Cultuur
Scruton

Roger Scruton in vijftien boeken min één

Veertien korte boekbesprekingen van een groot man die van ons heen ging


Als ik met vrienden praat over boeken lezen, kom ik onvermijdelijk uit op Roger Scruton. Dan zeg ik wel eens, dat ik geen schrijver heb waarvan ik zoveel boeken heb. En zelfs niet dichtbij. Naar aanleiding van het spijtige overlijden van Roger Scruton op twaalf januari 2020, schreef ik zonder te tellen dat het er om en bij de vijftien moesten zijn. Na een zoektocht door al mijn boeken vond ik er veertien, zie de foto. Veel kans dat ik ergens in een verloren nis of een vergeten toren (die ik niet heb) nog wel een vijftiende boek heb liggen, maar veertien is ook al een mooi cijfer.

Pieter Bauwens | Doorbraak.be

Boeken van Scruton

Boeken hebben is niet hetzelfde als boeken lezen, zo weet iedere boekenbezitter. Ik koop veel boeken en ik lees ook de meeste boeken die ik koop. Van Scruton las ik er één niet uit. Welke van deze veertien boeken, zult u hier in de korte besprekingen kunnen lezen. Daarbij gebruikte ik vooral mijn eindige herinneringen. Vaak bladerde ik nog kort eventjes doorheen de boeken. Zoals u kunt zien op de foto volg ik de boeken van lage kaft naar hoge kaft – of toch bijna:

–    Beauty (2008): eigenlijk is dit het tweede kleinste boek, maar schoonheid heeft zowel evenwicht nodig als een vlekje op dat evenwicht. Scruton is op zijn best in zijn beschrijvingen van wat schoonheid is en waarom schoonheid zoveel te betekenen heeft, zelfs als wat schoon is niet altijd ook goed is en wat goed is niet altijd schoon is. De kaft van dit boek verdient het alvast om vooraan op de foto te komen.

–    Kant – A Very Short Introduction (1981): Kant is duidelijk de favoriete moderne filosoof van Scruton, en Scruton zette hier onder meer de befaamde ‘Kritiek van de zuivere rede’, het moeilijke hoofdwerk van Kant, om in begrijpbare taal. Een ware prestatie. En dat in een toch wel zeer klein boekje.

–    A Short History of Modern Philosophy (1995): Scruton brengt hier de zoektocht, misschien de dwaaltocht, van de moderne filosofie tot uitdrukking en kan daarrond een verhaal vertellen. Zo begon het met de misleidende waarneming van René Descartes: ‘Ik denk dus ik ben’. Dat heeft verschillende generaties moderne filosofen opgeleverd, die op allerlei manieren varianten rond dit thema uitwerkten. Het boek eindigde met Wittgenstein. Hij kwam tot een conclusie die ik samenvat in een korte zin: ‘Ik denk in taal, dus ik ben een sociaal wezen.’

–    The Uses of Pessimism – and the Danger of False Hope (2010): dit is een boek dat ik Maarten Boudry zou aanbevelen. Scruton behandelt hier bijvoorbeeld zeven dwalingen die misbruikt worden door de vele valse profeten van het optimisme – waarmee hij onder meer de neiging aanvalt van de typische oplossingen van hedendaagse politici in hun ivoren toren. Het is niet omdat je een planning opstelt, dat alles ook volgens die planning verloopt. Ik denk dan aan het EU-klimaatplan, waarbij we geen broeikasgassen meer zouden uitstoten in 2050. Echt?

–    The Green Philosophy – How to Think seriously about the Planet (2012): hier formuleert Scruton een antwoord op de groene beweging en de opwarming van de aarde. Dat kan samengevat worden met het woord ‘Oikophilia’: echte liefde voor je directe omgeving door er een sterke band mee te behouden en geen abstract moralisme over het redden van de volledige aarde. Ik ga niet met alles akkoord maar wie serieus wil nadenken over ecologie moet dit gebalanceerde boek zeker lezen.

–    A Political Philosophy – Arguments for Conservatism (2006): één van de eerste boeken die ik las van Scruton, en ook mijn eerste boek over conservatisme. Sindsdien noemde ik me conservatief.

–    Fools, Frauds and Firebrands – Thinkers of the New Left (2015): Scruton doorprikte hiermee enkele van de grootste linkse denkers als Sartre, Foucault, Habermas, Gramsci en Žižek. Zij zijn meesters in de lege retoriek en de hoogdravende nonsens. En toch hebben zij een enorme invloed op verschillende generaties linkse denkers tot de dag van vandaag.

