fbpx


Multicultuur & samenleven

Schaf Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding af

Reeks diversiteit in Vlaanderen



Bemiddeling als handelingsstrategie

Met de enorme achterstelling van mensen met een migratieachtergrond moet het Centrum veel werk hebben, zou je denken. Wel dat valt goed mee. Volgens het jaarverslag 2013 ontving het Centrum 3.713 meldingen in 2013 en opende op basis hiervan 1.406 dossiers. Na onderzoek van de ingediende stukken oordeelde het Centrum in 622 meldingen dat er sprake was van discriminatie of dat een vermoeden kon worden hard gemaakt. In ongeveer 400 meldingen echter vond het dat er onvoldoende elementen aanwezig waren om diezelfde conclusie te trekken.

De kanttekening op basis van de ingediende stukken is belangrijk, want het Centrum zelf zal nooit bewijsmateriaal zoeken. Hierdoor is het net op het gebied van de praktische ondersteuning van slachtoffers van discriminatie afwezig. Bijzonder spijtig, want in realiteit blijkt het ‘doorgaans … moeilijk om een vermoeden van discriminatie juridisch hard te maken.’ Het Centrum heeft geen onderzoeksbevoegdheid, heet dit dan zeer laconiek.

Op de vraag hoeveel dossiers, waarin het een advies verleende, nu werkelijk de weg naar de rechtbank vinden, kan het Centrum geen antwoord geven. ‘Is er volgens het Centrum mogelijk sprake van discriminatie, dan streven we in de eerste plaats naar een constructieve dialoog en zo mogelijk een buitengerechtelijke oplossing. Komen de betrokken partijen niet tot een vergelijk, dan is het aan de rechter om ten gronde te beslissen.’ Maar dan houdt de rol van het Centrum ook op.

Zelf stapt het niet zo vaak naar de rechtbank. In 2013 deed het dit slechts in 14 gevallen. ‘In principe’ is dit alleen wanneer de zaak naar eigen zeggen een ‘belangrijke maatschappelijke relevantie’ heeft om bijvoorbeeld de wetgeving te verduidelijken of vanwege de precedentswaarde, in bepaalde gevallen wanneer de tegenpartij niet bereid is in dialoog te treden of wanneer de feiten bijzonder ernstig zijn. Daarnaast maakte het 4 dossiers over aan de Sociale Inspectie.

Deze lage aantallen rechtszaken en doorverwijzingen hoeven niet te verwonderen, want het Centrum kiest uitdrukkelijk voor bemiddeling als handelingsstrategie. Hoewel het geen cijfers over het aantal effectieve buitengerechtelijke oplossingen bijhoudt, impliceert deze strategie in het beste geval een voorkeur voor individuele (nep)oplossingen op basis van gevalsafhankelijke machtsverhoudingen en dus een afkeer voor collectieve oplossingen, collectieve actie en maatschappelijk debat.

Voor het Centrum is de opvolging, ondersteuning en begeleiding van meldingen nochtans één van de centrale missies. Maar door het gebrek aan zichtbaar resultaat, voedt het evenwel een groeiend ongeloof dat een melding enig effect heeft. Hierover zegt het zelf: ‘Racisme en raciale discriminatie blijven hardnekkige fenomenen. De cijfers tonen (…) maar een tip van de ijsberg. Heel wat mensen die ermee te maken krijgen vinden hun weg niet naar het Centrum of andere bevoegde instanties, of zetten die stap niet omdat ze weinig vertrouwen hebben in de uitkomst.’

Door zelf geen onderzoek te verrichten, door de strijd tegen discriminatie enkel als een technisch- juridische kwestie voor te stellen en door te kiezen voor bemiddeling als handelingsstrategie, is de maatschappelijke meerwaarde van het Centrum in de feiten beperkt en houdt het dus de ‘uiterst precaire rechtspositie’ van mensen met een migratieachtergrond met haar werkwijze al twintig jaar lang in stand. Afschaffen dan? Misschien beter wel.

En geloof me: het recente debat over de aanstelling van een bepaalde bestuurder in de raad van beheer van het Centrum is een kleine schermutseling aan de rand. Fundamenteel zal die de werking van het Centrum niet beïnvloeden.

Naar een offensieve strategie tegen racisme en discriminatie

Racisme en discriminatie hebben te maken met macht. Dit zou ook de Amerikaan en voorvechter van gelijke rechten Saul Alinsky (1909-1972) opwerpen. Alinsky ontwikkelde in arme wijken van de VS een strategie van organisatie van slachtoffers en van confrontatie met de verantwoordelijken van achterstelling. Zijn strategie bleek bijzonder succesvol en hierdoor was de uitstraling van Alinksy in de VS groot. Zelf bij de huidige president van de Verenigde Staten Barack Obama en bij de andere bekende democraat Hilary Clinton. Alinsky wist hen beide in hun jonge jaren te beïnvloeden.

Opmerkelijk is dat we in Vlaanderen weinig van hem en van andere voorvechters van gelijke rechten in de VS kennen. En daar moet dringend verandering in komen, wil men werkelijk een maatschappelijk antwoord op de achterstelling vinden.

 

José Gavilán is coördinator van het diversiteitsplatform Aalst Mixt

Foto (c) Marleen Hallaert

post: 6821

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Jose Gavilan

Dit artikel delen


Als abonnee kan u dit artikel gratis verspreiden via sociale media en doorsturen naar uw vrienden. Zij zullen dit artikel volledig kunnen lezen zonder abonnee te zijn of zonder een (proef)abonnement te nemen. Zij krijgen bij het lezen de vermelding dat dit artikel door u wordt aangeboden. Als u dit via email doorstuurt, wordt het emailadres van uw vriend niet genoteerd in de databank.

Commentaren en reacties


Kijk vooraf even op onze Spelregels en technische problemen
Commentaar open
Reacties - klik hier
Als ingelogde bezoeker kan u hier de reacties lezen en deelnemen aan het debat.
Reacties - klik hier
Als ingelogde bezoeker kan u hier de reacties lezen en deelnemen aan het debat.