fbpx


Economie
pensioen

Pensioenbom tikt voort




De coronacrisis heeft de Belgische overheidsfinanciën in 2020 sterk verslechterd. Door de maatregelen ter ondersteuning van ondernemingen en gezinnen bedroeg het overheidstekort van België in 2020 9,4 % van het bbp (bruto binnenlands product), tegenover een negatief saldo van slechts 1,9 % in 2019. De recessie deed de ontvangsten met bijna 10 miljard euro teruglopen, terwijl de uitgaven aanzienlijk stegen, met meer dan 22 miljard euro. Hiervan is 16 miljard euro toe te schrijven aan de pandemie. Door het gecombineerde…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


De coronacrisis heeft de Belgische overheidsfinanciën in 2020 sterk verslechterd. Door de maatregelen ter ondersteuning van ondernemingen en gezinnen bedroeg het overheidstekort van België in 2020 9,4 % van het bbp (bruto binnenlands product), tegenover een negatief saldo van slechts 1,9 % in 2019. De recessie deed de ontvangsten met bijna 10 miljard euro teruglopen, terwijl de uitgaven aanzienlijk stegen, met meer dan 22 miljard euro. Hiervan is 16 miljard euro toe te schrijven aan de pandemie.

Door het gecombineerde effect van het hoge tekort en een daling van het bbp steeg de overheidsschuld zo tot 114,1 % van het bbp. Dat is een stijging met 16 procentpunt ten opzichte van 2019. Een dergelijke schuldgraad was al meer dan twintig jaar niet meer opgetekend, maar blijft onder de piek van ruim 130 % van het bbp uit 1993.

Verborgen schuld: de pensioenlast

In feite is de Belgische overheidsschuld nog veel groter door het wettelijk pensioen. De overheid heeft in het verleden daarvoor veel bijdragen geïnd, om in de toekomst pensioenen uit te betalen. Dat is een grote toekomstige schuld. De demografische evolutie heeft echter tot gevolg dat er iets moet veranderen om onze pensioenen (en de sociale zekerheid in het algemeen) betaalbaar te houden. In combinatie met twee demografische factoren hebben we immers een enorm probleem:

-na de Tweede Wereldoorlog kende ons land een ware geboortegolf (de babyboom). Deze kinderen gingen dan werken, zodat er veel meer geld in het laatje kwam om de pensioenen van de relatief weinig oudere mensen van toen te financieren. Maar sinds 2010 gaan deze babyboomers ook op pensioen zodat er veel meer gepensioneerden bijkomen.

-door de ontwikkeling van de medische wetenschap gaan deze ook nog langer leven. Na de oorlog was de gemiddelde levensverwachting 65 jaar, maar die is nu opgeklommen tot 80 jaar en meer.

Vergrijzing

Deze twee factoren hebben tot gevolg dat het aantal betalers per uit te keren pensioen drastisch afneemt: in de jaren 60 waren er nog 5 personen op beroepsleeftijd per oudere boven de 65 jaar; nu is deze verhouding gedaald tot tussen 3,5 en 4, en tegen 2060 zou dit gehalveerd zijn tot 2,3 personen per oudere.

Ten slotte gingen de werknemers ook steeds vroeger op pensioen, alhoewel die trend toch gekeerd is. De pensioenleeftijd wordt geleidelijk opgetrokken tot 67 jaar, en wie weet zelfs meer. De huidige regering maakt van de werkzaamheidsgraad op minimum 80 % van de globale actieve bevolking een prioriteit.

En deze maatregelen zijn nodig. De Studiecommissie van de Vergrijzing berekende vorig jaar dat de sociale uitgaven als gevolg van de vergrijzing met liefst 22,5 miljard euro zullen stijgen, van 24,8 % van het bbp in 2019 naar 29,8 % in 2040! Het cijfer is fors hoger dan de schatting in 2019 als gevolg van de coronacrisis. De economie zal daardoor tegen 2040 minder snel gegroeid zijn, waardoor de vergrijzing nog zwaarder weegt op de economie.

Geen spaarpot

België heeft geen spaarpot aangelegd voor het wettelijk pensioen doordat het steeds gewerkt heeft op basis van het omslag- of repartitiestelsel: een systeem waarbij de huidige pensioenen worden gefinancierd met de bijdragen die werkenden betalen. Als die bijdragen onvoldoende zijn, moet de staatskas bijleggen, o.a. via schulden. Dit stelsel is van toepassing in landen met een sterk socialistisch verleden zoals België, Spanje, Portugal en Frankrijk die het zien als een verworvenheid van de klassenstrijd. Het nadeel van het omslagstelsel is echter dat het gevoelig is voor demografische veranderingen als de bevolking vergrijst. Critici vergelijken zulke systemen dan ook met het verfoeilijke piramidespel: om beleggers hun zogenaamde winst uit te keren, gebruikt men het geld van nieuwe beleggers.

Dit in tegenstelling tot Nederland waar het kapitaaldekkings- of  kapitalisatiestelsel geldt. De bijdragen van de werknemers gaan naar een pensioenfonds dat ze dan belegt. De werknemer krijgt het opgespaarde geld, inclusief de beleggingsopbrengst, uitgekeerd op pensioenleeftijd. Vandaar dat er in Nederland ook veel pensioenspaarfondsen zitten, die ondertussen het toevertrouwde geld kunnen beleggen in aandelen van Nederlandse bedrijven en zo de economie nog een steuntje in de rug geven. Dit systeem gebruikt men in België wel voor de tweede pijler.

