Actualiteit, Onderwijs
taalparticularisme

Poor Flanders

Vorige week dinsdag 17 oktober, halfacht ‘s avonds. De aula van de Gentse universiteit loopt aardig vol. De Gentse unief is 200 jaar oud en dat wordt gevierd met een hele rist activiteiten. Vanavond is er een dubbele lezing over het nut van de menswetenschappen. Mijn aandacht voor deze gebeurtenis werd getrokken door een interview in Knack (11 oktober) met een van de voordrachthouders, de Nederlandse fysicus Robbert Dijkgraaf, directeur van het Institute for Advanced Study in Princeton, waar Albert Einstein ooit onderzoek heeft verricht. Dijkgraaf heeft als natuurkundige ook iets te vertellen over ethiek, de gevaren van artificiële intelligentie en de waarde van waarheid in tijden van alternative facts. Beslist de moeite dus om de man eens aan het woord te horen. De tweede spreekster is Helen Small, hoogleraar Engelse literatuur in Oxford. Gezien mijn voorliefde voor mooi Engels is ook zij een lokmiddel.

Vreemde taal

Als de aula driekwart gevuld is met studenten, komen de prominenten binnen. De kersverse Gentse rector en de nieuwe vicerector, de rector van de KU Leuven, en een handvol proffen van de faculteit Letteren en Wijsbegeerte. Een jonge onderzoekster van die faculteit heet iedereen welkom en zegt dan bijna terloops dat de rest van de avond in het Engels zal verlopen. Dat wil zeggen van de openingsrede door de decaan van de faculteit tot de beide lezingen, in de taal van Shakespeare. Niemand in de aula protesteert of verlaat de zaal. Deze avond zal goedschiks kwaadschiks verlopen in een vreemde taal, de nieuwe lingua franca van de academische wereld. De titel van de lezingenavond ‘Humanities’ had iedereen moeten waarschuwen, maar zoals de meeste aanwezigen liep ook ik nietsvermoedend in de val.

Taalparticularisme

Over de redevoeringen zelf kan ik kort zijn. De decaan sprak vlot Engels, zij het met een duidelijk Vlaams accent en met enkele pijnlijk foute klemtonen. Helen Small was totaal onverstaanbaar wegens een zwakke stem en nauwelijks articulatie. No Oxonian stuttering whatsoever. Een bevriend anglofiel in de aula stuurt mij de sms ‘Miljaaaaar, da’s slecht!!!’ Robbert Dijkgraaf deed waarvoor hij gekomen was: hij wist de zaal te boeien met enkele uitdagende uitspraken in begrijpelijk Engels met Amerikaans accent. Om kwart over negen werden de aanwezigen uitgenodigd voor een receptie.

Begrijp me vooral niet verkeerd. Mijn liefde voor de Engelse taal is genoegzaam bekend en ik spreek en begrijp die taal meer dan behoorlijk. Ik heb ook niets tegen het gebruik van het Engels in de universitaire wereld. Als het volgen van colleges in het Engels onze studenten meer kansen kan geven op de arbeidsmarkt, so be it. Het mogelijke verwijt van taalparticularisme leg ik dus bij voorbaat naast me neer. Maar moet een feestavond naar aanleiding van de tweehonderdste verjaardag van een universiteit, die nota bene gesticht werd door een Nederlandse koning die toentertijd ook de onze was, helemaal in het Engels verlopen? De organisatoren dachten misschien hoffelijk te moeten zijn tegenover de enige native speaker in het gezelschap, Helen Small. Maar wat met de hoffelijkheid tegenover de rest van het gezelschap? Ik ben er 100% van overtuigd dat bijna niemand de lezing van Helen Small heeft kunnen volgen, en dat lag niet alleen aan haar binnensmondse gemompel. Zelfs hele stukken van de rede van Robbert Dijkgraaf gingen boven de hoofden. Men kan zich terecht afvragen wat het nut is van een dergelijke avond, als bijna iedereen de aula even slim verlaat als toen hij binnenkwam.

In een vriendelijk mailtje aan de hoofdorganisator heb ik bovenstaande bedenkingen geuit, maar zonder reactie. Aan de UGent is men blijkbaar alleen beleefd tegen vreemde proffen. Poor Flanders!

Reacties

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans