen, enkel moeten aanwezig zijn en er trouwens minder op belast worden dan op hun politiek hoofdmandaat.

Windmolenparken in Curaçao

Excessen zoals de aankoop van de krant L’Avenir door de intercommunale Publifin kom je niet tegen in Vlaanderen, vertelde minister van Binnenlands Bestuur Homans (N-VA) in ‘De zevende dag’. Is de minister dan niet op de hoogte dat bijvoorbeeld Aspiravi – waarvan enkele intercommunales, 96 gemeenten en zelfs de Vlaamse Energieholding aandeelhouder van zijn – vandaag onder andere ook windmolenparken in Curaçao bouwt? Ja, u leest het goed! Op een ogenblik dat onze Vlaamse politici vandaag nog steeds geen antwoord hebben op ons eigen energiebeleid is het blijkbaar voor lokale Vlaamse politici volgens de minister dus duidelijk een intergemeentelijke kerntaak om te zorgen voorde energiebevoorrading in Curaçao.

Het voorbeeld van FARYS

En wat doe je als gemeente als je een atletiekpiste of een tennisterrein wil aanleggen of het strooizout niet kan betalen? Heel eenvoudig. Je belt bij voorkeur even naar FARYS (het vroegere TMVW), vooral in Oost-Vlaanderen actief. Het is een drinkwatermaatschappij, maar slechts 35% van haar activiteit is drinkwater, de rest zijn andere zaken. FARYS is makelaar in alles. Deze praktijken van FARYS tarten toch wel elke verbeelding en gaan duidelijk het oorspronkelijk doel van intergemeentelijke samenwerking voorbij. Je zou bovendien denken dat FARYS op een berg poen zit en dat allemaal vlot kan betalen voor haar gemeenteaandeelhouders. Maar die poen hebben ze niet, dus wat doen ze? Ze bellen naar Belfius. Daar hebben ze een permanente kredietlijn van 400 miljoen euro. Dingen die Dexia vroeger politiek niet durfde, doet Belfius vandaag dus wel. We hebben het dus over een buitenbalansstructuur die opgezet is om de gemeentelijke begrotingen in evenwicht te kunnen houden. De voorbije acht jaar hebben een tiental gemeenten maar liefst 736 miljoen euro buiten hun begrotingen kunnen houden via FARYS. Of is deze nieuwe financiële spitsvondigheid van deze intercommunale ook een voorbeeld van intergemeentelijke samenwerking, mevrouw de minister?

Zitpenningen afschaffen

De oplossing voor de zitpenningen is alvast heel eenvoudig. Ik diende als Vlaams Parlementslid in 2013 al een voorstel van decreet in om meer expertise in de raden van bestuur van de intercommunales te krijgen. Mijn voorstel was om niet langer de mandaten in de raden van bestuur van intercommunales als troostprijs uit te delen aan gemeenteraadsleden, maar wel de vakschepenen rond de tafel te brengen voor deze intergemeentelijke samenwerking. Dit houdt de verplichting in dat in een afvalintercommunale de schepen van Afval uit elke deelnemende gemeente aan tafel komt te zitten, in een crematoriumintercommunale de schepen van Begraafplaatsen … Omdat schepenen al een loon ontvangen, kunnen hierdoor ineens ook de zitpenningen afschaft worden en krijg je expertise aan tafel. Bij mijn aantreden als burgemeester zette ik dit voorstel in mijn eigen gemeente in de praktijk om. We verdeelden de mandaten in de intercommunales op basis van expertise en schepenbevoegdheden.

Maar zolang de traditionele politieke partijen de intercommunales gebruiken om politici als troostprijs van een postje te voorzien, ze deze als instrument hanteren om verdoken de gemeentebelastingen te verhogen en om er via allerlei constructies uitgaven buiten de gemeentebegrotingen te houden, helpt geen enkel medicijn tegen deze Waalse en Vlaamse ziekte.

 

Peter Reekmans is burgemeester van Glabbeek, gewezen volksvertegenwoordiger en LDD-fractievoorzitter in het Vlaams Parlement

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

[ARForms id=103]

Peter Reekmans

Peter Reekmans is burgemeester van Glabbeek en nationaal ondervoorzitter van LDD.