Drie pensioenpijlers

In België hebben we nu drie pensioenpijlers:

-het wettelijk pensioen;

-het aanvullend pensioen, dat via de werkgever opgebouwd wordt dankzij een groepsverzekering of pensioenfonds;

-het pensioensparen dat fiscaal aangemoedigd wordt door iedere werknemer jaarlijks tot rond 940 euro per werknemer te laten sparen: u kan tot 30 % van de gestorte bedragen fiscaal recupereren. Deze derde pijler omvat daarnaast ook het langetermijnsparen: eens uw woonkrediet is afbetaald, kan dit u een belastingsvoordeel opleveren van maximaal 678 euro, wat overeenkomt met 30 % fiscaal voordeel op maximaal 2.260 euro.

Soms spreekt men ook over de vierde pijler, nl. de persoonlijke spaarinspaningen die geen fiscaal voordeel opleveren.

Het wettelijk pensioen

Dit is ten laste van de overheid, en zal nog decennia lang een grote druk op de staatsfinanciën leggen. Maar deze eerste pijler raakt ook steeds meer uitgehold. Dit komt omdat het pensioen maar berekend wordt op een deel van het loon: je draagt via het salaris onbeperkt bij aan het systeem, maar wat je er kan uithalen blijft beperkt. Dat zorgt wel voor een toenemende solidariteit tussen werknemers.

Volgens PensioPlus, de vereniging die de sector van de bedrijfspensioenen overkoepelt, is de pensioenval, of het verschil tussen uw laatste loon en uw pensioen, bijna nergens groter dan in België. Er is dan ook sprake van een geruisloze uitholling van het wettelijk pensioen omdat de pensioenen de welvaartsgroei niet volgen. Tegenover 1985 zou er al sprake zijn van een kloof van 40%!

In België bedraagt het gemiddeld pensioen 1.150 euro per maand, tegenover 1.290 euro in Duitsland en zelfs 1.640 euro in Nederland. Als dat waar is betekent het dat de politieke druk vanuit vooral de Franstalige socialisten om het minimumpensioen op 1.500 euro te brengen een zware budgettaire weerslag zal hebben. Men kan zich afvragen of dat in werkelijkheid nog haalbaar is na de coronacrisis.

Het aanvullend pensioen vanuit de bedrijven

Ongeveer één Belg op drie, of 3,7 miljoen Belgen, heeft recht op een aanvullend pensioen. Maar het merendeel van de groepsverzekeringen is niet in staat om op de vervaldag het beloofde pensioen aan de werknemers uit te betalen. Ze zijn volgens de toezichthouder FSMA (Financial Services and Markets Authority) onvoldoende gefinancierd om aan de onmiddellijke verplichtingen te kunnen voldoen. Dat slaat op de verworven reserves van de werknemers. Het grootste probleem betreft de uitbetaling van de verworven prestaties, of het beloofde bedrag dat men moet krijgen als men met pensioen gaat. Maar liefst twee op drie van de pensioenplannen kan op eigen kracht de beloofde bedragen niet betalen. Dat komt vooral omdat het verwachte rendement van de reserves te laag is om die verworven prestaties van de werknemers te waarborgen.

Pensioenfondsen en groepsverzekeringen belegden in het verleden meer dan helft van hun premies in obligaties. Deze zijn door de reeds sinds meer dan 10 jaar aanhoudende lage rente een blok aan het been: de rentecoupon ligt onder de wettelijke minimumrente van 1,75 % die het aanvullend pensioen moet halen. Een gekend voorbeeld is Agfa Gevaert dat onder zware pensioenlasten gebukt liep. In 2012 moest het bedrijf voor 704 miljoen euro pensioenlasten in rekening nemen, waardoor het eigen vermogen daalde van 995 miljoen euro naar 169 miljoen euro. Maar niet alle bedrijven zijn daartoe in staat.

Oplossingen

De pensioenproblematiek is in feite de grootste uitdaging voor de volgende decennia. De oplossingen liggen niet voor het rapen. Maar zoals we er reeds op wezen moet de werkzaamheidsgraad van de actieve bevolking naar 80 % of meer, ook in het zuiden van het land. Dit impliceert ook dat men reeds vanaf nu langer moet werken dan de leeftijd van 65 jaar.

Vervolgens moet de productiviteitsgroei fors omhoog. In de twintigste eeuw kende ons land een sterke toename van de welvaart door de forse productiviteitstoename, maar sinds het jaar 2000 ging die sterk achteruit: de productiviteit stijgt amper. Hiervoor zijn investeringen nodig in de privésector. Ook de inefficiëntie van de Belgische overheid draagt hier sterk toe bij: de staat moet gereorganiseerd worden zodat de diverse beslissingsniveaus homogene bevoegdheden krijgen. Het overheidsapparaat moet afgeslankt worden. Benchmarking wat het aandeel van de tewerkstelling van ambtenaren in het geheel betreft, en dan vooral in vergelijking met Duitsland en Nederland, is nodig. Een te zware overheid drukt de productiviteit.

Fundamenteel hervormen

Tot slot is gans het wettelijk pensioen aan een fundamentele hervorming toe, in plaats van hier en daar slechts te prutsen in de marge. Het moet vooral veel eenvoudiger en transparanter, en men moet opnieuw vertrouwen krijgen in het wettelijk pensioen. Dit is nodig voor onze jongeren, waar nog slechts één op drie voldoende vertrouwen lijkt te hebben in het pensioensysteem. De discussie rond de zware beroepen toont echter aan dat het een moeizaam proces is. Zij die een zwaar beroep hebben uitgeoefend mogen vroeger op pensioen gaan. Maar als het van de vakbonden afhangt zijn het er veel, en zo raakt het ganse systeem opnieuw uitgehold. Men moet redelijk blijven.

[ARForms id=103]

Paul Becue

Paul Becue is lic. Rechten, TEW en Diplomatieke Wetenschappen. Hij heeft een lange ervaring in de financiële sector. Zijn boeken over kredietverzekering gelden als de referentie.