fbpx


Onderwijs
onderwijs

Harry De Paepe en Pieter Van den Bossche: ‘Hopelijk worden de positieve zaken van het afstandsonderwijs behouden’



De coronacrisis gooide heel het schooljaar overhoop in maart. Leerlingen en leerkrachten van het lagere en middelbare onderwijs moesten zich aanpassen. Afstandsonderwijs werd het nieuwe normaal. Ook de evaluatie verliep anders dan in andere schooljaren.

De impact op de ontwikkeling van leerlingen en op het behalen van de beoogde eindtermen blijft afwachten tot volgend schooljaar. In deze podcast laten geschiedenisleerkracht en Doorbraak-auteur Harry De Paepe en leerkracht klassieke talen Pieter Van den Bossche hun licht schijnen over het bizarre afgelopen schooljaar. En ze blikken ook vooruit.

Deliberaties in coronatijden

Ook de deliberaties verlopen anders dan vroeger. Uiteraard zitten leerkrachten en directie in grotere ruimtes en verder uit elkaar dan ze gewoon zijn. Maar ook de evaluatiecriteria zijn aangepast aan de huidige situatie. ‘Door het afstandsonderwijs zijn we niet zeker wat de leerlingen precies hebben gepresteerd tijdens de lockdown’ zegt De Paepe. ‘Er werden wel taken gegeven, maar we hebben geen zicht op de mate waarin leerlingen die zelfstandig hebben gemaakt en wat ze eruit hebben geleerd. Tijdens de deliberaties wordt er dus vooral gekeken naar het objectieve beeld van de leerlingen van voor de lockdown, in combinatie met het beeld van hoe goed ze thuis werkten aan hun taken.’

De Paepe en Van den Bossche vinden de deliberaties zeker geen zuivere bezigheidstherapie. Het houden van klassenraden heeft wel degelijk nut. ‘Tijdens deze gesprekken kunnen we rekening houden met de sociale achtergrond van leerlingen en proberen een totaalbeeld te schetsen van hun prestaties van dit schooljaar,’ zegt Van den Bossche. Al wordt in zekere zin het geven van een volwaardig attest uitgesteld tot volgend jaar. ‘De huidige deliberaties zijn begeleidende deliberaties naar volgend schooljaar toe,’ zegt De Paepe.

Unieke manier van lesgeven

Leerkrachten moesten hun lessen aanpassen aan een online medium. Sommigen maakten filmpjes voor hun leerlingen, zoals Harry De Paepe. Via het platform ‘Smartschool Live’ gaven leerkrachten online les. Dat vraagt veel aanpassingsvermogen, van leerlingen én leerkrachten.  Toch zien De Paepe en Van den Bossche hier ook een positieve kant aan.

Ik heb de indruk dat dit voor bepaalde leerlingen wel degelijk werkt,’ zegt De Paepe. Van den Bossche vult aan dat de ruis die leerlingen in normale omstandigheden ondervinden in de klas wegvalt  tijdens online lessen. Daardoor beheersten de leerlingen de leerstof soms juist snéller. ‘Al maakt het afstandsonderwijs wel duidelijk dat de rol van de leerkracht in de klas te zien belangrijk blijft.’

De evaluatie van de eindtermen

Minder positief: het valt moeilijk te controleren of leerlingen de eindtermen behaald hebben. ‘Een deel van de zesdejaars die in september de overstap naar het hoger onderwijs maken, zullen de eindtermen niet behaald hebben zoals hun voorgangers. Het hoger onderwijs zal daardoor zeker geconfronteerd worden met studenten die ze nog moeten bijspijkeren,’ vreest Van den Bossche.

De Paepe en Van den Bossche wijzen ook op de verwaarlozing van kleinere vakken in het ASO. Daardoor halen leerlingen steeds moeilijker de eindtermen. ‘Kleinere vakken zoals geschiedenis werden als minder belangrijk beschouwd tijdens het afstandsonderwijs, terwijl ook deze vakken bijdragen aan de algemene vorming van leerlingen,’ zegt Van den Bossche.

Attesteringsangst in het onderwijs

De coronacrisis maakt duidelijk dat scholen vaak op zeker spelen. ‘De gemaakte taken van tijdens de lockdown worden in principe enkel meegeteld in de evaluatie indien er sprake is van een positief resultaat. Dit zorgt er dus voor dat zo goed als alle leerlingen een A-attest zullen krijgen.’

Het is al langer een trend: scholen durven steeds minder te kiezen voor een C-attest. Ze vrezen dat de leerling dit zal aanvechten bij de Raad Van State — en gelijk zal krijgen. ‘Indien een leerling onvoldoendes behaalt, kijkt men tegenwoordig eerst naar wat de leerkracht meer had kunnen doen. En pas dan naar het feit of de leerling wel voldoende heeft gestudeerd,’ zegt Van den Bossche.

Vinkjesonderwijs

De coronacrisis kan volgens Van den Bossche en De Paepe een kans zijn om komaf te maken met het ‘vinkjesonderwijs’. Er wordt steeds maar met vaste patronen gewerkt, waardoor er weinig ruimte blijft voor creativiteit. ‘Het onderwijs is op sommige vlakken zeer bepamperend. En ook van de leerkrachten wordt er verwacht dat ze in hun lessen een vast patroon volgen,’ zegt De Paepe. Dat laat minder ruimte voor zelfstandig werk en voor de inspiratie die kan uitgaan van leerkrachten. ‘Tijdens het afstandsonderwijs konden leerkrachten creatiever zijn. Er was meer ruimte voor zelfstandig werk. Hopelijk kan hier in de toekomst iets van behouden worden.’

Een blik op de toekomst

De impact van de crisis op leerlingen zal vooral duidelijk worden tijdens het volgende schooljaar. ‘Aangezien het voorlopige plan is om volgend jaar wel zo normaal mogelijk les te geven, stel ik me wel vragen bij de noodzaak van de lockdown in het onderwijs. Misschien zal achteraf wel duidelijk worden dat het volledig sluiten van de scholen geen goed idee was,’ aldus Van den Bossche.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Pieter Bauwens

Pieter Bauwens is sinds 2010 hoofdredacteur van Doorbraak