Media

Roken is goed voor de financiële gezondheid van het land

Standpunt


De stemming in het Europese Parlement over de nieuwe tabaksrichtlijn, wekte nogal wat media-aandacht. Zelf voel ik me niet zo betrokken. Twee jaar geleden schoof ik mijn laatste pakje tabak opzij en het ligt nog waar het toen terecht kwam. Ik koester souvenirs.

Toen ik dertig was, begon ik met roken; iets voor ik vijftig werd, hield ik er mee op. In beide gevallen deed ik dat in volle bewustzijn. In tegenstelling tot vele andere ex-rokers voel ik dan ook geen aandrang om me nu radicaal in het anti-kamp op te stellen. Dat de mensen die willen roken, roken en wie het niet wil, dat die het late. Laat ze het vooral allemaal doen met respect voor de keuze van een ander, meer moet dat niet zijn. En dat (ex-)rokers nooit de vermoorde (!) onschuld spelen. Ik heb zo’n twintig jaar een ernstig gezondheidsrisico genomen, was me daar ook van bewust en hoop van anderen hetzelfde. Mijn pijp verschafte me overigens anderzijds ook veel genoegen. Voila, punt aan de lijn.

Kosten ≠ Saldo

Maandag hoorde ik in de achtergrond het thema behandelen op de radio en hechtte er niet zoveel aandacht aan, tot het zinnetje viel: ‘Roken kost elk jaar XXX euro aan de samenleving’. Ik weet niet meer welk getal werd genoemd, maar indrukwekkend was het alleszins. Guy Verhofstadt liet op 8 oktober door De Morgen optekenen: ‘Dat (roken – red.) brengt niet alleen persoonlijke drama’s met zich mee, maar weegt ook zwaar op de ziekteverzekeringen van landen.’ 

Laat er geen twijfel over bestaan, roken is slecht voor de gezondheid en dus is het goed dat het wordt ontmoedigd. Maar een debat horen voeren met valse argumenten schaadt mijn welbevinden ook en niet eens zo’n klein beetje. Het wordt nog steeds met de regelmaat van de klok beweerd dat rokers geld kosten aan de samenleving terwijl wie over een beetje gezond verstand beschikt gewoon zelf kan uitvlooien dat die stelling niet kan kloppen.

Voor alle duidelijkheid: als ‘kosten’ in de boekhoudkundige betekenis van het woord wordt gehanteerd, klopt de bewering wel. Roken leidt tot allerhande ziektes – kanker, hart- en vaataandoeningen, longziektes, enzovoort – en daarin komt de ziekteverzekering tussen. Dat is dus een kost. Maar boekhouden vereist wel dat die kosten worden vergeleken met de opbrengsten om het saldo te kennen. Een statische analyse die zich beperkt tot de kosten en zwijgt over die opbrengsten is natuurlijk van nul en generlei waarde.

Wie niet rookt, krijgt ook ziektes en wellicht zelfs meer. Rokers overlijden gemiddeld veel vroeger omdat hun ziektes dikwijls fataal zijn. Dat heeft als neveneffect dat ze ook veel minder jaren pensioen ontvangen en dat de vergrijzingskosten bij hen veel kleiner zijn. Ze overlijden zo’n zeven jaar vroeger, reken uit hoeveel dat aan overheidsuitgaven scheelt. Voeg daar aan toe dat hun hobby de overheid vele jaren extra belastingsinkomsten heeft opgeleverd. De taksen op tabakswaren zijn niet min. Kortom, voor de overheidsfinanciën is roken een weldaad, dat lijkt klaar als een klontje.

Er zijn overtuigende gezondheidsredenen om mensen het roken te ontraden maar voor de schatkist zou het een klap zijn als iedereen plots besliste vandaag de laatste peuk uit te drukken.

Omdat ook deze week weer hardnekkig het tegendeel werd beweerd, ben ik toch even aan het surfen geslagen. Wat blijkt? Er is nogal wat wetenschappelijke literatuur te vinden die wel degelijk bevestigt dat roken zeker niet financieel schadelijk is voor de samenleving. Zelfs de Vlaamse Liga tegen Kanker geeft dat op haar webstek – beetje schoorvoetend – toe.

Uit het ruime aanbod vond ik deze van de gerenommeerde Britse psychiater Rajendra Persaud wel een mooie. Persaud publiceerde in de Journal of medical ethics (1995) een artikel onder de titel: ‘Smokers’ rights to health care’, waarin hij de vraag ontleedt of rokers recht hebben op medische voorzieningen, aangezien ze bewust buitensporige gezondheidsrisico’s lopen. In dat artikel stootten we op volgende passage (blz. 284), die we vrij vertaald overnemen.

‘Eigenlijk is het de beste economische keuze om roken aan te moedigen. Dit is zo omdat, los van de vraag hoeveel een patiënt daadwerkelijk naleeft van wat de dokter hem adviseert, iedereen vroeg of laat overlijdt. Dokters hebben de neiging te vergeten dat de medische kost van rook-gerelateerde ziektes slechts kunnen worden berekend na aftrek van de kosten die zouden gemaakt zijn als mensen die stierven door roken van iets anders waren overleden. Wat de totale medische uitgaven betreft over de hele levenscyclus, is er reden om aan te nemen dat er geen betekenisvol verschil bestaat tussen rokers en niet-rokers wat de medische kost voor de samenleving betreft. Rokers besparen de staat zelfs geld door vroeger te overlijden.

Roken veroorzaakt doorgaans weinig problemen tijdens de productieve jaren van een mens en doodt hem vooraleer sociale zekerheid en pensioenen veel geld beginnen te kosten. In feite is het de niet-rokende gepensioneerde die geniet van de bijdragen die zijn rokende tegenhanger betaalde, terwijl die laatste niet oud genoeg wordt om van de voordelen te genieten. En laat ons bovendien niet de miljarden taks-inkomsten vergeten die de sigaretten opleveren aan de schatkist; 8% van het totale Britse overheidsinkomen. (Persaud verwijst naar een studie uit 1970 – red.)

(…)

Rokers het recht op gezondheidszorg ontzeggen op utilitaire gronden, wegens de kost voor de samenleving, negeert  nogal dubieus wat rokers zouden doen ter vervanging als roken niet zou bestaan en de gezondheidsproblemen die ze dan zouden ontwikkelen. Utilitarisme zo tot het extreme doorgetrokken roeit individuele rechten altijd uit. Als de gezondheidszorgen gebaseerd zouden worden op de beginselen van maximaal economisch nut, zou het zelfs verstandig zijn om roken aan te moedigen.’

Voila, net wat iedereen ook zelf had kunnen beredeneren.

(Persaud werd enkele jaren later betrapt op plagiaat voor ander wetenschappelijk werk. Dat kan twijfel doen ontstaan over de vraag wie tot ‘zijn’ bevindingen is gekomen maar doet uiteraard niets af van de waarde van die bevindingen zelf.)

<Vindt u dit artikel informatief? Misschien is het dan ook een goed idee om ons te steunen. Klik hier.>

 

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Ik word vriend van Doorbraak.

Peter De Roover

Peter De Roover was achtereenvolgens algemeen voorzitter en politiek secreteris van de Vlaamse Volksbeweging , chef politiek van Doorbraak en nu fractievoorzitter voor de N-VA in de Kamer.