–    Culture Counts – Faith and Feeling in a World Besieged (2007): cultuur is belangrijk op zichzelf. Cultuur leren we aan onze kinderen, niet zozeer omdat onze kinderen er beter van worden, maar vooral omdat onze kinderen dan later kunnen bijdragen aan cultuur. Hij gaat scherp in tegen het hedendaagse vooroordeel dat er over smaken en kleuren niet te discussiëren valt. Ik moet dit boekje nog eens herlezen.

–    The Aesthetic Understanding – Essays in the Philosophy of Art and Culture (1998): hier analyseert Scruton onder meer pop en elektronische muziek. De ‘Pet Shop Boys’ hebben Scruton hierom nog aangeklaagd.

–    The Aesthetics of Music (1996): het enige boek van Scruton dat ik niet uitlas, ik kwam maar tot pagina 68 van de 508. Razend interessant, maar om dit boek te appreciëren zou ik eerst heel wat meer over klassieke muziek en notenleer moeten kennen: de tekst staat vol met muziekschrift. Moest iemand mij de muziekfragmenten kunnen bezorgen zou ik meteen terug beginnen te lezen en te luisteren.

–    An Intelligent Person’s Guide to Modern Culture (2000): Ik herinner me vooral dat hij een fan is van Baudelaire en van T. S. Eliot, en uiteraard dat hij ook veel kritiek geeft op de urinoir van Marcel Duchamp, waarmee de moderne kunst is begonnen. Maar dat laatste deed Scruton niet in dit boek, wel in Culture Counts en Beauty – mijn geheugen laat me in de steek. Scruton verdedigt hier nog de abstracte kunst als poging de essentie van iets weer te geven, maar niet meer postmodernisme en avant-garde.

–    The Aesthetics of Architecture (1979): zijn tweede boek maar zijn oudste in mijn bezit. Heb ik ook enkel maar tweedehands kunnen kopen. De jonge Scruton (35 jaar toen) heeft hier duidelijk nog wat minder ervaring met het schrijven, terwijl hij wel bruist van de goede ideeën. Zijn beschrijving van een architecturale voorgevel in klassieke stijl is voor altijd in mijn geheugen gegrift: de structuur van de rijkelijke voorgevel zorgde namelijk voor een verzachting van het contrast met de naburige, veel gewonere voorgevels. Een moderne architect zou het verschil zo ver mogelijk rekken tot het pijn aan de ogen doet.

–    How to be a Conservative (2014): praktisch en begrijpbaar. Scruton vertelt hier hoe hij conservatief is geworden, hoe hij als jongeman het communistische Oost-Europa ontdekte, en hoe hij er de plaatselijke dissidenten steunde. Scruton vertelt hier wat hij goed vindt aan allerlei ismen, zoals socialisme, kapitalisme, ecologisme, multiculturalisme. En natuurlijk ook wat hij er slecht aan vindt.

–    The Soul of the World (2013): een religieus boek, een zoektocht naar heiligheid. Toen ik dit boek kocht was ik al lang fan van Scruton, maar deze heeft mij geholpen mijn eigen zoektocht in deze richting verder te zetten en een drempel over te klimmen.

Ik lees nu op de Nederlandstalige Wikipedia dat Scruton zo’n 30 boeken heeft geschreven. Als dat waar is ben ik nu ongeveer halverwege. Veel heb ik echter al jaren geleden gelezen, en mijn geheugen laat me al te vaak in de steek. Scruton lezen heb ik altijd aangenaam gevonden, en daarom vind ik het geen slecht vooruitzicht om tot het einde van mijn leven Scruton te blijven lezen – herlezen, of mijn lijstje afwerken. Dan kijk ik naar de Engelstalige Wikipediapagina over hem, dat zijn toch eerder een vijftigtal boeken. Oef, mijn verzameling kan nog stevig uitbreiden de volgende jaren.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Ik word vriend van Doorbraak.

Rob Lemeire

Rob Lemeire (1973) is burgerlijk ingenieur. Hij was radicaal groen, nog voor dat mainstream was. Nu milieuactivisme zelf de heersende stroming is geworden voelt hij eerder de neiging om sterk op de rem te gaan staan.