Het woord ‘onprofessioneel’ is hier niet van toepassing. Het gaat om een politieke keuze, en politiek is geen beroep, tenzij iemand vindt dat het een stiel is als een andere, een echt vak zoals schoenlapper, loodgieter, elektricien, kleermaker, bakker, metselaar, schrijnwerker, smid enzovoort.

Nu weet iedereen wel dat er tussen de politici metsers zitten, en af en toe ook een loodgieter, maar die zijn dat in overdrachtelijke zin. Weinig mensen zullen geloven dat Dehaene destijds veel waterleidingen of afvoerpijpen heeft geplaatst.

Het woord ‘professioneel’ veronderstelt dat er voor om het even welk probleem een technische oplossing bestaat. Dat is misschien zo in de genoemde beroepen, maar in de politiek is dat niet het geval. Daar gaat het zoals gezegd om keuzes, en die zijn van een andere aard, van maatschappelijke aard. Het gebruik van de term duidt op een slecht begrip van wat politiek is.

Zeker, je voelt de goede wil van de (wellicht) geciteerde bron, de betrokkenheid, maar helaas ook het taalkundige, begripsmatige onvermogen. Misschien was ‘ondoelmatig’ of iets van die strekking bedoeld? Dan was dat een beter woord geweest dan de opvulterm ‘professioneel’, een soort anglicisme bovendien.

In zo’n titeltje ontbreekt natuurlijk niet een mooi eufemisme, een kleurwoord, en hier is dat: ‘kansengroepen’. Wie die term ooit heeft bedacht kende wel iets van retoriek, en had een politiek programma want er waren voor die groepen misschien ook duidelijkere benamingen te vinden.

Advertentie

Een politieke keuze aanvallen is best legitiem, maar dan wel met gebruik van de juiste termen. Journalistiek gesproken echter, blijft het gebruik van kleurwoorden onprofessioneel.