Geschiedenis

Duitsland op het spoor

In de herfst van 2015, tussen het Wir schaffen das van Angela Merkel en de aanrandingen tijdens de Silvesternacht in Keulen, reisde Els Snick door Duitsland, in de voetsporen van haar geliefde schrijver Joseph Roth. Nee, niet in zijn voetsporen maar met Roth als haar inspiratiebron ging Snick op reis langs hotelkamers en steden die Roth tijdens zijn reizen in de twintiger en dertiger jaren beschreef. Gaandeweg kwam ze zichzelf en haar eigen geschiedenis tegen en vooral die van haar familie. De lezer mag met haar mee op haar zoektocht.

Snick kent bijna iedereen die zich met Roth en zijn werk bezighoudt. Een aantal van haar vrienden komen we tegen. Koos bijvoorbeeld, die ooit in 1979 het boekje Joseph Roth in Nederland voor De Engelbewaarder, het kwartaalschrift van het Amsterdamse literaire café, samenstelde. Bas Lubberhuizen, Snicks huidige uitgever was een van de drijvende krachten achter De Engelbewaarder. Een paar jaar later stelde Koos een keuze uit Roths journalistieke werk samen. Dit werd uitgegeven door Allert de Lange die in de dertiger jaren veel boeken van Duitse exil-schrijvers uitgaf. Ook Joseph Roth was een van de auteurs. Koos woont inmiddels in Keulen met zijn Duitse vrouw die hij in Amsterdam heeft leren kennen.

‘Joseph Roth was een hotelburger, een hotelpatriot,’ schreef Martin Ros in zijn bespreking van Joseph Roth in Nederland in maart 1980 in De Tijd. Hij citeerde Roth zelf: ‘Zoals andere mannen naar huis en haard, naar vrouw en kind terugkeren, zo keer ik terug naar licht en hal, kamermeisje en portier. De blik waarmee de portier mij begroet, is meer dan een vaderlijke omhelzing.’ Martin Ros besluit zijn bespreking met ‘De huidige, ook in ons land doorzettende nieuwe belangstelling voor zijn werk onderstreept het woord van Gerard van Huet in Met en tegen de tijd: “Wij kunnen intussen gerust zijn: zolang er nog ergens op de wereld Duits gelezen zal worden, bezit zijn werk toekomst.”’

Els Snick promoveerde op Joseph Roth en heeft een aantal van zijn boeken in het Nederlands vertaald.

Joseph Roth werd in 1894 in Galicië geboren. Galicië hoorde toen nog tot Oostenrijk-Hongarije. In de twintiger en dertiger jaren leefde hij als journalist en romanschrijver in Berlijn. Hij was joods en ontvluchtte Duitsland in 1933. Als balling leefde hij tot zijn dood in 1939 in voornamelijk Frankrijk en Nederland.

‘Ik ga nooit naar Berlijn zonder een bezoek te brengen aan de Joseph Roth Diele,’ vertelt Snick, ‘een oergezellig eetcafé op de Potsdamer Straβe dat helemaal gewijd is aan mijn lievelingsschrijver.’

In Maagdenburg, op haar verjaardag, laat ze een tattoo zetten, een madeliefje op haar schouder, en eet ze een kaastaartje aan een tafeltje in de zon naast een reusachtig standbeeld van de beeldhoudster Käthe Kollwitz. ‘In het rokerige Café Dom ging Roth naar binnen, zat er tussen de oude schakers en schreef zijn artikelen.’

Vanuit Maagdenburg neemt ze de Harz-Elbe-Express naar Goslar, de hoofdstad van de Harz. ‘Hotel Niedersächsischer Hof ligt tegenover het station. Joseph Roth was hier in de herfst van 1930. Ook toen moest hij om den brode artikelen schrijven.’ Ze neemt er een kamer en leest een artikel van Roth die hij in dat hotel heeft geschreven. ‘Er zijn nieuwe treinen binnengekomen en vreemde mensen komen langs de glazen schotten van de draaideur de lobby binnnengewaaid. Zij die hier een dag lang zijn en zich in de lobby al thuis voelen, zijn geen vreemdelingen meer! Gevestigde waarden zijn het. In de blik waarmee ze de vaderlandsloze nieuwkomers vluchtig opnemen, ligt wantrouwen en minachting.’

In Mannheim neemt ze de tijd zich verder in haar familiegeschiedenis te verdiepen. Martin, een Duitse jongen had in 1958-1959 een half jaar bij haar ouders in Oostrozebeke gewoond, via de hulporganisatie Caritas Catholica. Ze hadden Martin al lang uit het oog verloren. Via WhatsApp laat Els Snick zich foto’s van Martin uit het familiealbum sturen. Via via lukt het haar Martin terug te vinden, net als Toni, die vanaf 1957 een paar jaar bij haar grootouders heeft gewoond en met wie het contact eveneens verloren was gegaan.

In Leipzig verblijft ze in het Hotel Fürstenhof, een luxehotel waar ook Roth een kamer had geboekt. ‘Bij het ontbijt krijg ik thee uit een zilveren kannetje, het vaatwerk heeft een donkergroen biesje en er staat een gouden kroontje op. Er klinkt klassieke muziek, niet te hard, niet te zacht, de thee is vers en net langt genoeg getrokken (zandloper erbij), er is ananas en bircher muesli.’

In het kuuroord Baderweiler, in Hotel Römerbad eindigt haar zoektocht. ‘Groot en wit en symmetrisch, met smeedijzeren balkons, zuiltjes en torentjes en op de middelste daarvan een klokkenspel. Ik loop onder het baldakijn door, de rode loper over, Joseph Roth achterna.’

Els Snick heeft een sympathiek boekje geschreven. We komen veel te weten over haar familie en vrienden, en ook een beetje over haar zelf. 

Reacties

Boekgegevens

Titel
Duitsland op het spoor
Auteur
Els Snick
Uitgever
Bas Lubberhuizen
ISBN
978 90 5937 445 4
Onze beoordeling
Aantal bladzijden
144
Prijs
€ 17.99
Koop dit boek op bol.com

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans

[email protected]
[email protected]
[email protected]
[email protected]